EERSTE BRIEF AAN DE CHRISTENEN VAN TESSALONICA - 1 TES -
- bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -
- 1 Tes 2,1-16 -- 1 Tes 2,17-20 -

Overzicht van het NT : NT : overzicht , NT : taalgebruik - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , NT : commentaar ,

OVERZICHT 1 Tes - TAALGEBRUIK 1 Tes - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z -- COMMENTAAR 1 Tes

Overzicht van de brief aan de christenen van Tessalonica : 1 Tes 1 , 1 Tes 2 , 1 Tes 3 , 1 Tes 4 , 1 Tes 5 ,
Uitleg per pericope
Uitleg vers per vers - 1 Tes 2,1 - 1 Tes 2,2 - 1 Tes 2,3 - 1 Tes 2,4 - 1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,6 - 1 Tes 2,7 - 1 Tes 2,8 - 1 Tes 2,9 - 1 Tes 2,10 - 1 Tes 2,11 - 1 Tes 2,12 - 1 Tes 2,13 - 1 Tes 2,14 - 1 Tes 2,15 - 1 Tes 2,16 - 1 Tes 2,17 - 1 Tes 2,18 - 1 Tes 2,19 - 1 Tes 2,20 -


Religie.opzijnbest.nl
ZOEKEN OP DEZE WEBSITE
PicoSearch
  Hulp
Verzorgd door PicoSearch
 
         
1. LXX , Griekse tekst NT   2. Vulgata   3. Synopsis Denaux - Vervenne  4. Statenvertaling   5. Willibrordvertaling   6. Nieuwe Vertaling   7. Naardense vertaling , zie
8. Bible de Jérusalem 9. Statenvertaling   10. King James Bible  - King James Bible 11. Luther-Bibel  ( Thessalonicher ) liturgische lezing      

WEDERKERIGHEID (DIVERSITEIT - VICE VERSA) . Meer info : Arseen De Kesel . Email: arseen.de.kesel@pandora.be .
websitenamen : http://users.telenet.be/arseen.de.kesel/ en http://www.interlevensbeschouwelijk.be/index.htm
- STARTPAGINA - AGENDA - BIJ DE HAND - NIEUW - OVERZICHT -  TIJDSCHRIFTEN -
ALFABETISCH OVERZICHT VAN THEMA'S EN WEBSITES :
- A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z
HOOFDTHEMA'S : allochtonen , armoede , bahá'í ,  bezinningsteksten , bijbel , bijbel en koran , boeddhisme , christendom , extreemrechts (Vlaams Blok) , fundamentalisme , globalisering en antiglobalisering ,  hindoeïsme , interlevensbeschouwelijke dialoog , interreligieuze meditatie , islam , jodendom , koran , levensbeschouwing , levensbeschouwing / godsdienst en onderwijs , racisme , samenleving , sikhisme , spiritualiteit , tewerkstelling van allochtonen , vluchtelingen en asielzoekers , vrijzinnigheid , witte scholen , multiculturele scholen en concentratiescholen , Eigen-zinnige beschouwingen , Het kleine of grote ongenoegen

Woordenschat

Bibliografie
Literatuur .
Liturgisch gebruik

Overzicht van de bijbelboeken
-
bijbeloverzicht , bijbelverwijzingen - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , Oude Testament , Pentateuch , Historische boeken , Profeten , Wijsheidsboeken , NT : overzicht , Evangelies , Synoptici , Brieven

- OT : Gn (Genesis) , Ex (Exodus) , Lv (Leviticus) , Nu (Numeri) , Dt (Deuteronomium) , Joz (Jozua) , Re (Rechters) , Rt (Ruth) , 1 S (1 Samuël) , 2 S (2 Samuël) , 1 K (1 Koningen) , 2 K (2 Koningen) , 1 Kr ( 1 Kronieken) , 2 Kr (2 Kronieken) , Ezr (Ezra) , Neh (Nehemia) , Tob (Tobia) , Jdt (Judith) , Est (Esther) , 1 Mak (1 Makkabeeën) , 2 Mak (2 Makkabeeën) , Job , Ps (Psalmen ) , Spr (Spreuken) , Pr (Prediker) , Hl (Hooglied) , W (Wijsheid) , Sir (Sirach) , Js (Jesaja) , Jr (Jeremia) , Kl (Klaagliederen) , Bar (Baruch) , Ez (Ezechiël) , Da (Daniël) , Hos (Hosea) , Jl (Joël) , Am (Amos) , Ob (Obadja) , Jon (Jona) , Mi (Micha) , Nah (Nahum) , Hab (Habakuk) , Sef (Sefanja) , Hag (Haggai) , Zach (Zacharia) , Mal (Maleachi) .
- NT : Mt (Matteüs) - Mc (Marcus) - Lc (Lucas) - Joh (Johannes) - Hnd (Handelingen) , Rom (Rome) , 1 Kor (Korinte) , 2 Kor (Korinte) , Gal (Galatië) , Ef (Efese) , Fil (Filippi) , Kol (Kolosse) , 1 Tes (Tessalonica) , 2 Tes (Tessalonika) , 1 Tim (Timoteüs) , 2 Tim (Timoteüs) , Tit (Titus) , Film (Filemon) , Heb (Hebreeën) , Jak (Jakobus) , 1 Pe (Petrus) , 2 Pe (Petrus) , 1 Joh (Johannes) , 2 Joh (Johannes) , 2 Joh (Johannes) , Jud (Judas) , Apk (Apokalyps) .
Overzicht van de bibliografie van de bijbelboeken : - bibliografie bijbel - bibliografie van het Oude Testament - bibliografie Matteüsevangelie - bibliografie Marcusevangelie - bibliografie Lucasevangelie - bibliografie van het Johannesevangelie - bibliografie van het Nieuwe Testament (behalve evangeliën)


1 Tes 2,1-16 . Paulus’ prediking onder de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,1-16 -- 1 Tes 2,1 - 1 Tes 2,2 - 1 Tes 2,3 - 1 Tes 2,4 - 1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,6 - 1 Tes 2,7 - 1 Tes 2,8 - 1 Tes 2,9 - 1 Tes 2,10 - 1 Tes 2,11 - 1 Tes 2,12 - 1 Tes 2,13 - 1 Tes 2,14 - 1 Tes 2,15 - 1 Tes 2,16 -

1 Tes 2,1 - 1 Tes 2,1 : Paulus’ prediking onder de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,1-16 -- 1 Tes 2,1 - 1 Tes 2,2 - 1 Tes 2,3 - 1 Tes 2,4 - 1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,6 - 1 Tes 2,7 - 1 Tes 2,8 - 1 Tes 2,9 - 1 Tes 2,10 - 1 Tes 2,11 - 1 Tes 2,12 - 1 Tes 2,13 - 1 Tes 2,14 - 1 Tes 2,15 - 1 Tes 2,16 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
1autoi gar oidate, adelfoi, tèn eisodon èmôn tèn pros umas oti ou kenè gegonen,   1 nam ipsi scitis fratres introitum nostrum ad vos quia non inanis fuit    1 Want gij weet zelven, broeders, onzen ingang tot u, dat die niet ijdel is geweest;   [1] U* weet immers zelf, broeders en zusters, dat ons optreden onder u niet vergeefs is geweest.   [1] U weet zelf, broeders en zusters, dat ons bezoek aan u niet tevergeefs is geweest.   1 ¶ Want zelf weet ge, broeders–en–zusters, van onze toegang tot u, dat die niet ijdel is geweest;   1. Vous-mêmes savez, frères, comment nous sommes venus chez vous, que ce ne fut pas en vain. 

King James Bible . [1] For yourselves, brethren, know our entrance in unto you, that it was not in vain:
Luther-Bibel . Aber auch ihr selbst, Brüder und Schwestern, erinnert euch ja noch genau an das Wirken, das wir unter euch entfaltet haben: dass es von Gott gesegnet und nicht vergeblich war.

Tekstuitleg van 1 Tes 2,1 .

