LUCASEVANGELIE : TAALGEBRUIK K - Lc -
- bijbeloverzicht -- taalgebruik - Lc (Lucas) -

- bijbeloverzicht per pericope - bijbeloverzicht per vers - bijbeloverzicht : liturgisch gebruik - bijbeloverzicht : woordgebruik -- A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z -- bijbeloverzicht : commentaar -

Overzicht van het N.T. : NT : overzicht , NT : taalgebruik - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , NT : commentaar ,

Overzicht van het Lucasevangelie : - Lucas : overzicht .
- Lucas taalgebruik - Lucas taalgebruik A - Lucas taalgebruik B - Lucas taalgebruik C - Lucas taalgebruik D - Lucas taalgebruik E - Lucas taalgebruik F - Lucas taalgebruik G - Lucas taalgebruik H - Lucas taalgebruik I - Lucas taalgebruik J - Lucas taalgebruik K - Lucas taalgebruik L - Lucas taalgebruik M - Lucas taalgebruik N - Lucas taalgebruik O - Lucas taalgebruik P - Lucas taalgebruik Q - Lucas taalgebruik R - Lucas taalgebruik S - Lucas taalgebruik T - Lucas taalgebruik U - Lucas taalgebruik Z -
- Lc : commentaar

Overzicht van het Lucasevangelie : Lc 1 , Lc 2 , Lc 3 , Lc 4 , Lc 5 , Lc 6 , Lc 7 , Lc 8 , Lc 9 , Lc 10 , Lc 11 , Lc 12 , Lc 13 , Lc 14 , Lc 15 , Lc 16 , Lc 17 , Lc 18 , Lc 19 , Lc 20 , Lc 21 , Lc 22 , Lc 23 , Lc 24 , bibliografie Lucasevangelie .

  Lc 1 Lc 2 Lc 3 Lc 4 Lc 5 Lc 6 Lc 7 Lc 8 Lc 9 Lc 10 Lc 11 Lc 12 Lc 13 Lc 14 Lc 15 Lc 16 Lc 17 Lc 18 Lc 19 Lc 20 Lc 21 Lc 22 Lc 23 Lc 24
                                                 

Religie.opzijnbest.nl
ZOEKEN OP DEZE WEBSITE
PicoSearch
  Hulp
Verzorgd door PicoSearch
     
 
             
1. LXX , Griekse tekst N.T.   2. Vulgata   3. Synopsis Denaux - Vervenne  4. Statenvertaling   5. Willibrordvertaling   6. Nieuwe Vertaling   7. Naardense vertaling , zie
8. Bible de Jérusalem 9. Statenvertaling   10. King James Bible   - King James Bible 11. Luther-Bibel   liturgische lezing      

WEDERKERIGHEID (DIVERSITEIT - VICE VERSA)
websitenamen : http://users.telenet.be/arseen.de.kesel/ en http://www.interlevensbeschouwelijk.be/index.htm . WEBLOG : BIJBELLEERHUIS
- STARTPAGINA - AGENDA - BIJ DE HAND - NIEUW - OVERZICHT -  TIJDSCHRIFTEN -
ALFABETISCH OVERZICHT VAN THEMA'S EN WEBSITES :
JAARTAL - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z
HOOFDTHEMA'S : allochtonen , armoede , bahá'í ,  bezinningsteksten , bijbel , bijbel en koran , boeddhisme , christendom , extreemrechts (Vlaams Blok) , fundamentalisme , globalisering en antiglobalisering ,  hindoeïsme , interlevensbeschouwelijke dialoog , interreligieuze meditatie , islam , jodendom , koran , levensbeschouwing , levensbeschouwing / godsdienst en onderwijs , migratie , mystiek , racisme , samenleving , sikhisme , spiritualiteit , tewerkstelling van allochtonen , vluchtelingen en asielzoekers , vrijzinnigheid , witte scholen , multiculturele scholen en concentratiescholen , Eigen-zinnige beschouwingen , Het kleine of grote ongenoegen -

Woordenschat
Bibliografie
Literatuur
Liturgisch gebruik

Overzicht van de bijbelboeken -
-
bijbeloverzicht , taalgebruik - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , Oude Testament , Pentateuch , Historische boeken , Profeten , Wijsheidsboeken , NT : overzicht , Evangelies , Synoptici , Brieven

