BIJBELBOEK TWEEDE BOEK KONINGEN - 2 K -- 2 K 23 -
- bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -

Overzicht van Tenach : Tenach : overzicht , Tenach : taalgebruik - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , Tenach : commentaar ,
Overzicht van Septuaginta
: Septuaginta : overzicht , Septuaginta : taalgebruik - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , Septuaginta : commentaar ,

Overzicht van 2 Koningen : - 2 K 1 - 2 K 2 - 2 K 3 - 2 K 4 - 2 K 5 - 2 K 6 - 2 K 7 - 2 K 8 - 2 K 9 - 2 K 10 - 2 K 11 - 2 K 12 - 2 K 13 - 2 K 14 - 2 K 15 - 2 K 16 - 2 K 17 - 2 K 18 - 2 K 19 - 2 K 20 - 2 K 21 - 2 K 22 - 2 K 23 - 2 K 24 - 2 K 25
Bijbeluitleg - 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 - 2 K 23,28 - 2 K 23,29 - 2 K 23,30 - 2 K 23,31 - 2 K 23,32 - 2 K 23,33 - 2 K 23,34 - 2 K 23,35 - 2 K 23,36 - 2 K 23,37 -

() 2 K 23,1 . () 2 K 23,2 . () 2 K 23,3 . () 2 K 23,4 . () 2 K 23,5 . () 2 K 23,6 . () 2 K 23,7 . () 2 K 23,8 . () 2 K 23,9 . () 2 K 23,10 . () 2 K 23,11 . () 2 K 23,12 . () 2 K 23,13 . () 2 K 23,14 . () 2 K 23,15 . () 2 K 23,16 . () 2 K 23,17 . () 2 K 23,18 . () 2 K 23,19 . () 2 K 23,20 . () 2 K 23,21 . () 2 K 23,22 . () 2 K 23,23 . () 2 K 23,24 . () 2 K 23,25 . () 2 K 23,26 . () 2 K 23,27 . () 2 K 23,28 . () 2 K 23,29 . () 2 K 23,30 . () 2 K 23,31 . () 2 K 23,32 . () 2 K 23,33 . () 2 K 23,34 . () 2 K 23,35 . () 2 K 23,36 . () 2 K 23,37 .

Overzicht van 2 Koningen : 2 Koningen : overzicht , 2 Koningen : taalgebruik - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , 2 Koningen : commentaar ,


Religie.opzijnbest.nl
ZOEKEN OP DEZE WEBSITE
PicoSearch
  Hulp
Verzorgd door PicoSearch
     
 
             
1. LXX , Griekse tekst N.T.   2. Vulgata   3. Synopsis Denaux - Vervenne  4. Statenvertaling   5. Willibrordvertaling   6. Nieuwe Vertaling   7. Naardense vertaling , zie
8. Bible de Jérusalem 9. Statenvertaling   10. King James Bible   - King James Bible 11. Luther-Bibel    

WEDERKERIGHEID (DIVERSITEIT - VICE VERSA) . Meer info : Arseen De Kesel . Email: arseen.de.kesel@pandora.be .
websitenamen : http://users.telenet.be/arseen.de.kesel/ en http://www.interlevensbeschouwelijk.be/index.htm
- STARTPAGINA - AGENDA - BIJ DE HAND - NIEUW - OVERZICHT -  TIJDSCHRIFTEN -
ALFABETISCH OVERZICHT VAN THEMA'S EN WEBSITES :
- A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z
HOOFDTHEMA'S : allochtonen , armoede , bahá'í ,  bezinningsteksten , bijbel , bijbel en koran , boeddhisme , christendom , extreemrechts ( Vlaams Blok ) , fundamentalisme , globalisering en antiglobalisering ,  hindoeïsme , interlevensbeschouwelijke dialoog , interreligieuze meditatie , islam , jodendom , koran , levensbeschouwing , levensbeschouwing / godsdienst en onderwijs , racisme , samenleving , sikhisme , spiritualiteit , tewerkstelling van allochtonen , vluchtelingen en asielzoekers , vrijzinnigheid , witte scholen , multiculturele scholen en concentratiescholen , Eigen-zinnige beschouwingen , Het kleine of grote ongenoegen

Woordenschat

Bibliografie
Literatuur
Liturgisch gebruik

Overzicht van de bijbelboeken

- bijbeloverzicht , bijbelverwijzingen - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , Oude Testament , Pentateuch , Historische boeken , Profeten , Wijsheidsboeken , NT overzicht , Evangelies , Synoptici , Brieven van Paulus , Apostolische brieven .

- OT : Gn (Genesis) , Ex (Exodus) , Lv (Leviticus) , Nu (Numeri) , Dt (Deuteronomium) , Joz (Jozua) , Re (Rechters) , Rt (Ruth) , 1 S (1 Samuël) , 2 S (2 Samuël) , 1 K (1 Koningen) , 2 K (2 Koningen) , 1 Kr ( 1 Kronieken) , 2 Kr (2 Kronieken) , Ezr (Ezra) , Neh (Nehemia) , Tob (Tobia) , Jdt (Judith) , Est (Esther) , 1 Mak (1 Makkabeeën) , 2 Mak (2 Makkabeeën) , Job , Ps (Psalmen ) , Spr (Spreuken) , Pr (Prediker) , Hl (Hooglied) , W (Wijsheid) , Sir (Sirach) , Js (Jesaja) , Jr (Jeremia) , Kl (Klaagliederen) , Bar (Baruch) , Ez (Ezechiël) , Da (Daniël) , Hos (Hosea) , Jl (Joël) , Am (Amos) , Ob (Obadja) , Jon (Jona) , Mi (Micha) , Nah (Nahum) , Hab (Habakuk) , Sef (Sefanja) , Hag (Haggai) , Zach (Zacharia) , Mal (Maleachi) .
- NT : Mt (Matteüs) - Mc (Marcus) - Lc (Lucas) - Joh (Johannes) - Hnd (Handelingen) , Rom (Rome) , 1 Kor (Korinte) , 2 Kor (Korinte) , Gal (Galatië) , Ef (Efese) , Fil (Filippi) , Kol (Kolosse) , 1 Tes (Tessalonika) , 2 Tes (Tessalonika) , 1 Tim (Timoteüs) , 2 Tim (Timoteüs) , Tit (Titus) , Film (Filemon) , Heb (Hebreeën) , Jak (Jakobus) , 1 Pe (Petrus) , 2 Pe (Petrus) , 1 Joh (Johannes) , 2 Joh (Johannes) , 2 Joh (Johannes) , Jud (Judas) , Apk (Apokalyps) .
Overzicht van de bibliografie van de bijbelboeken : - bibliografie bijbel - bibliografie van het Oude Testament - bibliografie Matteüsevangelie - bibliografie Marcusevangelie - bibliografie Lucasevangelie - bibliografie van het Johannesevangelie - bibliografie van het Nieuwe Testament (behalve evangeliën)


- 2 K 23,1-27 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -

2 K 23,1 - 2 K 23,1 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:1 De koning zendt bericht,- en bij hem verzamelen zich alle oudsten van Judea en Jeruzalem.  

King James Bible . [1] And the king sent, and they gathered unto him all the elders of Judah and of Jerusalem.
Luther-Bibel . 23 1 Und der König sandte hin und es versammelten sich bei ihm alle Ältesten Judas und Jerusalems.

Tekstuitleg van 2 K 23,1 .

1. (1) wajjisjëlach < wë + act. qal imperf. 3de pers. mann. enk. . (2) wajësjallach (en hij zond) < wë + act. piël imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. sjâlach (zenden) . Taalgebruik in Tenakh : sjâlach (zenden) . Getalwaarde : sjin = 21 of 300 , lamed = 12 of 30 , chet = 8 ; totaal : 41 OF 338 (2 X 13²) . Structuur : 3 - 3 - 8 . Tenakh (212) . Pentateuch (32) . Eerdere Profeten (128) . Latere Profeten (14) . 12 Kleine Profeten (3) . Geschriften (35) . 2 K (33) . 2 K 23 (2) : (1) 2 K 23,1 . (2) 2 K 23,16 .

2. hammèlèkh (de koning) < bepaald lidw ha + mèlèkh (koning) . Taalgebruik in Tenakh : mèlèkh (koning) . Getalwaarde : mem = 13 of 40 , lamed = 12 of 30 , kaph = 11 of 20 ; totaal : 36 (2² X 3²) OF 90 (2 X 3² X 5) . Structuur : 4 - 3 - 2 . Tenakh (819) . Pentateuch (6) . Eerdere Profeten (422) . Latere Profeten (67) . 12 Kleine Profeten (9) . Geschriften (315) . 2 K (91) . 2 K 23 (8) : (1) 2 K 23,1 . (2) 2 K 23,2 . (3) 2 K 23,3 . (4) 2 K 23,4 . (5) 2 K 23,12 . (6) 2 K 23,13 . (7) 2 K 23,21 . (8) 2 K 23,29 .

2 K 23,2 - 2 K 23,2 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:2 Dan klimt de koning op naar het huis van de Ene, en alle manvolk van Juda en alle ingezetenen van Jeruzalem met hem, de priesters, de profeten en heel de gemeenschap van klein tot groot; hij leest voor hun oren voor: alle woorden op de schriftrol van het verbond die is gevonden in het huis van de Ene.  

King James Bible . [2] And the king went up into the house of the LORD, and all the men of Judah and all the inhabitants of Jerusalem with him, and the priests, and the prophets, and all the people, both small and great: and he read in their ears all the words of the book of the covenant which was found in the house of the LORD.
Luther-Bibel . 2 Und der König ging hinauf ins Haus des HERRN und alle Männer Judas und alle Einwohner von Jerusalem mit ihm, Priester und Propheten und alles Volk, Klein und Groß. Und man las vor ihren Ohren alle Worte aus dem Buch des Bundes, das im Hause des HERRN gefunden war.

Tekstuitleg van 2 K 23,2 . Het vers 2 K 23,2 telt 28 (2² X 7) woorden en 116 (2² X 29) letters . De getalwaarde van 2 K 23,2 is 5882 (2 X 17 X 173) .

28. JHWH . Eigennaam van God . Taalgebruik in Tenakh : JHWH . Taalgebruik in Genesis : JHWH . Taalgebruik in 1 Samuël : JHWH . Taalgebruik in Jesaja : JHWH . Taalgebruik in Amos : JHWH . Taalgebruik in Jona : JHWH . Taalgebruik in Sefanja : JHWH . Getalwaarde : jod = 10 , he = 5 , waw = 6 . Totaal : 26 . Structuur : 1 - 5 - 6 - 5 . Tenakh (5193) . Pentateuch (1326) . Eerdere Profeten (1013) . Latere Profeten (1357) . 12 Kleine Profeten (387) . Geschriften (1110) . 2 K (217) . 2 K 23 (15) : (1) 2 K 23,2 . (2) 2 K 23,3 . (3) 2 K 23,4 . (4) 2 K 23,6 . (5) 2 K 23,7 . (6) 2 K 23,9 . (7) 2 K 23,11 . (8) 2 K 23,12 . (9) 2 K 23,16 . (10) 2 K 23,24 . (11) 2 K 23,25 . (12) 2 K 23,26 . (13) 2 K 23,27 . (14) 2 K 23,32 . (15) 2 K 23,37 .

2 K 23,3 - 2 K 23,3 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:3 De koning blijft op de standplaats staan en smeedt voor het aanschijn van de Ene het verbond om achter de Ene aan te gaan en zijn geboden, zijn overeenkomsten en zijn wetten te bewaken met alle hart en alle ziel,- om in te staan voor de woorden van dit verbond die geschreven staan op de schriftrol; dan gaat heel de gemeente staan in het verbond.  

King James Bible . [3] And the king stood by a pillar, and made a covenant before the LORD, to walk after the LORD, and to keep his commandments and his testimonies and his statutes with all their heart and all their soul, to perform the words of this covenant that were written in this book. And all the people stood to the covenant.
Luther-Bibel . 3 Und der König trat an die Säule und schloss einen Bund vor dem HERRN, dass sie dem HERRN nachwandeln sollten und seine Gebote, Ordnungen und Rechte halten von ganzem Herzen und von ganzer Seele, um zu erfüllen die Worte dieses Bundes, die geschrieben stehen in diesem Buch. Und alles Volk trat in den Bund.

Tekstuitleg van 2 K 23,3 .

5. (1) וַיִּכְרֹת = wajjikhëroth (en hij sneed, en hij sloot) < wë + act. qal imperf. 3de pers. mann. enk. (2) וַיַּכְרֵת = wajjakhëreth (en hij liet uitroeien) < wë + act. hifil imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. כָרַת = kârath (snijden, uitroeien) . Taalgebruik in Tenakh : kârath (snijden) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , resj = 20 of 200 , thaw = 22 of 400 ; totaal : 53 OF 620 . Structuur : 2 - 2 - 4 . De som van de elementen is telkens 8 . Tenakh (26) . Pentateuch (0) . Eerdere Profeten (17) . Latere Profeten (2) . 12 Kleine Profeten (0) . Geschriften (7) . Eerdere Profeten (17) : (1) Joz 9,15 . (2) Joz 11,21 . (3) Joz 24,25 . (4) Re 9,48 . (5) 1 S 17,51 . (6) 1 S 18,3 . (7) 1 S 20,16 . (8) 1 S 24,5 . (9) 2 S 5,3 . (10) 2 S 10,4 . (11) 1 K 15,13 . (12) 1 K 20,34 . (13) 2 K 11,4 . (14) 2 K 11,17 . (15) 2 K 17,35 . (16) 2 K 23,3 . (17) 2 K 23,14 .

19. - 20. bëkâl lebh (met een heel hart) . Tenakh (4) : (1) 2 K 23,3 . (2) Ps 119,2 . (3) Ps 119,69 . (4) Sef 3,14 .

2 K 23,4 - 2 K 23,4 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:4 De koning gebiedt Chilkiahoe, de hogepriester, de tweede priesters en de dorpelwachters om uit het paleis van de Ene uit te leiden alle gereedschappen die gemaakt zijn voor de baäl, voor de asjera en voor heel de hemelse heirschaar; ze verbranden die buiten Jeruzalem op de veldjes van Kidron; de as daarvan heeft hij naar Bet El laten dragen.  

King James Bible . [4] And the king commanded Hilkiah the high priest, and the priests of the second order, and the keepers of the door, to bring forth out of the temple of the LORD all the vessels that were made for Baal, and for the grove, and for all the host of heaven: and he burned them without Jerusalem in the fields of Kidron, and carried the ashes of them unto Bethel.
Luther-Bibel . 4 Und der König gebot dem Hohenpriester Hilkija und dem zweitobersten Priester und den Hütern der Schwelle, dass sie aus dem Tempel des HERRN hinaustun sollten alle Geräte, die dem Baal und der Aschera und allem Heer des Himmels gemacht waren. Und er ließ sie verbrennen draußen vor Jerusalem im Tal Kidron und ihre Asche nach Bethel bringen.

Tekstuitleg van 2 K 23,4 . Het vers 2 K 23,4 telt 34 (2 X 17) woorden en 142 (2 X 71) letters . De getalwaarde van 9496 (2³ X 1187) .

2 K 23,4.1. wajëtsaw (en hij beval) < wë + act. piël imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. tsâwâh (opdragen, bevelen ) . Taalgebruik in Tenakh : tsâwâh (opdragen) . Getalwaarde : tsade = 18 of 90 , waw = 6 , he = 5 ; totaal : 29 OF 101 (priemgetal) . Structuur : 9 - 6 - 5 . Tenakh (48) . Pentateuch (22) . Eerdere Profeten (19) . Latere Profeten (1) . 12 Kleine Profeten (0) . Geschriften (1) . 2 K (5) : (1) 2 K 11,15 . (2) 2 K 17,27 . (3) 2 K 22,12 . (4) 2 K 23,4 . (5) 2 K 23,21 .

2 K 23,4.2. hammèlèkh (de koning) < bepaald lidw ha + mèlèkh (koning) . Taalgebruik in Tenakh : mèlèkh (koning) . Getalwaarde : mem = 13 of 40 , lamed = 12 of 30 , kaph = 11 of 20 ; totaal : 36 (2² X 3²) OF 90 (2 X 3² X 5) . Structuur : 4 - 3 - 2 . Tenakh (819) . Pentateuch (6) . Eerdere Profeten (422) . Latere Profeten (67) . 12 Kleine Profeten (9) . Geschriften (315) . 2 K (91) . 2 K 23 (8) : (1) 2 K 23,1 . (2) 2 K 23,2 . (3) 2 K 23,3 . (4) 2 K 23,4 . (5) 2 K 23,12 . (6) 2 K 23,13 . (7) 2 K 23,21 . (8) 2 K 23,29 .

2 K 23,4.1. - 2. wajëtsaw hammèlèkh (en de koning beval) . Tenakh (7) : (1) 2 S 18,5 . (2) 1 K 2,46 . (3) 1 K 5,31 . (4) 2 K 22,12 . (5) 2 K 23,4 . (6) 2 K 23,21 . (7) 2 Kr 34,20 .

2 K 23,4.3. ´eth / ´èth (accusatief) . Taalgebruik in Tenakh : ´eth (accusatief) . Getalwaarde : aleph = 1 , thaw = 22 of 400 ; totaal : 23 OF 401 (priemgetal) . Structuur : 1 - 4 . Eerste en laatste letter van het Hebreeuwse alfabet . Tenakh (5699) . Pentateuch (2002) . Eerdere Profeten (1661) . Latere Profeten (860) . 12 Kleine Profeten (207) . Geschriften (967) . 2 K (290) . 2 K () : (1) 2 K 23,2 . (2) 2 K 23,3 . (3) 2 K 23,4 . (4) 2 K 23,5 . (5) 2 K 23,6 . (6) 2 K 23,7 . (7) 2 K 23,8 . (8) 2 K 23,10 . (9) 2 K 23,11 . (10) 2 K 23,12 . (11) 2 K 23,14 . (12) 2 K 23,15 . (13) 2 K 23,16 . (14) 2 K 23,17 . (15) 2 K 23,18 . (16) 2 K 23,19 . (17) 2 K 23,20 . (18) 2 K 23,21 . (19) 2 K 23,22 . (20) 2 K 23,24 . (21) 2 K 23,27 . (22) 2 K 23,30 . (23) 2 K 23,34 . (24) 2 K 23,35 .

2 K 23,4.8. mann. mv. stat. construct. kohäne(j) (priesters van) van het zelfst. naamw. kohen (priester) . Taalgebruik in Tenakh : kohen (priester) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20, he = 5 , nun = 14 of 50 ; totaal : 30 (2 X 3 X 5) OF 75 (3 X 5²) . Structuur : 2 - 5 - 5 . Tenakh (13) : (1) 1 S 5,5 . (2) 1 S 22,17 . (3) 1 S 22,21 . (4) 1 K 12,32 . (5) 1 K 13,2 . (6) 1 K 13,33 . (7) 2 K 17,32 . (8) 2 K 23,4 . (9) 2 K 23,9 . (10) 2 K 23,20 . (11) Js 61,6 . (12) Kl 1,19 . (13) 2 Kr 13,9 .

2 K 23,4.13. lëhôtsî´ (om te doen uitgaan) < lë + werkwoordvorm act. hifil inf. constr. van het werkw. jâtsâ´ (uitgaan, uittrekken) . Taalgebruik in Tenakh : jâtsâ´ (uitgaan, uittrekken) . Getalwaarde : jod = 10 , tsade = 18 of 70 , aleph = 1 ; totaal : 29 OF 81 (3³ X 3²) . Structuur : 1 - 7 - 1 . De Griekse vertaling van jâtsâ´ (uitgaan, uittrekken) is vaak een vorm van het werkw. exagô (uitleiden, naar buiten leiden) . Taalgebruik in de LXX : exagô (uitleiden, naar buiten leiden) . Taalgebruik in het NT : exagô (uitleiden, naar buiten leiden) . Een vorm van exagô (uitleiden, naar buiten leiden) in de LXX (221) , in het NT (12) .Tenakh (14) : (1) Ex 6,13 . (2) Ex 6,27 . (3) Ex 8,14 . (4) Nu 14,36 . (5) 2 K 23,4 . (6) Js 42,7 . (7) Ez 12,12 . (8) Hos 9,13 . (9) Am 6,10 . (10) Ps 104,14 . (11) Pr 5,1 . (12) Ezr 3,10 . (13) Ezr 10,19 . (14) 2 Kr 29,16 .

2 K 23,4.14. mehe(j)khal (uit de tempel) < min + he(j)khal (tempel, heiligdom, paleis) . Taalgebruik in Tenakh : he(j)khal (tempel, heiligdom, paleis) . Getalwaarde : he = 5 , kaph = 11 of 20 , lamed = 12 of 30 ; totaal : 28 (2² X 7) OF 55 (5 X 11) . Structuur : 5 - 2 - 3 . Tenakh (3) : (1) 2 K 23,4 . (2) Js 66,6 . (3) Mi 1,2 .