1 Tes 2,2 - 1 Tes 2,2 : Paulus’ prediking onder de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,1-16 -- 1 Tes 2,1 - 1 Tes 2,2 - 1 Tes 2,3 - 1 Tes 2,4 - 1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,6 - 1 Tes 2,7 - 1 Tes 2,8 - 1 Tes 2,9 - 1 Tes 2,10 - 1 Tes 2,11 - 1 Tes 2,12 - 1 Tes 2,13 - 1 Tes 2,14 - 1 Tes 2,15 - 1 Tes 2,16 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
2alla propathontes kai ubristhentes kathôs oidate en filippois eparrèsiasametha en tô theô èmôn lalèsai pros umas to euaggelion tou theou en pollô agôni.  2 sed ante passi et contumeliis affecti sicut scitis in Philippis fiduciam habuimus in Deo nostro loqui ad vos evangelium Dei in multa sollicitudine    2 Maar, hoewel wij te voren geleden hadden, en ook ons smaadheid aangedaan was, gelijk gij weet, te Filippi, zo hebben wij nochtans vrijmoedigheid gebruikt in onzen God, om het Evangelie van God tot u te spreken in veel strijds.   [2] Integendeel, na de mishandelingen en beledigingen die wij, zoals u weet, in Filippi hadden te verduren, hebben wij met de hulp van onze God de moed gevonden om ondanks heftige tegenstand het evangelie van God openlijk bij u te verkondigen.   [2] Ondanks de mishandelingen en beledigingen die wij, zoals u bekend is, in Filippi te verduren hadden, vonden we in vertrouwen op onze God de moed u bekend te maken met zijn evangelie. Daarvoor hebben we ons tot het uiterste ingespannen.  2 nee, hoewel we eerder in Filippi te lijden hadden en mishandeld zijn, zoals ge weet, hebben wij toch de vrijmoedigheid gekregen in eenheid met onze God de verkondiging van God in veel strijd tot u uit te spreken.  2. Nous avions, vous le savez, enduré à Philippes des souffrances et des insultes, mais notre Dieu nous a accordé de prêcher en toute hardiesse devant vous l'Évangile de Dieu, au milieu d'une lutte pénible.  

King James Bible . [2] But even after that we had suffered before, and were shamefully entreated, as ye know, at Philippi, we were bold in our God to speak unto you the gospel of God with much contention.
Luther-Bibel . 2 Wie ihr wisst, hatten wir zuvor in Philippi viel ausstehen müssen und waren misshandelt worden. Trotzdem fassten wir im Vertrauen auf unseren Gott den Mut, euch seine Gute Nachricht zu verkünden, und ließen uns nicht davon abbringen, als es auch bei euch zu harten Auseinandersetzungen kam.

Tekstuitleg van 1 Tes 2,2 .

18. euaggelion (evangelie) . Verwijzing : euaggelion (evangelie) . Accusatief onzijdig enkelvoud . Een vorm van euaggelion in 1 Tes in zes verzen : (1) 1 Tes 1,5 . (2) 1 Tes 2,2 . (3) 1 Tes 2,4 . (4) 1 Tes 2,8 . (5) 1 Tes 2,9 . (6) 1 Tes 3,2 (dat. onz. enk. euaggeliôi) .

euaggelion (evangelie) bijbel OT NT ev.   Br. Rom 1 Kor  2 Kor  Gal Ef  Fil  Kol  1 Tes  2 Tes  1 Tim  2 Tim Film 1 Pe P.  A.b 
nom. + acc. onz. enk. euaggelion 41   41 8 31         31   
Totaal  76 1 75 12 60 59  

17. - 20. το ευαγγελιον του θεου = to euaggelion tou theou (de goede boodschap van God) . NT (4) : (1) Rom 15,16 . (2) 1 Tes 2,2 . (3) 1 Tes 2,8 . (4) 1 Tes 2,9 .

1 Tes 2,3 - 1 Tes 2,3 : Paulus’ prediking onder de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,1-16 -- 1 Tes 2,1 - 1 Tes 2,2 - 1 Tes 2,3 - 1 Tes 2,4 - 1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,6 - 1 Tes 2,7 - 1 Tes 2,8 - 1 Tes 2,9 - 1 Tes 2,10 - 1 Tes 2,11 - 1 Tes 2,12 - 1 Tes 2,13 - 1 Tes 2,14 - 1 Tes 2,15 - 1 Tes 2,16 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
3è gar paraklèsis èmôn ouk ek planès oude ex akatharsias oude en dolô,   3 exhortatio enim nostra non de errore neque de inmunditia neque in dolo    3 Want onze vermaning is niet geweest uit verleiding, noch uit onreinigheid, noch met bedrog;   [3] Want onze prediking komt niet voort uit dwaling, onzuivere bedoelingen of bedrog.   [3] Onze oproep berust niet op een dwaling, op oneerlijkheid of bedrog.   3 Want onze bemoediging is niet uit dwaling, niet uit onzuivere bedoeling en niet uit bedrog,   3. En vous exhortant, nous ne nous inspirons ni de l'erreur ni de l'impureté, et nous ne tentons pas de ruser avec vous.  

King James Bible . [3] For our exhortation was not of deceit, nor of uncleanness, nor in guile:
Luther-Bibel . 3 Ihr könnt daran sehen: Wenn wir zum Glauben an die Gute Nachricht aufrufen, folgen wir nicht irgendwelchen Hirngespinsten. Wir tun es auch nicht in eigennütziger und betrügerischer Absicht.

Tekstuitleg van 1 Tes 2,3 .

1 Tes 2,4 - 1 Tes 2,4 : Paulus’ prediking onder de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,1-16 -- 1 Tes 2,1 - 1 Tes 2,2 - 1 Tes 2,3 - 1 Tes 2,4 - 1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,6 - 1 Tes 2,7 - 1 Tes 2,8 - 1 Tes 2,9 - 1 Tes 2,10 - 1 Tes 2,11 - 1 Tes 2,12 - 1 Tes 2,13 - 1 Tes 2,14 - 1 Tes 2,15 - 1 Tes 2,16 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
4alla kathôs dedokimasmetha upo tou theou pisteuthènai to euaggelion outôs laloumen, ouch ôs anthrôpois areskontes alla theô tô dokimazonti tas kardias èmôn.   4 sed sicut probati sumus a Deo ut crederetur nobis evangelium ita loquimur non quasi hominibus placentes sed Deo qui probat corda nostra    4 Maar, gelijk wij van God beproefd zijn geweest, dat ons het Evangelie zou toebetrouwd worden, alzo spreken wij, niet als mensen behagende, maar Gode, Die onze harten beproeft.   [4] Maar omdat God zelf ons geschikt heeft bevonden en ons het evangelie heeft toevertrouwd, daarom verkondigen wij: niet om in de gunst te komen bij mensen, maar bij God, die ons hart toetst.   [4] Wij spreken alleen omdat God ons daartoe waardig heeft gekeurd en ons het evangelie heeft toevertrouwd – niet om mensen te behagen, maar God, die de mensen doorgrondt.   4 maar zoals wij door God waardig zijn gekeurd om de verkondiging aan toe te vertrouwen, zó spreken wij, niet om mensen te behagen maar God, die onze harten keurt.   4. Seulement, Dieu nous ayant confié l'Évangile après nous avoir éprouvés, nous prêchons en conséquence, cherchant à plaire non pas aux hommes mais à Dieu qui éprouve nos cœurs. 

King James Bible . [4] But as we were allowed of God to be put in trust with the gospel, even so we speak; not as pleasing men, but God, which trieth our hearts.
Luther-Bibel . 4 Nein, Gott hat uns geprüft und zum Dienst für die Gute Nachricht brauchbar gefunden - deshalb und nur deshalb verkünden wir sie! Wir wollen nicht Menschen gefallen, sondern ihm, der unsere geheimsten Gedanken kennt.

Tekstuitleg van 1 Tes 2,4 .