-
OT : Gn (Genesis ) , Ex (Exodus) , Lv (Leviticus) , Nu (Numeri) , Dt (Deuteronomium) , Joz (Jozua) , Re (Rechters) , Rt (Ruth) , 1 S (1 Samuël) , 2 S (2 Samuël) , 1 K (1 Koningen) , 2 K (2 Koningen) , 1 Kr ( 1 Kronieken) , 2 Kr (2 Kronieken) , Ezr (Ezra) , Neh (Nehemia) , Tob (Tobia) , Jdt (Judith) , Est (Esther) , 1 Mak (1 Makkabeeën) , 2 Mak (2 Makkabeeën) , Job , Ps (Psalmen ) , Spr (Spreuken) , Pr (Prediker) , Hl (Hooglied) , W (Wijsheid) , Sir (Sirach) , Js (Jesaja) , Jr (Jeremia) , Kl (Klaagliederen) , Bar (Baruch) , Ez (Ezechiël) , Da (Daniël) , Hos (Hosea) , Jl (Joël) , Am (Amos) , Ob (Obadja) , Jon (Jona) , Mi (Micha) , Nah (Nahum) , Hab (Habakuk) , Sef (Sefanja) , Hag (Haggai) , Zach (Zacharia) , Mal (Maleachi) .
- NT : Mt (Matteüs) - Mc (Marcus) - Lc (Lucas) - Joh (Johannes) - Hnd (Handelingen) , Rom (Rome) , 1 Kor (Korinte) , 2 Kor (Korinte) , Gal (Galatië) , Ef (Efese) , Fil (Filippi) , Kol (Kolosse) , 1 Tes (Tessalonika) , 2 Tes (Tessalonika) , 1 Tim (Timoteüs) , 2 Tim (Timoteüs) , Tit (Titus) , Film (Filemon) , Heb (Hebreeën) , Jak (Jakobus) , 1 Pe (Petrus) , 2 Pe (Petrus) , 1 Joh (Johannes) , 2 Joh (Johannes) , 2 Joh (Johannes) , Jud (Judas) , Apk (Apokalyps) .
Overzicht van de bibliografie van de bijbelboeken : - bibliografie bijbel - bibliografie van het Oude Testament - bibliografie Matteüsevangelie - bibliografie Marcusevangelie - bibliografie Lucasevangelie - bibliografie van het Johannesevangelie - bibliografie van het Nieuwe Testament (behalve evangeliën)


                                                     
      Lc 1 Lc 2 Lc 3 Lc 4 Lc 5 Lc 6 Lc 7 Lc 8 Lc 9 Lc 10 Lc 11 Lc 12 Lc 13 Lc 14 Lc 15 Lc 16 Lc 17 Lc 18 Lc 19 Lc 20 Lc 21 Lc 22 Lc 23 Lc 24
                                                     
                                                     
                                                   
                                                   
                                                   
                                                   
                                                   
                                                     

 

K

- kai (en) . kai (en) . Taalgebruik : kai (en) in N.T. . Taalgebruik in Lc : kai (en) . Nevenschikkend voegwoord . Hebr. : waw (verbindingshaak) . L. : et . Fr. : et . N. : en . E. : and . D. und .

kai (en)  bijbel O.T. N.T. Mt Mc Lc Joh Hnd Br. Apk syn.  ev. 
verzen      7957 1071 678 1151 879 1007 2767 404 2900  3779 
kai (en)   26980  21867  5113  705  555  822  530  660  1470  371  2082  2612 
verschil     2844 366 123 329 349 347 1297 33 818 1167

  Lc 1 Lc 2 Lc 3 Lc 4 Lc 5 Lc 6 Lc 7 Lc 8 Lc 9 Lc 10 Lc 11 Lc 12 Lc 13 Lc 14 Lc 15 Lc 16 Lc 17 Lc 18 Lc 19 Lc 20 Lc 21 Lc 22 Lc 23 Lc 24
822          33          31                      25       

  Lc 2,1 Lc 2,2 Lc 2,3 Lc 2,4 Lc 2,5 Lc 2,6 Lc 2,7 Lc 2,8 Lc 2,9 Lc 2,10 Lc 2,11 Lc 2,12 Lc 2,13 Lc 2,14 Lc 2,15 Lc 2,16 Lc 2,17 Lc 2,18 Lc 2,19 Lc 2,20
de (echter) (5) 1.      2.    3.                      4.    5.    
kai (en) (11)     1.        2.   3.  4.  5.    6.  7.    8.  9.    10.    11. 

kai (en) . Taalgebruik : kai (en) in N.T. . Taalgebruik in Lc : kai (en) . Nevenschikkend voegwoord . Hebr. : waw (verbindingshaak) . L. : et . Fr. : et . N. : en . E. : and . D. und . Lc (822 / 1151) . Lc 6 (+ 11 / 49 . - 38 / 49 : (1) Lc 6,2 . (2) Lc 6,9 . (3) Lc 6,21 . (4) Lc 6,24 . (5) Lc 6,26 . (6) Lc 6,27 . (7) Lc 6,28 . (8) Lc 6,40 . (9) Lc 6,41 . (10) Lc 6,43 . (11) Lc 6,44 .

