- Bibliografie
- Literatuur
- Liturgisch
gebruik - Overzicht
bijbelboeken - Overzicht
van de bibliografie van de bijbelboeken - Overzicht
van deze website -
Bijbeluitleg per hoofdstuk : Tit
1 , Tit 2 , Tit
3 ,
Bijbeluitleg per pericope
Tekstuitleg vers per vers : - Tit
1,1 - Tit
1,2 - Tit
1,3 - Tit
1,4 - Tit
1,5 - Tit
1,6 - Tit
1,7 - Tit
1,8 - Tit
1,9 - Tit
1,10 - Tit
1,11 - Tit
1,12 - Tit
1,13 - Tit
1,14 - Tit
1,15 - Tit
1,16 -
WEDERKERIGHEID (DIVERSITEIT - VICE VERSA)
websitenaam : http://users.telenet.be/arseen.de.kesel/
en http://www.bijbelleerhuis.be
(zie bijbel)
. WEBLOG : BIJBELLEERHUIS
Nieuwe website : http://www.interlevensbeschouwelijk.be/index.htm
- STARTPAGINA - AGENDA - BIJ
DE HAND - NIEUW
- OVERZICHT
- TIJDSCHRIFTEN
-
ALFABETISCH OVERZICHT VAN THEMA'S EN WEBSITES :
JAARTAL - A - B
- C - D
- E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X
-Y - Z
HOOFDTHEMA'S :
allochtonen , armoede , bahá'í
, bijbel , bijbel en koran ,
boeddhisme ,
christendom ,
extreemrechts
( Vlaams Blok
) , fundamentalisme
, globalisering en antiglobalisering
, hindoeïsme
, interlevensbeschouwelijke
dialoog , interreligieuze
meditatie , islam , jodendom
, levensbeschouwing
, levensbeschouwing / godsdienst
en onderwijs , migratie , racisme , samenleving ,
sikhisme , NIEUWE
RUBRIEK : SPIRITUALITEIT
, tewerkstelling
van allochtonen , vluchtelingen
en asielzoekers , vrijzinnigheid
, witte scholen , multiculturele
scholen en concentratiescholen ,
- Eigen-zinnige
beschouwingen - Het
kleine of grote ongenoegen -
|
Woordenschat
Bibliografie
Literatuur
Liturgisch gebruik
Overzicht bijbelboeken
:
OT : Gn
(Genesis ) , Ex
(Exodus) , Lv (Leviticus)
, Nu (Numeri) ,
Dt (Deuteronomium)
, Joz (Jozua)
, Re (Rechters)
, Rt (Ruth) , 1
S (1 Samuël) , 2
S (2 Samuël) , 1
K (1 Koningen) , 2
K (2 Koningen) , 1
Kr ( 1 Kronieken) , 2
Kr (2 Kronieken) , Ezr
(Ezra) , Neh (Nehemia)
, Tob (Tobia)
, Jdt (Judith)
, Est (Esther)
, 1 Mak (1 Makkabeeën)
, 2 Mak (2 Makkabeeën)
, Job , Ps
(Psalmen ) , Spr
(Spreuken) , Pr
(Prediker) , Hl
(Hooglied) , W (Wijsheid)
, Sir (Sirach)
, Js (Jesaja) ,
Jr (Jeremia) ,
Kl (Klaagliederen)
, Bar (Baruch)
, Ez (Ezechiël)
, Da (Daniël)
, Hos (Hosea)
, Jl (Joël)
, Am (Amos) , Ob
(Obadja) , Jon
(Jona) , Mi (Micha)
, Nah (Nahum)
, Hab (Habakuk)
, Sef (Sefanja)
, Hag (Haggai)
, Zach (Zacharia)
, Mal (Maleachi)
.
- NT : Mt
(Matteüs) - Mc
(Marcus) - Lc
(Lucas) - Joh
(Johannes) - Hnd
(Handelingen) , Rom
(Rome) , 1 Kor
(Korinte) , 2 Kor
(Korinte) , Gal
(Galatië) , Ef
(Efese) , Fil
(Filippi) , Kol
(Kolosse) , 1 Tes
(Tessalonika) , 2
Tes (Tessalonika) , 1
Tim (Timoteüs) , 2
Tim (Timoteüs) , Tit
(Titus) , Film
(Filemon) , Heb
(Hebreeën) , Jak
(Jakobus) , 1 Pe
(Petrus) , 2 Pe
(Petrus) , 1 Joh
(Johannes) , 2 Joh
(Johannes) , 2 Joh
(Johannes) , Jud
(Judas) , Apk
(Apokalyps) .
