MATTEÜSEVANGELIE : TAALGEBRUIK I
- bijbeloverzicht per pericope - bijbeloverzicht per vers - bijbeloverzicht : liturgisch gebruik - bijbeloverzicht : woordgebruik -- A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z -- bijbeloverzicht : commentaar -
Overzicht van Tenach : Tenach
: overzicht , Tenach
: taalgebruik - A
- B
- C
- D
- E
- F
- G
- H
- I
- J
- K
- L
- M
- N
- O
- P
- Q
- R
- S
- T
- U
- V
- W
- X
-Y
- Z -
, Tenach
: commentaar ,
Overzicht van Septuaginta : Septuaginta
: overzicht , Septuaginta
: taalgebruik - A
- B
- C
- D
- E
- F
- G
- H
- I
- J
- K
- L
- M
- N
- O
- P
- Q
- R
- S
- T
- U
- V
- W
- X
-Y
- Z
- , Septuaginta
: commentaar ,
Overzicht van het Matteüsevangelie : Mt
: overzicht , Mt
: taalgebruik - A
- B
- C
- D
- E
- F
- G
- H
- I
- J
- K
- L
- M
- N
- O
- P
- Q
- R
- S
- T
- U
- V
- W
- X
-Y
- Z
- , Mt
: commentaar ,
Overzicht van het N.T. : NT
: overzicht , NT
: taalgebruik - A
- B
- C
- D
- E
- F
- G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X
-Y
- Z - ,
NT : commentaar
,
Hoofdstukken van het Matteüsevangelie : Mt
1 , Mt 2
, Mt 3 ,
Mt 4 , Mt
5 , Mt 6
, Mt 7 ,
Mt 8 , Mt
9 , Mt 10
, Mt 11
, Mt 12
, Mt 13
, Mt 14
, Mt 15
, Mt 16
, Mt 17
, Mt 18
, Mt 19
, Mt 20
, Mt 21
, Mt 22
, Mt 23
, Mt 24
, Mt 25
, Mt 26
, Mt 27
, Mt 28
.
| ZOEKEN OP DEZE WEBSITE |
| 1. LXX , Griekse tekst N.T. | 2. Vulgata | 3. Synopsis Denaux - Vervenne | 4. Statenvertaling | 5. Willibrordvertaling | 6. Nieuwe Vertaling | 7. Naardense vertaling , zie |
| 8. Bible de Jérusalem | 9. Statenvertaling | 10. King James Bible - King James Bible | 11. Luther-Bibel | liturgische lezing |
- bijbeloverzicht , bijbelverwijzingen - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , Oude Testament , Pentateuch , Historische boeken , Profeten , Wijsheidsboeken , NT : overzicht , Evangelies , Synoptici , Brieven
Overzicht van de bijbelboeken
: OT : Gn
(Genesis ) , Ex
(Exodus) , Lv
(Leviticus) , Nu
(Numeri) , Dt
(Deuteronomium) , Joz
(Jozua) , Re (Rechters)
, Rt (Ruth) ,
1 S (1 Samuël)
, 2 S (2 Samuël)
, 1 K (1 Koningen)
, 2 K (2 Koningen)
, 1 Kr ( 1 Kronieken)
, 2 Kr (2 Kronieken)
, Ezr (Ezra)
, Neh (Nehemia)
, Tob (Tobia)
, Jdt (Judith)
, Est (Esther)
, 1 Mak (1 Makkabeeën)
, 2 Mak (2 Makkabeeën)
, Job , Ps
(Psalmen ) , Spr
(Spreuken) , Pr
(Prediker) , Hl
(Hooglied) , W
(Wijsheid) , Sir
(Sirach) , Js
(Jesaja) , Jr
(Jeremia) , Kl
(Klaagliederen) , Bar
(Baruch) , Ez
(Ezechiël) , Da
(Daniël) , Hos
(Hosea) , Jl (Joël)
, Am (Amos) ,
Ob (Obadja) ,
Jon (Jona) ,
Mi (Micha) , Nah
(Nahum) , Hab
(Habakuk) , Sef
(Sefanja) , Hag
(Haggai) , Zach
(Zacharia) , Mal
(Maleachi) .