9. euaggelion (evangelie) . Verwijzing : euaggelion (evangelie) . Nominatief onzijdig enkelvoud . Een vorm van euaggelion in 1 Tes in zes verzen : (1) 1 Tes 1,5 . (2) 1 Tes 2,2 . (3) 1 Tes 2,4 . (4) 1 Tes 2,8 . (5) 1 Tes 2,9 . (6) 1 Tes 3,2 (dat. onz. enk. euaggeliôi) .

euaggelion (evangelie) bijbel OT NT ev.   Br. Rom 1 Kor  2 Kor  Gal Ef  Fil  Kol  1 Tes  2 Tes  1 Tim  2 Tim Film 1 Pe P.  A.b 
nom. + acc. onz. enk. euaggelion 41   41 8 31         31   
gen. onz. enk. euaggeliou   22   22 3 18         18   
dat. onz. enk. euaggeliôi 13 1 12 1 11           10 
Totaal  76 1 75 12 60 59  

 

1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,5 : Paulus’ prediking onder de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,1-16 -- 1 Tes 2,1 - 1 Tes 2,2 - 1 Tes 2,3 - 1 Tes 2,4 - 1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,6 - 1 Tes 2,7 - 1 Tes 2,8 - 1 Tes 2,9 - 1 Tes 2,10 - 1 Tes 2,11 - 1 Tes 2,12 - 1 Tes 2,13 - 1 Tes 2,14 - 1 Tes 2,15 - 1 Tes 2,16 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
5oute gar pote en logô kolakeias egenèthèmen, kathôs oidate, oute en profasei pleonexias, theos martus, 5 neque enim aliquando fuimus in sermone adulationis sicut scitis neque in occasione avaritiae Deus testis est    5 Want wij hebben nooit met pluimstrijkende woorden omgegaan, gelijk gij weet, noch met enig bedeksel van gierigheid; God is getuige!   [5] Nooit immers hebben wij ons ingelaten met vleierij, dat weet u, en evenmin met hebzuchtige bijbedoelingen; God is onze getuige.   [5] U weet dat we u nooit naar de mond hebben gepraat en dat onze woorden nooit een dekmantel voor hebzucht waren. God is onze getuige.   5 Want nooit zijn wij opgetreden met vleiende praat, zoals ge weet noch met een voorwendsel vol geldzucht,– God is getuige!–  5. Jamais non plus nous n'avons eu un mot de flatterie, vous le savez, ni une arrière-pensée de cupidité, Dieu en est témoin ; 

King James Bible . [5] For neither at any time used we flattering words, as ye know, nor a cloke of covetousness; God is witness:
Luther-Bibel . 5 Ich habe euch nie nach dem Mund geredet - ihr wisst es. Genauso wenig ging es mir jemals insgeheim um den eigenen Vorteil - Gott kann es bezeugen!

Tekstuitleg van 1 Tes 2,5 .

1. oute (noch) . Het komt vijfmaal voor in twee opeenvolgende verzen : 1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,6 .

1 Tes 2,6 - 1 Tes 2,6 : Paulus’ prediking onder de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,1-16 -- 1 Tes 2,1 - 1 Tes 2,2 - 1 Tes 2,3 - 1 Tes 2,4 - 1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,6 - 1 Tes 2,7 - 1 Tes 2,8 - 1 Tes 2,9 - 1 Tes 2,10 - 1 Tes 2,11 - 1 Tes 2,12 - 1 Tes 2,13 - 1 Tes 2,14 - 1 Tes 2,15 - 1 Tes 2,16 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
6oute zètountes ex anthrôpôn doxan, oute af umôn oute ap allôn,   6 nec quaerentes ab hominibus gloriam neque a vobis neque ab aliis     6 Noch zoekende eer uit mensen, noch van u, noch van anderen; hoewel wij u tot last konden zijn als Christus' apostelen;   [6] Wij hebben geen eerbewijzen van mensen gezocht, van u noch van anderen,   [6] We hebben ook niet geprobeerd de gunst van mensen af te dwingen, niet bij u en niet bij anderen.   6 noch hebben we eer bij mensen gezocht, noch door u noch door anderen,   6. ni recherché la gloire humaine, pas plus chez vous que chez d'autres, 

King James Bible . [6] Nor of men sought we glory, neither of you, nor yet of others, when we might have been burdensome, as the apostles of Christ.
Luther-Bibel . 6 Ich wollte auch nicht von Menschen geehrt werden, weder von euch noch von irgendjemand sonst.

Tekstuitleg van 1 Tes 2,6 .

7. af' (af, van-weg) . Verwijzing : apo (af , van-weg) . Voorzetsel . Vormen van apo (af, van-weg) in 1 Tes . A. apo : (1) 1 Tes 1,9 . (2) 1 Tes 4,3 . (3) 1 Tes 5,22 . B : ap' : (1) 1 Tes 2,6 . (2) 1 Tes 4,16 . C : af' : (1) 1 Tes 1,8 . (2) 1 Tes 2,6 . (3) 1 Tes 2,17 . (4) 1 Tes 3,6 . In volgorde : (1) 1 Tes 1,8 (af') . (2) 1 Tes 1,9 (apo) . (3a) 1 Tes 2,6 (af') . (3b) 1 Tes 2,6 . (ap') . (4) 1 Tes 2,17 (af') . (5) 1 Tes 3,6 (af') . (6) 1 Tes 4,3 (apo) . (7) 1 Tes 4,16 (ap') . (8) 1 Tes 5,22 (apo) .

apo (af, van-weg)  bijbel OT NT ev.  Br. Rom 1 Kor  2 Kor  Gal Ef  Fil  Kol  1 Tes  2 Tes  1 Tim  2 Tim Tit Film Heb Jak 1 Pe 2 Pe 1 Joh 2 Joh  3 Joh  Jud  P.  Ab 
  2984 2544 440 207  115  22  13  16    100  15 
  567  445  122  81  26 2   1 1       2 1         1   1 1 14 2     8 18
  183  141  42  16  19   1 2 1 1   2 4           4 2 1 1         15 4
  3734 3130  604  304  241 24 9 16 8 4 4 8 9 7 3 7 2 1 21 4 4 2 18 2 1 2 123 37

7. - 8. af'humôn (van, vanuit jullie) . In twaalf verzen in het NT : Mt (1) . Joh (1) . Hnd (1) . Br. Paulus (7) . Ap. br. (2) . In vier verzen in 1 Tes : af' : (1) 1 Tes 1,8 . (2) 1 Tes 2,6 . (3) 1 Tes 2,17 . (4) 1 Tes 3,6 .

10. ap' (af, van-weg) . Verwijzing : apo (af , van-weg) . Voorzetsel . Vormen van apo (af, van-weg) in 1 Tes . A. apo : (1) 1 Tes 1,9 . (2) 1 Tes 4,3 . (3) 1 Tes 5,22 . B : ap' : (1) 1 Tes 2,6 . (2) 1 Tes 4,16 . C : af' : (1) 1 Tes 1,8 . (2) 1 Tes 2,6 . (3) 1 Tes 2,17 . (4) 1 Tes 3,6 . In volgorde : (1) 1 Tes 1,8 (af') . (2) 1 Tes 1,9 (apo) . (3a) 1 Tes 2,6 (af') . (3b) 1 Tes 2,6 . (ap') . (4) 1 Tes 2,17 (af') . (5) 1 Tes 3,6 (af') . (6) 1 Tes 4,3 (apo) . (7) 1 Tes 4,16 (ap') . (8) 1 Tes 5,22 (apo) .

apo (af, van-weg)  bijbel OT NT ev.  Br. Rom 1 Kor  2 Kor  Gal Ef  Fil  Kol  1 Tes  2 Tes  1 Tim  2 Tim Tit Film Heb Jak 1 Pe 2 Pe 1 Joh 2 Joh  3 Joh  Jud  P.  Ab 
  2984 2544 440 207  115  22  13  16    100  15 
  567  445  122  81  26 2   1 1       2 1         1   1 1 14 2     8 18
  183  141  42  16  19   1 2 1 1   2 4           4 2 1 1         15 4
  3734 3130  604  304  241 24 9 16 8 4 4 8 9 7 3 7 2 1 21 4 4 2 18 2 1 2 123 37

10. - 11. ap'allôn (vanuit anderen) . In het NT slechts in 1 Tes 2,6 .