2 K 23,4.15. JHWH . Eigennaam van God . Taalgebruik in Tenakh : JHWH . Taalgebruik in Genesis : JHWH . Taalgebruik in 1 Samuël : JHWH . Taalgebruik in Jesaja : JHWH . Taalgebruik in Amos : JHWH . Taalgebruik in Jona : JHWH . Taalgebruik in Sefanja : JHWH . Getalwaarde : jod = 10 , he = 5 , waw = 6 . Totaal : 26 . Structuur : 1 - 5 - 6 - 5 . Tenakh (5193) . Pentateuch (1326) . Eerdere Profeten (1013) . Latere Profeten (1357) . 12 Kleine Profeten (387) . Geschriften (1110) . 2 K (217) . 2 K 23 (15) : (1) 2 K 23,2 . (2) 2 K 23,3 . (3) 2 K 23,4 . (4) 2 K 23,6 . (5) 2 K 23,7 . (6) 2 K 23,9 . (7) 2 K 23,11 . (8) 2 K 23,12 . (9) 2 K 23,16 . (10) 2 K 23,24 . (11) 2 K 23,25 . (12) 2 K 23,26 . (13) 2 K 23,27 . (14) 2 K 23,32 . (15) 2 K 23,37 .

2 K 23,4.14. - 15. he(j)khal JHWH (de tempel van JHWH) . Tenakh (14) : (1) 1 S 1,9 . (2) 2 K 18,16 . (3) 2 Kr 26,16 . (4) 2 Kr 27,2 . (5) Ezr 6,10 . (6) Jr 7,4 (3X) . (7) Jr 24,1 . (8) Ez 8,16 (2X) . (9) Hag 2,18 . (10) Zach 6,12 . (11) Zach 6,13 . bëhe(j)khal JHWH (in de tempel van JHWH) . Tenakh (1) : 2 K 24,13 . mehe(j)khal JHWH (uit de tempel van JHWH) . Tenakh (1) 2 K 23,4 .

2 K 23,4.16. ´eth / ´èth (accusatief) . Taalgebruik in Tenakh : ´eth (accusatief) . Getalwaarde : aleph = 1 , thaw = 22 of 400 ; totaal : 23 OF 401 (priemgetal) . Structuur : 1 - 4 . Eerste en laatste letter van het Hebreeuwse alfabet . Tenakh (5699) . Pentateuch (2002) . Eerdere Profeten (1661) . Latere Profeten (860) . 12 Kleine Profeten (207) . Geschriften (967) . 2 K (290) . 2 K () : (1) 2 K 23,2 . (2) 2 K 23,3 . (3) 2 K 23,4 . (4) 2 K 23,5 . (5) 2 K 23,6 . (6) 2 K 23,7 . (7) 2 K 23,8 . (8) 2 K 23,10 . (9) 2 K 23,11 . (10) 2 K 23,12 . (11) 2 K 23,14 . (12) 2 K 23,15 . (13) 2 K 23,16 . (14) 2 K 23,17 . (15) 2 K 23,18 . (16) 2 K 23,19 . (17) 2 K 23,20 . (18) 2 K 23,21 . (19) 2 K 23,22 . (20) 2 K 23,24 . (21) 2 K 23,27 . (22) 2 K 23,30 . (23) 2 K 23,34 . (24) 2 K 23,35 .

2 K 23,4.17. kl (al) . kâl / kol . Taalgebruik in Tenakh : kl (al) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , lamed = 12 of 30 ; totaal : 23 OF 50 (2 X 5²) . Structuur : 2 - 3 . Tenakh (2709) . Pentateuch (824) . Eerdere Profeten (584) . Latere Profeten (505) . 12 Kleine Profeten (104) . Geschriften (692) . Gr. pas , pasa, pan (ieder, elk) . Taalgebruik in de Septuaginta : pas (ieder, elk) . Taalgebruik in het NT : pas (ieder, elk) . Lat. omnis . Fr. tout . Ned. heel, al, gans . D. al . E. whole . 2 K (81) . 2 K 23 (10) : (1) 2 K 23,1 . (2) 2 K 23,2 . (3) 2 K 23,3 . (4) 2 K 23,4 . (5) 2 K 23,8 . (6) 2 K 23,19 . (7) 2 K 23,20 . (8) 2 K 23,21 . (9) 2 K 23,24 . (10) 2 K 23,26 . ´èth kâl / kol . Tenakh (220) .

2 K 23,4.18. hakkelîm (de voorwerpen) < bepaald lidw. ha + mann. mv. van het zelfst. naamw. këlî (voorwerp, huisraad, wapen) . Taalgebruik in Tenakh : këlî (voorwerp, huisraad, wapen) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , lamed = 12 of 30 , jod = 10 ; totaal : 33 (3 X 11) OF 60 (2² X 3 X 5) . Structuur : 2 - 3 - 1 . Tenakh (33) . Pentateuch (4) . Eerdere Profeten (13) . Latere Profeten (6) . 12 Kleine Profeten (1) . Geschriften (9) . 2 K (5) : (1) 2 K 4,4 . (2) 2 K 4,6 . (3) 2 K 14,14 . (4) 2 K 23,4 . (5) 2 K 25,16 .

2 K 23,4.17. - 18. kâl hakkelîm (alle voorwerpen) . Tenakh (15) : (1) Ex 25,39 . (2) Nu 19,18 . (3) 1 K 7,45 . (4) 1 K 7,47 . (5) 1 K 7,48 . (6) 2 K 4,4 . (7) 2 K 14,14 . (8) 2 K 23,4 . (9) 2 K 25,16 . (10) 2 Kr 4,18 . (11) 2 Kr 4,19 . (12) 2 Kr 5,1 . (13) 2 Kr 25,24 . (14) 2 Kr 29,19 . (15) Jr 52,20 .

2 K 23,4.16. - 18. ´èth kâl hakkelîm (alle voorwerpen) . Tenakh (3) : (1) 1 K 7,48 . (2) 2 K 23,4 . (3) 2 Kr 4,19 .

2 K 23,4.19. hâ`äshûjim (die gemaakt werden) < bepaald lidw. ha + passief qal part. mann. mv. van het werkw. `âshâh (maken, doen) . Taalgebruik in Tenakh : `âshâh (maken) . Getalwaarde : ajin = 16 of 70 , shin = 21 of 300 , he = 5 ; totaal : 42 (2 X 3 X 7) OF 375 (3 X 5³) . Structuur : 7 - 3 - 5 . Tenakh (1) 2 K 23,4 .

2 K 23,4.20. labba`al / labbâ`al / lëbba`al (voor Baäl, meester) < lë + ba`al / bâ`al (Baäl, meester) . Taalgebruik in Tenakh : ba`al / bâ`al (Baäl, meester) . Getalwaarde : beth = 2 , ajin = 16 of 70 , lamed = 12 of 30 ; totaal : 30 (2 X 3 X 5) OF 102 (2 X 3 X 17) . Structuur : 2 - 7 - 3 . Tenakh (20) : (1) Nu 25,3 . (2) Nu 25,5 . (3) Re 2,13 . (4) Re 6,31 . (5) 1 K 16,32 . (6) 1 K 19,18 . (7) 2 K 10,19 . (8) 2 K 10,20 . (9) 2 K 21,3 . (10) 2 K 23,4 . (11) 2 K 23,5 . (12) Jr 7,9 . (13) Jr 11,13 . (14) Jr 11,17 . (15) Jr 19,5 . (16) Jr 32,29 . (17) Hos 2,10 . (18) Ps 106,28 . (19) Spr 18,9 . (20) Pr 10,11 .

2 K 23,4.21. wëlâ´äsjerâh (en aan Asera) < wë + lë + bepaald lidw. ha + zelfst. naamw. ´äsjerâh (gewijde boom, Asera) . Taalgebruik in Tenakh : ´äsjerâh (gewijde boom, Asera) . Getalwaarde van ´äsjèr (die) : aleph = 1 , sjin = 21 of 300 , resj = 20 of 200 , he = 5 ; totaal : 47 OF 506 (2 X 11 X 23) . Structuur : 1 - 3 - 2 - 5 . Tenakh (1) : 2 K 23,4 .

2 K 23,4.22. ûlëkhol (en aan heel) < wë + lë + kl (al) . Taalgebruik in Tenakh : kl (al) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , lamed = 12 of 30 ; totaal : 23 OF 50 (2 X 5²) . Structuur : 2 - 3 . Tenakh (61) . Pentateuch (17) . Eerdere Profeten (13) . Latere Profeten (9) . 12 Kleine Profeten (0) . Geschriften (22) . 2 K (4) : (1) 2 K 12,13 . (2) 2 K 21,8 . (3) 2 K 23,4 . (4) 2 K 23,5 .

2 K 23,4.23. tsâbhâ´ (leger, krijgsmacht, hemelheir) . Stat. constr. tsëbhâ´ . Taalgebruik in Tenach : tsâbhâ´ (leger, krijgsmacht, hemelheir) . Getalwaarde : tsade = 18 of 90 , beth = 2 , aleph = 1 ; totaal : 21 (3 X 7) OF 93 (3 X 31) . Structuur : 9 - 2 - 1 . Tenakh (74) . Pentateuch (29) . Eerdere Profeten (16) . Latere Profeten (6) . 12 Kleine Profeten (0) . Geschriften (23) . 2 K (6) : (1) 2 K 5,1 . (2) 2 K 17,16 . (3) 2 K 21,3 . (4) 2 K 21,5 . (5) 2 K 23,4 . (6) 2 K 23,5 .

2 K 23,4.24. hasjsjâmajim / hasjsjâmâjim (de hemelen) < bepaald lidw. ha + sjâmajim / sjâmâjim (hemelen) . Taalgebruik in Tenakh : sjâmajim (hemelen) . Taalgebruik in Jesaja : sjamaîm (hemelen) . Getalwaarde : sjin = 21 of 300 , mem = 13 of 40 , jod = 10 , mem = 13 of 40 ; totaal : 57 (3 X 19) OF 390 (2 X 3 X 5 X 13 = 15 X 26) . Structuur : 3 - 4 - 1 - 4 . Taalgebruik in de Septuaginta : ouranos (hemel) . Taalgebruik in het NT : ouranos (hemel) . Lat. coelum . Fr. ciel . Ned. hemel . D. Himmel . E. heaven . Een vorm van ouranos (hemel) in de LXX (682) , in het NT (272) . Tenakh (223) . Pentateuch (69) . Eerdere Profeten (35) . Latere Profeten (41) . 12 Kleine Profeten (15) . Geschriften (63) . 2 K (12) : (1) 2 K 1,10 . (2) 2 K 1,12 . (3) 2 K 1,14 . (4) 2 K 2,1 . (5) 2 K 2,11 . (6) 2 K 14,27 . (7) 2 K 17,16 . (8) 2 K 19,15 . (9) 2 K 21,3 . (10) 2 K 21,5 . (11) 2 K 23,4 . (12) 2 K 23,5 .

2 K 23,4.22. - 24. ûlëkhol tsëbhâ´ hasjsjâmâjim (en aan het hele legerheir) . Tenakh (3) : (1) 2 K 23,4 . (2) 2 K 23,5 . (3) Jr 8,2 .

2 K 23,4.31. ´eth / ´èth (accusatief) . Taalgebruik in Tenakh : ´eth (accusatief) . Getalwaarde : aleph = 1 , thaw = 22 of 400 ; totaal : 23 OF 401 (priemgetal) . Structuur : 1 - 4 . Eerste en laatste letter van het Hebreeuwse alfabet . Tenakh (5699) . Pentateuch (2002) . Eerdere Profeten (1661) . Latere Profeten (860) . 12 Kleine Profeten (207) . Geschriften (967) . 2 K (290) . 2 K () : (1) 2 K 23,2 . (2) 2 K 23,3 . (3) 2 K 23,4 . (4) 2 K 23,5 . (5) 2 K 23,6 . (6) 2 K 23,7 . (7) 2 K 23,8 . (8) 2 K 23,10 . (9) 2 K 23,11 . (10) 2 K 23,12 . (11) 2 K 23,14 . (12) 2 K 23,15 . (13) 2 K 23,16 . (14) 2 K 23,17 . (15) 2 K 23,18 . (16) 2 K 23,19 . (17) 2 K 23,20 . (18) 2 K 23,21 . (19) 2 K 23,22 . (20) 2 K 23,24 . (21) 2 K 23,27 . (22) 2 K 23,30 . (23) 2 K 23,34 . (24) 2 K 23,35 .

2 K 23,4.33. - 34. be(j)th ´el (Betel) . Tenakh (39) . Gn (8) : (1) Gn 12,8 . (2) Gn 13,3 . (3) Gn 28,19 . (4) Gn 31,13 . (5) Gn 31,13 . (6) Gn 35,6 . (7) Gn 35,7 . (8) Gn 35,15 . Joz (6) : (1) Joz 8,9 . (2) Joz 8,12 . (3) Joz 12,9 . (4) Joz 12,16 . (5) Joz 16,1 . (6) Joz 18,13 . Re (4) : (1) Re 1,22 . (2) Re 4,5 . (3) Re 9,46 . (4) Re 21,2 . 1 S (3) : (1) 1 S 7,16 . (2) 1 S 10,3 . (3) 1 S 13,2 . 1 K (2) : (1) 1 K 13,1 . (2) 1 K 13,10 . 2 K (6) : (1) 2 K 2,2 . (2) 2 K 2,3 . (3) 2 K 2,23 . (4) 2 K 10,29 . (5) 2 K 23,4 . (6) 2 K 23,17 . 1 Kr (2) . 12 Kleine Profeten (6) . Ook nog Tenakh (7) : (1) Gn 35,1 . (2) Re 20,18 . (3) Re 20,26 . (4) Re 20,31 . (5) Ezr 2,28. (6) Neh 7,32 . (7) Am 4,4 .

2 K 23,5 - 2 K 23,5 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:5 Hij schaft de afgodspriesters af aan wie Juda's koningen opdracht gegeven hebben te wieroken op de offerhoogten, in de steden van Juda en in de omstreken van Jeruzalem, én hen die wieroken voor de baäl, voor de zon, de maan, de planeten en voor heel de hemelse heirschaar.  

King James Bible . [5] And he put down the idolatrous priests, whom the kings of Judah had ordained to burn incense in the high places in the cities of Judah, and in the places round about Jerusalem; them also that burned incense unto Baal, to the sun, and to the moon, and to the planets, and to all the host of heaven.
Luther-Bibel . 5 Und er setzte die Götzenpriester ab, die die Könige von Juda eingesetzt hatten, um auf den Höhen zu opfern in den Städten Judas und um Jerusalem her; auch die dem Baal geopfert hatten, der Sonne und dem Mond und den Planeten und allem Heer am Himmel.

Tekstuitleg van 2 K 23,5 .

2 K 23,5.1. wëhisjëbîth (en hij zal doen ophouden/ wegdoen/uitroeien) < wë + act. hifil perf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. sjâbhat (ophouden, rusten, vieren) . sj-b-th . Taalgebruik in Tenakh : sj-b-th . Getalwaarde : sjin = 21 of 300 , beth = 2 , thaw = 22 of 400 ; totaal : 45 (5 X 19) OF 702 (2 X 3³ X 13) .Tenakh (3) : (1) 2 K 23,5 . (2) Jr 36,29 . (3) Da 11,18 .

2 K 23,5.2. ´eth / ´èth (accusatief) . Taalgebruik in Tenakh : ´eth (accusatief) . Getalwaarde : aleph = 1 , thaw = 22 of 400 ; totaal : 23 OF 401 (priemgetal) . Structuur : 1 - 4 . Eerste en laatste letter van het Hebreeuwse alfabet . Tenakh (5699) . Pentateuch (2002) . Eerdere Profeten (1661) . Latere Profeten (860) . 12 Kleine Profeten (207) . Geschriften (967) . 2 K (290) . 2 K () : (1) 2 K 23,2 . (2) 2 K 23,3 . (3) 2 K 23,4 . (4) 2 K 23,5 . (5) 2 K 23,6 . (6) 2 K 23,7 . (7) 2 K 23,8 . (8) 2 K 23,10 . (9) 2 K 23,11 . (10) 2 K 23,12 . (11) 2 K 23,14 . (12) 2 K 23,15 . (13) 2 K 23,16 . (14) 2 K 23,17 . (15) 2 K 23,18 . (16) 2 K 23,19 . (17) 2 K 23,20 . (18) 2 K 23,21 . (19) 2 K 23,22 . (20) 2 K 23,24 . (21) 2 K 23,27 . (22) 2 K 23,30 . (23) 2 K 23,34 . (24) 2 K 23,35 .

2 K 23,5.16. laba`al / labâ`al / lëba`al (voor Baäl, meester) < lë + ba`al / bâ`al (Baäl, meester) . Taalgebruik in Tenakh : ba`al / bâ`al (Baäl, meester) . Getalwaarde : beth = 2 , ajin = 16 of 70 , lamed = 12 of 30 ; totaal : 30 (2 X 3 X 5) OF 102 (2 X 3 X 17) . Structuur : 2 - 7 - 3 . Tenakh (20) : (1) Nu 25,3 . (2) Nu 25,5 . (3) Re 2,13 . (4) Re 6,31 . (5) 1 K 16,32 . (6) 1 K 19,18 . (7) 2 K 10,19 . (8) 2 K 10,20 . (9) 2 K 21,3 . (10) 2 K 23,4 . (11) 2 K 23,5 . (12) Jr 7,9 . (13) Jr 11,13 . (14) Jr 11,17 . (15) Jr 19,5 . (16) Jr 32,29 . (17) Hos 2,10 . (18) Ps 106,28 . (19) Spr 18,9 . (20) Pr 10,11 .

2 K 23,5.17. lasjsjèmèsj / lasjsjâmèsj (aan de zon) < lë + bepaald lidw. ha + sjèmèsj (zon) . Taalgebruik in Tenakh : sjèmèsj (zon) . Getalwaarde : sjin = 21 of 300 ; mem = 13 of 40 ; totaal : 55 (5 X 11) OF 640 . Structuur : 3 - 4 - 3 . Tenakh (5) : (1) 2 K 23,5 . (2) 2 K 23,11 . (3) Jr 8,2 . (4) Ez 8,16 . (5) Ps 19,5 .

2 K 23,5.18. wëlajjâreach (en aan de maan) < wë + lë + bepaald lidw. ha + jâreach (maan) . Taalgebruik in Tenakh : jâreach (maan) . Getalwaarde : jod = 10 , resj = 20 of 200 , chet = 8 ; totaal : 38 (2 X 19) OF 218 (2 X 109) . Structuur : 1 - 2 - 8 . Tenakh (2) : (1) 2 K 23,5 . (2) Jr 8,2 .

2 K 23,5.17. - 18. lasjsjèmèsj wëlajjâreach (aan de zon en aan de maan) . Tenakh (2) : (1) 2 K 23,5 . (2) Jr 8,2 .

2 K 23,5.19. wëlammazzâzôth (en aan de planeten) < wë + lë + bepaald lidw. ha + mazzâlôth (planeten, sterrenbeelden) . Taalgebruik in Tenakh : mazzâlôth (planeten, sterrenbeelden) . Tenakh (1) : 2 K 23,5 .

2 K 23,5.20. ûlëkhol (en aan heel) < wë + lë + kl (al) . Taalgebruik in Tenakh : kl (al) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , lamed = 12 of 30 ; totaal : 23 OF 50 (2 X 5²) . Structuur : 2 - 3 . Tenakh (61) . Pentateuch (17) . Eerdere Profeten (13) . Latere Profeten (9) . 12 Kleine Profeten (0) . Geschriften (22) . 2 K (4) : (1) 2 K 12,13 . (2) 2 K 21,8 . (3) 2 K 23,4 . (4) 2 K 23,5 .

2 K 23,5.21. tsâbhâ´ (leger, krijgsmacht, hemelheir) . Stat. constr. tsëbhâ´ . Taalgebruik in Tenach : tsâbhâ´ (leger, krijgsmacht, hemelheir) . Getalwaarde : tsade = 18 of 90 , beth = 2 , aleph = 1 ; totaal : 21 (3 X 7) OF 93 (3 X 31) . Structuur : 9 - 2 - 1 . Tenakh (74) . Pentateuch (29) . Eerdere Profeten (16) . Latere Profeten (6) . 12 Kleine Profeten (0) . Geschriften (23) . 2 K (5) : (1) 2 K 5,1 . (2) 2 K 17,16 . (3) 2 K 21,3 . (4) 2 K 21,5 . (5) 2 K 23,4 . (6) 2 K 23,5 .

2 K 23,5.22. hasjsjâmajim / hasjsjâmâjim (de hemelen) < bepaald lidw. ha + sjâmajim / sjâmâjim (hemelen) . Taalgebruik in Tenakh : sjâmajim (hemelen) . Taalgebruik in Jesaja : sjamaîm (hemelen) . Getalwaarde : sjin = 21 of 300 , mem = 13 of 40 , jod = 10 , mem = 13 of 40 ; totaal : 57 (3 X 19) OF 390 (2 X 3 X 5 X 13 = 15 X 26) . Structuur : 3 - 4 - 1 - 4 . Taalgebruik in de Septuaginta : ouranos (hemel) . Taalgebruik in het NT : ouranos (hemel) . Lat. coelum . Fr. ciel . Ned. hemel . D. Himmel . E. heaven . Een vorm van ouranos (hemel) in de LXX (682) , in het NT (272) . Tenakh (223) . Pentateuch (69) . Eerdere Profeten (35) . Latere Profeten (41) . 12 Kleine Profeten (15) . Geschriften (63) . 2 K (12) : (1) 2 K 1,10 . (2) 2 K 1,12 . (3) 2 K 1,14 . (4) 2 K 2,1 . (5) 2 K 2,11 . (6) 2 K 14,27 . (7) 2 K 17,16 . (8) 2 K 19,15 . (9) 2 K 21,3 . (10) 2 K 21,5 . (11) 2 K 23,4 . (12) 2 K 23,5 .