- NT : Mt
(Matteüs) - Mc
(Marcus) - Lc
(Lucas) - Joh
(Johannes) - Hnd
(Handelingen) , Rom
(Rome) , 1 Kor
(Korinte) , 2 Kor
(Korinte) , Gal
(Galatië) , Ef
(Efese) , Fil
(Filippi) , Kol
(Kolosse) , 1 Tes
(Tessalonika) , 2
Tes (Tessalonika) , 1
Tim (Timoteüs) , 2
Tim (Timoteüs) , Tit
(Titus) , Film
(Filemon) , Heb
(Hebreeën) , Jak
(Jakobus) , 1 Pe
(Petrus) , 2 Pe
(Petrus) , 1 Joh
(Johannes) , 2 Joh
(Johannes) , 2 Joh
(Johannes) , Jud
(Judas) , Apk
(Apokalyps) .
Overzicht van
de bibliografie van de bijbelboeken : bibliografie
bijbel -
bibliografie
van het Oude Testament - bibliografie
Matteüsevangelie - bibliografie
Marcusevangelie - bibliografie
Lucasevangelie - bibliografie
van het Johannesevangelie - bibliografie
van het Nieuwe Testament (behalve evangeliën)
WOORDGEBRUIK
- A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X - Y - Z -
| Mt 1 | Mt 2 | Mt 3 | Mt 4 | Mt 5 | Mt 6 | Mt 7 | Mt 8 | Mt 9 | Mt 10 | Mt 11 | Mt 12 | Mt 13 | Mt 14 | Mt 15 | Mt 16 | Mt 17 | Mt 18 | Mt 19 | Mt 20 | Mt 21 | Mt 22 | Mt 23 | Mt 24 | Mt 25 | Mt 26 | Mt 27 | Mt 28 | |||
- idou (zie) . idou (zie) . Taalgebruik in het N.T. : idou (zie) . Taalgebruik in Mt : idou (zie) . Mt (59) .
- idou (zie) . Verwijzing : idou (zie) , zie Mt 1,20 . In vier verzen in Mt 2 : (1) Mt 2,1 . (2) Mt 2,9 . (3) Mt 2,13 . (4) Mt 2,19 . In Mt 2,1-12 wordt onze aandachtr gevestigd op de magiërs (Mt 2,1 : idou magoi = zie magiërs) en op de ster (Mt 2,9 : idou ho astèr proègen autous = en zie de ster ging voor hen) . In drie verzen in de perikope Mt 28,1-10 : (1) Mt 28,2 . (2) Mt 28,7 . (3) Mt 28,9 . Na de beginsituatie (Mt 2,1) wordt "de verandering" aangevat met idou (zie) . Het vestigt meestal de aandacht op het onderwerp dat op idou (zie) volgt . Dat onderwerp is het personage dat de verandering veroorzaakt . De komst van de magiërs veroorzaakt verwarring aan het koninklijk hof en in heel Jeruzalem . De koning wordt op een pijnlijke wijze eraan herinnerd dat hij naar joodse normen onrechtmatig op de troon zit en dat een nakomeling van David geboren is aan wie rechtmatig de troon toebehoort en die een bedreiging voor zijn troon kan betekenen . Voor de magiërs is de opgerezen ster een teken dat een toekomstige koning geboren is . Het is een hemels teken en tegelijkertijd een teken dat God hen begeleidt op de weg om de pasgeborene te vinden .
In twee verzen in Mt
1 : (1) Mt
1,20 (-) idou aggelos kuriou (zie een engel van de Heer) . (2) Mt
1,23 (-) idou hè parthenos (zie de maagd) .
In vier verzen in Mt
2 : (1) Mt
2,1 (-) idou magoi (zie magiërs) . (2) Mt
2,9 (+) idou ho astèr (en zie de ster) . (3) Mt
2,13 zoals Mt
1,20 (-) idou aggelos kuriou (zie een engel van de Heer) . (4 ) Mt
2,19 zoals Mt
1,20 (-) idou aggelos kuriou (zie een engel van de Heer) .
In twee verzen in Mt
3 : (1) Mt
3,16 (+) idou + werkwoord (en zie) . (2) Mt
3,17 (+) kai idou fônè ek tôn ouranôn (en zie een
stem uit de hemelen) .
In één vers in Mt
4 : (1) Mt
4,11 (+) idou aggeloi (en zie engelen) .
In één vers in Mt
7 : (1) Mt
7,4 (+) idou ho dokos (zie de balk) .
(11) Mt
8,2 (+) idou lepros ... (en zie een melaatse)
- Mt 9,20
(+) idou gunè (een vrouw) - . Mt
15,22 (+) idou gunè (een vrouw) - Mt 17,3 (+) + werkwoord - Mt
17,1-9 - Mt 17,5 (-) idou nefelè (zie een wolk) - Mt
17,1-9 - . Mt 17,5b (+) kai idou fônè ek tès nefelès
(en zie een stem uit de wolk) - Mt
17,1-9 - .