Het nevenschikkend voegwoord (kai) wordt drieëndertigmaal gebruikt ; in eenendertig gevallen wordt een nevenschikkende zin ingeleid , in zeven verzen staat het aan het begin van een vers : (1) Lc 15,12 . (2) Lc 15,13 . (3) Lc 15,15 . (4) Lc 15,16 . (5) Lc 15,20 . (6) Lc 15,23 . (7) Lc 15,26 . Verder gebruik is : (1) Lc 15,13b . (2) Lc 15,14b . (3) Lc 15,15b . (4) Lc 15,16b . (5) Lc 15,18b . (6) Lc 15,18c (tussen twee zinsdelen) . (7) Lc 15,20c . (8) Lc 15,20d . (9) Lc 15,20e . (10) Lc 15,21b (tussen twee zinsdelen) . (11) Lc 15,22d . (12) Lc 15,22e . (13) Lc 15,22f . (14) Lc 15,23c . (15) Lc 15,24b . (16) Lc 15,24d . (17) Lc 15,24e . (18) Lc 15,25b . (19) Lc 15,25c (tussen twee zinsdelen) . (20) (21) . (22) . (23) . (24) . (25) . (26) . (27) . (28) . (29) . (30) . (31) . (32) . (33) .

- kafarnaoum (Kafarnaüm) . kafarnaoum (Kafarnaüm)  . Taalgebruik in het N.T. : kafarnaoum (Kafarnaüm) . Taalgebruik in Lc. : kafarnaoum (Kafarnaüm) . Khofèr (losgeld, verzoengeld) komt in de Hebreeuwse bijbel in 14 verzen voor .
Lc (4) : (1) Lc 4,23 . (2) Lc 4,31 . (3) Lc 7,1 . (4) Lc 10,15


- kai (en) . kai (en) . Taalgebruik : kai (en) in N.T. . Taalgebruik in Lc : kai (en) . Nevenschikkend voegwoord . Hebr. : waw (verbindingshaak) . L. : et . Fr. : et . N. : en . E. : and . D. und . Lc (822 / 1151) .