2 K 23,5.20. - 22. ûlëkhol tsëbhâ´ hasjsjâmâjim (en aan het hele legerheir) . Tenakh (3) : (1) 2 K 23,4 . (2) 2 K 23,5 . (3) Jr 8,2 .

2 K 23,5.17. - 18. 20. - 22. lasjsjèmèsj wëlajjâreach (...) ûlëkhol tsëbhâ´ hasjsjâmâjim (aan de zon en aan de maan... en aan het hele legerheir) . Tenakh (2) : (1) 2 K 23,5 . (2) Jr 8,2 .

2 K 23,6 - 2 K 23,6 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:6 Hij leidt de asjera-paal naar buiten uit het huis van de Ene, buiten Jeruzalem naar het beekdal van Kidron, verbrandt haar in het beekdal van Kidron en verpulvert haar tot stof; hij werpt het stof dat van haar over is in het graf van de kinderen van de gemeenschap.  

King James Bible . [6] And he brought out the grove from the house of the LORD, without Jerusalem, unto the brook Kidron, and burned it at the brook Kidron, and stamped it small to powder, and cast the powder thereof upon the graves of the children of the people.
Luther-Bibel . 6 Und er ließ das Bild der Aschera aus dem Hause des HERRN bringen hinaus vor Jerusalem an den Bach Kidron und verbrennen am Bach Kidron und zu Staub mahlen und den Staub auf die Gräber des einfachen Volks werfen.

Tekstuitleg van 2 K 23,6 . Het vers 2 K 23,6 telt 23 woorden en 87 (3 X v19) letters . De getalwaarde van 2 K 23,6 is 6389 (priemgetal) .

2 K 23,6.11. wajjishëroph (en hij verbrandde) < wë + act. qal imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. shâraph (branden, verbranden) . Taalgebruik in Tenakh : shâraph (branden, verbranden) . Getalwaarde : shin = 21 of 300 , resj = 20 of 200 , pe = 17 of 80 ; totaal : 58 (2 X 29) OF 580 (2² X 5 X 29) . Structuur : 3 - 2 - 8 . Tenakh (11) : (1) Ex 32,20 . (2) Joz 8,28 . (3) 1 K 15,13 . (4) 1 K 16,18 . (5) 2 K 23,6 . (6) 2 K 23,15 . (7) 2 K 23,16 . (8) 2 K 23,20 . (9) 2 K 25,9 . (10) Jr 52,13 . (11) 2 Kr 15,16 .

2 K 23,7 - 2 K 23,7 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:7 Hij sloopt de behuizingen van de heiligdomsschandknapen in het huis van de Ene,- waar de vrouwen behuizingen weefden voor de asjera-paal.  

King James Bible . [7] And he brake down the houses of the sodomites, that were by the house of the LORD, where the women wove hangings for the grove.
Luther-Bibel . 7 Und er brach ab die Häuser der Tempelhurer, die an dem Hause des HERRN waren, in denen die Frauen Gewänder für die Aschera wirkten.

Tekstuitleg van 2 K 23,7 .

2 K 23,7.1. act. qal imperf. 3de pers. mann. enk. wajjiththots (en hij haalde neer) van het werkw. nâthats (neerhalen, omverhalen, verwoesten) . Taalgebruik in Tenakh : nâthats (neerhalen, omverhalen, verwoesten) . Getalwaarde : nun = 14 of 50 , thaw = 22 of 400 , tsade = 18 of 90 ; totaal : 540 (2² X 3³ X 5) . Structuur : 5 - 4 - 9 . Tenakh (2) : (1) Re 9,45 . (2) 2 K 23,7 . Een vorm van nâthats (neerhalen, omverhalen, verwoesten) in 2 K 23 (4) : (1) 2 K 23,7 . (2) 2 K 23,8 . (3) 2 K 23,12 . (4) 2 K 23,15 .

2 K 23,8 - 2 K 23,8 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:8 Hij laat alle priesters komen uit de steden van Juda en besmet de offerhoogten waarop de priesters hebben gewierookt, van Geva tot Beëer Sjeva; gesloopt heeft hij de offerhoogten van de poorten bij de ingang van de poort van Jozua, de overste van de stad; dat is links voor iemand die de stadspoort binnenkomt.  

King James Bible . [8] And he brought all the priests out of the cities of Judah, and defiled the high places where the priests had burned incense, from Geba to Beer-sheba, and brake down the high places of the gates that were in the entering in of the gate of Joshua the governor of the city, which were on a man's left hand at the gate of the city.
Luther-Bibel . 8 Und er ließ kommen alle Priester aus den Städten Judas und machte unrein die Höhen, wo die Priester opferten, von Geba an bis nach Beerscheba und brach ab die Höhe der Feldgeister, die vor dem Tore Joschuas, des Stadtvogts, war zur Linken, wenn man zum Tor der Stadt hineingeht.

Tekstuitleg van 2 K 23,8 .

2 K 23,8.4. hakkohänîm (de priesters) . kohen (priester) . Taalgebruik in Tenakh : kohen (priester) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20, he = 5 , nun = 14 of 50 ; totaal : 30 (2 X 3 X 5) OF 75 (3 X 5²) . Structuur : 2 - 5 - 5 . Tenakh (174) . Pentateuch (20) . Eerdere Profeten (36) . Latere Profeten (28) . 12 Kleine Profeten (12) . Geschriften (78) . 2 K (7) : (1) 2 K 12,5 . (2) 2 K 12,6 . (3) 2 K 12,7 . (4) 2 K 12,9 . (5) 2 K 12,10 . (6) 2 K 19,2 . (7) 2 K 23,8 .

2 K 23,8.3. - 4. kâl hakkohänîm (alle priesters) . Tenakh (3) : (1) 2 K 23,8 . (2) 2 Kr 5,11 .

2 K 23,8.9. habbâmôth (de hoogten) < bepaald lidw. + vr. mv. van het zelfst. naamw. bâmâh (hoogte, grafheuvel, tempel) . Taalgebruik in Tenakh : bâmâh (hoogte, grafheuvel, tempel) . Getalwaarde : beth = 2 , mem = 13 of 40 , he = 5 ; totaal : 20 (2² X 5) OF 47 . Structuur : 2 - 4 - 5 . Tenakh (24) . 1 K (4) : (1) 1 K 12,32 . (2) 1 K 13,2 . (3) 1 K 13,32 . (4) 1 K 22,44 . 2 K () : (1) 2 K 12,4 . (2) 2 K 14,4 . (3) 2 K 15,4 . (4) 2 K 15,35 . (5) 2 K 17,29 . (6) 2 K 17,32 . (7) 2 K 18,4 . (8) 2 K 21,3 . (9) 2 K 23,8 . (10) 2 K 23,9 . (11) 2 K 23,13 . (12) 2 K 23,19 . (13) 2 K 23,20 . Js (1) . 2 Kr (6) .

2 K 23,8.9. - 10. habbâmôth ´äsjèr (de hoogten die) . Tenakh (9) : (1) 1 K 12,32 . (2) 1 K 13,32 . (3) 2 K 17,29 . (4) 2 K 21,3 . (5) 2 K 23,8 . (6) 2 K 23,13 . (7) 2 K 23,19 . (8) 2 K 23,20 . (9) 2 Kr 33,3 .

2 K 23,8.13. hakkohänîm (de priesters) . kohen (priester) . Taalgebruik in Tenakh : kohen (priester) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20, he = 5 , nun = 14 of 50 ; totaal : 30 (2 X 3 X 5) OF 75 (3 X 5²) . Structuur : 2 - 5 - 5 . Tenakh (174) . Pentateuch (20) . Eerdere Profeten (36) . Latere Profeten (28) . 12 Kleine Profeten (12) . Geschriften (78) . 2 K (7) : (1) 2 K 12,5 . (2) 2 K 12,6 . (3) 2 K 12,7 . (4) 2 K 12,9 . (5) 2 K 12,10 . (6) 2 K 19,2 . (7) 2 K 23,8 .

2 K 23,8.18. wënâthats (en hij haalde neer) < wë + act. qal perf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. nâthats (neerhalen, omverhalen, verwoesten) . Taalgebruik in Tenakh : nâthats (neerhalen, omverhalen, verwoesten) . Getalwaarde : nun = 14 of 50 , thaw = 22 of 400 , tsade = 18 of 90 ; totaal : 540 (2² X 3³ X 5) . Structuur : 5 - 4 - 9 . Tenakh (2) : (1) Lv 14,45 . (2) 2 K 23,8 . Een vorm van nâthats (neerhalen, omverhalen, verwoesten) in 2 K 23 (4) : (1) 2 K 23,7 . (2) 2 K 23,8 . (3) 2 K 23,12 . (4) 2 K 23,15 .

2 K 23,9 - 2 K 23,9 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:9 Echter, de priesters mochten van de offerhoogten niet opklimmen naar het altaar van de Ene in Jeruzalem; nee, zij hebben alleen matses mogen eten te midden van hun broeders.  

King James Bible . [9] Nevertheless the priests of the high places came not up to the altar of the LORD in Jerusalem, but they did eat of the unleavened bread among their brethren.
Luther-Bibel . 9 Doch durften die Priester der Höhen nicht opfern auf dem Altar des HERRN in Jerusalem, sondern aßen ungesäuertes Brot unter ihren Brüdern.

Tekstuitleg van 2 K 23,9 .

2 K 23,9.4. mann. mv. stat. construct. kohäne(j) (priesters van) van het zelfst. naamw. kohen (priester) . Taalgebruik in Tenakh : kohen (priester) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20, he = 5 , nun = 14 of 50 ; totaal : 30 (2 X 3 X 5) OF 75 (3 X 5²) . Structuur : 2 - 5 - 5 . Tenakh (13) : (1) 1 S 5,5 . (2) 1 S 22,17 . (3) 1 S 22,21 . (4) 1 K 12,32 . (5) 1 K 13,2 . (6) 1 K 13,33 . (7) 2 K 17,32 . (8) 2 K 23,4 . (9) 2 K 23,9 . (10) 2 K 23,20 . (11) Js 61,6 . (12) Kl 1,19 . (13) 2 Kr 13,9 .

2 K 23,9.5. habbâmôth (de hoogten) < bepaald lidw. + vr. mv. van het zelfst. naamw. bâmâh (hoogte, grafheuvel, tempel) . Taalgebruik in Tenakh : bâmâh (hoogte, grafheuvel, tempel) . Getalwaarde : beth = 2 , mem = 13 of 40 , he = 5 ; totaal : 20 (2² X 5) OF 47 . Structuur : 2 - 4 - 5 . Tenakh (24) . 1 K (4) : (1) 1 K 12,32 . (2) 1 K 13,2 . (3) 1 K 13,32 . (4) 1 K 22,44 . 2 K (13) : (1) 2 K 12,4 . (2) 2 K 14,4 . (3) 2 K 15,4 . (4) 2 K 15,35 . (5) 2 K 17,29 . (6) 2 K 17,32 . (7) 2 K 18,4 . (8) 2 K 21,3 . (9) 2 K 23,8 . (10) 2 K 23,9 . (11) 2 K 23,13 . (12) 2 K 23,19 . (13) 2 K 23,20 . Js (1) . 2 Kr (6) . Voor het eerst komen de offerhoogten voor in 1 K 12,32 . Ze werden door Jerobeam in Betel en Dan opgericht .

2 K 23,9.4. - 5. kohäne(j) habbâmôth (priesters van de offerhoogten) . Tenakh (4) : (1) 1 K 12,32 . (2) 1 K 13,2 . (3) 2 K 23,9 . (4) 2 K 23,20 .
- kohäne(j) bâmôth (priesters van offerhoogten) . Tenakh (2) : (1) 1 K 13,33 (2X) . (2) 2 K 17,32 . De priesters van de offerhoogten , die niet tot de stam van Levi behoorden , stelde Jerobeam , de 1ste koning van het Noordrijk , aan voor de dienst op de offerhoogten in Betel en Dan bij gelegenheid van zijn organisatie van de cultus van het Noordrijk (1 K 12,32 en 1 K 13,33 (2X) . In 1 K 13,2 wordt reeds naar Josia verwezen en naar het lot dat hen te wachten staat (2 K 23,20) . Ze worden op het altaar van de offerhoogten afgeslacht .

2 K 23,9.7. mizëbeach (altaar) . Taalgebruik in Tenakh : mizëbeach (altaar) . Getalwaarde : mem = 13 of 40 , zajin = 7 , beth = 2 , chet = 8 ; totaal : 28 (2² X 7) OF 57 (3 X 19) . Structuur : 4 - 7 - 2 - 8 . Tenakh (111) . Pentateuch (49) . Eerdere Profeten (31) . Latere Profeten (3) . 12 Kleine Profeten (4) . Geschriften (24) . 2 K (1) 2 K 23,9 . Een vorm van mizëbeach (altaar) in 2 K 23 (6) : (1) 2 K 23,9 . (2) 2 K 23,12 . (3) 2 K 23,15 . (4) 2 K 23,16 . (5) 2 K 23,17 . (6) 2 K 23,20 .

2 K 23,9.8. JHWH . Eigennaam van God . Taalgebruik in Tenakh : JHWH . Taalgebruik in Genesis : JHWH . Taalgebruik in 1 Samuël : JHWH . Taalgebruik in Jesaja : JHWH . Taalgebruik in Amos : JHWH . Taalgebruik in Jona : JHWH . Taalgebruik in Sefanja : JHWH . Getalwaarde : jod = 10 , he = 5 , waw = 6 . Totaal : 26 . Structuur : 1 - 5 - 6 - 5 . Tenakh (5193) . Pentateuch (1326) . Eerdere Profeten (1013) . Latere Profeten (1357) . 12 Kleine Profeten (387) . Geschriften (1110) . 2 K (217) . 2 K 23 (15) : (1) 2 K 23,2 . (2) 2 K 23,3 . (3) 2 K 23,4 . (4) 2 K 23,6 . (5) 2 K 23,7 . (6) 2 K 23,9 . (7) 2 K 23,11 . (8) 2 K 23,12 . (9) 2 K 23,16 . (10) 2 K 23,24 . (11) 2 K 23,25 . (12) 2 K 23,26 . (13) 2 K 23,27 . (14) 2 K 23,32 . (15) 2 K 23,37 .

2 K 23,9.7. - 8. mizëbeach JHWH (altaar van JHWH) . Tenakh (22) : (1) Lv 17, 6 . (2) Dt 12,27 (2X) . (3) Dt 16,21 . (4) Dt 26,4 . (5) Dt 27,6 . (6) Joz 22,19 . (7) Joz 22,28 . (8) Joz 22,29 . (9) 1 K 8,22 . (10) 1 K 8,54 . (11) 1 K 18,30 . (12) 2 K 23,9 . 2 Kr (7) . (20) Neh 10,35 . (21) Mal 2,13 . De priesters van de offerhoogten deden geen dienst in de tempel van Jeruzalem .

2 K 23,10 - 2 K 23,10 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:10 Hij besmet de vuuroven in het dal van de zonen van Hinom,- zodat niet meer iemand zijn zoon en zijn dochter door het vuur kan laten gaan voor de Moloch.  

King James Bible . [10] And he defiled Topheth, which is in the valley of the children of Hinnom, that no man might make his son or his daughter to pass through the fire to Molech.
Luther-Bibel . 10 Er machte auch unrein das Tofet im Tal Ben-Hinnom, damit niemand seinen Sohn oder seine Tochter dem Moloch durchs Feuer gehen ließe.

Tekstuitleg van 2 K 23,10 .

2 K 23,10.15. bë´esj / bâ´esj (in - het - vuur) < bë + (bepaald. lidw. ha) + ´esj (vuur) . Taalgebruik in Tenakh : ´esj (vuur) . Getalwaarde : aleph = 1 ; sjin = 21 of 300 ; totaal : 22 of 301 . Tenakh (144) . Taalgebruik in Amos : ´esj (vuur) . Taalgebruik in de Septuaginta : pur (vuur) . Taalgebruik in het NT : pur (vuur) . Ned. : p -> ph = f -> v in vuur . D. Feuer . E. fire . Fr. feu . Lat. ignis . Een vorm van pur (vuur) in het NT (71) , in de LXX (540) . Tenakh (128) . Pentateuch (35) . Eerdere Profeten (35) . Latere Profeten (35) . 12 Kleine Profeten (7) . Geschriften (16) . 2 K (9) : (1) 2 K 8,12 . (2) 2 K 16,3 . (3) 2 K 17,17 . (4) 2 K 17,31 . (5) 2 K 19,18 . (6) 2 K 21,6 . (7) 2 K 23,10 . (8) 2 K 23,11 . (9) 2 K 25,9 .

2 K 23,11 - 2 K 23,11 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
          23:11 Hij schaft de paarden af die de koningen van Juda hebben gegeven aan de zon, vanwaar men het huis van de Ene binnenkomt bij de kamer van hoveling Netan Melech in de aanbouw; de zonnewagens heeft hij verbrand in het vuur.    

King James Bible . [11] And he took away the horses that the kings of Judah had given to the sun, at the entering in of the house of the LORD, by the chamber of Nathan-melech the chamberlain, which was in the suburbs, and burned the chariots of the sun with fire.
Luther-Bibel . 11 Und er schaffte die Rosse ab, die die Könige von Juda für den Dienst der Sonne bestimmt hatten am Eingang des Hauses des HERRN, bei der Kammer Netan-Melechs, des Kämmerers, die am Parwarhause war, und die Wagen der Sonne verbrannte er mit Feuer.

Tekstuitleg van 2 K 23,11 . Het vers 2 K 23,11 telt 23 woorden en 89 (priemgetal) letters . De getalwaarde van 2 K 23,11 is 8936 (2³ X 1117) .

2 K 23,11.1. wajjasjëbëth (wë + act. hifil 3de pers. mann. enk. van het werkw. sjâbhat (ophouden, rusten, vieren) . sj-b-th . Taalgebruik in Tenakh : sj-b-th . Getalwaarde : sjin = 21 of 300 , beth = 2 , thaw = 22 of 400 ; totaal : 45 (5 X 19) OF 702 (2 X 3³ X 13) . Een vorm van sjâbhat (ophouden, rusten, vieren) in 2 K (2) : (1) 2 K 23,5 . (2) 2 K 23,11 .

2 K 23,11.8. lasjsjèmèsj / lasjsjâmèsj (aan de zon) < lë + bepaald lidw. ha + sjèmèsj (zon) . Taalgebruik in Tenakh : sjèmèsj (zon) . Getalwaarde : sjin = 21 of 300 ; mem = 13 of 40 ; totaal : 55 (5 X 11) OF 640 . Structuur : 3 - 4 - 3 . Tenakh (5) : (1) 2 K 23,5 . (2) 2 K 23,11 . (3) Jr 8,2 . (4) Ez 8,16 . (5) Ps 19,5 .

2 K 23,11.23. bë´esj / bâ´esj (in - het - vuur) < bë + (bepaald. lidw. ha) + ´esj (vuur) . Taalgebruik in Tenakh : ´esj (vuur) . Getalwaarde : aleph = 1 ; sjin = 21 of 300 ; totaal : 22 of 301 . Tenakh (144) . Taalgebruik in Amos : ´esj (vuur) . Taalgebruik in de Septuaginta : pur (vuur) . Taalgebruik in het NT : pur (vuur) . Ned. : p -> ph = f -> v in vuur . D. Feuer . E. fire . Fr. feu . Lat. ignis . Een vorm van pur (vuur) in het NT (71) , in de LXX (540) . Tenakh (128) . Pentateuch (35) . Eerdere Profeten (35) . Latere Profeten (35) . 12 Kleine Profeten (7) . Geschriften (16) . 2 K (9) : (1) 2 K 8,12 . (2) 2 K 16,3 . (3) 2 K 17,17 . (4) 2 K 17,31 . (5) 2 K 19,18 . (6) 2 K 21,6 . (7) 2 K 23,10 . (8) 2 K 23,11 . (9) 2 K 25,9 .

2 K 23,12 - 2 K 23,12 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:12 De altaren -op het dak van de opperzaal van Achaz- die de koningen van Juda hebben gemaakt, en de altaren die Manasse heeft gemaakt in de twee voorhoven van het huis van de Ene heeft de koning gesloopt; hij heeft ze daar verpulverd en hun stof weggeworpen in het beekdal van de Kidron.  

King James Bible . [12] And the altars that were on the top of the upper chamber of Ahaz, which the kings of Judah had made, and the altars which Manasseh had made in the two courts of the house of the LORD, did the king beat down, and brake them down from thence, and cast the dust of them into the brook Kidron.
Luther-Bibel . 12 Und die Altäre auf dem Dach, dem Obergemach des Ahas, die die Könige von Juda gemacht hatten, und die Altäre, die Manasse gemacht hatte in den beiden Vorhöfen des Hauses des HERRN, brach der König ab und ging hin und warf ihren Staub in den Bach Kidron.

Tekstuitleg van 2 K 23,12 .