Overzicht van de
bibliografie van de bijbelboeken :
bibliografie
van het Oude Testament - bibliografie
Matteüsevangelie - bibliografie
Marcusevangelie - bibliografie
Lucasevangelie - bibliografie
van het Johannesevangelie - bibliografie van het
Nieuwe Testament (behalve evangeliën)
Tit 1,1-4 : Schrijver, lezer, groet : Tit
1,1-4 -- Tit 1
-- verwijzingen
-- Tit 1,1
- Tit 1,2
- Tit 1,3
- Tit 1,4
-
| Tit 1,1 - Tit
1,1 : Schrijver, lezer, groet : Tit
1,1-4 -- Tit
1 -- verwijzingen
-- Tit
1,1 - Tit
1,2 - Tit
1,3 - Tit
1,4 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
|
|
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
|
| |
1 Paulus servus Dei apostolus autem Iesu Christi
secundum fidem electorum Dei et agnitionem veritatis quae secundum
pietatem est |
|
|
[1] Van* Paulus, dienstknecht van God en apostel van Jezus Christus
om Gods uitverkorenen te brengen tot het geloof en de kennis van de
ware godsdienst, |
1] Van Paulus, dienaar van God, apostel van Jezus
Christus, met de opdracht om Gods uitverkorenen tot geloof te brengen
en tot de kennis van de ware vroomheid, |
1 ¶ Paulus, dienaar van God en apostel van
Jezus Christus ter wille van het geloof bij de uitverkorenen van God
en de kennis van de waarheid waarnaar godsvrucht zoekt, |
|
|
| Tit 1,2 - Tit
1,2 : Schrijver, lezer, groet : Tit
1,1-4 -- Tit
1 -- verwijzingen
-- Tit
1,1 - Tit
1,2 - Tit
1,3 - Tit
1,4 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
|
|
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
|
| |
2 in spem vitae aeternae quam promisit qui non
mentitur Deus ante tempora saecularia |
|
|
[2] in de hoop op het eeuwig leven. Al lang geleden
heeft God, die niet liegt, dat leven beloofd* |
[2] die hoop geeft op het eeuwige leven dat God,
die niet liegt, vóór alle tijden heeft beloofd. |
2 op hoop van eeuwig leven, dat God, die niet liegt,
eeuwige tijden tevoren heeft aangekondigd |
|
|
| Tit 1,3 - Tit
1,3 : Schrijver, lezer, groet : Tit
1,1-4 -- Tit
1 -- verwijzingen
-- Tit
1,1 - Tit
1,2 - Tit
1,3 - Tit
1,4 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
|
|
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
|
| |
3 manifestavit autem temporibus suis verbum suum
in praedicatione quae credita est mihi secundum praeceptum salvatoris
nostri Dei |
|
|
[3] en nu, op de vastgestelde tijd, heeft Hij zijn
woord openbaar gemaakt in de verkondiging die mij is toevertrouwd
door een opdracht van God, onze redder*. |
[3] Hij heeft de tijd bepaald waarop zijn woord
door de verkondiging bekendgemaakt werd, en deze verkondiging is mij
nu in opdracht van God, onze redder, toevertrouwd. |
3 en nu in hem eigen tijden aan het licht heeft
gebracht: zijn spreken in de prediking die mij is toevertrouwd in
opdracht van onze redder, God,– |
|
|
| Tit 1,4 - Tit
1,4 : Schrijver, lezer, groet : Tit
1,1-4 -- Tit
1 -- verwijzingen
-- Tit
1,1 - Tit
1,2 - Tit
1,3 - Tit
1,4 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
|
|
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
|
| |
4 Tito dilecto filio secundum communem fidem gratia
et pax a Deo Patre et Christo Iesu salvatore nostro |
|
|
[4] Paulus aan Titus*, zijn wettig kind in het
gemeenschappelijk geloof: genade en vrede van God de Vader en Christus
Jezus onze redder! |
[4] Aan Titus, mijn waarachtig kind in ons gemeenschappelijk
geloof. Genade en vrede van God, de Vader, en van Christus Jezus,
onze redder! |
4 aan Titus, in het geloof dat wij gemeenschappelijk
hebben mijn zelfverwekte kind: genade en vrede van onze God de Vader
en Christus Jezus, onze redder! |
|
|
7. - 18. charis humin kai eirènè apo Theou patros hèmôn
kai apo kuriou Ièsou Christou (Genade zij u en vrede vanwege God onze
vader en vanwege onze Heer Jezus Christus) . In tien verzen in de brieven van
Paulus : (1) Rom
1,7 . (2) 1
Kor 1,3 . (3) 2
Kor 1,2 . (4) Gal
1,3 . (5) Ef
1,2 . (6) Fil
1,2 . (7) Kol
1,2 . (8) 1
Tes 1,1 . (9) 2
Tes 1,2 . (10) Film3
. Met deze begroeting opent Paulus een brief . In de pastorale brieven vinden
we een variante van deze formulering : (1) 1
Tim 1,2 . (2) 2
Tim 1,2 . (3) Tit
1,4 .