- Lc 1 (+ : 56 / 80 . - 24 / 80) . 1. Lc 1,1-4 (+ 1 / 4 : + Lc 1,2 . - 3 / 4) . 2. Lc 1,5-25 (+ 17 / 21 . - 4 / 21) . 3. Lc 1,26-38 (+ 9 / 13 . - 3 / 13) . 4. Lc 1,39-56 (+ 11 / 18 . - 7 / 18) . 5. Lc 1,57-80 (+ 17 / 24 . - 7 / 24) : (1) Lc 1,62 . (2) Lc 1,70 . (3) Lc 1,72 . (4) Lc 1,73 . (5) Lc 1,74 . (6) Lc 1,77 . (7) Lc 1,78 .
- kai (en) . Taalgebruik : kai (en) in N.T. . Taalgebruik in Lc : kai (en) . Nevenschikkend voegwoord . Hebr. : waw (verbindingshaak) . L. : et . Fr. : et . N. : en . E. : and . D. und . Lc (822) . Lc 2 (+ 39 / - 13 = 52) . Lc 2,1-20 (+ 12 / - 8) . Lc 2,21-40 (+ 15 / - 5 = 20) . Lc 2,41-52 (+ 12 / - 0 = 12) .
- Lc 3 (20 / 38) : Niet in (1) Lc 3,4 . (2) Lc 3,7 . (3) Lc 3,13 . (4) Lc 3,24-38 .
- Lc 4 (+ 35 / 44 . - 9 / 44 : (1) Lc 4,3 . (2) Lc 4,7 . (3) Lc 4,10 . (4) Lc 4,18 . (5) Lc 4,19 . (6) Lc 4,21 . (7) Lc 4,24 . (8) Lc 4,30 . (9) Lc 4,40 .
- Lc (822 / 1151) . Lc 5 (+ 33 / 39 . - 6 / 39 : (1) Lc 5,3 . (2) Lc 5,8 . (3) Lc 5,22 . (4) Lc 5,32 . (5) Lc 5,34 . (6) Lc 5,38 .)
- Lc 6 () :
- Lc 7 () :
- Lc 8 () :
- Lc 9 () :
- Lc 10 () :
- Lc 11 () :
- Lc 12 () :
- Lc 13 () :
- Lc 14 () :
- Lc 15 () :
- Lc 16 () :
- Lc 17 () :
- Lc 18 () :
- Lc 19 (+ 41 / 48 ; - 7 / 48 : (1) Lc 19,16 . (2. - 4.) Lc 19,32-34 . (5. - 7.) Lc 19,36-38 ) .
- Lc 20 () :
- Lc 21 (25 / 38) : (1) Lc 21,3 . (2) Lc 21,5 . (3) Lc 21,7 . (4) Lc 21,8 . (5) Lc 21,9 . (6) Lc 21,10 . (7) Lc 21,11 . (8) Lc 21,12 . (9) Lc 21,15 . (10) Lc 21,16 . (11) Lc 21,17 . (12) Lc 21,18 . (13) Lc 21,21 . (14) Lc 21,23 . (15) Lc 21,24 . (16) Lc 21,25 . (17) Lc 21,26 . (18) Lc 21,27 . (19) Lc 21,28 . (20) Lc 21,29 . (21) Lc 21,31 . (22) Lc 21,33 . (23) Lc 21,34 . (24) Lc 21,36 . (25) Lc 21,38 .
- Lc 22 () :
- Lc 23 () :
- kai (en) . Taalgebruik : kai (en) in N.T. . Taalgebruik in Lc : kai (en) . Nevenschikkend voegwoord . Hebr. : waw (verbindingshaak) . L. : et . Fr. : et . N. : en . E. : and . D. und . Lc (822 / 1151) . Lc 24 (+ 45 / 53 . - 8 / 53 : (1) Lc 24,1 . (2) Lc 24,2 . (3) Lc 24,3 . (4) Lc 24,6 . (5) Lc 24,16 . (6) Lc 24,42 . (7) Lc 24,45 . (8) Lc 24,48 .)

- kairos (gunstig moment) . kairos (gunstig moment) . Taalgebruik in het N.T. : kairos (gunstig moment) . Taalgebruik in Mc : kairos (gunstig moment) . Taalgebruik in Lc : kairos (gunstig moment) . Een vorm van kairos (gunstig moment) in Lc in 12 verzen : (1) Lc 1,20 . (2) Lc 4,13 . (3) Lc 8,13 . (4) Lc 12,42 . (5) Lc 12,56 . (6) Lc 13,1 . (7) Lc 18,30 . (8) Lc 19,44 . (9) Lc 20,10 . (10) Lc 21,8 . (11) Lc 21,24 . (12) Lc 21,36 .


- kaleô (roepen) . kaleô (roepen, noemen) . Taalgebruik in het N.T. : kaleô (roepen) . Taalgebruik in Lc : kaleô (roepen)

      1.  2.  3.  4.  5.  6.  7.  8.  9.  10.  11.  12.  13.  14.  15. 
  kaleô    Lc 1 Lc 2 Lc 5 Lc 6 Lc 7 Lc 8 Lc 9 Lc 10 Lc 14 Lc 15 Lc 19 Lc 20 Lc 21 Lc 22 Lc 23
1.  act. ind. praes. 3de pers. enk. kalei                  (1) Lc 14,13 .       (2) Lc 20,44 .        
2. act. ind. praes. 2de pers. mv. kaleite 1       (1) Lc 6,46 .                      
3.  act. ind. imperf. 3de pers. mv. ekaloun 1 (1) Lc 1,59 .                              
4.  act. ind. fut. 2de pers. enk. kaleseis (1) Lc 1,13 . (2) Lc 1,31                            
5.  ind. aor. 1ste enk. ekalesa                                
6.  act. ind. fut. 3de pers. mv. kalesousin                                 
7.  act. ind. aor. 3de pers. enk. ekalesen 1                 (1) Lc 14,16 .              
8. 