2. hammizëbëchôth (de altaren) < bepaald lidw. ha + vr. mv. mizëbeach (altaar) . Taalgebruik in Tenakh : mizëbeach (altaar) . Getalwaarde : mem = 13 of 40 , zajin = 7 , beth = 2 , chet = 8 ; totaal : 28 (2² X 7) OF 57 (3 X 19) . Structuur : 4 - 7 - 2 - 8 . Tenakh (8) : (1) 2 K 11,18 . (2) 2 K 23,12 . (3) 2 K 23,30 . (4) Js 17,8 . (5) 2 Kr 23,17 . (6) 2 Kr 30,14 . (7) 2 Kr 33,15 . (8) 2 Kr 34,7 . Een vorm van mizëbeach (altaar) in 2 K 23 (6) : (1) 2 K 23,9 . (2) 2 K 23,12 . (3) 2 K 23,15 . (4) 2 K 23,16 . (5) 2 K 23,17 . (6) 2 K 23,20 .

13. hammizëbëchôth (de altaren) < bepaald lidw. ha + vr. mv. mizëbeach (altaar) . Taalgebruik in Tenakh : mizëbeach (altaar) . Getalwaarde : mem = 13 of 40 , zajin = 7 , beth = 2 , chet = 8 ; totaal : 28 (2² X 7) OF 57 (3 X 19) . Structuur : 4 - 7 - 2 - 8 . Tenakh (8) : (1) 2 K 11,18 . (2) 2 K 23,12 . (3) 2 K 23,30 . (4) Js 17,8 . (5) 2 Kr 23,17 . (6) 2 Kr 30,14 . (7) 2 Kr 33,15 . (8) 2 Kr 34,7 . Een vorm van mizëbeach (altaar) in 2 K 23 (6) : (1) 2 K 23,9 . (2) 2 K 23,12 . (3) 2 K 23,15 . (4) 2 K 23,16 . (5) 2 K 23,17 . (6) 2 K 23,20 .

2 K 23,13 - 2 K 23,13 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:13 De offerhoogten in het zicht van Jeruzalem, rechts van de Berg des Verderfs, die Israëls koning Salomo gebouwd heeft voor Asjtarte, de griezel van de Tsidoniërs, voor Kemosj, de griezel van Moab, en voor Milkom, de gruwel van de zonen van Amon,- heeft de koning besmet.  

King James Bible . [13] And the high places that were before Jerusalem, which were on the right hand of the mount of corruption, which Solomon the king of Israel had builded for Ashtoreth the abomination of the Zidonians, and for Chemosh the abomination of the Moabites, and for Milcom the abomination of the children of Ammon, did the king defile.
Luther-Bibel . 13 Auch die Höhen, die östlich von Jerusalem waren, zur Rechten am Berge des Verderbens, die Salomo, der König von Israel, gebaut hatte der Astarte, dem gräulichen Götzen von Sidon, und Kemosch, dem gräulichen Götzen von Moab, und Milkom, dem gräulichen Götzen der Ammoniter, machte der König unrein

Tekstuitleg van 2 K 23,13 . Het verbod om de gruweldaden van de volkeren te doen in Dt 18,9 (la`äshôth këthô`äbhoth haggôjim = om te doen zoals de gruweldaden van de volkeren) wordt overtreden door 2 koningen : Achaz , koning van Juda (2 K 16,3) en Manasse, koning van Juda (2 K 21,2 : wajja`ash ... këthô`äbhoth haggôjim = hij deed ... zoals de gruweldaden van de volkeren) . Achaz riep de hulp van de koning van Assyrië in tegen o.a. de koning van Samaria . Dat leidde tot de val van Samaria en het einde van het Noordrijk . Manasse wordt beschouwd als de oorzaak van de val van Jeruzalem en de Babylonische ballingschap . Ondanks de ijver van Josia , koning van Juda, die deze gruwel profaneerde(2 K 23,13) kon de val en de ballingschap niet afgewend worden .

2. habbâmôth (de hoogten) < bepaald lidw. + vr. mv. van het zelfst. naamw. bâmâh (hoogte, grafheuvel, tempel) . Taalgebruik in Tenakh : bâmâh (hoogte, grafheuvel, tempel) . Getalwaarde : beth = 2 , mem = 13 of 40 , he = 5 ; totaal : 20 (2² X 5) OF 47 . Structuur : 2 - 4 - 5 . Tenakh (24) . 1 K (4) : (1) 1 K 12,32 . (2) 1 K 13,2 . (3) 1 K 13,32 . (4) 1 K 22,44 . 2 K () : (1) 2 K 12,4 . (2) 2 K 14,4 . (3) 2 K 15,4 . (4) 2 K 15,35 . (5) 2 K 17,29 . (6) 2 K 17,32 . (7) 2 K 18,4 . (8) 2 K 21,3 . (9) 2 K 23,8 . (10) 2 K 23,9 . (11) 2 K 23,13 . (12) 2 K 23,19 . (13) 2 K 23,20 . Js (1) . 2 Kr (6) .

2. - 3. habbâmôth ´äsjèr (de hoogten die) . Tenakh (9) : (1) 1 K 12,32 . (2) 1 K 13,32 . (3) 2 K 17,29 . (4) 2 K 21,3 . (5) 2 K 23,8 . (6) 2 K 23,13 . (7) 2 K 23,19 . (8) 2 K 23,20 . (9) 2 Kr 33,3 .

2 K 23,13.23. stat. constr. vr. enk. thô`äbhath (gruweldaad van) OF vr. mv. thô`äbhoth (gruweldaden) van het zelfst. naamw. thô`äbhâh (gruweldaad) . Taalgebruik in Tenakh : thô`äbhâh (gruweldaad) . Tenakh (25) . Pentateuch (10) . Eerdere Profeten (1) . Latere Profeten (1) . 12 Kleine Profeten (0) . Geschriften (13) . Eerdere Profeten (1) : 2 K 23,13 . Zie ook : këthô`äbhoth (als de gruweldaden) < kë + vr. mv. van het zelfst. naamw. Tenakh (2) : (1) Dt 18,9 . (2) 2 K 21,2 . këtho`äbhôth . Tenakh (2) : (1) 2 K 16,3 . (2) 2 Kr 28,3 .

2 K 23,14 - 2 K 23,14 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:14 Hij heeft de standstenen stukgebroken en de asjera-palen omgehakt; hun plek vult hij op met mensenbeenderen.  

King James Bible . [14] And he brake in pieces the images, and cut down the groves, and filled their places with the bones of men.
Luther-Bibel . 14 und zerbrach die Steinmale und hieb die Ascherabilder um und füllte ihre Stätte mit Menschenknochen.

Tekstuitleg van 2 K 23,14 .

2 K 23,15 - 2 K 23,15 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:15 En ook het altaar in Bet El, de offerhoogte die Jerobeam, zoon van Nevat, heeft gemaakt en waarmee hij Israël heeft laten zondigen, ook dat altaar en die offerhoogte heeft hij gesloopt; hij verbrandt de offerhoogte, heeft hem verpulverd tot stof en de asjera-paal verbrand.  

King James Bible . [15] Moreover the altar that was at Bethel, and the high place which Jeroboam the son of Nebat, who made Israel to sin, had made, both that altar and the high place he brake down, and burned the high place, and stamped it small to powder, and burned the grove.
Luther-Bibel . 15 Auch den Altar in Bethel, die Höhe, die Jerobeam gemacht hatte, der Sohn Nebats, der Israel sündigen machte, diesen Altar brach er ab, zerschlug seine Steine und machte sie zu Staub und verbrannte das Bild der Aschera.

Tekstuitleg van 2 K 23,15 . Het vers 2 K 23,15 telt 30 (2 X 3 X 5) woorden en 103 (priemgetal) letters . De getalwaarde van 2 K 23,15 is 8449 (7 X 17 X 71)

3. hammizëbeach (het altaar) < bepaald lidw. ha + mizëbeach (altaar) . Taalgebruik in Tenakh : mizëbeach (altaar) . Getalwaarde : mem = 13 of 40 , zajin = 7 , beth = 2 , chet = 8 ; totaal : 28 (2² X 7) OF 57 (3 X 19) . Structuur : 4 - 7 - 2 - 8 . Tenakh (132) . Pentateuch (83) . Eerdere Profeten (32) . Latere Profeten (11) . 12 Kleine Profeten (3) . Geschriften (3) . 2 K (11) : (1) 2 K 12,10 . (2) 2 K 16,10 . (3) 2 K 16,11 . (4) 2 K 16,12 . (5) 2 K 16,13 . (6) 2 K 16,14 . (7) 2 K 16,15 . (8) 2 K 18,22 . (9) 2 K 23,15 . (10) 2 K 23,16 . (11) 2 K 23,17 . Een vorm van mizëbeach (altaar) in 2 K 23 (6) : (1) 2 K 23,9 . (2) 2 K 23,12 . (3) 2 K 23,15 . (4) 2 K 23,16 . (5) 2 K 23,17 . (6) 2 K 23,20 .

19. hammizëbeach (het altaar) < bepaald lidw. ha + mizëbeach (altaar) . Taalgebruik in Tenakh : mizëbeach (altaar) . Getalwaarde : mem = 13 of 40 , zajin = 7 , beth = 2 , chet = 8 ; totaal : 28 (2² X 7) OF 57 (3 X 19) . Structuur : 4 - 7 - 2 - 8 . Tenakh (132) . Pentateuch (83) . Eerdere Profeten (32) . Latere Profeten (11) . 12 Kleine Profeten (3) . Geschriften (3) . 2 K (11) : (1) 2 K 12,10 . (2) 2 K 16,10 . (3) 2 K 16,11 . (4) 2 K 16,12 . (5) 2 K 16,13 . (6) 2 K 16,14 . (7) 2 K 16,15 . (8) 2 K 18,22 . (9) 2 K 23,15 . (10) 2 K 23,16 . (11) 2 K 23,17 . Een vorm van mizëbeach (altaar) in 2 K 23 (6) : (1) 2 K 23,9 . (2) 2 K 23,12 . (3) 2 K 23,15 . (4) 2 K 23,16 . (5) 2 K 23,17 . (6) 2 K 23,20 .

24. wajjishëroph (en hij verbrandde) < wë + act. qal imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. shâraph (branden, verbranden) . Taalgebruik in Tenakh : shâraph (branden, verbranden) . Getalwaarde : shin = 21 of 300 , resj = 20 of 200 , pe = 17 of 80 ; totaal : 58 (2 X 29) OF 580 (2² X 5 X 29) . Structuur : 3 - 2 - 8 . Tenakh (11) : (1) Ex 32,20 . (2) Joz 8,28 . (3) 1 K 15,13 . (4) 1 K 16,18 . (5) 2 K 23,6 . (6) 2 K 23,15 . (7) 2 K 23,16 . (8) 2 K 23,20 . (9) 2 K 25,9 . (10) Jr 52,13 . (11) 2 Kr 15,16 .

24. - 25. wajjishëroph ´èth (en hij verbrandde) . Tenakh (4) : (1) 2 K 23,15 . (2) 2 K 23,20 . (3) 2 K 25,9 . (4) Jr 52,13 .

24. - 26. wajjishëroph ´èth habbâmâh (en hij verbrandde de hoogte) . Tenakh (1) : 2 K 23,15 .

30. ´äsjerâh (gewijde boom, Asera) . Taalgebruik in Tenakh : ´äsjerâh (gewijde boom, Asera) . Getalwaarde van ´äsjèr (die) : aleph = 1 , sjin = 21 of 300 , resj = 20 of 200 , he = 5 ; totaal : 47 OF 506 (2 X 11 X 23) . Structuur : 1 - 3 - 2 - 5 . Tenakh (3) : (1) Dt 16,21 . (2) 2 K 21,3 . (3) 2 K 23,15 .

2 K 23,16 - 2 K 23,16 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:16 Als Josjiahoe zich omwendt en de graven aanziet daar op de berg, zendt hij iemand en laat de beenderen uit de graven halen en verbranden op het altaar dat hij daarmee besmet,- naar het woord van de Ene dat de man Gods heeft uitgeroepen toen hij deze woorden uitriep.  

King James Bible . [16] And as Josiah turned himself, he spied the sepulchres that were there in the mount, and sent, and took the bones out of the sepulchres, and burned them upon the altar, and polluted it, according to the word of the LORD which the man of God proclaimed, who proclaimed these words.
Luther-Bibel . 16 Und Josia wandte sich um und sah die Gräber, die auf dem Berge waren, und sandte hin und ließ die Knochen aus den Gräbern holen und verbrannte sie auf dem Altar und machte ihn unrein nach dem Wort des HERRN, das der Mann Gottes ausgerufen hatte, als er es verkündete.

Tekstuitleg van 2 K 23,16 .

9. wajjisjëlach < wë + act. qal imperf. 3de pers. mann. enk. . (2) wajësjallach (en hij zond) < wë + act. piël imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. sjâlach (zenden) . Taalgebruik in Tenakh : sjâlach (zenden) . Getalwaarde : sjin = 21 of 300 , lamed = 12 of 30 , chet = 8 ; totaal : 41 OF 338 (2 X 13²) . Structuur : 3 - 3 - 8 . Tenakh (212) . Pentateuch (32) . Eerdere Profeten (128) . Latere Profeten (14) . 12 Kleine Profeten (3) . Geschriften (35) . 2 K (33) . 2 K 23 (2) : (1) 2 K 23,1 . (2) 2 K 23,16 .

15. wajjishëroph (en hij verbrandde) < wë + act. qal imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. shâraph (branden, verbranden) . Taalgebruik in Tenakh : shâraph (branden, verbranden) . Getalwaarde : shin = 21 of 300 , resj = 20 of 200 , pe = 17 of 80 ; totaal : 58 (2 X 29) OF 580 (2² X 5 X 29) . Structuur : 3 - 2 - 8 . Tenakh (11) : (1) Ex 32,20 . (2) Joz 8,28 . (3) 1 K 15,13 . (4) 1 K 16,18 . (5) 2 K 23,6 . (6) 2 K 23,15 . (7) 2 K 23,16 . (8) 2 K 23,20 . (9) 2 K 25,9 . (10) Jr 52,13 . (11) 2 Kr 15,16 .

17. hammizëbeach (het altaar) < bepaald lidw. ha + mizëbeach (altaar) . Taalgebruik in Tenakh : mizëbeach (altaar) . Getalwaarde : mem = 13 of 40 , zajin = 7 , beth = 2 , chet = 8 ; totaal : 28 (2² X 7) OF 57 (3 X 19) . Structuur : 4 - 7 - 2 - 8 . Tenakh (132) . Pentateuch (83) . Eerdere Profeten (32) . Latere Profeten (11) . 12 Kleine Profeten (3) . Geschriften (3) . 2 K (11) : (1) 2 K 12,10 . (2) 2 K 16,10 . (3) 2 K 16,11 . (4) 2 K 16,12 . (5) 2 K 16,13 . (6) 2 K 16,14 . (7) 2 K 16,15 . (8) 2 K 18,22 . (9) 2 K 23,15 . (10) 2 K 23,16 . (11) 2 K 23,17 . Een vorm van mizëbeach (altaar) in 2 K 23 (6) : (1) 2 K 23,9 . (2) 2 K 23,12 . (3) 2 K 23,15 . (4) 2 K 23,16 . (5) 2 K 23,17 . (6) 2 K 23,20 .

19. kidëbhar (overeenkomstig het woord) . prefix kë + zelfst. naamw. d-b-r (woord) . Zie : Taalgebruik in Tenach : dâbhar (spreken) . Taalgebruik in 2 K : dâbhar (spreken) . Tenach (66) . 2 K (14) : (1) 2 K 1,17 . (2) 2 K 2,22 . (3) 2 K 4,44 . (4) 2 K 5,14 . (5) 2 K 6,18 . (6) 2 K 7,16 . (7) 2 K 7,18 . (8) 2 K 7,19 . (9) 2 K 8,2 . (10) 2 K 9,26 . (11) 2 K 10,17 . (12) 2 K 14,25 . (13) 2 K 23,16 . (14) 2 K 24,2 .

19. - 20. kidëbhar JHWH (overeenkomstig het woord van JHWH) . Tenach (26/66) . Joz (2) . 1 K (9) . 2 K (8 / 14) : (1) 2 K 1,17 . (2) 2 K 4,44 . (3) 2 K 7,16 . (4) 2 K 9,26 . (5) 2 K 10,17 . (6) 2 K 14,25 . (7) 2 K 23,16 . (8) 2 K 24,2 . 1 Kr (3) . 2 Kr (1) . Jr (2) . Jon (1) . kidëbhar ´ëlîsjâ`(overeenkomstig het woord van JHWH) . Tenach (2 / 14) : (1) 2 K 2,22 . (2) 2 K 6,18 . kidëbhar ´îsj hâ´ëlohîm (overeenkomstig het woord van de man van de God) . Tenach (2 / 14) : (1) 2 K 5,14 . (2) 2 K 8,2 . Een variante lezing in 2 K 7,17 .

2 K 23,17 - 2 K 23,17 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:17 Dan zegt hij: wat is dat voor een merksteen die ik daar zie?, en de mannen van de stad zeggen tot hem: dat is het graf van de man Gods die uit Juda kwam, en deze dingen die u hebt gedaan bij het altaar van Bet El heeft uitgeroepen!  

King James Bible . [17] Then he said, What title is that that I see? And the men of the city told him, It is the sepulchre of the man of God, which came from Judah, and proclaimed these things that thou hast done against the altar of Bethel.
Luther-Bibel . 17 Und er sprach: Was ist das für ein Grabmal, das ich sehe? Und die Leute in der Stadt sprachen zu ihm: Es ist das Grab des Mannes Gottes, der von Juda kam und ausrief, was du getan hast an dem Altar in Bethel.

Tekstuitleg van 2 K 23,17 .

15. hammizëbeach (het altaar) < bepaald lidw. ha + mizëbeach (altaar) . Taalgebruik in Tenakh : mizëbeach (altaar) . Getalwaarde : mem = 13 of 40 , zajin = 7 , beth = 2 , chet = 8 ; totaal : 28 (2² X 7) OF 57 (3 X 19) . Structuur : 4 - 7 - 2 - 8 . Tenakh (132) . Pentateuch (83) . Eerdere Profeten (32) . Latere Profeten (11) . 12 Kleine Profeten (3) . Geschriften (3) . 2 K (11) : (1) 2 K 12,10 . (2) 2 K 16,10 . (3) 2 K 16,11 . (4) 2 K 16,12 . (5) 2 K 16,13 . (6) 2 K 16,14 . (7) 2 K 16,15 . (8) 2 K 18,22 . (9) 2 K 23,15 . (10) 2 K 23,16 . (11) 2 K 23,17 . Een vorm van mizëbeach (altaar) in 2 K 23 (6) : (1) 2 K 23,9 . (2) 2 K 23,12 . (3) 2 K 23,15 . (4) 2 K 23,16 . (5) 2 K 23,17 . (6) 2 K 23,20 .

2 K 23,18 - 2 K 23,18 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:18 Dan zegt hij: laat hem dan met rust, laat niemand zijn beenderen storen! Zo zorgen zijn beenderen ervoor dat ook de beenderen van de profeet die uit Samaria is gekomen, ontzien worden.  

King James Bible . [18] And he said, Let him alone; let no man move his bones. So they let his bones alone, with the bones of the prophet that came out of Samaria.
Luther-Bibel . 18 Und er sprach: Lasst ihn liegen, niemand rühre seine Gebeine an! Und so blieben mit seinen Gebeinen auch die Gebeine des Propheten unberührt, der von Samaria gekommen war.

Tekstuitleg van 2 K 23,18 .

2 K 23,19 - 2 K 23,19 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:19 Ook heeft Josjiahoe alle godshuizen op de offerhoogten in de steden van Samaria die de koningen van Israël hebben gemaakt tot krenking van de Ene, verwijderd,- en met hen gedaan in de lijn van alle daden die hij in Bet El heeft gedaan.  

King James Bible . [19] And all the houses also of the high places that were in the cities of Samaria, which the kings of Israel had made to provoke the LORD to anger, Josiah took away, and did to them according to all the acts that he had done in Bethel.
Luther-Bibel . 19 Und er entfernte auch alle Heiligtümer auf den Höhen in den Städten Samariens, die die Könige von Israel gemacht hatten, um den HERRN zu erzürnen, und tat mit ihnen, ganz wie er in Bethel getan hatte.

Tekstuitleg van 2 K 23,19 .

5. habbâmôth (de hoogten) < bepaald lidw. + vr. mv. van het zelfst. naamw. bâmâh (hoogte, grafheuvel, tempel) . Taalgebruik in Tenakh : bâmâh (hoogte, grafheuvel, tempel) . Getalwaarde : beth = 2 , mem = 13 of 40 , he = 5 ; totaal : 20 (2² X 5) OF 47 . Structuur : 2 - 4 - 5 . Tenakh (24) . 1 K (4) : (1) 1 K 12,32 . (2) 1 K 13,2 . (3) 1 K 13,32 . (4) 1 K 22,44 . 2 K () : (1) 2 K 12,4 . (2) 2 K 14,4 . (3) 2 K 15,4 . (4) 2 K 15,35 . (5) 2 K 17,29 . (6) 2 K 17,32 . (7) 2 K 18,4 . (8) 2 K 21,3 . (9) 2 K 23,8 . (10) 2 K 23,9 . (11) 2 K 23,13 . (12) 2 K 23,19 . (13) 2 K 23,20 . Js (1) . 2 Kr (6) .