Tit 1,5-9 : De oudsten : Tit
1,5-9 -- Tit 1
-- verwijzingen
-- Tit 1,5
- Tit 1,6
- Tit 1,7
- Tit 1,8
- Tit 1,9
-
| Tit 1,5 - Tit
1,5 : De oudsten : Tit
1,5-9 -- Tit
1 -- verwijzingen
-- Tit
1,5 - Tit
1,6 - Tit
1,7 - Tit
1,8 - Tit
1,9 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
|
|
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
|
| kai katastèsèis kata polin presbuterous
|
5 huius rei gratia reliqui te Cretae ut ea quae
desunt corrigas et constituas per civitates presbyteros sicut ego
tibi disposui |
|
|
De oudsten
[5] Ik heb u op Kreta achtergelaten met de bedoeling dat u de resterende
zaken zou regelen door in elke stad oudsten* aan te stellen, volgens
de richtlijnen die ik u heb gegeven: |
[5] Ik heb je op Kreta achtergelaten om, volgens
mijn richtlijnen, de resterende zaken te regelen en in elke stad oudsten
aan te stellen: |
5 ¶ Omwille daarvan heb ik je op Kreta achtergelaten
dat je in orde zult maken wat is blijven liggen, en per stad oudsten
zult aanstellen zoals ik je heb opgedragen: |
|
|
15. presbuterous (oudsten) . Accusatief mannelijk meervoud . Tit
1,5 : kai katastèsèis kata polin presbuterous = en dat je
per stad oudsten zoudt aanstellen . In een brief aan Titus herinnert Paulus
Titus eraan om op Kreta per stad oudsten aan te stellen . Hnd
14,23 : chierotonèsantes de autois kat'ekklèsian presbuterous
, proseuxamenoi meta nèsteiôn = (nadat zij echter over hen per
kerk oudsten hadden aangesteld, nadat zij gebeden hadden met vasten ... (bij
de aanstelling van oudsten per kerk in Lystra, Ikonium en Antiochië van
Pisidië) .
| Tit 1,6 - Tit
1,6 : De oudsten : Tit
1,5-9 -- Tit
1 -- verwijzingen
-- Tit
1,5 - Tit
1,6 - Tit
1,7 - Tit
1,8 - Tit
1,9 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
|
|
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
|
| |
6 si quis sine crimine est unius uxoris vir filios
habens fideles non in accusatione luxuriae aut non subditos |
|
|
[6] ze moeten onberispelijk zijn, het moeten mannen*
zijn van één vrouw, ze moeten kinderen hebben die gelovig
zijn en niet in opspraak zijn geraakt wegens losbandigheid of tuchteloosheid. |
[6] onberispelijke mannen, die maar één
vrouw hebben, en gelovige kinderen die niet kunnen worden beschuldigd
van schandelijk gedrag en ongehoorzaamheid. |
6 ¶ iemand van onbesproken gedrag, die de
man is van één vrouw, kinderen heeft die geloven en
er niet van te beschuldigen is dat hij als een ongeredde leeft of
zich niet kan onderschikken |
|
|
| Tit 1,7 - Tit
1,7 : De oudsten : Tit
1,5-9 -- Tit
1 -- verwijzingen
-- Tit
1,5 - Tit
1,6 - Tit
1,7 - Tit
1,8 - Tit
1,9 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
|
|
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
|
| |
7 oportet enim episcopum sine crimine esse sicut
Dei dispensatorem non superbum non iracundum non vinolentum non percussorem
non turpilucri cupidum |
|
|
[7] Want de leider* van de gemeente moet als beheerder
van Gods huis onberispelijk zijn, niet arrogant, niet driftig, niet
aan de wijn verslaafd, niet vechtlustig, niet geldgierig, |
[7] Een opziener moet als beheerder van Gods huis
onberispelijk zijn: hij mag niet eigenzinnig optreden, niet driftig
zijn, niet te veel drinken, niet gewelddadig zijn en niet hebzuchtig; |
. 7 Want de opziener moet als huismeester van God
van onbesproken gedrag zijn, niet zelfingenomen, niet driftig, niet
verslaafd aan wijn, niet iemand die slaat, niet belust op vuil gewin, |
|
|
| Tit 1,8 - Tit
1,8 : De oudsten : Tit
1,5-9 -- Tit
1 -- verwijzingen
-- Tit
1,5 - Tit
1,6 - Tit
1,7 - Tit
1,8 - Tit