act. ind. aor. 3de pers. mv. ekalesan

                               
9.  act. ind. inf. aor. kalesai  1     (1) Lc 5,32 .                          
10.  act. part. aor. nom. mann. enk. kalesas         (1) Lc 7,39 .         (2) Lc 14,9 .     (3) Lc 19,13 .          
11.  act. part. perf. nom. mann. enk.  keklèkôs                 (1) Lc 14,10 .               
12.  act. part. perf. dat. enk. keklèkoti                  (1) Lc 14,12 .              
13.  pass. ind. praes. 3de pers. enk. kaleitai (1) Lc 1,61 . (2) Lc 2,4 .                             
14.  pass. ind. praes. 3de pers. mv. kalountai                            (1) Lc 22,25 .    
15.  pass. ind. fut. 3de pers. enk. klèthèsetai (1) Lc 1,32 . (2) Lc 1,35 . (3) Lc 1,60 . (4) Lc 2,23 .                             
16.  pass. conj. oar. 2de pers. enk. klèthè(i)s                  (1) Lc 14,8 . (2) Lc 14,10 .              
17.  pass. part. praes. nom. mann. enk. kaloumenos                      (1) Lc 19,2 .          
18.  pass. part. praes. nom. vr. enk. kaloumenè  (1) Lc 1,36 .           (2) Lc 8,2 .   (3) Lc 10,39 .                 
19.  pass. part. praes. nom. + acc. onz. enk. kaloumenon       (1) Lc 6,15 .             (2) Lc 19,29 .   (3) Lc 21,37 . (4) Lc 22,3 . (5) Lc 23,33 .     
20.

pass. part. praes. acc. vr. enk. kaloumenèn

2         (1) Lc 7,11 .   (2) Lc 9,10 .                
21.  pass. ind. fut. 2de pers. enk. klèthèsè(i) 1 (1) Lc 1,76 .                              
22.  pass. inf. praes. kaleisthai (1) Lc 1,62 .                              
23.  pass. aor. 3de p. enk. eklèthè 1   (1) Lc 2,21                          
24.  pass. inf. aor. klèthènai                   (1) Lc 15,19 . (2) Lc 15,21 .            
25.  pass. part. aor. nom. + acc. onz. enk. klèthen    (1) Lc 2,21 .                            
26.  pass. part. parf. nom. mann. enk. keklèmenos                   (1) Lc 14,8            
27.  pass. part. perf. nom. mv. keklèmenôn                   (1) Lc 14,24 .              
28.  pass. part. perf. dat. mann. + onz. mv. keklèmenois                    (1) Lc 14,17 .              
29.  pass. part. perf. acc. mann. mv. keklèmenous                  (1) Lc 14,7 .              
    '40'  10   2 '9' 

Een vorm van kaleô (roepen, noemen) in Lc 1 in 10 verzen : (1) Lc 1,13 . (2) Lc 1,31 . (3) Lc 1,32 . (4) Lc 1,35 . (5) Lc 1,36 . (6) Lc 1,59 . (7) Lc 1,60 . (8) Lc 1,61 . (9) Lc 1,62 . (10) Lc 1,76 . in Lc 19 (3) : (1) Lc 19,2 .  (2) Lc 19,13 . (3) Lc 19,29 .

19. Lc (5) : (1) Lc 6,15 . (2) Lc 19,29 . (3) Lc 21,37 . (4) Lc 22,3 . (5) Lc 23,33 .

pass. ind. fut. 3de pers. enk. klèthèsetai (hij zal genoemd worden) van het werkw. kaleô (roepen, noemen) . Taalgebruik in het N.T. : kaleô (roepen) . Taalgebruik in Mc : kaleô (roepen) . Taalgebruik in Lc : kaleô (roepen) .
15. Lc (4) : (1) Lc 1,32 . (2) Lc 1,35 . (3) Lc 1,60 . (4) Lc 2,23 .

- kata (tegen, volgens) . kata (tegen, volgens) . Afkortingen : kat' , kath' . Taalgebruik in het N.T. : kata (tegen, volgens) . Taalgebruik in Lc : kata (tegen, volgens) .

  kata (tegen, volgens)  bijbel O.T. N.T. Mt Mc Lc Joh Hnd Br. Apk syn.  ev.  P.  A. b. 
  kata 1541  1247  294  17  28  55  172  54  59     
  kat  316  231  85  14  11  14  37    31  34  33 
  kath  176  116  60  16  27  14  16     
  totaal 2033  1594  439  34  22  43  10  85  236  99  109     

Lc 1 (3) : (1) Lc 1,9 . (2) Lc 1,18 . (3) Lc 1,38 . Lc 4 (2) . kata (1) Lc 4,16 . kath' (1) Lc 4,14 .