5. - 6. habbâmôth ´äsjèr (de hoogten die) . Tenakh (9) : (1) 1 K 12,32 . (2) 1 K 13,32 . (3) 2 K 17,29 . (4) 2 K 21,3 . (5) 2 K 23,8 . (6) 2 K 23,13 . (7) 2 K 23,19 . (8) 2 K 23,20 . (9) 2 Kr 33,3 .

14. act. hifil perf. 3de pers. mann. enk. hesîr (hij doet weg, hij verwijdert) van het werkw. swr (wijken, afwijken, afvallen, zich ver houden van) . Taalgebruik in Tenakh : swr (wijken, afwijken, afvallen, zich ver houden van) . Getalwaarde : samech = 15 of 60 , waw = 6 , resj = 20 of 200 ; totaal : 41 OF 266 (2 X 7 X 19) . Structuur : 6 - 6 - 2 . . Tenakh (16) : (1) Joz 11,15 . (2) 1 S 28,3 . (3) 2 K 17,23 . (4) 2 K 18,4 . (5) 2 K 18,22 . (6) 2 K 23,19 . (7) Js 18,5 . (8) Js 31,2 . (9) Js 36,7 . (10) Sef 3,15 . (11) Ps 66,20 . (12) Job 27,2 . (13) Job 34,5 . (14) 1 Kr 13,13 . (15) 2 Kr 17,6 . (16) 2 Kr 32,12 .

16. wajja`ash (en hij maakte, en hij deed) < wë + act. qal imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. `âshâh (maken, doen) . Taalgebruik in Tenakh : `âshâh (maken) . Getalwaarde : ajin = 16 of 70 , shin = 21 of 300 , he = 5 ; totaal : 42 (2 X 3 X 7) OF 375 (3 X 5³) . Structuur : 7 - 3 - 5 . Tenakh (232) . Pentateuch (81) . Eerdere Profeten (86) . Latere Profeten (9) . 12 Kleine Profeten (1) . Geschriften (55) . 2 K (24) : (1) 2 K 8,18 . (2) 2 K 8,27 . (3) 2 K 12,3 . (4) 2 K 13,2 . (5) 2 K 14,3 . (6) 2 K 14,24 . (7) 2 K 15,3 . (8) 2 K 15,9 . (9) 2 K 15,18 . (10) 2 K 15,24 . (11) 2 K 15,28 . (12) 2 K 15,34 . (2 K 15,34 . (13) 2 K 16,16 . (14) 2 K 17,2 . (15) 2 K 18,3 . (16) 2 K 21,2 . (17) 2 K 21,3 . (18) 2 K 21,20 . (19) 2 K 22,2 . (20) 2 K 23,19 . (21) 2 K 23,32 . (22) 2 K 23,37 . (23) 2 K 24,9 . (24) 2 K 24,19 .

18. këkol / këkhâl < kë + kl (al) . Taalgebruik in Tenakh : kl (al) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , lamed = 12 of 30 ; totaal : 23 OF 50 (2 X 5²) . Structuur : 2 - 3 . Gr. pas , pasa, pan (ieder, elk) . Taalgebruik in de Septuaginta : pas (ieder, elk) . Taalgebruik in het NT : pas (ieder, elk) . Lat. omnis . Fr. tout . Ned. heel, al, gans . D. al . E. whole . 2 K (81) . Tenakh (122) . Pentateuch (35) . Eerdere Profeten (52) . Latere Profeten (15) . 12 Kleine Profeten (0) . Geschriften (20) . 2 K (19) : (1) 2 K 7,13 . (2) 2 K 10,30 . (3) 2 K 11,9 . (4) 2 K 14,3 . (5) 2 K 15,3 . (6) 2 K 15,34 . (7) 2 K 16,11 . (8) 2 K 16,16 . (9) 2 K 17,13 . (10) 2 K 18,3 . (11) 2 K 21,8 . (12) 2 K 22,13 . (13) 2 K 23,19 . (14) 2 K 23,25 . (15) 2 K 23,32 . (16) 2 K 23,37 . (17) 2 K 24,3 . (18) 2 K 24,9 . (19) 2 K 24,19 .

2 K 23,20 - 2 K 23,20 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:20 Alle priesters van de offerhoogten daar offert hij op de altaren en verbrandt mensenbeenderen daarop; dan keert hij terug naar Jeruzalem.  

King James Bible . [20] And he slew all the priests of the high places that were there upon the altars, and burned men's bones upon them, and returned to Jerusalem.
Luther-Bibel . 20 Und er ließ alle Priester der Höhen, die dort waren, schlachten auf den Altären und verbrannte Menschengebeine darauf und kam nach Jerusalem zurück.

Tekstuitleg van 2 K 23,20 . Het vers 2 K 23,20 bestaat uit 3 nevenschikkende zinnen . In 2 K 13,2 (wëzâbach `âlè(j)khâ ´èth kohäne(j) habbâmôth = en hij zal erop de priesters van de offerhoogten afslachten) wordt aangekondigd wat in 2 K 23,20 wordt uitgevoerd .

2 K 23,20.1. act. qal imperf. 3de pers. mann. enk. wajjizëbach (en hij slachtte af, hij offerde) van het werkw. zâbhach (slachten, offeren) . Taalgebruik in Tenakh : zâbhach (slachten, offeren) . Getalwaarde : zajin = 7 , beth = 2 , chet = 8 ; totaal : 17 . Structuur : 7 - 2 - 8 . Tenakh (17) : (1) Gn 31,54 . (2) Gn 46,1 . (3) Nu 22,40 . (4) 1 S 1,4 . (5) 2 S 6,13 . (6) 1 K 1,9 . (7) 1 K 1,19 . (8) 1 K 1,25 . (9) 1 K 8,63 . (10) 2 K 16,4 . (11) 2 K 23,20 . (12) 1 Kr 21,28 . (13) 2 Kr 7,5 . (14) 2 Kr 18,2 . (15) 2 Kr 28,4 . (16) 2 Kr 28,23 . (17) 2 Kr 33,16 .

2 K 23,20.2. ´eth / ´èth (accusatief) . Taalgebruik in Tenakh : ´eth (accusatief) . Getalwaarde : aleph = 1 , thaw = 22 of 400 ; totaal : 23 OF 401 (priemgetal) . Structuur : 1 - 4 . Eerste en laatste letter van het Hebreeuwse alfabet . Tenakh (5699) . Pentateuch (2002) . Eerdere Profeten (1661) . Latere Profeten (860) . 12 Kleine Profeten (207) . Geschriften (967) . 2 K (290) . 2 K () : (1) 2 K 23,2 . (2) 2 K 23,3 . (3) 2 K 23,4 . (4) 2 K 23,5 . (5) 2 K 23,6 . (6) 2 K 23,7 . (7) 2 K 23,8 . (8) 2 K 23,10 . (9) 2 K 23,11 . (10) 2 K 23,12 . (11) 2 K 23,14 . (12) 2 K 23,15 . (13) 2 K 23,16 . (14) 2 K 23,17 . (15) 2 K 23,18 . (16) 2 K 23,19 . (17) 2 K 23,20 . (18) 2 K 23,21 . (19) 2 K 23,22 . (20) 2 K 23,24 . (21) 2 K 23,27 . (22) 2 K 23,30 . (23) 2 K 23,34 . (24) 2 K 23,35 .

2 K 23,20.3. kl (al) . kâl / kol . Taalgebruik in Tenakh : kl (al) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , lamed = 12 of 30 ; totaal : 23 OF 50 (2 X 5²) . Structuur : 2 - 3 . Tenakh (2709) . Pentateuch (824) . Eerdere Profeten (584) . Latere Profeten (505) . 12 Kleine Profeten (104) . Geschriften (692) . Gr. pas , pasa, pan (ieder, elk) . Taalgebruik in de Septuaginta : pas (ieder, elk) . Taalgebruik in het NT : pas (ieder, elk) . Lat. omnis . Fr. tout . Ned. heel, al, gans . D. al . E. whole . 2 K (81) . 2 K 23 (10) : (1) 2 K 23,1 . (2) 2 K 23,2 . (3) 2 K 23,3 . (4) 2 K 23,4 . (5) 2 K 23,8 . (6) 2 K 23,19 . (7) 2 K 23,20 . (8) 2 K 23,21 . (9) 2 K 23,24 . (10) 2 K 23,26 .

2 K 23,20.2. - 3. ´èth kâl (354) . 2 K (19) : (1) 2 K 3,6 . (2) 2 K 4,13 . (3) 2 K 6,24 . (4) 2 K 8,6 . (5) 2 K 10,9 . (6) 2 K 10,17 . (7) 2 K 10,18 . (8) 2 K 12,10 . (9) 2 K 14,14 . (10) 2 K 17,16 . (11) 2 K 18,15 . (12) 2 K 20,13 . (13) 2 K 23,2 . (14) 2 K 23,8 . (15) 2 K 23,19 . (16) 2 K 23,20 . (17) 2 K 23,21 . (18) 2 K 24,13 (2X) . (19) 2 K 24,14 .

2 K 23,20.4. mann. mv. stat. construct. kohäne(j) (priesters van) van het zelfst. naamw. kohen (priester) . Taalgebruik in Tenakh : kohen (priester) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20, he = 5 , nun = 14 of 50 ; totaal : 30 (2 X 3 X 5) OF 75 (3 X 5²) . Structuur : 2 - 5 - 5 . Tenakh (13) : (1) 1 S 5,5 . (2) 1 S 22,17 . (3) 1 S 22,21 . (4) 1 K 12,32 . (5) 1 K 13,2 . (6) 1 K 13,33 . (7) 2 K 17,32 . (8) 2 K 23,4 . (9) 2 K 23,9 . (10) 2 K 23,20 . (11) Js 61,6 . (12) Kl 1,19 . (13) 2 Kr 13,9 .

2 K 23,20.5. habbâmôth (de hoogten) < bepaald lidw. + vr. mv. van het zelfst. naamw. bâmâh (hoogte, grafheuvel, tempel) . Taalgebruik in Tenakh : bâmâh (hoogte, grafheuvel, tempel) . Getalwaarde : beth = 2 , mem = 13 of 40 , he = 5 ; totaal : 20 (2² X 5) OF 47 . Structuur : 2 - 4 - 5 . Tenakh (24) . 1 K (4) : (1) 1 K 12,32 . (2) 1 K 13,2 . (3) 1 K 13,32 . (4) 1 K 22,44 . 2 K () : (1) 2 K 12,4 . (2) 2 K 14,4 . (3) 2 K 15,4 . (4) 2 K 15,35 . (5) 2 K 17,29 . (6) 2 K 17,32 . (7) 2 K 18,4 . (8) 2 K 21,3 . (9) 2 K 23,8 . (10) 2 K 23,9 . (11) 2 K 23,13 . (12) 2 K 23,19 . (13) 2 K 23,20 . Js (1) . 2 Kr (6) .

2 K 23,20.4. - 5. kohäne(j) habbâmôth (priesters van de offerhoogten) . Tenakh (4) : (1) 1 K 12,32 . (2) 1 K 13,2 . (3) 2 K 23,9 . (4) 2 K 23,20 .
- kohäne(j) bâmôth (priesters van offerhoogten) . Tenakh (2) : (1) 1 K 13,33 (2X) . (2) 2 K 17,32 . De priesters van de offerhoogten , die niet tot de stam van Levi behoorden , stelde Jerobeam , de 1ste koning van het Noordrijk , aan voor de dienst op de offerhoogten in Betel en Dan bij gelegenheid van zijn organisatie van de cultus van het Noordrijk (1 K 12,32 en 1 K 13,33 (2X) . In 1 K 13,2 wordt reeds naar Josia verwezen en naar het lot dat hen te wachten staat (2 K 23,20) . Ze worden op het altaar van de offerhoogten afgeslacht .

2 K 23,20.5. - 6. habbâmôth ´äsjèr (de hoogten die) . Tenakh (9) : (1) 1 K 12,32 . (2) 1 K 13,32 . (3) 2 K 17,29 . (4) 2 K 21,3 . (5) 2 K 23,8 . (6) 2 K 23,13 . (7) 2 K 23,19 . (8) 2 K 23,20 . (9) 2 Kr 33,3 .

2 K 23,20.6. ´äsjèr (die) . Taalgebruik in Tenakh : ´äsjèr (die) . Taalgebruik in Jesaja : ´äsjèr (die) . Taalgebruik in Amos : ´äsjèr (die) . Getalwaarde van ´äsjèr (die) : aleph = 1 , sjin = 21 of 300 , resj = 20 of 200 ; totaal : 42 (2 X 3 X 7) of 501 (3 X 167) . Structuur : 1 - 3 - 2 . Tenakh (4012) . Pentateuch (1378) . Eerdere Profeten (1114) . Latere Profeten (717) . 12 Kleine Profeten (106) . Geschriften (697) . 2 K (223) . 2 K 23 (21) : (1) 2 K 23,5 . (2) 2 K 23,7 . (3) 2 K 23,8 . (4) 2 K 23,10 . (5) 2 K 23,11 . (6) 2 K 23,12 . (7) 2 K 23,13 . (8) 2 K 23,15 . (9) 2 K 23,16 . (10) 2 K 23,17 . (11) 2 K 23,18 . (12) 2 K 23,19 . (13) 2 K 23,20 . (14) 2 K 23,22 . (15) 2 K 23,24 . (16) 2 K 23,25 . (17) 2 K 23,26 . (18) 2 K 23,27 . (19) 2 K 23,28 . (20) 2 K 23,32 . () 2 K 23,33 . (21) 2 K 23,37 .

2 K 23,20.7. sj-m . sjâm (daar) OF sjem (naam) . Taalgebruik in Tenakh : sjem (naam) . Getalwaarde : sjin = 21 of 300 , mem = 13 of 40 ; totaal : 34 (2 X 17) of 340 (10 X 2 X 17) . Structuur : 3 - 4 . Gr. onoma (naam) . Taalgebruik in het NT : onoma (naam) . Taalgebruik in de Septuaginta : onoma (naam) . Stam : N ... M . Lat. nomen . Fr. nom . Ned. naam . D. Name . Eng. name . Een vorm van onoma (naam) in de LXX (1045) , in het NT (228) . Tenakh (684) . Pentateuch (190) . Eerdere Profeten (190) . Latere Profeten (136) . 12 Kleine Profeten (23) . Geschriften (145) . 2 K (33) . 2 K 23 (5) : (1) 2 K 23,7 . (2) 2 K 23,16 . (3) 2 K 23,20 . (4) 2 K 23,27 . (5) 2 K 23,34 .

2 K 23,20.8. `al (op, overeenkomstig, omwille van) . Taalgebruik in Tenakh : `al (op, overeenkomstig) . Taalgebruik in Jesaja : `al (op, overeenkomstig) . Getalwaarde : ajin = 16 of 70, lamed = 12 of 30 ; totaal : 28 of 100 . Structuur : 7 - 3 . Tenakh (3075) . Pentateuch (828) . Eerdere Profeten (616) . Latere Profeten (585) . 12 Kleine Profeten (186) . Geschriften (860) . 2 K (152) . 2 K 23 (15) : (1) 2 K 23,3 . (2) 2 K 23,6 . (3) 2 K 23,8 . (4) 2 K 23,12 . (5) 2 K 23,13 . (6) 2 K 23,16 . (7) 2 K 23,17 . (8) 2 K 23,20 . (9) 2 K 23,21 . (10) 2 K 23,24 . (11) 2 K 23,26 . (12) 2 K 23,28 . (13) 2 K 23,29 . (14) 2 K 23,33 . (15) 2 K 23,35 .

2 K 23,20.9.hammizëbëchôth (de altaren) < bepaald lidw. ha + vr. mv. mizëbeach (altaar) . Taalgebruik in Tenakh : mizëbeach (altaar) . Getalwaarde : mem = 13 of 40 , zajin = 7 , beth = 2 , chet = 8 ; totaal : 28 (2² X 7) OF 57 (3 X 19) . Structuur : 4 - 7 - 2 - 8 . Tenakh (8) : (1) 2 K 11,18 . (2) 2 K 23,12 . (3) 2 K 23,30 . (4) Js 17,8 . (5) 2 Kr 23,17 . (6) 2 Kr 30,14 . (7) 2 Kr 33,15 . (8) 2 Kr 34,7 . Een vorm van mizëbeach (altaar) in 2 K 23 (6) : (1) 2 K 23,9 . (2) 2 K 23,12 . (3) 2 K 23,15 . (4) 2 K 23,16 . (5) 2 K 23,17 . (6) 2 K 23,20 .

2 K 23,20.10. wajjishëroph (en hij verbrandde) < wë + act. qal imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. shâraph (branden, verbranden) . Taalgebruik in Tenakh : shâraph (branden, verbranden) . Getalwaarde : shin = 21 of 300 , resj = 20 of 200 , pe = 17 of 80 ; totaal : 58 (2 X 29) OF 580 (2² X 5 X 29) . Structuur : 3 - 2 - 8 . Tenakh (11) : (1) Ex 32,20 . (2) Joz 8,28 . (3) 1 K 15,13 . (4) 1 K 16,18 . (5) 2 K 23,6 . (6) 2 K 23,15 . (7) 2 K 23,16 . (8) 2 K 23,20 . (9) 2 K 25,9 . (10) Jr 52,13 . (11) 2 Kr 15,16 .

2 K 23,20.11. ´eth / ´èth (accusatief) . Taalgebruik in Tenakh : ´eth (accusatief) . Getalwaarde : aleph = 1 , thaw = 22 of 400 ; totaal : 23 OF 401 (priemgetal) . Structuur : 1 - 4 . Eerste en laatste letter van het Hebreeuwse alfabet . Tenakh (5699) . Pentateuch (2002) . Eerdere Profeten (1661) . Latere Profeten (860) . 12 Kleine Profeten (207) . Geschriften (967) . 2 K (290) . 2 K () : (1) 2 K 23,2 . (2) 2 K 23,3 . (3) 2 K 23,4 . (4) 2 K 23,5 . (5) 2 K 23,6 . (6) 2 K 23,7 . (7) 2 K 23,8 . (8) 2 K 23,10 . (9) 2 K 23,11 . (10) 2 K 23,12 . (11) 2 K 23,14 . (12) 2 K 23,15 . (13) 2 K 23,16 . (14) 2 K 23,17 . (15) 2 K 23,18 . (16) 2 K 23,19 . (17) 2 K 23,20 . (18) 2 K 23,21 . (19) 2 K 23,22 . (20) 2 K 23,24 . (21) 2 K 23,27 . (22) 2 K 23,30 . (23) 2 K 23,34 . (24) 2 K 23,35 .

2 K 23,20.10. - 11. wajjishëroph ´èth (en hij verbrandde) . Tenakh (4) : (1) 2 K 23,15 . (2) 2 K 23,20 . (3) 2 K 25,9 . (4) Jr 52,13 .

2 K 23,20.13. ´âdâm (mens) . Taalgebruik in Tenakh : ´âdâm (mens) . Getalwaarde : aleph = 1 , daleth = 4 , mem = 13 of 40 ; totaal : 18 (2 X 3²) of 45 (3² X 5) . Structuur : 1 - 4 - 40 (´ed = damp ; 1-4 structuur) . Tenakh (358) . Pentateuch (32) . Eerdere Profeten (16) . Latere Profeten (159) . 12 Kleine Profeten (17) . Geschriften (134) . 2 K (4) : (1) 2 K 7,10 . (2) 2 K 19,18 . (3) 2 K 23,14 . (4) 2 K 23,20 .

2 K 23,20.14. `äle(j)khèm (tot jullie) < voorzetsel `al + suffix persoonl. voornaamw. mann. mv. . `al (op, overeenkomstig, omwille van) . Taalgebruik in Tenakh : `al (op, overeenkomstig) . Taalgebruik in Jesaja : `al (op, overeenkomstig) . Getalwaarde : ajin = 16 of 70, lamed = 12 of 30 ; totaal : 28 of 100 . Structuur : 7 - 3 . Tenakh (214) . Pentateuch (28) . Eerdere Profeten (37) . Latere Profeten (70) . 12 Kleine Profeten (10) . Geschriften (61) . 2 K (5) : (1) 2 K 8,20 . (2) 2 K 18,23 . (3) 2 K 20,13 . (4) 2 K 23,20 . (5) 2 K 25,22 .

2 K 23,20.15. wajjâsjâbh (en hij keerde terug) < wë + act. qal imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. sjûbh (terugkeren) . Taalgebruik in Tenakh : sjûbh (terugkeren) . Getalwaarde : sjin = 21 of 300 , waw = 6 , beth = 2 ; totaal : 29 of 308 . Structuur : 3 - 6 - 2 OF wë + actief qal imperfectum derde persoon mann. enkelvoud wajjesjèbh (en hij verbleef) van het werkw. jâsjabh (wonen) . Taalgebruik in Tenakh : jâsjabh (wonen) . Getalwaarde : jod = 10 , sjin = 21 of 300 , beth = 2 ; totaal : 33 (3 X 11) OF 312 (2³ X 3 X 13) . Structuur : 1 - 3 - 2 . Tenakh (228) . Pentateuch (58) . Eerdere Profeten (114) . Latere Profeten (14) . 12 Kleine Profeten (6) . Geschriften (36) . 2 K (28) : (1) 2 K 1,11 . (2) 2 K 1,13 . (3) 2 K 2,13 . (4) 2 K 4,20 . (5) 2 K 4,31 . (6) 2 K 4,35 . (7) 2 K 5,10 . (8) 2 K 5,14 . (9) 2 K 5,15 . (10) 2 K 8,29 . (11) 2 K 9,15 . (12) 2 K 11,19 . (13) 2 K 13,25 . (14) 2 K 14,14 . (15) 2 K 15,5 . (16) 2 K 15,20 . (17) 2 K 17,3 . (18) 2 K 17,6 . (19) 2 K 17,24 . (20) 2 K 17,28 . (21) 2 K 19,8 . (22) 2 K 19,9 . (23) 2 K 19,36 . (24) 2 K 20,11 . (25) 2 K 21,3 . (26) 2 K 22,9 . (27) 2 K 23,20 . (28) 2 K 24,1 .