1,9 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
|
|
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
|
| |
8 sed hospitalem benignum sobrium iustum sanctum
continentem |
|
|
[8] maar gastvrij, deugdzaam, bezonnen, rechtvaardig,
vroom, ingetogen: |
[8] hij moet juist gastvrij zijn, goedwillend,
bezonnen, rechtvaardig, toegewijd en beheerst. |
8 maar iemand met liefde voor de vreemdeling, liefde
voor het goede, bezonnen, rechtvaardig, vroom, beheerst: |
|
|
| Tit 1,9 - Tit
1,9 : De oudsten : Tit
1,5-9 -- Tit
1 -- verwijzingen
-- Tit
1,5 - Tit
1,6 - Tit
1,7 - Tit
1,8 - Tit
1,9 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
|
|
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
|
| |
9 amplectentem eum qui secundum doctrinam est fidelem
sermonem ut potens sit et exhortari in doctrina sana et eos qui contradicunt
arguere |
|
|
[9] hij moet zich houden aan het betrouwbare woord
van het onderricht, zodat hij in staat is om de gemeente met de gezonde
leer aan te moedigen en tegensprekers te weerleggen. |
[9] En hij moet zich houden aan de betrouwbare
boodschap die in overeenstemming is met de leer, zodat hij in staat
is om anderen met heilzaam onderricht te bemoedigen en dwarsliggers
terecht te wijzen. |
9 iemand die zich houdt aan het betrouwbare woord
waarin hij onderricht is, opdat hij bij machte zal zijn met de gezonde
leer anderen te bemoedigen en de tegensprekers te weerleggen. |
|
|
Tit 1,10-16 : De dwaalleraars : Tit
1,10-16 -- Tit 1
-- verwijzingen
-- Tit
1,10 - Tit
1,11 - Tit
1,12 - Tit
1,13 - Tit
1,14 - Tit
1,15 - Tit
1,16 -
| Tit 1,10 - Tit
1,10 : De dwaalleraars : Tit
1,10-16 -- Tit
1 -- verwijzingen
-- Tit
1,10 - Tit
1,11 - Tit
1,12 - Tit
1,13 - Tit
1,14 - Tit
1,15 - Tit
1,16 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
|
|
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
|
| |
10 sunt enim multi et inoboedientes vaniloqui et
seductores maxime qui de circumcisione sunt |
|
|
[10] Want er zijn er heel wat die zich niets laten gezeggen, praatjesmakers
die anderen het hoofd op hol brengen, vooral onder de besnedenen. |
[10] Want er zijn veel ongehoorzame mensen, praatjesmakers
en bedriegers, vooral onder Joodse gelovigen. |
10 Want er zijn veel mensen die zich niet kunnen
onderschikken: holle praters en hoofd–op–hol–brengers,
vooral zij uit de besnijdenis; |
|
|
| Tit 1,11 - Tit
1,11 : De dwaalleraars : Tit
1,10-16 -- Tit
1 -- verwijzingen
-- Tit
1,10 - Tit
1,11 - Tit
1,12 - Tit
1,13 - Tit
1,14 - Tit
1,15 - Tit
1,16 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
|
|
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
|
| |
11 quos oportet redargui qui universas domos subvertunt
docentes quae non oportet turpis lucri gratia |
|
|
[11] Men moet hun de mond snoeren: zij richten
hele families te gronde door uit winstbejag onfatsoenlijke dingen
te leren. |
[11] Hun moet de mond worden gesnoerd; ze richten
hele families te gronde door uit schandelijk winstbejag de verkeerde
dingen te onderwijzen. |
11 hun moet men de mond snoeren die hele huishoudens
ondersteboven keren door dingen te onderrichten die helemaal niet
móeten, enkel omwille van vuil gewin! |
|
|
| Tit 1,12 - Tit
1,12 : De dwaalleraars : Tit
1,10-16 -- Tit
1 -- verwijzingen
-- Tit
1,10 - Tit
1,11 - Tit
1,12 - Tit
1,13 - Tit
1,14 - Tit
1,15 - Tit
1,16 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
|
|
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
|
| |
12 dixit quidam ex illis proprius ipsorum propheta
Cretenses semper mendaces malae bestiae ventres pigri |
|
|
[12] Een van hen, nog wel hun eigen profeet*, heeft