1 Tes 2,7 - 1 Tes 2,7 : Paulus’ prediking onder de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,1-16 -- 1 Tes 2,1 - 1 Tes 2,2 - 1 Tes 2,3 - 1 Tes 2,4 - 1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,6 - 1 Tes 2,7 - 1 Tes 2,8 - 1 Tes 2,9 - 1 Tes 2,10 - 1 Tes 2,11 - 1 Tes 2,12 - 1 Tes 2,13 - 1 Tes 2,14 - 1 Tes 2,15 - 1 Tes 2,16 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
7dunamenoi en barei einai ôs christou apostoloi, alla egenèthèmen nèpioi en mesô umôn. ôs ean trofos thalpè ta eautès tekna,   7 cum possimus oneri esse ut Christi apostoli sed facti sumus lenes in medio vestrum tamquam si nutrix foveat filios suos    7 Maar wij zijn vriendelijk geweest in het midden van u, gelijk als een voedster haar kinderen koestert;   [7] ofschoon wij als apostelen van Christus ons hadden kunnen laten gelden. Maar wij zijn als weerloze kinderen onder u opgetreden, zoals een voedster die haar kinderen koestert.  [7] Hoewel we ons als apostelen van Christus hadden kunnen laten gelden, zijn we u tegemoet getreden met de tederheid van een voedster* die haar kinderen koestert.   7 ¶ terwijl we gewicht in de schaal kónden leggen als apostelen van Christus; maar wij zijn in uw midden zacht opgetreden, als een voedster die haar kinderen koestert.  7. alors que nous pouvions, étant apôtres du Christ, vous faire sentir tout notre poids. Au contraire, nous nous sommes faits tout aimables au milieu de vous. Comme une mère nourrit ses enfants et les entoure de soins,  

King James Bible . [7] But we were gentle among you, even as a nurse cherisheth her children:
Luther-Bibel . 7 Als Apostel von Christus hätte ich meine Autorität hervorkehren können; aber stattdessen war ich sanft und freundlich zu euch, wie eine stillende Mutter zu ihren Kindern.

Tekstuitleg van 1 Tes 2,7 .

1 Tes 2,8 - 1 Tes 2,8 : Paulus’ prediking onder de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,1-16 -- 1 Tes 2,1 - 1 Tes 2,2 - 1 Tes 2,3 - 1 Tes 2,4 - 1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,6 - 1 Tes 2,7 - 1 Tes 2,8 - 1 Tes 2,9 - 1 Tes 2,10 - 1 Tes 2,11 - 1 Tes 2,12 - 1 Tes 2,13 - 1 Tes 2,14 - 1 Tes 2,15 - 1 Tes 2,16 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
8outôs omeiromenoi umôn eudokoumen metadounai umin ou monon to euaggelion tou theou alla kai tas eautôn psuchas, dioti agapètoi èmin egenèthète.   8 ita desiderantes vos cupide volebamus tradere vobis non solum evangelium Dei sed etiam animas nostras quoniam carissimi nobis facti estis    8 Alzo wij, tot u zeer genegen zijnde, hebben u gaarne willen mededelen niet alleen het Evangelie van God, maar ook onze eigen zielen, daarom dat gij ons lief geworden waart.  [8] We waren u zo innig genegen dat wij u graag niet alleen het evangelie van God, maar ook ons eigen leven hadden geschonken; zo lief was u ons geworden.   [8] In die gezindheid, vol liefde voor u, waren we niet alleen bereid u te laten delen in Gods evangelie, maar ook in ons eigen leven. Zo dierbaar was u ons geworden.  8 We waren u zo genegen dat het ons behaagd zou hebben u niet alleen Gods verkondiging te geven, maar ook onze eigen levens; zo lief zijt ge ons geworden.  8. telle était notre tendresse pour vous que nous aurions voulu vous livrer, en même temps que l'Évangile de Dieu, notre propre vie, tant vous nous étiez devenus chers. 

King James Bible . [8] So being affectionately desirous of you, we were willing to have imparted unto you, not the gospel of God only, but also our own souls, because ye were dear unto us.
Luther-Bibel . 8 Ich hatte eine solche Zuneigung zu euch, dass ich bereit war, nicht nur Gottes Gute Nachricht mit euch zu teilen, sondern auch mein eigenes Leben. So lieb hatte ich euch gewonnen.

Tekstuitleg van 1 Tes 2,8 .

10. euaggelion (evangelie) . Verwijzing : euaggelion (evangelie) . Accusatief onzijdig enkelvoud . Een vorm van euaggelion in 1 Tes in zes verzen : (1) 1 Tes 1,5 . (2) 1 Tes 2,2 . (3) 1 Tes 2,4 . (4) 1 Tes 2,8 . (5) 1 Tes 2,9 . (6) 1 Tes 3,2 (dat. onz. enk. euaggeliôi) .

euaggelion (evangelie) bijbel OT NT ev.   Br. Rom 1 Kor  2 Kor  Gal Ef  Fil  Kol  1 Tes  2 Tes  1 Tim  2 Tim Film 1 Pe P.  A.b 
nom. + acc. onz. enk. euaggelion 41   41 8 31         31   
Totaal  76 1 75 12 60 59  

9. - 12. to euaggelion tou theou (de goede boodschap van God) . In vier verzen in het NT : (1) Rom 15,16 . (2) 1 Tes 2,2 . (3) 1 Tes 2,8 . (4) 1 Tes 2,9 .

1 Tes 2,9 - 1 Tes 2,9 : Paulus’ prediking onder de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,1-16 -- 1 Tes 2,1 - 1 Tes 2,2 - 1 Tes 2,3 - 1 Tes 2,4 - 1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,6 - 1 Tes 2,7 - 1 Tes 2,8 - 1 Tes 2,9 - 1 Tes 2,10 - 1 Tes 2,11 - 1 Tes 2,12 - 1 Tes 2,13 - 1 Tes 2,14 - 1 Tes 2,15 - 1 Tes 2,16 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
9mnèmoneuete gar, adelfoi, ton kopon èmôn kai ton mochthon: nuktos kai èmeras ergazomenoi pros to mè epibarèsai tina umôn ekèruxamen eis umas to euaggelion tou theou.   9 memores enim estis fratres laborem nostrum et fatigationem nocte et die operantes ne quem vestrum gravaremus praedicavimus in vobis evangelium Dei     9 Want gij gedenkt, broeders, onzen arbeid en moeite; want nacht en dag werkende, opdat wij niemand onder u zouden lastig zijn, hebben wij het Evangelie van God onder u gepredikt.   [9] U* herinnert zich toch, broeders en zusters, onze moeite en inspanning. Wij hebben u het evangelie van God verkondigd, terwijl we dag en nacht werkten om niemand van u op kosten te jagen.   [9] U herinnert u, broeders en zusters, hoe we ons hebben ingezet en ingespannen, hoe we dag en nacht hebben gewerkt om niemand van u tot last te zijn. Op die manier hebben we u het evangelie van God verkondigd.  9 Want ge herinnert u wel, broeders–en–zusters, onze uitputting en de inspanning. Nacht en dag werkend om niemand van u te bezwaren hebben wij u de verkondiging van God gepredikt.  9. Vous vous souvenez, frères, de nos labeurs et fatigues : de nuit comme de jour, nous travaillions, pour n'être à la charge d'aucun de vous, tandis que nous vous annoncions l'Évangile de Dieu !  

King James Bible . [9] For ye remember, brethren, our labour and travail: for labouring night and day, because we would not be chargeable unto any of you, we preached unto you the gospel of God.
Luther-Bibel . 9 Ihr erinnert euch doch, Brüder und Schwestern, dass ich keine Mühe gescheut habe. Während ich euch Gottes Gute Nachricht verkündete, habe ich Tag und Nacht für meinen Lebensunterhalt gearbeitet, um niemand von euch zur Last zu fallen.

Tekstuitleg van 1 Tes 2,9 .

24. euaggelion (evangelie) . Verwijzing : euaggelion (evangelie) . Accusatief onzijdig enkelvoud . Een vorm van euaggelion in 1 Tes in zes verzen : (1) 1 Tes 1,5 . (2) 1 Tes 2,2 . (3) 1 Tes 2,4 . (4) 1 Tes 2,8 . (5) 1 Tes 2,9 . (6) 1 Tes 3,2 (dat. onz. enk. euaggeliôi) .

euaggelion (evangelie) bijbel OT NT ev.   Br. Rom 1 Kor  2 Kor  Gal Ef  Fil  Kol  1 Tes  2 Tes  1 Tim  2 Tim Film 1 Pe P.  A.b 
nom. + acc. onz. enk. euaggelion 41   41 8 31         31   
Totaal  76 1 75 12 60 59  

23. - 26. to euaggelion tou theou (de goede boodschap van God) . In vier verzen in het NT : (1) Rom 15,16 . (2) 1 Tes 2,2 . (3) 1 Tes 2,8 . (4) 1 Tes 2,9 .