2 K 23,20.16. jërûsjâlaim (Jeruzalem) . Taalgebruik in Tenakh : jërûsjâlaim (Jeruzalem) . Getalwaarde : jod = 10 , resj = 20 of 200 , waw = 6 , sjin = 21 of 300 , lamed = 12 of 30 , mem = 13 of 40 ; totaal : 82 (2 X 41) OF 586 (2 X 293) . Structuur : 1 - 2 - 6 -3 - 3 - 4 . Tenakh (336) . Pentateuch (0) . Eerdere Profeten (66) . Latere Profeten (116) . 12 Kleine Profeten (38) . Geschriften (116) . 2 K (25) : (1) 2 K 12,18 . (2) 2 K 12,19 . (3) 2 K 14,2 . (4) 2 K 14,13 . (5) 2 K 16,5 . (6) 2 K 18,17 . (7) 2 K 18,35 . (8) 2 K 19,10 . (9) 2 K 19,21 . (10) 2 K 21,12 . (11) 2 K 21,13 . (12) 2 K 21,16 . (13) 2 K 23,2 . (14) 2 K 23,5 . (15) 2 K 23,13 . (16) 2 K 23,20 . (17) 2 K 23,27 . (18) 2 K 23,20 . (19) 2 K 24,4 . (20) 2 K 24,10 . (21) 2 K 24,14 . (22) 2 K 25,1 . (23) 2 K 25,8 . (24) 2 K 25,9 . (25) 2 K 25,10 .

2 K 23,21 - 2 K 23,21 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:21 De koning stelt daar heel de gemeenschap onder een gebod en zegt: maakt een paasoffer klaar voor de Ene, uw God,- zoals geschreven staat op deze boekrol van het verbond!  

King James Bible . [21] And the king commanded all the people, saying, Keep the passover unto the LORD your God, as it is written in the book of this covenant.
Luther-Bibel . 21 Und der König gebot dem Volk: Haltet dem HERRN, eurem Gott, Passa, wie es geschrieben steht in diesem Buch des Bundes!

Tekstuitleg van 2 K 23,21 .

1. wajëtsaw (en hij beval) < wë + act. piël imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. tsâwâh (opdragen, bevelen ) . Taalgebruik in Tenakh : tsâwâh (opdragen) . Getalwaarde : tsade = 18 of 90 , waw = 6 , he = 5 ; totaal : 29 OF 101 (priemgetal) . Structuur : 9 - 6 - 5 . Tenakh (48) . Pentateuch (22) . Eerdere Profeten (19) . Latere Profeten (1) . 12 Kleine Profeten (0) . Geschriften (1) . 2 K (5) : (1) 2 K 11,15 . (2) 2 K 17,27 . (3) 2 K 22,12 . (4) 2 K 23,4 . (5) 2 K 23,21 .

2. hammèlèkh (de koning) < bepaald lidw ha + mèlèkh (koning) . Taalgebruik in Tenakh : mèlèkh (koning) . Getalwaarde : mem = 13 of 40 , lamed = 12 of 30 , kaph = 11 of 20 ; totaal : 36 (2² X 3²) OF 90 (2 X 3² X 5) . Structuur : 4 - 3 - 2 . Tenakh (819) . Pentateuch (6) . Eerdere Profeten (422) . Latere Profeten (67) . 12 Kleine Profeten (9) . Geschriften (315) . 2 K (91) . 2 K 23 (8) : (1) 2 K 23,1 . (2) 2 K 23,2 . (3) 2 K 23,3 . (4) 2 K 23,4 . (5) 2 K 23,12 . (6) 2 K 23,13 . (7) 2 K 23,21 . (8) 2 K 23,29 .

1. - 2. wajëtsaw hammèlèkh (en de koning beval) . Tenakh (7) : (1) 2 S 18,5 . (2) 1 K 2,46 . (3) 1 K 5,31 . (4) 2 K 22,12 . (5) 2 K 23,4 . (6) 2 K 23,21 . (7) 2 Kr 34,20 .

3. ´eth / ´èth (accusatief) . Taalgebruik in Tenakh : ´eth (accusatief) . Getalwaarde : aleph = 1 , thaw = 22 of 400 ; totaal : 23 OF 401 (priemgetal) . Structuur : 1 - 4 . Eerste en laatste letter van het Hebreeuwse alfabet . Tenakh (5699) . Pentateuch (2002) . Eerdere Profeten (1661) . Latere Profeten (860) . 12 Kleine Profeten (207) . Geschriften (967) . 2 K (290) . 2 K () : (1) 2 K 23,2 . (2) 2 K 23,3 . (3) 2 K 23,4 . (4) 2 K 23,5 . (5) 2 K 23,6 . (6) 2 K 23,7 . (7) 2 K 23,8 . (8) 2 K 23,10 . (9) 2 K 23,11 . (10) 2 K 23,12 . (11) 2 K 23,14 . (12) 2 K 23,15 . (13) 2 K 23,16 . (14) 2 K 23,17 . (15) 2 K 23,18 . (16) 2 K 23,19 . (17) 2 K 23,20 . (18) 2 K 23,21 . (19) 2 K 23,22 . (20) 2 K 23,24 . (21) 2 K 23,27 . (22) 2 K 23,30 . (23) 2 K 23,34 . (24) 2 K 23,35 .

4. kl (al) . kâl / kol . Taalgebruik in Tenakh : kl (al) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , lamed = 12 of 30 ; totaal : 23 OF 50 (2 X 5²) . Structuur : 2 - 3 . Tenakh (2709) . Pentateuch (824) . Eerdere Profeten (584) . Latere Profeten (505) . 12 Kleine Profeten (104) . Geschriften (692) . Gr. pas , pasa, pan (ieder, elk) . Taalgebruik in de Septuaginta : pas (ieder, elk) . Taalgebruik in het NT : pas (ieder, elk) . Lat. omnis . Fr. tout . Ned. heel, al, gans . D. al . E. whole . 2 K (81) . 2 K 23 (10) : (1) 2 K 23,1 . (2) 2 K 23,2 . (3) 2 K 23,3 . (4) 2 K 23,4 . (5) 2 K 23,8 . (6) 2 K 23,19 . (7) 2 K 23,20 . (8) 2 K 23,21 . (9) 2 K 23,24 . (10) 2 K 23,26 .

2 K 23,22 - 2 K 23,22 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:22 Want er is niets klaargemaakt als dit paasoffer vanaf de dagen van de richteren toen zij Israël richtten,- álle dagen van de koningen van Israël en de koningen van Juda;  

King James Bible . [22] Surely there was not holden such a passover from the days of the judges that judged Israel, nor in all the days of the kings of Israel, nor of the kings of Judah;
Luther-Bibel . 22 Denn es war kein Passa so gehalten worden wie dies von der Zeit der Richter an, die Israel gerichtet haben, und in allen Zeiten der Könige von Israel und der Könige von Juda,

Tekstuitleg van 2 K 23,22 .

2 K 23,23 - 2 K 23,23 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:23 pas in het achttiende jaar dat Josjiahoe koning is,- is dit paasoffer voor de Ene klaargemaakt in Jeruzalem.  

King James Bible . [23] But in the eighteenth year of king Josiah, wherein this passover was holden to the LORD in Jerusalem.
Luther-Bibel . 23 sondern im achtzehnten Jahr des Königs Josia wurde in Jerusalem dies Passa gehalten dem HERRN.

Tekstuitleg van 2 K 23,23 .

2 K 23,24 - 2 K 23,24 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:24 Ook de dodenbezweerders, de waarzeggers, de terafiem, de godenbeelden, alle afschuwelijkheden die in het land Juda en in Jeruzalem te zien waren heeft Josjiahoe opgeruimd,- om zo bestand te geven aan alle woorden van de Wet die staan geschreven op de boekrol die priester Chilkiahoe gevonden heeft in het huis van de Ene.  

King James Bible . [24] Moreover the workers with familiar spirits, and the wizards, and the images, and the idols, and all the abominations that were spied in the land of Judah and in Jerusalem, did Josiah put away, that he might perform the words of the law which were written in the book that Hilkiah the priest found in the house of the LORD. 24 Auch rottete Josia aus alle Geisterbeschwörer, Zeichendeuter, Abgötter und Götzen und alle Gräuel, die im Lande Juda und in Jerusalem zu sehen waren, damit er erfüllte die Worte des Gesetzes, die geschrieben standen in dem Buch, das der Priester Hilkija im Hause des HERRN gefunden hatte.
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van 2 K 23,24 .

2 K 23,25 - 2 K 23,25 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:25 Zoals hij is er vóór zijn verschijning geen koning geweest die tot de Ene is teruggekeerd met heel zijn hart, met heel zijn ziel en met heel zijn kracht, naar heel de Wet van Mozes; en na hem is er geen opgestaan zoals hij.  

King James Bible . [25] And like unto him was there no king before him, that turned to the LORD with all his heart, and with all his soul, and with all his might, according to all the law of Moses; neither after him arose there any like him.
Luther-Bibel . 25 Seinesgleichen war vor ihm kein König gewesen, der so von ganzem Herzen, von ganzer Seele, von allen Kräften sich zum HERRN bekehrte, ganz nach dem Gesetz des Mose, und nach ihm kam seinesgleichen nicht auf.

Tekstuitleg van 2 K 23,25 .

5. - 6. mèlèkh ´äsjèr (een koning die) . Tenakh (2) : (1) Dt 17,15 . (2) 2 K 23,25 .

16. këkol / këkhâl < kë + kl (al) . Taalgebruik in Tenakh : kl (al) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , lamed = 12 of 30 ; totaal : 23 OF 50 (2 X 5²) . Structuur : 2 - 3 . Gr. pas , pasa, pan (ieder, elk) . Taalgebruik in de Septuaginta : pas (ieder, elk) . Taalgebruik in het NT : pas (ieder, elk) . Lat. omnis . Fr. tout . Ned. heel, al, gans . D. al . E. whole . 2 K (81) . Tenakh (122) . Pentateuch (35) . Eerdere Profeten (52) . Latere Profeten (15) . 12 Kleine Profeten (0) . Geschriften (20) . 2 K (19) : (1) 2 K 7,13 . (2) 2 K 10,30 . (3) 2 K 11,9 . (4) 2 K 14,3 . (5) 2 K 15,3 . (6) 2 K 15,34 . (7) 2 K 16,11 . (8) 2 K 16,16 . (9) 2 K 17,13 . (10) 2 K 18,3 . (11) 2 K 21,8 . (12) 2 K 22,13 . (13) 2 K 23,19 . (14) 2 K 23,25 . (15) 2 K 23,32 . (16) 2 K 23,37 . (17) 2 K 24,3 . (18) 2 K 24,9 . (19) 2 K 24,19 .

17. stat. constr. vr. enk. thôrath van het zelfst. naamw. thôrâh (wet) . Taalgebruik in Tenakh : thôrâh (wet) . Getalwaarde : thaw = 22 of 400 , waw = 6 , resj = 20 of 200 , he = 5 ; totaal : 53 (priemgetal) OF 611 (13 X 47) . Tenakh (47) . Pentateuch (16) . Eerdere Profeten (7) . Latere Profeten (5) . 12 Kleine Profeten (4) . Geschriften (15) . Eerdere Profeten (7) : (1) Joz 8,31 . (2) Joz 8,32 . (3) Joz 23,6 . (4) Joz 24,26 . (5) 2 S 7,19 . (6) 2 K 14,6 . (7) 2 K 23,25 .

18. mosjèh (Mozes) . Taalgebruik in Tenakh : Mosjèh (Mozes) . De getalwaarde van Mosjèh (Mozes) is : mem = 13 of 40 , sjin = 21 of 300 , he = 5 . Totaal : 39 (3 X 13) of 345 ( 3 X 5 X 23) ; het omgekeerde 543 (3 X 181 : het zesde zeszijdige stergetal) . Structuur : 4 - 3 - 5 . Tenakh (675) . Pentateuch (569) . Eerdere Profeten (67) . Latere Profeten (3) . 12 Kleine Profeten (2) . Geschriften (34) . 2 K (6) : (1) 2 K 14,6 . (2) 2 K 18,4 . (3) 2 K 18,6 . (4) 2 K 18,12 . (5) 2 K 21,8 . (6) 2 K 23,25 .

17. - 18. thorath mosjèh (7) : (1) Joz 8,31 . (2) Joz 8,32 . (3) Joz 23,6 . (4) 2 K 14,6 . (5) 2 K 23,25 . (6) Neh 8,1 . (7) Mal 3,22 .

2 K 23,26 - 2 K 23,26 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:26 Toch is de Ene niet teruggekeerd van de gloed van zijn grote toorn toen zijn toorn tegen Juda was ontgloeid,- om alle krenkingen waarmee Manasse hem heeft gekrenkt.  

King James Bible . [26] Notwithstanding the LORD turned not from the fierceness of his great wrath, wherewith his anger was kindled against Judah, because of all the provocations that Manasseh had provoked him withal.
Luther-Bibel . 26 Doch kehrte sich der HERR nicht ab von dem Grimm seines großen Zorns, mit dem er über Juda erzürnt war um all der Ärgernisse willen, durch die ihn Manasse erzürnt hatte.

Tekstuitleg van 2 K 23,26 .

2 K 23,27 - 2 K 23,27 : De hervorming van Josia - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- 2 K (2 Koningen) -- 2 K 23 -- 2 K 23,1-27 -- 2 K 23,1 - 2 K 23,2 - 2 K 23,3 - 2 K 23,4 - 2 K 23,5 - 2 K 23,6 - 2 K 23,7 - 2 K 23,8 - 2 K 23,9 - 2 K 23,10 - 2 K 23,11 - 2 K 23,12 - 2 K 23,13 - 2 K 23,14 - 2 K 23,15 - 2 K 23,16 - 2 K 23,17 - 2 K 23,18 - 2 K 23,19 - 2 K 23,20 - 2 K 23,21 - 2 K 23,22 - 2 K 23,23 - 2 K 23,24 - 2 K 23,25 - 2 K 23,26 - 2 K 23,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:27 De Ene zegt: ook Juda verwijder ik van mijn aanschijn, zoals ik Israël verwijderd heb,- en verwerpen zal ik deze stad die ik eens heb uitverkoren: Jeruzalem, en het huis waarvan ik heb gezegd: mijn naam zal daar aanwezig zijn!  

King James Bible . [27] And the LORD said, I will remove Judah also out of my sight, as I have removed Israel, and will cast off this city Jerusalem which I have chosen, and the house of which I said, My name shall be there.
Luther-Bibel . 27 Und der HERR sprach: Ich will auch Juda von meinem Angesicht tun, wie ich Israel weggetan habe, und will diese Stadt verwerfen, die ich erwählt hatte, Jerusalem, und das Haus, von dem ich gesagt hatte: Mein Name soll dort sein.

Tekstuitleg van 2 K 23,27 .

2 K 23,28 - 2 K 23,28 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:28 De overige van de woorden over Josjiahoe en al wat hij heeft gedaan,- staan die niet geschreven op de boekrol van de verwoordingen der dagen van de koningen van Juda?  

King James Bible . [28] Now the rest of the acts of Josiah, and all that he did, are they not written in the book of the chronicles of the kings of Judah?
Luther-Bibel . 28 Was aber mehr von Josia zu sagen ist und alles, was er getan hat, siehe, das steht geschrieben in der Chronik der Könige von Juda.

Tekstuitleg van 2 K 23,28 .

2 K 23,29 - 2 K 23,29 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:29 In zijn dagen is Farao Necho, koning van Egypte, opgetrokken tegen de koning van Asjoer, aan de rivier Eufraat; koning Josjiahoe gaat hem tegemoet, maar die doodt hem bij Megido, zodra hij hem ziet.  

King James Bible . [29] In his days Pharaoh-nechoh king of Egypt went up against the king of Assyria to the river Euphrates: and king Josiah went against him; and he slew him at Megiddo, when he had seen him.
Luther-Bibel . 29 Zu seiner Zeit zog der Pharao Necho, der König von Ägypten, herauf gegen den König von Assyrien an den Strom Euphrat. Und der König Josia zog ihm entgegen, aber Necho tötete ihn in Megiddo, als er ihn sah.

Tekstuitleg van 2 K 23,29 .

2 K 23,30 - 2 K 23,30 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:30 Zijn dienaren rijden hem dood weg uit Megido, komen met hem aan in Jeruzalem en begraven hem in zijn eigen graf; de gemeenschap van het land neemt Josjiahoes zoon Jehoachaz, ze zalven hem en maken hem koning in plaats van zijn vader. •  

King James Bible . [30] And his servants carried him in a chariot dead from Megiddo, and brought him to Jerusalem, and buried him in his own sepulchre. And the people of the land took Jehoahaz the son of Josiah, and anointed him, and made him king in his father's stead.
Luther-Bibel . 30 Und seine Männer brachten den Toten von Megiddo und führten ihn nach Jerusalem und begruben ihn in seinem Grabe. Und das Volk des Landes nahm Joahas, den Sohn Josias, und sie salbten ihn und machten ihn zum König an seines Vaters statt.

Tekstuitleg van 2 K 23,30 .

2 K 23,31 - 2 K 23,31 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:31 Een man van drieëntwintig jaar is Jehoachaz als hij koning wordt, en drie nieuwemanen is hij in Jeruzalem koning gebleven; de naam van zijn moeder is Chamoetal, dochter van Jeremia, uit Livna.  

King James Bible . [31] Jehoahaz was twenty and three years old when he began to reign; and he reigned three months in Jerusalem. And his mother's name was Hamutal, the daughter of Jeremiah of Libnah.
Luther-Bibel . 31 Dreiundzwanzig Jahre war Joahas alt, als er König wurde; und er regierte drei Monate zu Jerusalem. Seine Mutter hieß Hamutal, eine Tochter Jirmejas aus Libna.

Tekstuitleg van 2 K 23,31 .

1. wajja`ash (en hij maakte, en hij deed) < wë + act. qal imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. `âshâh (maken, doen) . Taalgebruik in Tenakh : `âshâh (maken) . Getalwaarde : ajin = 16 of 70 , shin = 21 of 300 , he = 5 ; totaal : 42 (2 X 3 X 7) OF 375 (3 X 5³) . Structuur : 7 - 3 - 5 . Tenakh (232) . Pentateuch (81) . Eerdere Profeten (86) . Latere Profeten (9) . 12 Kleine Profeten (1) . Geschriften (55) . 2 K (24) : (1) 2 K 8,18 . (2) 2 K 8,27 . (3) 2 K 12,3 . (4) 2 K 13,2 . (5) 2 K 14,3 . (6) 2 K 14,24 . (7) 2 K 15,3 . (8) 2 K 15,9 . (9) 2 K 15,18 . (10) 2 K 15,24 . (11) 2 K 15,28 . (12) 2 K 15,34 . (2 K 15,34 . (13) 2 K 16,16 . (14) 2 K 17,2 . (15) 2 K 18,3 . (16) 2 K 21,2 . (17) 2 K 21,3 . (18) 2 K 21,20 . (19) 2 K 22,2 . (20) 2 K 23,19 . (21) 2 K 23,32 . (22) 2 K 23,37 . (23) 2 K 24,9 . (24) 2 K 24,19 .

2 K 23,32 - 2 K 23,32 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:32 Hij doet wat kwaad is in de ogen van de Ene,- geheel zoals zijn vaderen hebben gedaan.  

King James Bible . [32] And he did that which was evil in the sight of the LORD, according to all that his fathers had done.
Luther-Bibel . 32 Und er tat, was dem HERRN missfiel, wie seine Väter getan hatten.

Tekstuitleg van 2 K 23,32 .

1. wajja`ash (en hij maakte, en hij deed) < wë + act. qal imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. `âshâh (maken, doen) . Taalgebruik in Tenakh : `âshâh (maken) . Getalwaarde : ajin = 16 of 70 , shin = 21 of 300 , he = 5 ; totaal : 42 (2 X 3 X 7) OF 375 (3 X 5³) . Structuur : 7 - 3 - 5 . Tenakh (232) . Pentateuch (81) . Eerdere Profeten (86) . Latere Profeten (9) . 12 Kleine Profeten (1) . Geschriften (55) . 2 K (24) : (1) 2 K 8,18 . (2) 2 K 8,27 . (3) 2 K 12,3 . (4) 2 K 13,2 . (5) 2 K 14,3 . (6) 2 K 14,24 . (7) 2 K 15,3 . (8) 2 K 15,9 . (9) 2 K 15,18 . (10) 2 K 15,24 . (11) 2 K 15,28 . (12) 2 K 15,34 . (2 K 15,34 . (13) 2 K 16,16 . (14) 2 K 17,2 . (15) 2 K 18,3 . (16) 2 K 21,2 . (17) 2 K 21,3 . (18) 2 K 21,20 . (19) 2 K 22,2 . (20) 2 K 23,19 . (21) 2 K 23,32 . (22) 2 K 23,37 . (23) 2 K 24,9 . (24) 2 K 24,19 .