- katabainô (neerdalen, afdalen) . katabainô (neerdalen, afdalen) . Taalgebruik in het N.T. : katabainô (neerdalen, afdalen) . Taalgebruik in Lc : katabainô (neerdalen, afdalen) .


- kathexès = efexès (in volgorde, op een rij) . kathexès = efexès (in volgorde, op een rij) . Taalgebruik in het N.T. : kathexès = efexès (in volgorde, op een rij) . Taalgebruik in Lc : kathexès = efexès (in volgorde, op een rij) .

- katerchomai (neergaan, afdalen) . katerchomai (neergaan, afdalen) . Taalgebruik in het N.T. : katerchomai (neergaan, afdalen) . Taalgebruik in Lc . : katerchomai (neergaan, afdalen) .

  katerchomai  bijbel O.T. N.T. Mt Mc Lc Joh Hnd Br. Apk syn.  ev.  P.  A. b. 
1.  ind. aor. 3de pers. enk. katèlthen         (1) Lc 4,31          
2.  part. aor. gen. mv. katelthontôn         (1) Lc 9,37 .            
                             

Een vorm van katerchomai (neergaan, afdalen) in Lc in 2 verzen : (1) Lc 4,31 . (2) Lc 9,37 . Bij de andere evangelisten komt dit werkw. niet voor .

- katègoreô (iemand van iets beschuldigen) . katègoreô (iemand van iets beschuldigen) . Taalgebruik in het N.T. : katègoreô (iemand van iets beschuldigen) . Taalgebruik in Lc : katègoreô (iemand van iets beschuldigen) . Taalgebruik in Hnd : katègoreô (iemand van iets beschuldigen) .

      1.  2.  3. 
  katègoreô     Lc 6 Lc 11 Lc 23
1.  act. ind. praes. 2de pers. mv. katègoreite       (1) Lc 23,14 .  
2.  act. inf. praes. katègorein   (1) Lc 6,7 .     (2) Lc 23,2 .  
3.  act. part. praes. nom. mann. mv. katègorountes       (1) Lc 23,10 .  
4.  act. inf. aor. katègorèsai     (1) Lc 11,54 .    
  Totaal 

act. inf. praes. katègorein van het werkw. katègoreô (iemand van iets beschuldigen) . Taalgebruik in het N.T. : katègoreô (iemand van iets beschuldigen) . Taalgebruik in Lc : katègoreô (iemand van iets beschuldigen) . Taalgebruik in Hnd : katègoreô (iemand van iets beschuldigen) . Lc (2) : (1) Lc 6,7 . (2) Lc 23,2 . Een vorm van katègoreô (iemand van iets beschuldigen) in Lc in 5 verzen : (1) Lc 6,7 . (2) Lc 11,54 . (3) Lc 23,2 . (4) Lc 23,10 . (5) Lc 23,14 . In Lc : 4 vormen van katègoreô (iemand van iets beschuldigen) in 3 hoofdstukken in 5 verzen . In Hnd : 7 vormen van katègoreô (iemand van iets beschuldigen) in 4 hoofdstukken in 9 verzen .

- katô (naar beneden) . katô (naar beneden) . Taalgebruik in het N.T. : katô (naar beneden) . Taalgebruik in Lc : katô (naar beneden) . Lc (1) Lc 4,9 .


- kèrussô (verkondigen) . kèrussô (verkondigen) . Taalgebruik in het N.T. : kèrussô (verkondigen) . Taalgebruik in Mc : kèrussô (verkondigen) . Taalgebruik in Lc : kèrussô (verkondigen) . Lat. praedicare . Fr. proclamer . Ned. verkondigen . prediken . E. to preach . D. predigen .

  kèrussô (verkondigen) bijbel O.T. N.T. Mt Mc Lc Joh Hnd Br. Apk syn. ev.
1 act. part. praes.  nom. mann. + vr. enk. kèrussôn 13   13 3 3 4   2 1   10 10
2 act. inf. praes. kèrussein 6   6 2 3 1         6 6
3 act. inf. aor. kèruxai  6 3 3     2   1     2 2
4 pass.ind. fut.. 3de pers. enk. kèruchthèsetai            
5 pass. inf. aor. kèruchthènai      1        
  Totaal                        