1 Tes 2,10 - 1 Tes 2,10 : Paulus’ prediking onder de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,1-16 -- 1 Tes 2,1 - 1 Tes 2,2 - 1 Tes 2,3 - 1 Tes 2,4 - 1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,6 - 1 Tes 2,7 - 1 Tes 2,8 - 1 Tes 2,9 - 1 Tes 2,10 - 1 Tes 2,11 - 1 Tes 2,12 - 1 Tes 2,13 - 1 Tes 2,14 - 1 Tes 2,15 - 1 Tes 2,16 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
10umeis martures kai o theos, ôs osiôs kai dikaiôs kai amemptôs umin tois pisteuousin egenèthèmen,   10 vos testes estis et Deus quam sancte et iuste et sine querella vobis qui credidistis fuimus    10 Gij zijt getuigen, en God, hoe heilig, en rechtvaardig, en onberispelijk wij u, die gelooft, geweest zijn.   [10] Samen met God kunt u getuigen hoe vroom en rechtschapen en onberispelijk wij ons tegenover u, gelovigen, hebben gedragen.   [10] U kunt getuigen, en God zelf, hoe toegewijd, hoe oprecht en zuiver we bij u, die tot geloof gekomen bent, hebben geleefd.   10 Gij zijt getuigen, en God ook, hoe toegewijd en rechtvaardig en onberispelijk wij bij u die gelooft zijn opgetreden,   10. Vous êtes témoins, et Dieu l'est aussi, combien notre attitude envers vous, les croyants, a été sainte, juste, sans reproche.  

King James Bible . [10] Ye are witnesses, and God also, how holily and justly and unblameably we behaved ourselves among you that believe:
Luther-Bibel . 10 Ich rufe euch selbst und Gott als Zeugen an: Mein Verhalten gegen euch, die ihr die Gute Nachricht annahmt, war gottgefällig, redlich und untadelig.

Tekstuitleg van 1 Tes 2,10 .

1 Tes 2,11 - 1 Tes 2,11 : Paulus’ prediking onder de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,1-16 -- 1 Tes 2,1 - 1 Tes 2,2 - 1 Tes 2,3 - 1 Tes 2,4 - 1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,6 - 1 Tes 2,7 - 1 Tes 2,8 - 1 Tes 2,9 - 1 Tes 2,10 - 1 Tes 2,11 - 1 Tes 2,12 - 1 Tes 2,13 - 1 Tes 2,14 - 1 Tes 2,15 - 1 Tes 2,16 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
11kathaper oidate ôs ena ekaston umôn ôs patèr tekna eautou   11 sicut scitis qualiter unumquemque vestrum tamquam pater filios suos    11 Gelijk gij weet, hoe wij een iegelijk van u, als een vader zijn kinderen, vermaanden en vertroostten,   [11] U weet trouwens dat wij ieder van u hebben vermaand en aangemoedigd, zoals een vader zijn kinderen,   [11] U weet dat we voor ieder van u waren als een vader voor zijn kinderen.   11 zoals ge wel weet hoe wij een ieder van u zoals een vader zijn kinderen  11. Comme un père pour ses enfants, vous le savez, nous vous avons, chacun de vous,  

King James Bible . [11] As ye know how we exhorted and comforted and charged every one of you, as a father doth his children,
Luther-Bibel . 11 Ihr wisst selbst: Ich war zu euch allen, zu jedem und zu jeder, wie ein Vater zu seinen Kindern.

Tekstuitleg van 1 Tes 2,11 .

1 Tes 2,12 - 1 Tes 2,12 : Paulus’ prediking onder de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,1-16 -- 1 Tes 2,1 - 1 Tes 2,2 - 1 Tes 2,3 - 1 Tes 2,4 - 1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,6 - 1 Tes 2,7 - 1 Tes 2,8 - 1 Tes 2,9 - 1 Tes 2,10 - 1 Tes 2,11 - 1 Tes 2,12 - 1 Tes 2,13 - 1 Tes 2,14 - 1 Tes 2,15 - 1 Tes 2,16 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
12 parakalountes humas kai paramuthoumenoi kai marturomenoi eis to peripatein umas axiôs tou theou tou kalountos umas eis tèn eautou basileian kai doxan.   12 deprecantes vos et consolantes testificati sumus ut ambularetis digne Deo qui vocavit vos in suum regnum et gloriam    12 En betuigden, dat gij zoudt wandelen, waardiglijk Gode, Die u roept tot Zijn Koninkrijk en heerlijkheid.   en dat wij u bezworen hebben te leven zoals het past tegenover God, die u roept* tot zijn koninkrijk en zijn heerlijkheid.   [12] We hebben u aangespoord en bemoedigd en u op het hart gedrukt zo te leven dat u God eer bewijst. Hij roept u tot zijn koninkrijk en luister.   12 u hebben bemoedigd en toegesproken en betuigd dat ge moest wandelen waardig aan God die u roept tot zijn eigen koninkrijk en heerlijkheid.   12. exhortés, encouragés, adjurés de mener une vie digne de Dieu qui vous appelle à son Royaume et à sa gloire. 

King James Bible . [12] That ye would walk worthy of God, who hath called you unto his kingdom and glory.
Luther-Bibel . 12 Ich habe euch ermutigt und angespornt und euch beschworen, ein Leben zu führen, das Gott Ehre macht. Er hat euch doch dazu berufen, in seiner neuen Welt zu leben und seine Herrlichkeit mit ihm zu teilen.

Tekstuitleg van . 1 Tes 2,12 . Drie participa praesens nominatief mannelijk meervoud na elkaar .

1. parakalountes ( aansporende ) . Werkwoord parakaleô - ad-vocare ( bij-roepen , ter hulp roepen , troosten , bijstaan , aanbevelen ) . Lat. exhortari . Fr. exhorter . Ned. aansporen ( spoor ) , bemoedigen . deprecari ( preces = gebeden ) : afsmeken .

parakaleô (bijroepen, troosten) bijbel OT NT Mt Mc Lc Joh Hnd Br. Apk syn. ev. 1 Tes.
ind. pr. 1ste p. mv. parakaloumen                    3 : (1) 1 Tes 4,1 . (2) 1 Tes 4,10 . (3) 1 Tes 5,14 .
ind. part. pr.  nom. m. + vr. enk. parakalôn 19 10 9 1 1 1   1 5   3 2 : (1) 1 Tes 4,18 . (2) 1 Tes 5,11 .
ind. part. nom. m. + vr. mv. parakalountes  6 2 4         2 2       1 : 1 Tes 2,12 .
ind. inf. aor. parakalesai  13 7 6 1         5   1 1 : 1 Tes 3,2 .
Er zijn nog andere vormen                         pareklèthèmen : aor. pass. 1ste p. mv. : 1 Tes 3,7 .
Totaal (bij benadering)   150  61  89    17  49    23  23  8

 

1 Tes 2,13 - 1 Tes 2,13 : Paulus’ prediking onder de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,1-16 -- 1 Tes 2,1 - 1 Tes 2,2 - 1 Tes 2,3 - 1 Tes 2,4 - 1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,6 - 1 Tes 2,7 - 1 Tes 2,8 - 1 Tes 2,9 - 1 Tes 2,10 - 1 Tes 2,11 - 1 Tes 2,12 - 1 Tes 2,13 - 1 Tes 2,14 - 1 Tes 2,15 - 1 Tes 2,16 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
13kai dia touto kai èmeis eucharistoumen tô theô adialeiptôs, oti paralabontes logon akoès par èmôn tou theou edexasthe ou logon anthrôpôn alla kathôs estin alèthôs logon theou, os kai energeitai en umin tois pisteuousin.   13 ideo et nos gratias agimus Deo sine intermissione quoniam cum accepissetis a nobis verbum auditus Dei accepistis non ut verbum hominum sed sicut est vere verbum Dei qui operatur in vobis qui credidistis     13 Daarom danken wij ook God zonder ophouden, dat, als gij het Woord der prediking van God van ons ontvangen hebt, gij dat aangenomen hebt, niet als der mensen woord, maar (gelijk het waarlijk is) als Gods Woord, dat ook werkt in u, die gelooft.  [13] En daarom danken wij God dan ook zonder ophouden, omdat u het woord* van God, dat u van ons te horen kreeg, hebt ontvangen en het hebt aanvaard; niet als een woord van mensen, maar als wat het inderdaad is: het woord van God zelf, dat ook werkzaam blijft in u die gelooft.   [13] Wij danken God dan ook onophoudelijk dat u zijn woord, dat u van ons ontvangen hebt, niet hebt aangenomen als een boodschap van mensen, maar als wat het werkelijk is: als het woord van God dat ook werkzaam is in u, die gelooft.   13 ¶ En daarom brengen ook wij God niet aflatend dank, omdat gij, toen u het woord van God van ons hoorde het niet hebt ontvangen als een woord van mensen maar als, wat het waarlijk is, een woord van God, dat ook werkt in u die gelooft.  13. Voilà pourquoi, de notre côté, nous ne cessons de rendre grâces à Dieu de ce que, une fois reçue la parole de Dieu que nous vous faisions entendre, vous l'avez accueillie, non comme une parole d'hommes, mais comme ce qu'elle est réellement, la Parole de Dieu. Et cette parole reste active en vous, les croyants.  