2. JHWH . Eigennaam van God . Taalgebruik in Tenakh : JHWH . Taalgebruik in Genesis : JHWH . Taalgebruik in 1 Samuël : JHWH . Taalgebruik in Jesaja : JHWH . Taalgebruik in Amos : JHWH . Taalgebruik in Jona : JHWH . Taalgebruik in Sefanja : JHWH . Getalwaarde : jod = 10 , he = 5 , waw = 6 . Totaal : 26 . Structuur : 1 - 5 - 6 - 5 . Tenakh (5193) . Pentateuch (1326) . Eerdere Profeten (1013) . Latere Profeten (1357) . 12 Kleine Profeten (387) . Geschriften (1110) . 2 K (217) . 2 K 23 (15) : (1) 2 K 23,2 . (2) 2 K 23,3 . (3) 2 K 23,4 . (4) 2 K 23,6 . (5) 2 K 23,7 . (6) 2 K 23,9 . (7) 2 K 23,11 . (8) 2 K 23,12 . (9) 2 K 23,16 . (10) 2 K 23,24 . (11) 2 K 23,25 . (12) 2 K 23,26 . (13) 2 K 23,27 . (14) 2 K 23,32 . (15) 2 K 23,37 .

3. bë`e(j)ne(j) (in de ogen van) < prefix voorzetsel bë + stat. constr. mann. mv. van het zelfst. naamw. `ajin (oog, bron) . Taalgebruik in Tenakh : `ajin (oog, bron) . Taalgebruik in Jesaja : `ajin (oog, bron) . De getalwaarde van ajin is : ajin = 16 of 70 , jod = 10 , nun = 14 of 50 . Totaal : 40 (2 X 2 X 2 X 5) of 130 (2 X 5 X 13) . Structuur : 7 - 1 - 5 . Gr. ofthalmos (oog) . Taalgebruik in het NT : ofthalmos (oog) . Taalgebruik in de LXX : ofthalmos (oog) . Lat. oculus . Fr. oeil (yeux) . E. eye . Ned. oog . D. Aug . Een vorm van ofthalmos (oog) in de LXX (678) , in het NT (100) . Tenakh (158) . Pentateuch (35) . Eerdere Profeten (78) . Latere Profeten (11) . 12 Kleine Profeten (3) . Geschriften (31) . 2 K (30) . (1) 2 K 3,2 . (2) 2 K 3,18 . (3) 2 K 8,18 . (4) 2 K 8,27 . (5) 2 K 10,30 . (6) 2 K 12,3 . (7) 2 K 13,2 . (8) 2 K 13,11 . (9) 2 K 14,3 . (10) 2 K 14,24 . (11) 2 K 15,3 . (12) 2 K 15,9 . (13) 2 K 15,18 . (14) 2 K 15,24 . (15) 2 K 15,28 . (16) 2 K 15,34 . (17) 2 K 16,2 . (18) 2 K 17,2 . (19) 2 K 17,17 . (20) 2 K 18,3 . (21) 2 K 21,2 . (22) 2 K 21,6 . (23) 2 K 21,15 . (24) 2 K 21,16 . (25) 2 K 21,20 . (26) 2 K 22,2 . (27) 2 K 23,32 . (28) 2 K 23,37 . (29) 2 K 24,9 . (30) 2 K 24,19 .

3. - 4. bë`e(j)ne(j) JHWH (in de ogen van JHWH) . Tenakh (93/158) . Pentateuch (15/35) . Gn (3) . Lv (1) . Nu (2) . Dt (9) . Profeten (58/92) . Eerdere Profeten (55/78) . Re (7) . 1 S (3) . 2 S (2) . 1 K (14/19) . 2 K (29/30) .Latere Profeten (2/11) . Js (1/4) . Jr (1/7) . 12 Kleine Profeten (1/3) . Mal (1) . Geschriften (20/31) . Ps (1/2) . 1 Kr (1/2) . 2 Kr (18/19) . Pentateuch (15/35) . Gn (3) : (1) Gn 6,8 . (2) Gn 38,7 . (3) Gn 38,10 . Lv (1) : Lev 10,19 . Nu (2) : (1) Nu 24,1 . (2) Nu 32,13 . Dt (9/10) : (1) Dt 4,25 . (2) Dt 6,18 . (3) Dt 9,18 . (4) Dt 12,25 . (5) Dt 12,28 . (6) Dt 13,19 . (7) Dt 17,2 . (8) Dt 21,9 . (9) Dt 31,29 . Re (7/9) : (1) Re 2,11 . (2) Re 3,7 . (3) Re 3,12 . (4) Re 4,1 . (5) Re 6,1 . (6) Re 10,6 . (7) Re 13,1 . 1 S (3/10) : (1) 1 S 12,17 . (2) 1 S 15,19 . (3) 1 S 26,24 . 2 S (2/7) : (1) 2 S 11,27 . (2) 2 S 15,25 . 1 K (14/19) : (1) 1 K 11,6 . (2) 1 K 14,22 . (3) 1 K 15,5 . (4) 1 K 15,11 . (5) 1 K 15,26 . (6) 1 K 15,34 . (7) 1 K 16,7 . (8) 1 K 16,19 . (9) 1 K 16,25 . (10) 1 K 16,30 . (11) 1 K 21,20 . (12) 1 K 21,25 . (13) 1 K 22,43 . (14) 1 K 22,53 . 2 K (29/30) . (1) 2 K 3,2 . (2) 2 K 3,18 . (3) 2 K 8,18 . (4) 2 K 8,27 . (5) 2 K 12,3 . (6) 2 K 13,2 . (7) 2 K 13,11 . (8) 2 K 14,3 . (9) 2 K 14,24 . (10) 2 K 15,3 . (11) 2 K 15,9 . (12) 2 K 15,18 . (13) 2 K 15,24 . (14) 2 K 15,28 . (15) 2 K 15,34 . (16) 2 K 16,2 . (17) 2 K 17,2 . (18) 2 K 17,17 . (19) 2 K 18,3 . (20) 2 K 21,2 . (21) 2 K 21,6 . (22) 2 K 21,15 . (23) 2 K 21,16 . (24) 2 K 21,20 . (25) 2 K 22,2 . (26) 2 K 23,32 . (27) 2 K 23,37 . (28) 2 K 24,9 . (29) 2 K 24,19 . 'In de ogen van JHWH' concentreert zich in Dt (9) , 1 K (14) , 2 K (29) en 2 Kr (18) .

5. këkol / këkhâl < kë + kl (al) . Taalgebruik in Tenakh : kl (al) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , lamed = 12 of 30 ; totaal : 23 OF 50 (2 X 5²) . Structuur : 2 - 3 . Gr. pas , pasa, pan (ieder, elk) . Taalgebruik in de Septuaginta : pas (ieder, elk) . Taalgebruik in het NT : pas (ieder, elk) . Lat. omnis . Fr. tout . Ned. heel, al, gans . D. al . E. whole . 2 K (81) . Tenakh (122) . Pentateuch (35) . Eerdere Profeten (52) . Latere Profeten (15) . 12 Kleine Profeten (0) . Geschriften (20) . 2 K (19) : (1) 2 K 7,13 . (2) 2 K 10,30 . (3) 2 K 11,9 . (4) 2 K 14,3 . (5) 2 K 15,3 . (6) 2 K 15,34 . (7) 2 K 16,11 . (8) 2 K 16,16 . (9) 2 K 17,13 . (10) 2 K 18,3 . (11) 2 K 21,8 . (12) 2 K 22,13 . (13) 2 K 23,19 . (14) 2 K 23,25 . (15) 2 K 23,32 . (16) 2 K 23,37 . (17) 2 K 24,3 . (18) 2 K 24,9 . (19) 2 K 24,19 .

b
2 K 23,33 - 2 K 23,33 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:33 Farao Necho laat hem gevangen zetten in Rivla, in het land Chamat, terwijl hij koning is in Jeruzalem; hij legt het land een boete op van honderd talent zilver en tien talent goud.  

King James Bible . [33] And Pharaoh-nechoh put him in bands at Riblah in the land of Hamath, that he might not reign in Jerusalem; and put the land to a tribute of an hundred talents of silver, and a talent of gold.
Luther-Bibel . 33 Aber der Pharao Necho legte ihn ins Gefängnis in Ribla im Lande Hamat, damit er nicht mehr in Jerusalem regieren sollte, und legte eine Geldbuße aufs Land von hundert Zentnern Silber und einem Zentner Gold.

Tekstuitleg van 2 K 23,33 .

b
2 K 23,34 - 2 K 23,34 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:34 Farao Necho maakt Josjiahoes zoon Eljakiem koning in plaats van zijn vader, Josjiahoe, en verandert zijn naam in Jehojakiem; Jehoachaz heeft hij meegenomen; die komt aan in Egypte en sterft daar.  

King James Bible . [34] And Pharaoh-nechoh made Eliakim the son of Josiah king in the room of Josiah his father, and turned his name to Jehoiakim, and took Jehoahaz away: and he came to Egypt, and died there.
Luther-Bibel . 34 Und der Pharao Necho machte Eljakim, den Sohn Josias, zum König anstatt seines Vaters Josia und wandelte seinen Namen um in Jojakim. Aber Joahas nahm er und brachte ihn nach Ägypten; dort starb er.

Tekstuitleg van 2 K 23,34 .

2 K 23,35 - 2 K 23,35 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:35 Het zilver en het goud heeft Jehojakiem aan Farao gegeven, maar hij heeft van het land de waarde moeten vaststellen om het zilver op last van Farao te kunnen geven; van ieder zoals de waarde was vastgesteld heeft hij het zilver en het goud bij de gemeenschap van het land moeten vorderen om het aan Farao Necho te geven. ••  

King James Bible . [35] And Jehoiakim gave the silver and the gold to Pharaoh; but he taxed the land to give the money according to the commandment of Pharaoh: he exacted the silver and the gold of the people of the land, of every one according to his taxation, to give it unto Pharaoh-nechoh.
Luther-Bibel . 35 Und Jojakim gab das Silber und Gold dem Pharao. Doch legte er eine Steuer auf das Land, um das Geld aufzubringen, auf Befehl des Pharao. Von jedem unter dem Volk des Landes trieb er Silber und Gold ein, je nach seinem Vermögen, um es dem Pharao Necho zu geben.

Tekstuitleg van 2 K 23,35 .

2 K 23,36 - 2 K 23,36 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:36 Een man van vijfentwintig jaar is Jehojakiem als hij koning wordt, en elf jaar is hij in Jeruzalem koning gebleven; de naam van zijn moeder is Zevoeda, dochter van Pedaja, uit Roema.  

King James Bible . [36] Jehoiakim was twenty and five years old when he began to reign; and he reigned eleven years in Jerusalem. And his mother's name was Zebudah, the daughter of Pedaiah of Rumah.
Luther-Bibel . 36 Fünfundzwanzig Jahre alt war Jojakim, als er König wurde; und er regierte elf Jahre zu Jerusalem. Seine Mutter hieß Sebuda, eine Tochter Pedajas aus Ruma.

Tekstuitleg van 2 K 23,36 .

2 K 23,37 - 2 K 23,37 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
            23:37 Hij doet wat kwaad is in de ogen van de Ene,- geheel zoals zijn vaderen hebben gedaan.  

King James Bible . [37] And he did that which was evil in the sight of the LORD, according to all that his fathers had done.
Luther-Bibel . 37 Und er tat, was dem HERRN missfiel, wie seine Väter getan hatten.

Tekstuitleg van 2 K 23,37 .

1. wajja`ash (en hij maakte, en hij deed) < wë + act. qal imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. `âshâh (maken, doen) . Taalgebruik in Tenakh : `âshâh (maken) . Getalwaarde : ajin = 16 of 70 , shin = 21 of 300 , he = 5 ; totaal : 42 (2 X 3 X 7) OF 375 (3 X 5³) . Structuur : 7 - 3 - 5 . Tenakh (232) . Pentateuch (81) . Eerdere Profeten (86) . Latere Profeten (9) . 12 Kleine Profeten (1) . Geschriften (55) . 2 K (24) : (1) 2 K 8,18 . (2) 2 K 8,27 . (3) 2 K 12,3 . (4) 2 K 13,2 . (5) 2 K 14,3 . (6) 2 K 14,24 . (7) 2 K 15,3 . (8) 2 K 15,9 . (9) 2 K 15,18 . (10) 2 K 15,24 . (11) 2 K 15,28 . (12) 2 K 15,34 . (2 K 15,34 . (13) 2 K 16,16 . (14) 2 K 17,2 . (15) 2 K 18,3 . (16) 2 K 21,2 . (17) 2 K 21,3 . (18) 2 K 21,20 . (19) 2 K 22,2 . (20) 2 K 23,19 . (21) 2 K 23,32 . (22) 2 K 23,37 . (23) 2 K 24,9 . (24) 2 K 24,19 .

3. bë`e(j)ne(j) (in de ogen van) < prefix voorzetsel bë + stat. constr. mann. mv. van het zelfst. naamw. `ajin (oog, bron) . Taalgebruik in Tenakh : `ajin (oog, bron) . Taalgebruik in Jesaja : `ajin (oog, bron) . De getalwaarde van ajin is : ajin = 16 of 70 , jod = 10 , nun = 14 of 50 . Totaal : 40 (2 X 2 X 2 X 5) of 130 (2 X 5 X 13) . Structuur : 7 - 1 - 5 . Gr. ofthalmos (oog) . Taalgebruik in het NT : ofthalmos (oog) . Taalgebruik in de LXX : ofthalmos (oog) . Lat. oculus . Fr. oeil (yeux) . E. eye . Ned. oog . D. Aug . Een vorm van ofthalmos (oog) in de LXX (678) , in het NT (100) . Tenakh (158) . Pentateuch (35) . Eerdere Profeten (78) . Latere Profeten (11) . 12 Kleine Profeten (3) . Geschriften (31) . 2 K (30) . (1) 2 K 3,2 . (2) 2 K 3,18 . (3) 2 K 8,18 . (4) 2 K 8,27 . (5) 2 K 10,30 . (6) 2 K 12,3 . (7) 2 K 13,2 . (8) 2 K 13,11 . (9) 2 K 14,3 . (10) 2 K 14,24 . (11) 2 K 15,3 . (12) 2 K 15,9 . (13) 2 K 15,18 . (14) 2 K 15,24 . (15) 2 K 15,28 . (16) 2 K 15,34 . (17) 2 K 16,2 . (18) 2 K 17,2 . (19) 2 K 17,17 . (20) 2 K 18,3 . (21) 2 K 21,2 . (22) 2 K 21,6 . (23) 2 K 21,15 . (24) 2 K 21,16 . (25) 2 K 21,20 . (26) 2 K 22,2 . (27) 2 K 23,32 . (28) 2 K 23,37 . (29) 2 K 24,9 . (30) 2 K 24,19 .

3. - 4. bë`e(j)ne(j) JHWH (in de ogen van JHWH) . Tenakh (93/158) . Pentateuch (15/35) . Gn (3) . Lv (1) . Nu (2) . Dt (9) . Profeten (58/92) . Eerdere Profeten (55/78) . Re (7) . 1 S (3) . 2 S (2) . 1 K (14/19) . 2 K (29/30) .Latere Profeten (2/11) . Js (1/4) . Jr (1/7) . 12 Kleine Profeten (1/3) . Mal (1) . Geschriften (20/31) . Ps (1/2) . 1 Kr (1/2) . 2 Kr (18/19) . Pentateuch (15/35) . Gn (3) : (1) Gn 6,8 . (2) Gn 38,7 . (3) Gn 38,10 . Lv (1) : Lev 10,19 . Nu (2) : (1) Nu 24,1 . (2) Nu 32,13 . Dt (9/10) : (1) Dt 4,25 . (2) Dt 6,18 . (3) Dt 9,18 . (4) Dt 12,25 . (5) Dt 12,28 . (6) Dt 13,19 . (7) Dt 17,2 . (8) Dt 21,9 . (9) Dt 31,29 . Re (7/9) : (1) Re 2,11 . (2) Re 3,7 . (3) Re 3,12 . (4) Re 4,1 . (5) Re 6,1 . (6) Re 10,6 . (7) Re 13,1 . 1 S (3/10) : (1) 1 S 12,17 . (2) 1 S 15,19 . (3) 1 S 26,24 . 2 S (2/7) : (1) 2 S 11,27 . (2) 2 S 15,25 . 1 K (14/19) : (1) 1 K 11,6 . (2) 1 K 14,22 . (3) 1 K 15,5 . (4) 1 K 15,11 . (5) 1 K 15,26 . (6) 1 K 15,34 . (7) 1 K 16,7 . (8) 1 K 16,19 . (9) 1 K 16,25 . (10) 1 K 16,30 . (11) 1 K 21,20 . (12) 1 K 21,25 . (13) 1 K 22,43 . (14) 1 K 22,53 . 2 K (29/30) . (1) 2 K 3,2 . (2) 2 K 3,18 . (3) 2 K 8,18 . (4) 2 K 8,27 . (5) 2 K 12,3 . (6) 2 K 13,2 . (7) 2 K 13,11 . (8) 2 K 14,3 . (9) 2 K 14,24 . (10) 2 K 15,3 . (11) 2 K 15,9 . (12) 2 K 15,18 . (13) 2 K 15,24 . (14) 2 K 15,28 . (15) 2 K 15,34 . (16) 2 K 16,2 . (17) 2 K 17,2 . (18) 2 K 17,17 . (19) 2 K 18,3 . (20) 2 K 21,2 . (21) 2 K 21,6 . (22) 2 K 21,15 . (23) 2 K 21,16 . (24) 2 K 21,20 . (25) 2 K 22,2 . (26) 2 K 23,32 . (27) 2 K 23,37 . (28) 2 K 24,9 . (29) 2 K 24,19 . 'In de ogen van JHWH' concentreert zich in Dt (9) , 1 K (14) , 2 K (29) en 2 Kr (18) .

5. këkol / këkhâl < kë + kl (al) . Taalgebruik in Tenakh : kl (al) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , lamed = 12 of 30 ; totaal : 23 OF 50 (2 X 5²) . Structuur : 2 - 3 . Gr. pas , pasa, pan (ieder, elk) . Taalgebruik in de Septuaginta : pas (ieder, elk) . Taalgebruik in het NT : pas (ieder, elk) . Lat. omnis . Fr. tout . Ned. heel, al, gans . D. al . E. whole . 2 K (81) . Tenakh (122) . Pentateuch (35) . Eerdere Profeten (52) . Latere Profeten (15) . 12 Kleine Profeten (0) . Geschriften (20) . 2 K (19) : (1) 2 K 7,13 . (2) 2 K 10,30 . (3) 2 K 11,9 . (4) 2 K 14,3 . (5) 2 K 15,3 . (6) 2 K 15,34 . (7) 2 K 16,11 . (8) 2 K 16,16 . (9) 2 K 17,13 . (10) 2 K 18,3 . (11) 2 K 21,8 . (12) 2 K 22,13 . (13) 2 K 23,19 . (14) 2 K 23,25 . (15) 2 K 23,32 . (16) 2 K 23,37 . (17) 2 K 24,3 . (18) 2 K 24,9 . (19) 2 K 24,19 .