      1.  2.  3.  4.  5.  6. 
  kèrussô (verkondigen) Lc Lc 3 Lc 4 Lc 8 Lc 9 Lc 12 Lc 24
1 act. part. praes.  nom. mann. + vr. enk. kèrussôn 4 (1) Lc 3,3 .   (4) Lc 4,44 .   (5) Lc 8,1 . (6) Lc 8,39 .   (7) Lc 9,2 .      
2 act. inf. praes. kèrussein 1            
3 act. inf. aor. kèruxai  2   (2) Lc 4,18 . (3) Lc 4,19 .        
4 pass.ind. fut.. 3de pers. enk. kèruchthèsetai         (8) Lc 12,3 .    
5 pass. inf. aor. kèruchthènai            (9) Lc 24,47 .  
  Totaal  

act. part. pr.  nom. m. + vr. enk. kèrussôn (verkondigend) van het werkw. kèrussô (verkondigen) . Taalgebruik in het N.T. : kèrussô (verkondigen) . Taalgebruik in Lc : kèrussô (verkondigen) . Lc (4) : (1) Lc 3,3 : baptisma metanoias (een doopsel van bekering) . (2) Lc 4,44 . (3) Lc 8,1 . (4) Lc 8,39 . Een vorm van kèrussô (verkondigen) in Lc in 9 verzen : (1) Lc 3,3 . (2) Lc 4,18 . (3) Lc 4,19 . (4) Lc 4,44 . (5) Lc 8,1 . (6) Lc 8,39 . (7) Lc 9,2 . (8) Lc 12,3 . (9) Lc 24,47 . In Lc :5 vormen van kèrussô (verkondigen) in 9 verzen in 6 hoofdstukken . In Hnd : 6 vormen van kèrussô (verkondigen) in 8 verzen in 7 hoofdstukken .


- koilia (buikholte , moederschoot) . koilia (buikholte , moederschoot) . Taalgebruik in het N.T. : koilia (buikholte , moederschoot) . Taalgebruik in Lc : koilia (buikholte , moederschoot) . Taalgebruik in Hnd : koilia (buikholte , moederschoot) . Taalgebruik in de Septuaginta : koilia (buikholte , moederschoot) . Hebr. bètèn (buik, schoot) . Taalgebruik in Tenach : bètèn (buik, schoot) . Lat. uterus . Fr. sein . E. womb . D. Leib .

koilia (nominatief enkelvoud) en koiliai (datief enkelvoud) . In zevenendertig verzen in de bijbel . In negen verzen in het N.T. : (1) Mt 12,40 . (2) Lc 1,41 . (3) Lc 1,44 . (4) Lc 2,21 . (5) Lc 11,27 . (6) Rom 16,18 . (7) 1 Cor 6,13 . (8) Fil 3,19 . (9) Apk 10,10 .
--- koilias (van de moederschoot) . gen. vr. enk. . In achtenvijftig verzen in de bijbel . In neven verzen in Js : Niet in Jr . In zeven verzen in het N.T. : (1) Mt 19,12 . (2) Lc 1,15 . (3) Lc 1,42 . (4) Joh 7,38 . (5) Hnd 3,2 . (6) Hnd 14,8 . (7) Gal 1,15 .

nom. + dat. vr. enk. koilia(i) van het zelfst. naamw. koilia (buikholte , moederschoot) . Taalgebruik in het N.T. : koilia (buikholte , moederschoot) . Taalgebruik in Lc : koilia (buikholte , moederschoot) .
Lc (4) : (1) Lc 1,41 . (2) Lc 1,44 . (3) Lc 2,21 . (4) Lc 11,27 . Een vorm van koilia (buikholte , moederschoot) in Lc in 8 verzen : (1) Lc 1,15 . (2) Lc 1,41 . (3) Lc 1,42 . (4) Lc 1,44 . (5) Lc 2,21 . (6) Lc 11,27 . (7) Lc 15,16 . (8) Lc 23,29 .

- kraipalè (roes) . kraipalè (roes) . Taalgebruik in het N.T. : kraipalè (roes) . Taalgebruik in Lc . : kraipalè (roes) .

  kraipalè  bijbel O.T. N.T. Mt Mc Lc Joh Hnd Br. Apk syn.  ev.  P.  A. b. 
nom. + dat. vr. enk. kraipalè(i)         1 : Lc 21,34 .            

- kraugè (schreeuw, stem) . kraugè (schreeuw, stem) . Taalgebruik in het N.T. : kraugè (schreeuw, stem) . Taalgebruik in Lc : kraugè (schreeuw, stem) .

  kraugè  bijbel O.T. N.T. Mt Mc Lc Joh Hnd Br. Apk syn.  ev.  P.  A. b. 
1  nom. + dat. vr. enk. kraugè(i)   28  23       

- kurios (heer) . kurios (heer) . Taalgebruik in het N.T. : kurios (heer) . Taalgebruik in Lc : kurios (heer) . Hebr. JHWH of ´ädonaj . Lat. dominus .