In vijf verzen in Mt
28 : (1) Mt
28,2 (+) idou seismos... megas (en zie een grote beving) . (2) Mt
28,7 (+) idou + werkwoord (en zie) . (3) Mt
28,9 (+) idou Ièsous (en zie Jezus) . (4) Mt
28,11 (-) idou tines tès koustôdias (sommigen van de wacht)
. (5) Mt
28,20 (+) idou egô (en zie ik) .
- Ierichô (Jericho) . Ierichô (Jericho) . Taalgebruik in het N.T. : Ierichô (Jericho) . Taalgebruik in Mt : Ierichô (Jericho) .
| Ierichô (Jericho) | bijbel | O.T. | N.T. | Mt | Mc | Lc | Joh | Hnd | Br. | Apk | syn. | ev. | P. | A. b. |
| totaal | 65 | 59 | 6 | 1 : Mt 20,29 . | 1 (2X) | 3 | 1 | 5 | 5 | 1 |
- apo Ierichô (van Jericho) in Mt : (1) Mt 20,29 .
- Ièsous (Jezus) . ièsous (Jezus) . Taalgebruik in N.T. : Ièsous (Jezus) . Taalgebruik in Mt : Ièsous (Jezus) .
| Ièsous | Mt 1 | Mt 2 | Mt 3 | Mt 4 | Mt 5 | Mt 6 | Mt 7 | Mt 8 | Mt 9 | Mt 10 | Mt 11 | Mt 12 | Mt 13 | Mt 14 | Mt 15 | Mt 16 | Mt 17 | Mt 18 | Mt 19 | Mt 20 | Mt 21 | Mt 22 | Mt 23 | Mt 24 | Mt 25 | Mt 26 | Mt 27 | Mt 28 | |
| Ièsous | 110 | 1 | 3 | 4 | 1 | 7 | 10 | 1 | 4 | 2 | 4 | 4 | 5 | 6 | 8 | 1 | 7 | 6 | 9 | 4 | 1 | 2 | 12 | 4 | 4 | ||||
| Ièsou | 25 | 2 | 1 | 1 | 2 | 2 | 1 | 2 | 1 | 1 | 8 | 4 | |||||||||||||||||
| Ièsoun | 15 | 2 | 1 | 1 | 3 | 7 | 1 | ||||||||||||||||||||||
| totaal | 150 | 5 | 1 | 3 | 4 | 1 | 8 | 12 | 1 | 4 | 2 | 4 | 7 | 6 | 6 | 11 | 2 | 7 | 6 | 10 | 4 | 1 | 2 | 23 | 15 | 5 |
- nom. mann. enk. ièsous (Jezus) . Mt 19 (7) Mt 19,1 : (1) Mt 19,1 . (2) Mt 19,14 . (3) Mt 19,18 . (4) Mt 19,21 . (5) Mt 19,23 . (6) Mt 19,26 . (7) Mt 19,28 .
In het N.T. komt een vorm van de naam Jezus in 892 verzen voor . Bij Mt is dat in 150 verzen (16,81 %) . In Mt 26 - Mt 28 (lijdens- en verrijzenisverhalen) komt een vorm van de naam Jezus in drieënveertig verzen (28,66 %) voor .
In tien verzen in Mt 9 , telkens voorafgegaan door het bepaald lidwoord ho : nominatief mannelijk enkelvoud .
- (tou) ... Ièsou . Verwijzing : Ièsous (Jezus), zie Mt 1,1 . Genitief of datief mannelijk enkelvoud . In vijfentwintig verzen bij Matteüs : (1) Mt 1,1 (-) . (2) Mt 1,18 (+) . (3) Mt 2,1 (+) .
- Ioudaia (Judea) . Verwijzing : Ioudaia
(Judea) , zie Mt
2,1 . Nominatief en datief enkelvoud . In tweeënveertig verzen in de
bijbel . In twaalf verzen in het N.T. : (1) Mt
3,5 . (2) Mt
24,16 . (3) Mc
1,5 . (4) Mc
13,14 . (5) Lc
7,7 . (6) Lc
21,21 . (7) Joh
7,1 . (8) Hnd
1,8 . (9) Hnd
11,29 . (10) Hnd 24,24 . (11) . (12) .
- Genitief vrouwelijk enkelvoud . In vierenzeventig verzen in de bijbel . In
zevenentwintig verzen in het N.T. : (1) Mt
2,1 . (11) Lc
3,1 .