King James Bible . [13] For this cause also thank we God without ceasing, because, when ye received the word of God which ye heard of us, ye received it not as the word of men, but as it is in truth, the word of God, which effectually worketh also in you that believe.
Luther-Bibel . 13 Und auch deswegen danken wir Gott unaufhörlich, dass ihr die Botschaft, die wir euch brachten, als Wort Gottes aufgenommen habt - nicht als Menschenwort, sondern als Wort Gottes, das sie tatsächlich ist! Und als solches erweist sie sich auch wirksam unter euch, die ihr dieser Botschaft glaubt.

Tekstuitleg van 1 Tes 2,13 .

9. adialeiptôs (niet - tussen - laten , on-op-houdelijk) . Verwijzing : adialeiptôs (niet - tussen - laten , on-op-houdelijk) . In negen verzen in de bijbel . OT (5 : in 1 Mak en 2 Mak) . NT (4) : (1) Rom 1,9 . (2) 1 Tes 1,2 . (3) 1 Tes 2,13 . (4) 1 Tes 5,17 . In 1 Tes 1,2 staat dit bijwoord op het einde van de eerste participiumzin bij het hoofdwerkwoord eucharistoumen (wij danken) dat aan het begin van de zin staat . In 1 Tes 2,13 staat het onmiddellijk na eucharistoumen tôi theôi (wij danken God) onophoudelijk . In een reeks van zeven aanbevelingen staat het in 1 Tes 5,17 voor proseuchesthe (bidt) onophoudelijk . In deze drie verzen staat adialeiptôs (onophoudelijk) in het kader van bidden .

1 Tes 2,14 - 1 Tes 2,14 : Paulus’ prediking onder de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,1-16 -- 1 Tes 2,1 - 1 Tes 2,2 - 1 Tes 2,3 - 1 Tes 2,4 - 1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,6 - 1 Tes 2,7 - 1 Tes 2,8 - 1 Tes 2,9 - 1 Tes 2,10 - 1 Tes 2,11 - 1 Tes 2,12 - 1 Tes 2,13 - 1 Tes 2,14 - 1 Tes 2,15 - 1 Tes 2,16 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
14umeis gar mimètai egenèthète, adelfoi, tôn ekklèsiôn tou theou tôn ousôn en tè ioudaia en christô ièsou, oti ta auta epathete kai umeis upo tôn idiôn sumfuletôn kathôs kai autoi upo tôn ioudaiôn,   14 vos enim imitatores facti estis fratres ecclesiarum Dei quae sunt in Iudaea in Christo Iesu quia eadem passi estis et vos a contribulibus vestris sicut et ipsi a Iudaeis    14 Want gij, broeders, zijt navolgers geworden der Gemeenten Gods, die in Judea zijn, in Christus Jezus; dewijl ook gij hetzelfde geleden hebt van uw eigen medeburgers, gelijk als zij van de Joden;  [14] Broeders en zusters, u bent navolgers geworden van de christengemeenten van God in Judea, want van uw eigen landgenoten hebt u hetzelfde moeten verduren als zij van de Joden   [14] Het is u vergaan, broeders en zusters, als Gods gemeenten in Judea die Christus Jezus toebehoren. U hebt even zwaar onder uw stadsgenoten geleden als zij onder de Joden.   14 Want gíj zijt navolgers geworden, broeders–en–zusters, van de vergaderingen van God die er zijn in Judea, in Christus Jezus, omdat ge van de eigen stamgenoten hetzelfde te lijden hebt gekregen als wij, zoals ook zij van de Judeeërs,  14. Car vous vous êtes mis, frères, à imiter les Églises de Dieu dans le Christ Jésus qui sont en Judée : vous avez souffert de la part de vos compatriotes les mêmes traitements qu'ils ont soufferts de la part des Juifs :  

King James Bible . [14] For ye, brethren, became followers of the churches of God which in Judaea are in Christ Jesus: for ye also have suffered like things of your own countrymen, even as they have of the Jews:
Luther-Bibel . 14 Das zeigt sich daran, Brüder und Schwestern, dass es euch ebenso ergangen ist wie den christlichen Gemeinden in Judäa. Ihr habt von euren Landsleuten dasselbe erduldet, was sie von ihren jüdischen Landsleuten erdulden mussten.

Tekstuitleg van 1 Tes 2,14 .

1 Tes 2,15 - 1 Tes 2,15 : Paulus’ prediking onder de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,1-16 -- 1 Tes 2,1 - 1 Tes 2,2 - 1 Tes 2,3 - 1 Tes 2,4 - 1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,6 - 1 Tes 2,7 - 1 Tes 2,8 - 1 Tes 2,9 - 1 Tes 2,10 - 1 Tes 2,11 - 1 Tes 2,12 - 1 Tes 2,13 - 1 Tes 2,14 - 1 Tes 2,15 - 1 Tes 2,16 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
15tôn kai ton kurion apokteinantôn ièsoun kai tous profètas, kai èmas ekdiôxantôn, kai theô mè areskontôn, kai pasin anthrôpois enantiôn, 15 qui et Dominum occiderunt Iesum et prophetas et nos persecuti sunt et Deo non placent et omnibus hominibus adversantur    15 Welke ook gedood hebben den Heere Jezus, en hun eigen profeten; en ons hebben vervolgd, en Gode niet behagen, en allen mensen tegen zijn;   [15] die de Heer Jezus en de profeten hebben gedood en ons hebben vervolgd, die God niet behagen en tegen alle mensen ingaan,   [15] Die hebben de Heer Jezus en de profeten gedood en ons tot het uiterste vervolgd. Ze mishagen God en zijn alle mensen vijandig gezind,   15 die ook de Heer gedood hebben, Jezus, en de profeten, en ons hebben vervolgd en God niet behagen, en tegen alle mensen zijn,   15. ces gens-là ont mis à mort Jésus le Seigneur et les prophètes, ils nous ont persécutés, ils ne plaisent pas à Dieu, ils sont ennemis de tous les hommes 

King James Bible . [15] Who both killed the Lord Jesus, and their own prophets, and have persecuted us; and they please not God, and are contrary to all men:
Luther-Bibel . 15 Diese haben schon Jesus, den Herrn, getötet und ebenso die Propheten, und auch uns haben sie verfolgt. Sie missfallen Gott und sind allen Menschen feindlich gesinnt.

Tekstuitleg van 1 Tes 2,15 .

1 Tes 2,16 - 1 Tes 2,16 : Paulus’ prediking onder de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,1-16 -- 1 Tes 2,1 - 1 Tes 2,2 - 1 Tes 2,3 - 1 Tes 2,4 - 1 Tes 2,5 - 1 Tes 2,6 - 1 Tes 2,7 - 1 Tes 2,8 - 1 Tes 2,9 - 1 Tes 2,10 - 1 Tes 2,11 - 1 Tes 2,12 - 1 Tes 2,13 - 1 Tes 2,14 - 1 Tes 2,15 - 1 Tes 2,16 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
16kôluontôn èmas tois ethnesin lalèsai ina sôthôsin, eis to anaplèrôsai autôn tas amartias pantote. efthasen de ep autous è orgè eis telos.   16 prohibentes nos gentibus loqui ut salvae fiant ut impleant peccata sua semper praevenit autem ira Dei super illos usque in finem     16 En verhinderen ons te spreken tot de heidenen, dat zij zalig mochten worden; opdat zij te allen tijd hun zonden vervullen zouden. En de toorn is over hen gekomen tot het einde.   [16] die ons willen beletten tot de heidenen te spreken, opdat die gered worden; en hierdoor zijn zij voortdurend bezig de maat van hun zonden vol te maken. Maar Gods toorn is dan ook in volle* mate over hen gekomen.   [16] omdat ze ons beletten andere volken bekend te maken hoe ze kunnen worden gered. De maat van hun zonden raakt nu vol, en Gods veroordeling is ten volle over hen gekomen.  16 terwijl zij ons willen verhinderen tot de heidenen te spreken opdat die gered worden,– en zo zijn zij aldoor bezig hun zonden volledig te maken; maar over hén is de Toorn tot een einde gekomen.   16. quand ils nous empêchent de prêcher aux païens pour leur salut, mettant ainsi en tout temps le comble à leur péché ; et elle est tombée sur eux, la colère, pour en finir. 