gezegd: ‘Kretenzers zijn onverbeterlijke leugenaars, gemene
beesten, vadsige buiken.’ |
[12] Een van hun eigen profeten, zelf een Kretenzer,
heeft gezegd: ‘Kretenzers zijn onverbeterlijke leugenaars, gemene
beesten, vadsige vreters.’ |
12 Gezegd heeft iemand van hen, een eigen profeet
uit hun midden: ‘Kretenzers zijn altijd leugenaars, kwade beesten,
vadsige buiken!’ |
|
|
| Tit 1,13 - Tit
1,13 : De dwaalleraars : Tit
1,10-16 -- Tit
1 -- verwijzingen
-- Tit
1,10 - Tit
1,11 - Tit
1,12 - Tit
1,13 - Tit
1,14 - Tit
1,15 - Tit
1,16 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
|
|
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
|
| |
13 testimonium hoc verum est quam ob causam increpa
illos dure ut sani sint in fide |
|
|
[13] Dit is een waar getuigenis. U moet hen daarom
scherp terechtwijzen, zodat hun geloof* weer gezond wordt, |
[13] Dát is pas een waar woord! Wijs hen
daarom streng terecht, zodat ze een heilzaam geloof krijgen, |
13 Dit getuigenis is wáár; weerleg
hen kortweg om die reden, opdat ze gezond worden in het geloof…
|
|
|
| Tit 1,14 - Tit
1,14 : De dwaalleraars : Tit
1,10-16 -- Tit
1 -- verwijzingen
-- Tit
1,10 - Tit
1,11 - Tit
1,12 - Tit
1,13 - Tit
1,14 - Tit
1,15 - Tit
1,16 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
|
|
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
|
| |
14 non intendentes iudaicis fabulis et mandatis
hominum aversantium se a veritate |
|
|
[14] en* zij zich niet langer bezighouden met Joodse
mythen en voorschriften van mensen die de waarheid de rug toekeren. |
[14] zich niet langer interesseren voor Joodse verzinsels
en zich geen regels laten opleggen door mensen die zich van de waarheid
hebben afgekeerd. |
14 en zich niet bezighouden met Judese fabels en
geboden van mensen die zich van de waarheid afkeren. |
|
|
| Tit 1,15 - Tit
1,15 : De dwaalleraars : Tit
1,10-16 -- Tit
1 -- verwijzingen
-- Tit
1,10 - Tit
1,11 - Tit
1,12 - Tit
1,13 - Tit
1,14 - Tit
1,15 - Tit
1,16 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
|
|
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
|
| |
15 omnia munda mundis coinquinatis autem et infidelibus
nihil mundum sed inquinatae sunt eorum et mens et conscientia |
|
|
[15] ‘Alles* is rein voor de reinen.’ Ongetwijfeld, maar
voor hen die besmet en onbetrouwbaar zijn, is niets rein, want ook
hun verstand en geweten is bedorven. |
[15] Voor wie rein zijn, is alles rein; maar voor
wie bezoedeld en ongelovig zijn, is niets rein, want zowel hun verstand
als hun geweten is bezoedeld. |
15 Alles is rein voor wie rein zijn, maar voor
wie besmet en ongelovig zijn is nooit iets rein, nee, bij hen is én
het denken én het geweten besmet! |
|
|
| Tit 1,16 - Tit
1,16 : De dwaalleraars : Tit
1,10-16 -- Tit
1 -- verwijzingen
-- Tit
1,10 - Tit
1,11 - Tit
1,12 - Tit
1,13 - Tit
1,14 - Tit
1,15 - Tit
1,16 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
|
|
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
|
| |
16 confitentur se nosse Deum factis autem negant
cum sunt abominati et incredibiles et ad omne opus bonum reprobi |
|
|
[16] Zij beweren God te kennen maar verloochenen
Hem met hun daden – afschuwelijke mensen als zij zijn, onhandelbaar,
tot niets goeds in staat. |
[16] Ze belijden dat ze God kennen, maar hun daden
weerspreken dat. Weerzinwekkend zijn ze, onwillig en niet in staat
tot ook maar iets goeds. |
16 Zij belijden God te kennen, maar verloochenen
hem met hun werken, afschuwelijke mensen als zij zijn, die niet kunnen
luisteren en voor alle goed werk ongeschikt zijn |
|
|