NAARDENSE BIJBEL

23:1 De koning zendt bericht,- en bij hem verzamelen zich alle oudsten van Judea en Jeruzalem. 2 Koningen 23:2 Dan klimt de koning op naar het huis van de Ene, en alle manvolk van Juda en alle ingezetenen van Jeruzalem met hem, de priesters, de profeten en heel de gemeenschap van klein tot groot; hij leest voor hun oren voor: alle woorden op de schriftrol van het verbond die is gevonden in het huis van de Ene. 23:3 De koning blijft op de standplaats staan en smeedt voor het aanschijn van de Ene het verbond om achter de Ene aan te gaan en zijn geboden, zijn overeenkomsten en zijn wetten te bewaken met alle hart en alle ziel,- om in te staan voor de woorden van dit verbond die geschreven staan op de schriftrol; dan gaat heel de gemeente staan in het verbond. 23:4 De koning gebiedt Chilkiahoe, de hogepriester, de tweede priesters en de dorpelwachters om uit het paleis van de Ene uit te leiden alle gereedschappen die gemaakt zijn voor de baäl, voor de asjera en voor heel de hemelse heirschaar; ze verbranden die buiten Jeruzalem op de veldjes van Kidron; de as daarvan heeft hij naar Bet El laten dragen. 23:5 Hij schaft de afgodspriesters af aan wie Juda's koningen opdracht gegeven hebben te wieroken op de offerhoogten, in de steden van Juda en in de omstreken van Jeruzalem, én hen die wieroken voor de baäl, voor de zon, de maan, de planeten en voor heel de hemelse heirschaar. 23:6 Hij leidt de asjera-paal naar buiten uit het huis van de Ene, buiten Jeruzalem naar het beekdal van Kidron, verbrandt haar in het beekdal van Kidron en verpulvert haar tot stof; hij werpt het stof dat van haar over is in het graf van de kinderen van de gemeenschap. 23:7 Hij sloopt de behuizingen van de heiligdomsschandknapen in het huis van de Ene,- waar de vrouwen behuizingen weefden voor de asjera-paal. 23:8 Hij laat alle priesters komen uit de steden van Juda en besmet de offerhoogten waarop de priesters hebben gewierookt, van Geva tot Beëer Sjeva; gesloopt heeft hij de offerhoogten van de poorten bij de ingang van de poort van Jozua, de overste van de stad; dat is links voor iemand die de stadspoort binnenkomt. 23:9 Echter, de priesters mochten van de offerhoogten niet opklimmen naar het altaar van de Ene in Jeruzalem; nee, zij hebben alleen matses mogen eten te midden van hun broeders. 23:10 Hij besmet de vuuroven in het dal van de zonen van Hinom,- zodat niet meer iemand zijn zoon en zijn dochter door het vuur kan laten gaan voor de Moloch. 23:11 Hij schaft de paarden af die de koningen van Juda hebben gegeven aan de zon, vanwaar men het huis van de Ene binnenkomt bij de kamer van hoveling Netan Melech in de aanbouw; de zonnewagens heeft hij verbrand in het vuur. 23:12 De altaren -op het dak van de opperzaal van Achaz- die de koningen van Juda hebben gemaakt, en de altaren die Manasse heeft gemaakt in de twee voorhoven van het huis van de Ene heeft de koning gesloopt; hij heeft ze daar verpulverd en hun stof weggeworpen in het beekdal van de Kidron. 23:13 De offerhoogten in het zicht van Jeruzalem, rechts van de Berg des Verderfs, die Israëls koning Salomo gebouwd heeft voor Asjtarte, de griezel van de Tsidoniërs, voor Kemosj, de griezel van Moab, en voor Milkom, de gruwel van de zonen van Amon,- heeft de koning besmet. 23:14 Hij heeft de standstenen stukgebroken en de asjera-palen omgehakt; hun plek vult hij op met mensenbeenderen. 23:15 En ook het altaar in Bet El, de offerhoogte die Jerobeam, zoon van Nevat, heeft gemaakt en waarmee hij Israël heeft laten zondigen, ook dat altaar en die offerhoogte heeft hij gesloopt; hij verbrandt de offerhoogte, heeft hem verpulverd tot stof en de asjera-paal verbrand. 23:16 Als Josjiahoe zich omwendt en de graven aanziet daar op de berg, zendt hij iemand en laat de beenderen uit de graven halen en verbranden op het altaar dat hij daarmee besmet,- naar het woord van de Ene dat de man Gods heeft uitgeroepen toen hij deze woorden uitriep. 23:17 Dan zegt hij: wat is dat voor een merksteen die ik daar zie?, en de mannen van de stad zeggen tot hem: dat is het graf van de man Gods die uit Juda kwam, en deze dingen die u hebt gedaan bij het altaar van Bet El heeft uitgeroepen! 23:18 Dan zegt hij: laat hem dan met rust, laat niemand zijn beenderen storen! Zo zorgen zijn beenderen ervoor dat ook de beenderen van de profeet die uit Samaria is gekomen, ontzien worden. 23:19 Ook heeft Josjiahoe alle godshuizen op de offerhoogten in de steden van Samaria die de koningen van Israël hebben gemaakt tot krenking van de Ene, verwijderd,- en met hen gedaan in de lijn van alle daden die hij in Bet El heeft gedaan. 23:20 Alle priesters van de offerhoogten daar offert hij op de altaren en verbrandt mensenbeenderen daarop; dan keert hij terug naar Jeruzalem. 23:21 De koning stelt daar heel de gemeenschap onder een gebod en zegt: maakt een paasoffer klaar voor de Ene, uw God,- zoals geschreven staat op deze boekrol van het verbond! 23:22 Want er is niets klaargemaakt als dit paasoffer vanaf de dagen van de richteren toen zij Israël richtten,- álle dagen van de koningen van Israël en de koningen van Juda; 23:23 pas in het achttiende jaar dat Josjiahoe koning is,- is dit paasoffer voor de Ene klaargemaakt in Jeruzalem. 23:24 Ook de dodenbezweerders, de waarzeggers, de terafiem, de godenbeelden, alle afschuwelijkheden die in het land Juda en in Jeruzalem te zien waren heeft Josjiahoe opgeruimd,- om zo bestand te geven aan alle woorden van de Wet die staan geschreven op de boekrol die priester Chilkiahoe gevonden heeft in het huis van de Ene. 23:25 Zoals hij is er vóór zijn verschijning geen koning geweest die tot de Ene is teruggekeerd met heel zijn hart, met heel zijn ziel en met heel zijn kracht, naar heel de Wet van Mozes; en na hem is er geen opgestaan zoals hij. 23:26 Toch is de Ene niet teruggekeerd van de gloed van zijn grote toorn toen zijn toorn tegen Juda was ontgloeid,- om alle krenkingen waarmee Manasse hem heeft gekrenkt. 23:27 De Ene zegt: ook Juda verwijder ik van mijn aanschijn, zoals ik Israël verwijderd heb,- en verwerpen zal ik deze stad die ik eens heb uitverkoren: Jeruzalem, en het huis waarvan ik heb gezegd: mijn naam zal daar aanwezig zijn! 23:28 De overige van de woorden over Josjiahoe en al wat hij heeft gedaan,- staan die niet geschreven op de boekrol van de verwoordingen der dagen van de koningen van Juda? 23:29 In zijn dagen is Farao Necho, koning van Egypte, opgetrokken tegen de koning van Asjoer, aan de rivier Eufraat; koning Josjiahoe gaat hem tegemoet, maar die doodt hem bij Megido, zodra hij hem ziet. 23:30 Zijn dienaren rijden hem dood weg uit Megido, komen met hem aan in Jeruzalem en begraven hem in zijn eigen graf; de gemeenschap van het land neemt Josjiahoes zoon Jehoachaz, ze zalven hem en maken hem koning in plaats van zijn vader. • 23:31 Een man van drieëntwintig jaar is Jehoachaz als hij koning wordt, en drie nieuwemanen is hij in Jeruzalem koning gebleven; de naam van zijn moeder is Chamoetal, dochter van Jeremia, uit Livna. 23:32 Hij doet wat kwaad is in de ogen van de Ene,- geheel zoals zijn vaderen hebben gedaan. 23:33 Farao Necho laat hem gevangen zetten in Rivla, in het land Chamat, terwijl hij koning is in Jeruzalem; hij legt het land een boete op van honderd talent zilver en tien talent goud. 23:34 Farao Necho maakt Josjiahoes zoon Eljakiem koning in plaats van zijn vader, Josjiahoe, en verandert zijn naam in Jehojakiem; Jehoachaz heeft hij meegenomen; die komt aan in Egypte en sterft daar. 23:35 Het zilver en het goud heeft Jehojakiem aan Farao gegeven, maar hij heeft van het land de waarde moeten vaststellen om het zilver op last van Farao te kunnen geven; van ieder zoals de waarde was vastgesteld heeft hij het zilver en het goud bij de gemeenschap van het land moeten vorderen om het aan Farao Necho te geven. •• 23:36 Een man van vijfentwintig jaar is Jehojakiem als hij koning wordt, en elf jaar is hij in Jeruzalem koning gebleven; de naam van zijn moeder is Zevoeda, dochter van Pedaja, uit Roema. 23:37 Hij doet wat kwaad is in de ogen van de Ene,- geheel zoals zijn vaderen hebben gedaan.


- A

- `al (op, overeenkomstig, omwille van) . Taalgebruik in Tenakh : `al (op, overeenkomstig) . Taalgebruik in Jesaja : `al (op, overeenkomstig) . Getalwaarde : ajin = 16 of 70, lamed = 12 of 30 ; totaal : 28 of 100 . Structuur : 7 - 3 . Tenakh (3075) . Pentateuch (828) . Eerdere Profeten (616) . Latere Profeten (585) . 12 Kleine Profeten (186) . Geschriften (860) . 2 K (152) . 2 K 23 (15) : (1) 2 K 23,3 . (2) 2 K 23,6 . (3) 2 K 23,8 . (4) 2 K 23,12 . (5) 2 K 23,13 . (6) 2 K 23,16 . (7) 2 K 23,17 . (8) 2 K 23,20 . (9) 2 K 23,21 . (10) 2 K 23,24 . (11) 2 K 23,26 . (12) 2 K 23,28 . (13) 2 K 23,29 . (14) 2 K 23,33 . (15) 2 K 23,35 .

- wajja`ash (en hij maakte, en hij deed) < wë + act. qal imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. `âshâh (maken, doen) . Taalgebruik in Tenakh : `âshâh (maken) . Getalwaarde : ajin = 16 of 70 , shin = 21 of 300 , he = 5 ; totaal : 42 (2 X 3 X 7) OF 375 (3 X 5³) . Structuur : 7 - 3 - 5 . Tenakh (232) . Pentateuch (81) . Eerdere Profeten (86) . Latere Profeten (9) . 12 Kleine Profeten (1) . Geschriften (55) . 2 K (24) : (1) 2 K 8,18 . (2) 2 K 8,27 . (3) 2 K 12,3 . (4) 2 K 13,2 . (5) 2 K 14,3 . (6) 2 K 14,24 . (7) 2 K 15,3 . (8) 2 K 15,9 . (9) 2 K 15,18 . (10) 2 K 15,24 . (11) 2 K 15,28 . (12) 2 K 15,34 . (2 K 15,34 . (13) 2 K 16,16 . (14) 2 K 17,2 . (15) 2 K 18,3 . (16) 2 K 21,2 . (17) 2 K 21,3 . (18) 2 K 21,20 . (19) 2 K 22,2 . (20) 2 K 23,19 . (21) 2 K 23,32 . (22) 2 K 23,37 . (23) 2 K 24,9 . (24) 2 K 24,19 .

- ´äsjèr (die) . Taalgebruik in Tenakh : ´äsjèr (die) . Taalgebruik in Jesaja : ´äsjèr (die) . Taalgebruik in Amos : ´äsjèr (die) . Getalwaarde van ´äsjèr (die) : aleph = 1 , sjin = 21 of 300 , resj = 20 of 200 ; totaal : 42 (2 X 3 X 7) of 501 (3 X 167) . Structuur : 1 - 3 - 2 . Tenakh (4012) . Pentateuch (1378) . Eerdere Profeten (1114) . Latere Profeten (717) . 12 Kleine Profeten (106) . Geschriften (697) . 2 K (223) . 2 K 23 () : (1) 2 K 23,5 . (2) 2 K 23,7 . (3) 2 K 23,8 . (4) 2 K 23,10 . (5) 2 K 23,11 . (6) 2 K 23,12 . (7) 2 K 23,13 . (8) 2 K 23,15 . (9) 2 K 23,16 . (10) 2 K 23,17 . (11) 2 K 23,18 . (12) 2 K 23,19 . (13) 2 K 23,20 . (14) 2 K 23,22 . (15) 2 K 23,24 . (16) 2 K 23,25 . (17) 2 K 23,26 . (18) 2 K 23,27 . (19) 2 K 23,28 . (20) 2 K 23,32 . () 2 K 23,33 . (21) 2 K 23,37 .

- B

- habbâmôth (de hoogten) < bepaald lidw. + vr. mv. van het zelfst. naamw. bâmâh (hoogte, grafheuvel, tempel) . Taalgebruik in Tenakh : bâmâh (hoogte, grafheuvel, tempel) . Getalwaarde : beth = 2 , mem = 13 of 40 , he = 5 ; totaal : 20 (2² X 5) OF 47 . Structuur : 2 - 4 - 5 . Tenakh (24) . 1 K (4) : (1) 1 K 12,32 . (2) 1 K 13,2 . (3) 1 K 13,32 . (4) 1 K 22,44 . 2 K () : (1) 2 K 12,4 . (2) 2 K 14,4 . (3) 2 K 15,4 . (4) 2 K 15,35 . (5) 2 K 17,29 . (6) 2 K 17,32 . (7) 2 K 18,4 . (8) 2 K 21,3 . (9) 2 K 23,8 . (10) 2 K 23,9 . (11) 2 K 23,13 . (12) 2 K 23,19 . (13) 2 K 23,20 . Js (1) . 2 Kr (6) . habbâmôth ´äsjèr (de hoogten die) . Tenakh (9) : (1) 1 K 12,32 . (2) 1 K 13,32 . (3) 2 K 17,29 . (4) 2 K 21,3 . (5) 2 K 23,8 . (6) 2 K 23,13 . (7) 2 K 23,19 . (8) 2 K 23,20 . (9) 2 Kr 33,3 . Een vorm van bâmâh (hoogte, grafheuvel, tempel) in 2 K 23 (7) : (1) 2 K 23,5 . (2) 2 K 23,8 . (3) 2 K 23,9 . (4) 2 K 23,13 . (5) 2 K 23,15 . (6) 2 K 23,19 . (7) 2 K 23,20 .

- C - D - E

- ´eth / ´èth (accusatief) . Taalgebruik in Tenakh : ´eth (accusatief) . Getalwaarde : aleph = 1 , thaw = 22 of 400 ; totaal : 23 OF 401 (priemgetal) . Structuur : 1 - 4 . Eerste en laatste letter van het Hebreeuwse alfabet . Tenakh (5699) . Pentateuch (2002) . Eerdere Profeten (1661) . Latere Profeten (860) . 12 Kleine Profeten (207) . Geschriften (967) . 2 K (290) . 2 K 23 (24) : (1) 2 K 23,2 . (2) 2 K 23,3 . (3) 2 K 23,4 . (4) 2 K 23,5 . (5) 2 K 23,6 . (6) 2 K 23,7 . (7) 2 K 23,8 . (8) 2 K 23,10 . (9) 2 K 23,11 . (10) 2 K 23,12 . (11) 2 K 23,14 . (12) 2 K 23,15 . (13) 2 K 23,16 . (14) 2 K 23,17 . (15) 2 K 23,18 . (16) 2 K 23,19 . (17) 2 K 23,20 . (18) 2 K 23,21 . (19) 2 K 23,22 . (20) 2 K 23,24 . (21) 2 K 23,27 . (22) 2 K 23,30 . (23) 2 K 23,34 . (24) 2 K 23,35 . ´èth kâl (354) . 2 K (19) : (1) 2 K 3,6 . (2) 2 K 4,13 . (3) 2 K 6,24 . (4) 2 K 8,6 . (5) 2 K 10,9 . (6) 2 K 10,17 . (7) 2 K 10,18 . (8) 2 K 12,10 . (9) 2 K 14,14 . (10) 2 K 17,16 . (11) 2 K 18,15 . (12) 2 K 20,13 . (13) 2 K 23,2 . (14) 2 K 23,8 . (15) 2 K 23,19 . (16) 2 K 23,20 . (17) 2 K 23,21 . (18) 2 K 24,13 (2X) . (19) 2 K 24,14 .

- F - G - H - I - J

- JHWH . Eigennaam van God . Taalgebruik in Tenakh : JHWH . Taalgebruik in Genesis : JHWH . Taalgebruik in 1 Samuël : JHWH . Taalgebruik in Jesaja : JHWH . Taalgebruik in Amos : JHWH . Taalgebruik in Jona : JHWH . Taalgebruik in Sefanja : JHWH . Getalwaarde : jod = 10 , he = 5 , waw = 6 . Totaal : 26 . Structuur : 1 - 5 - 6 - 5 . Tenakh (5193) . Pentateuch (1326) . Eerdere Profeten (1013) . Latere Profeten (1357) . 12 Kleine Profeten (387) . Geschriften (1110) . 2 K (217) . 2 K 23 (15) : (1) 2 K 23,2 . (2) 2 K 23,3 . (3) 2 K 23,4 . (4) 2 K 23,6 . (5) 2 K 23,7 . (6) 2 K 23,9 . (7) 2 K 23,11 . (8) 2 K 23,12 . (9) 2 K 23,16 . (10) 2 K 23,24 . (11) 2 K 23,25 . (12) 2 K 23,26 . (13) 2 K 23,27 . (14) 2 K 23,32 . (15) 2 K 23,37 .

- K

- kl (al) . kâl / kol . Taalgebruik in Tenakh : kl (al) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , lamed = 12 of 30 ; totaal : 23 OF 50 (2 X 5²) . Structuur : 2 - 3 . Tenakh (2709) . Pentateuch (824) . Eerdere Profeten (584) . Latere Profeten (505) . 12 Kleine Profeten (104) . Geschriften (692) . Gr. pas , pasa, pan (ieder, elk) . Taalgebruik in de Septuaginta : pas (ieder, elk) . Taalgebruik in het NT : pas (ieder, elk) . Lat. omnis . Fr. tout . Ned. heel, al, gans . D. al . E. whole . 2 K (81) . 2 K 23 (10) : (1) 2 K 23,1 . (2) 2 K 23,2 . (3) 2 K 23,3 . (4) 2 K 23,4 . (5) 2 K 23,8 . (6) 2 K 23,19 . (7) 2 K 23,20 . (8) 2 K 23,21 . (9) 2 K 23,24 . (10) 2 K 23,26 .

- këkol / këkhâl < kë + kl (al) . Taalgebruik in Tenakh : kl (al) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , lamed = 12 of 30 ; totaal : 23 OF 50 (2 X 5²) . Structuur : 2 - 3 . Gr. pas , pasa, pan (ieder, elk) . Taalgebruik in de Septuaginta : pas (ieder, elk) . Taalgebruik in het NT : pas (ieder, elk) . Lat. omnis . Fr. tout . Ned. heel, al, gans . D. al . E. whole . 2 K (81) . Tenakh (122) . Pentateuch (35) . Eerdere Profeten (52) . Latere Profeten (15) . 12 Kleine Profeten (0) . Geschriften (20) . 2 K (19) : (1) 2 K 7,13 . (2) 2 K 10,30 . (3) 2 K 11,9 . (4) 2 K 14,3 . (5) 2 K 15,3 . (6) 2 K 15,34 . (7) 2 K 16,11 . (8) 2 K 16,16 . (9) 2 K 17,13 . (10) 2 K 18,3 . (11) 2 K 21,8 . (12) 2 K 22,13 . (13) 2 K 23,19 . (14) 2 K 23,25 . (15) 2 K 23,32 . (16) 2 K 23,37 . (17) 2 K 24,3 . (18) 2 K 24,9 . (19) 2 K 24,19 .

- L - M

- hammèlèkh (de koning) < bepaald lidw ha + mèlèkh (koning) . Taalgebruik in Tenakh : mèlèkh (koning) . Getalwaarde : mem = 13 of 40 , lamed = 12 of 30 , kaph = 11 of 20 ; totaal : 36 (2² X 3²) OF 90 (2 X 3² X 5) . Structuur : 4 - 3 - 2 . Tenakh (819) . Pentateuch (6) . Eerdere Profeten (422) . Latere Profeten (67) . 12 Kleine Profeten (9) . Geschriften (315) . 2 K (91) . 2 K 23 (8) : (1) 2 K 23,1 . (2) 2 K 23,2 . (3) 2 K 23,3 . (4) 2 K 23,4 . (5) 2 K 23,12 . (6) 2 K 23,13 . (7) 2 K 23,21 . (8) 2 K 23,29 .

- N - O - P - Q - R - S

- wajjisjëlach < wë + act. qal imperf. 3de pers. mann. enk. . (2) wajësjallach (en hij zond) < wë + act. piël imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. sjâlach (zenden) . Taalgebruik in Tenakh : sjâlach (zenden) . Getalwaarde : sjin = 21 of 300 , lamed = 12 of 30 , chet = 8 ; totaal : 41 OF 338 (2 X 13²) . Structuur : 3 - 3 - 8 . Tenakh (212) . Pentateuch (32) . Eerdere Profeten (128) . Latere Profeten (14) . 12 Kleine Profeten (3) . Geschriften (35) . 2 K (33) . 2 K 23 (2) : (1) 2 K 23,1 . (2) 2 K 23,16 .

- sj-m . sjâm (daar) OF sjem (naam) . Taalgebruik in Tenakh : sjem (naam) . Getalwaarde : sjin = 21 of 300 , mem = 13 of 40 ; totaal : 34 (2 X 17) of 340 (10 X 2 X 17) . Structuur : 3 - 4 . Gr. onoma (naam) . Taalgebruik in het NT : onoma (naam) . Taalgebruik in de Septuaginta : onoma (naam) . Stam : N ... M . Lat. nomen . Fr. nom . Ned. naam . D. Name . Eng. name . Een vorm van onoma (naam) in de LXX (1045) , in het NT (228) . Tenakh (684) . Pentateuch (190) . Eerdere Profeten (190) . Latere Profeten (136) . 12 Kleine Profeten (23) . Geschriften (145) . 2 K (33) . 2 K 23 (5) : (1) 2 K 23,7 . (2) 2 K 23,16 . (3) 2 K 23,20 . (4) 2 K 23,27 . (5) 2 K 23,34 .

- T

- wajëtsaw (en hij beval) < wë + act. piël imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. tsâwâh (opdragen, bevelen ) . Taalgebruik in Tenakh : tsâwâh (opdragen) . Getalwaarde : tsade = 18 of 90 , waw = 6 , he = 5 ; totaal : 29 OF 101 (priemgetal) . Structuur : 9 - 6 - 5 . Tenakh (48) . Pentateuch (22) . Eerdere Profeten (19) . Latere Profeten (1) . 12 Kleine Profeten (0) . Geschriften (1) . 2 K (5) : (1) 2 K 11,15 . (2) 2 K 17,27 . (3) 2 K 22,12 . (4) 2 K 23,4 . (5) 2 K 23,21 .

- U - V - W - X -Y - Z -