King James Bible . [16] Forbidding us to speak to the Gentiles that they might be saved, to fill up their sins alway: for the wrath is come upon them to the uttermost.
Luther-Bibel . 16 Denn sie wollen verhindern, dass wir den anderen Völkern die Gute Nachricht verkünden, die sie retten kann. So machen sie fortgesetzt das Maß ihrer Sünden voll. Aber das Strafgericht Gottes hat sie schon in vollem Umfang erreicht.

Tekstuitleg van 1 Tes 2,16 .

14. pantote (al-tijd) . Verwijzing : pantote (al-tijd) .

pantote (al-tijd)  bijbel OT NT ev.  Br. Rom 1 Kor  2 Kor  Gal Ef  Fil  Kol  1 Tes  2 Tes  1 Tim  2 Tim Tit Film Heb Jak 1 Pe 2 Pe 1 Joh 2 Joh  3 Joh  Jud  P. A.b
  40 2 38 10  28                    28  

In 1 Tes in zes verzen of 21,42 % van de 28 verzen in de Br. van Paulus : (1) 1 Tes 1,2 . (2) 1 Tes 2,16 . (3) 1 Tes 3,6 . (4) 1 Tes 4,17 . (5) 1 Tes 5,15 . (6) 1 Tes 5,16 .

1 Tes 2,17-20 . Timoteüs’ bezoek aan de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,17-20 -- 1 Tes 2,16 - 1 Tes 2,17 - 1 Tes 2,18 - 1 Tes 2,19 - 1 Tes 2,20 -

1 Tes 2,17 - 1 Tes 2,17 : Timoteüs’ bezoek aan de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,17-20 -- 1 Tes 2,16 - 1 Tes 2,17 - 1 Tes 2,18 - 1 Tes 2,19 - 1 Tes 2,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
17èmeis de, adelfoi, aporfanisthentes af umôn pros kairon ôras, prosôpô ou kardia, perissoterôs espoudasamen to prosôpon umôn idein en pollè epithumia.  17 nos autem fratres desolati a vobis ad tempus horae aspectu non corde abundantius festinavimus faciem vestram videre cum multo desiderio    17 Maar wij, broeders, van u beroofd geweest zijnde voor een kleine wijle tijds, naar het aangezicht, niet naar het hart, hebben ons te overvloediger benaarstigd, om uw aangezicht te zien, met grote begeerte.  [17] Broeders en zusters, wij waren een tijd lang van u verweesd, maar niet van uw liefde. Wij hebben grote moeite gedaan om u weer te zien; zo vurig was ons verlangen.   [17] Broeders en zusters, nu wij voor korte tijd van u gescheiden zijn bent u weliswaar uit het oog, maar daarom nog niet uit het hart, en omdat we zo naar u verlangden hebben we ons alle moeite gegeven u te zien.   17 ¶ Toen wij, broeders–en–zusters, voor tijdsgewricht in de tijd als verweesden zonder u waren, was u uit het oog maar niet uit het hart, en hebben wij ons des te overvloediger ingezet om uw aanschijn te zien; het verlangen was groot.   17. Et nous, frères, privés de votre compagnie pour un moment, de visage mais non de cœur, nous nous sommes sentis extrêmement pressés de revoir votre visage, tant notre désir était vif.  

King James Bible . [17] But we, brethren, being taken from you for a short time in presence, not in heart, endeavoured the more abundantly to see your face with great desire.
Luther-Bibel . 17 Brüder und Schwestern! Wir sind richtig verwaist, wenn auch nur vorübergehend, seit wir von euch getrennt sind. Wir sind es auch nur äußerlich, nicht in unseren Herzen; aber wir sehnen uns so sehr nach euch, dass wir nach einer Möglichkeit suchten, euch wiederzusehen.

Tekstuitleg van 1 Tes 2,17 .

5. af' (af, van-weg) . Verwijzing : apo (af , van-weg) . Voorzetsel . Vormen van apo (af, van-weg) in 1 Tes . A. apo : (1) 1 Tes 1,9 . (2) 1 Tes 4,3 . (3) 1 Tes 5,22 . B : ap' : (1) 1 Tes 2,6 . (2) 1 Tes 4,16 . C : af' : (1) 1 Tes 1,8 . (2) 1 Tes 2,6 . (3) 1 Tes 2,17 . (4) 1 Tes 3,6 . In volgorde : (1) 1 Tes 1,8 (af') . (2) 1 Tes 1,9 (apo) . (3a) 1 Tes 2,6 (af') . (3b) 1 Tes 2,6 . (ap') . (4) 1 Tes 2,17 (af') . (5) 1 Tes 3,6 (af') . (6) 1 Tes 4,3 (apo) . (7) 1 Tes 4,16 (ap') . (8) 1 Tes 5,22 (apo) .

apo (af, van-weg)  bijbel OT NT ev.  Br. Rom 1 Kor  2 Kor  Gal Ef  Fil  Kol  1 Tes  2 Tes  1 Tim  2 Tim Tit Film Heb Jak 1 Pe 2 Pe 1 Joh 2 Joh  3 Joh  Jud  P.  Ab 
  2984 2544 440 207  115  22  13  16    100  15 
  567  445  122  81  26 2   1 1       2 1         1   1 1 14 2     8 18
  183  141  42  16  19   1 2 1 1   2 4           4 2 1 1         15 4
  3734 3130  604  304  241 24 9 16 8 4 4 8 9 7 3 7 2 1 21 4 4 2 18 2 1 2 123 37

5. - 6. af'humôn (van, vanuit jullie) . In twaalf verzen in het NT : Mt (1) . Joh (1) . Hnd (1) . Br. Paulus (7) . Ap. br. (2) . In vier verzen in 1 Tes : af' : (1) 1 Tes 1,8 . (2) 1 Tes 2,6 . (3) 1 Tes 2,17 . (4) 1 Tes 3,6 .

1 Tes 2,18 - 1 Tes 2,18 : Timoteüs’ bezoek aan de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,17-20 -- 1 Tes 2,16 - 1 Tes 2,17 - 1 Tes 2,18 - 1 Tes 2,19 - 1 Tes 2,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
18dioti èthelèsamen elthein pros umas, egô men paulos kai apax kai dis, kai enekopsen èmas o satanas.  18 quoniam voluimus venire ad vos ego quidem Paulus et semel et iterum et inpedivit nos Satanas     18 Daarom hebben wij tot u willen komen (immers ik Paulus) eenmaal en andermaal, maar de satanas heeft ons belet.   [18] Daarom maakten wij plannen om u te bezoeken; ikzelf, Paulus, zelfs tot tweemaal toe, maar de satan heeft het ons belet.   [18] We stonden dan ook meer dan eens op het punt naar u toe te komen – ik, Paulus, niet in de laatste plaats –, maar Satan heeft het ons belet.  18 Daarom: wij wílden wel tot u komen,– ik, Paulus zelfs één– en andermaal, en het was de satan die het ons belette.   18. Nous avons donc voulu venir jusqu'à vous - moi-même, Paul, à plusieurs reprises -, mais Satan nous en a empêchés. 

King James Bible . [18] Wherefore we would have come unto you, even I Paul, once and again; but Satan hindered us.
Luther-Bibel . 18 Wir hatten die feste Absicht, zu euch zu kommen. Ich, Paulus, versuchte es mehrere Male; aber der Satan hinderte uns daran.

Tekstuitleg van 1 Tes 2,18 .