      1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. 14.  15. 16. 17. 18. 19. 20.
  kurios (heer)  enk. Lc Lc 1 Lc 2 Lc 3 Lc 4 Lc 5 Lc 6 Lc 7 Lc 9 Lc 10 Lc 11 Lc 12 Lc 13 Lc 14 Lc 16 Lc 17 Lc 18 Lc 19 Lc 20 Lc 22 Lc 24
1 nom. enk. kurios  30        
2 voc. enk. kurie 26              
3 gen. enk. kuriou  26                
4 dat. enk. kuriô(i) 7                            
5 acc. enk. kurion 10                          
  totaal 99 17 

Een vorm van kurios (heer) in Lc (99) , in Lc 4 (4) : (1) Lc 4,8 . (2) Lc 4,12 . (3) Lc 4,18 . (4) Lc 4,19 . in Lc 19 in 8 verzen : (1) Lc 19,8 . (2) Lc 19,16 . (3) Lc 19,18 . (4) Lc 19,20 . (5) Lc 19,25 . (6) Lc 19,31 . (7) Lc 19,34 . (8) Lc 19,38 . In Lc : een vorm van kurios (heer) in het enkelv. in 5 vormen , in 20 hoofdstukken en in 99 verzen .

3. gen. mann. enk. kuriou (van de heer) . Lc (26) . Lc 1 (9) : (1) Lc 1,6 . (2) Lc 1,9 . (3) Lc 1,11 . (4) Lc 1,15 . (5) Lc 1,38 . (6) Lc 1,43 . (7) Lc 1,45 . (8) Lc 1,66 . (9) Lc 1,76 . Verder in Lc 1 . nom. mann. enk. kurios (5) : (1) Lc 1,25 . (2) Lc 1,28 . (3) Lc 1,32 . (4) Lc 1,58 . (5) Lc 1,68 . dat. mann. enk. kuriô(i) (1) Lc 1,17 . acc. mann. enk. kurion (2) : (1) Lc 1,16 . (2) Lc 1,47 . In totaal een vorm van kurios (heer) in Lc in 17 verzen .
Lc (26) . Lc 2 (5) : (1) Lc 2,9 . (2) Lc 2,23 . (3) Lc 2,24 . (4) Lc 2,26 . (5) Lc 2,39 .
5. acc. mann. enk. kurion . Lc (10) : (1) Lc 1,16 . (2) Lc 1,47 . (3) Lc 4,8 . (4) Lc 4,12 . (5) Lc 7,19 . (6) Lc 10,27 . (7) Lc 12,36 . (8) Lc 19,8 . (9) Lc 20,37 . (10) Lc 20,44 . Een vorm van kurios (heer) in Lc (99) , in Lc 1 (17) : (1) Lc 1,6 . (2) Lc 1,9 . (3) Lc 1,11 . (4) Lc 1,15 . (5) Lc 1,16 . (6) Lc 1,17 . (7) Lc 1,25 . (8) Lc 1,28 . (9) Lc 1,32 . (10) Lc 1,38 . (11) Lc 1,43 . (12) Lc 1,45 . (13) Lc 1,47 . (14) Lc 1,58 . (15) Lc 1,66 . (16) Lc 1,68 . (17) Lc 1,76 .
- gen. mann. enk. kuriou (van de heer) van het zelfst. naamw. kurios (heer) . Taalgebruik in het N.T. : kurios (heer) . Taalgebruik in Lc : kurios (heer) . Hebr. JHWH of ´ädonaj . Lat. dominus . Lc (26) . In 9 verzen in Lc 1 (zie Lc 1,6) . In 17 verzen in de overige hoofdstukken : (1) Lc 2,9 . (2) Lc 2,23 . (3) Lc 2,24 . (4) Lc 2,26 . (5) Lc 2,39 . (6) Lc 3,4 . (7) Lc 4,18 . (8) Lc 4,19 . (9) Lc 5,17 . (10) Lc 10,2 . (11) Lc 10,39 . (12) Lc 12,47 . (13) Lc 13,35 . (14) Lc 16,5 . (15) Lc 19,38 . (16) Lc 22,61 . (17) Lc 24,3 . Een vorm van kurios (heer) in Lc (99) , in Lc 4 (4) : (1) Lc 4,8 . (2) Lc 4,12 . (3) Lc 4,18 . (4) Lc 4,19 .