1 Tes 2,19 - 1 Tes 2,19 : Timoteüs’ bezoek aan de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,17-20 -- 1 Tes 2,16 - 1 Tes 2,17 - 1 Tes 2,18 - 1 Tes 2,19 - 1 Tes 2,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
19tis gar èmôn elpis è chara è stefanos kauchèseôs è ouchi kai umeis emprosthen tou kuriou èmôn ièsou en tè autou parousia;  19 quae est enim nostra spes aut gaudium aut corona gloriae nonne vos ante Dominum nostrum Iesum estis in adventu eius     19 Want welke is onze hoop, of blijdschap, of kroon des roems? Zijt gij die ook niet voor onzen Heere Jezus Christus in Zijn toekomst?   [19] Wie anders is onze hoop of onze vreugde of de zegekrans waarop we ons kunnen beroemen, wanneer wij staan voor onze Heer Jezus bij zijn komst*, wie anders dan u?   [19] Want wie is onze hoop en vreugde? Wie is onze erekrans wanneer we voor Jezus, onze Heer, staan bij zijn komst? Wie anders dan u?   19 Want wie is onze hoop, of vreugde of kroon waarop wij ons beroemen, anders dan óók gíj, tegenover onze Heer Jezus bij zijn komst?  19. Quelle est en effet notre espérance, notre joie, la couronne dont nous serons fiers, si ce n'est vous, en présence de notre Seigneur Jésus lors de son Avènement ?  

King James Bible . [19] For what is our hope, or joy, or crown of rejoicing? Are not even ye in the presence of our Lord Jesus Christ at his coming?
Luther-Bibel . 19 Ihr seid doch unsere Hoffnung und unsere Freude und unser Siegeskranz, auf den wir stolz sein können, wenn Jesus, unser Herr, kommt. Ja, gerade auch ihr!

Tekstuitleg van 1 Tes 2,19 .

1 Tes 2,20 - 1 Tes 2,20 : Timoteüs’ bezoek aan de Tessalonicenzen - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 1 Tes (Tessalonica) -- 1 Tes 2 -- 1 Tes 2,17-20 -- 1 Tes 2,16 - 1 Tes 2,17 - 1 Tes 2,18 - 1 Tes 2,19 - 1 Tes 2,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
20umeis gar este è doxa èmôn kai è chara.  20 vos enim estis gloria nostra et gaudium     20 Want gij zijt onze heerlijkheid en blijdschap.   [20] Ja, u bent onze roem en onze vreugde.  [20] Ja, u bent onze eer en vreugde.   20 Want gíj zijt onze glorie en vreugde.   20. Oui, c'est bien vous qui êtes notre gloire et notre joie.  

King James Bible . [20] For ye are our glory and joy.
Luther-Bibel . 20 Ihr seid doch unsere Ehre und unsere Freude!

Tekstuitleg van 1 Tes 2,20 .


1autoi gar oidate, adelfoi, tèn eisodon èmôn tèn pros umas oti ou kenè gegonen, 2alla propathontes kai ubristhentes kathôs oidate en filippois eparrèsiasametha en tô theô èmôn lalèsai pros umas to euaggelion tou theou en pollô agôni. 3è gar paraklèsis èmôn ouk ek planès oude ex akatharsias oude en dolô, 4alla kathôs dedokimasmetha upo tou theou pisteuthènai to euaggelion outôs laloumen, ouch ôs anthrôpois areskontes alla theô tô dokimazonti tas kardias èmôn. 5oute gar pote en logô kolakeias egenèthèmen, kathôs oidate, oute en profasei pleonexias, theos martus, 6oute zètountes ex anthrôpôn doxan, oute af umôn oute ap allôn, 7dunamenoi en barei einai ôs christou apostoloi, alla egenèthèmen nèpioi en mesô umôn. ôs ean trofos thalpè ta eautès tekna, 8outôs omeiromenoi umôn eudokoumen metadounai umin ou monon to euaggelion tou theou alla kai tas eautôn psuchas, dioti agapètoi èmin egenèthète. 9mnèmoneuete gar, adelfoi, ton kopon èmôn kai ton mochthon: nuktos kai èmeras ergazomenoi pros to mè epibarèsai tina umôn ekèruxamen eis umas to euaggelion tou theou. 10umeis martures kai o theos, ôs osiôs kai dikaiôs kai amemptôs umin tois pisteuousin egenèthèmen, 11kathaper oidate ôs ena ekaston umôn ôs patèr tekna eautou 12parakalountes umas kai paramuthoumenoi kai marturomenoi eis to peripatein umas axiôs tou theou tou kalountos umas eis tèn eautou basileian kai doxan. 13kai dia touto kai èmeis eucharistoumen tô theô adialeiptôs, oti paralabontes logon akoès par èmôn tou theou edexasthe ou logon anthrôpôn alla kathôs estin alèthôs logon theou, os kai energeitai en umin tois pisteuousin. 14umeis gar mimètai egenèthète, adelfoi, tôn ekklèsiôn tou theou tôn ousôn en tè ioudaia en christô ièsou, oti ta auta epathete kai umeis upo tôn idiôn sumfuletôn kathôs kai autoi upo tôn ioudaiôn, 15tôn kai ton kurion apokteinantôn ièsoun kai tous profètas, kai èmas ekdiôxantôn, kai theô mè areskontôn, kai pasin anthrôpois enantiôn, 16kôluontôn èmas tois ethnesin lalèsai ina sôthôsin, eis to anaplèrôsai autôn tas amartias pantote. efthasen de ep autous è orgè eis telos. 17èmeis de, adelfoi, aporfanisthentes af umôn pros kairon ôras, prosôpô ou kardia, perissoterôs espoudasamen to prosôpon umôn idein en pollè epithumia. 18dioti èthelèsamen elthein pros umas, egô men paulos kai apax kai dis, kai enekopsen èmas o satanas. 19tis gar èmôn elpis è chara è stefanos kauchèseôs è ouchi kai umeis emprosthen tou kuriou èmôn ièsou en tè autou parousia; 20umeis gar este è doxa èmôn kai è chara.


1 nam ipsi scitis fratres introitum nostrum ad vos quia non inanis fuit 2 sed ante passi et contumeliis affecti sicut scitis in Philippis fiduciam habuimus in Deo nostro loqui ad vos evangelium Dei in multa sollicitudine 3 exhortatio enim nostra non de errore neque de inmunditia neque in dolo 4 sed sicut probati sumus a Deo ut crederetur nobis evangelium ita loquimur non quasi hominibus placentes sed Deo qui probat corda nostra 5 neque enim aliquando fuimus in sermone adulationis sicut scitis neque in occasione avaritiae Deus testis est 6 nec quaerentes ab hominibus gloriam neque a vobis neque ab aliis 7 cum possimus oneri esse ut Christi apostoli sed facti sumus lenes in medio vestrum tamquam si nutrix foveat filios suos 8 ita desiderantes vos cupide volebamus tradere vobis non solum evangelium Dei sed etiam animas nostras quoniam carissimi nobis facti estis 9 memores enim estis fratres laborem nostrum et fatigationem nocte et die operantes ne quem vestrum gravaremus praedicavimus in vobis evangelium Dei 10 vos testes estis et Deus quam sancte et iuste et sine querella vobis qui credidistis fuimus 11 sicut scitis qualiter unumquemque vestrum tamquam pater filios suos 12 deprecantes vos et consolantes testificati sumus ut ambularetis digne Deo qui vocavit vos in suum regnum et gloriam 13 ideo et nos gratias agimus Deo sine intermissione quoniam cum accepissetis a nobis verbum auditus Dei accepistis non ut verbum hominum sed sicut est vere verbum Dei qui operatur in vobis qui credidistis 14 vos enim imitatores facti estis fratres ecclesiarum Dei quae sunt in Iudaea in Christo Iesu quia eadem passi estis et vos a contribulibus vestris sicut et ipsi a Iudaeis 15 qui et Dominum occiderunt Iesum et prophetas et nos persecuti sunt et Deo non placent et omnibus hominibus adversantur 16 prohibentes nos gentibus loqui ut salvae fiant ut impleant peccata sua semper praevenit autem ira Dei super illos usque in finem 17 nos autem fratres desolati a vobis ad tempus horae aspectu non corde abundantius festinavimus faciem vestram videre cum multo desiderio 18 quoniam voluimus venire ad vos ego quidem Paulus et semel et iterum et inpedivit nos Satanas 19 quae est enim nostra spes aut gaudium aut corona gloriae nonne vos ante Dominum nostrum Iesum estis in adventu eius 20 vos enim estis gloria nostra et gaudium