Genesis 27 - Gn 27 -- bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Gn (Genesis) -- Gn 27 -
Jakob krijgt eerstgeboorterecht (Gn 27,1-40) . Jakob vlucht naar Haran (Gn 27,41-28,9) .

- Bibliografie - Literatuur - Liturgisch gebruik - Overzicht bijbelboeken - Overzicht van de bibliografie van de bijbelboeken - Overzicht van deze website - ZOEKEN -

- bijbelverwijzingen - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z -

Overzicht van Tenach : Tenach : overzicht , Tenach : taalgebruik - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , Tenach : commentaar ,
Overzicht van Septuaginta
: Septuaginta : overzicht , Septuaginta : taalgebruik - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , Septuaginta : commentaar ,
Overzicht N.T.
: N.T. : overzicht , N.T. : taalgebruik - N.T. A - N.T. B - N.T. C - N.T. D - N.T. E - N.T. F - N.T. G - N.T. H - N.T. I - N.T. J - N.T. K - N.T. L - N.T. M - N.T. N - N.T. O - N.T. P - N.T. Q - N.T. R - N.T. S - N.T. T - N.T. U - N.T. V - N.T. W - N.T. X - N.T. Y - N.T. Z - N.T. : commentaar .

- Genesis taalgebruik - Genesis taalgebruik A - Genesis taalgebruik B - Genesis taalgebruik C - Genesis taalgebruik D - Genesis taalgebruik E - Genesis taalgebruik F - Genesis taalgebruik G - Genesis taalgebruik H - Genesis taalgebruik I - Genesis taalgebruik J - Genesis taalgebruik K - Genesis taalgebruik L - Genesis taalgebruik M - Genesis taalgebruik N - Genesis taalgebruik O - Genesis taalgebruik P - Genesis taalgebruik Q - Genesis taalgebruik R - Genesis taalgebruik S - Genesis taalgebruik T - Genesis taalgebruik U - Genesis taalgebruik Z -

Overzicht van Genesis : - Gn 1 - Gn 2 - Gn 3 - Gn 4 - Gn 5 - Gn 6 - Gn 7 - Gn 8 - Gn 9 - Gn 10 - Gn 11 - Gn 12 - Gn 13 - Gn 14 - Gn 15 - Gn 16 - Gn 17 - Gn 18 - Gn 19 - Gn 20 - Gn 21 - Gn 22 - Gn 23 - Gn 24 - Gn 25 - Gn 26 - Gn 27 - Gn 28 - Gn 29 - Gn 30 - Gn 31 - Gn 32 - Gn 33 - Gn 34 - Gn 35 - Gn 36 - Gn 37 - Gn 38 - Gn 39 - Gn 40 - Gn 41 - Gn 42 - Gn 43 - Gn 44 - Gn 45 - Gn 46 - Gn 47 - Gn 48 - Gn 49 - Gn 50 -
Uitleg vers per vers : - Gn 27,1 - Gn 27,2 - Gn 27,3 - Gn 27,4 - Gn 27,5 - Gn 27,6 - Gn 27,7 - Gn 27,8 - Gn 27,9 - Gn 27,10 - Gn 27,11 - Gn 27,12 - Gn 27,13 - Gn 27,14 - Gn 27,15 - Gn 27,16 - Gn 27,17 - Gn 27,18 - Gn 27,19 - Gn 27,20 - Gn 27,21 - Gn 27,22 - Gn 27,23 - Gn 27,24 - Gn 27,25 - Gn 27,26 - Gn 27,27 - Gn 27,28 - Gn 27,29 - Gn 27,30 - Gn 27,31 - Gn 27,32 - Gn 27,33 - Gn 27,34 - Gn 27,35 - Gn 27,36 - Gn 27,37 - Gn 27,38 - Gn 27,39 - Gn 27,40 - Gn 27,41 - Gn 27,42 - Gn 27,43 - Gn 27,44 - Gn 27,45 - Gn 27,46 -

Religie.opzijnbest.nl
ZOEKEN OP DEZE WEBSITE
PicoSearch
  Hulp
Verzorgd door PicoSearch

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

     
 
http://www.bible-history.com/isbe/ http://www.lexilogos.com/bible_multilingue.htm http://www.intratext.com/IXT/LAT0001/_INDEX.HTM        
1. LXX , Griekse tekst N.T.   2. Vulgata   3. Synopsis Denaux - Vervenne  4. Statenvertaling   5. Willibrordvertaling   6. Nieuwe Vertaling   7. Naardense vertaling , zie
8. Bible de JÚrusalem 9. Statenvertaling   10. King James Bible  - King James Bible 11. Luther-Bibel   liturgische lezing      

WEDERKERIGHEID (DIVERSITEIT - VICE VERSA)
websitenamen : http://users.telenet.be/arseen.de.kesel/ en http://www.interlevensbeschouwelijk.be/index.htm
- STARTPAGINA - AGENDA - BIJ DE HAND - NIEUW -  TIJDSCHRIFTEN -
ALFABETISCH OVERZICHT VAN THEMA'S EN WEBSITES :
JAARTAL - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z
HOOFDTHEMA'S : allochtonen , armoede , bahá'íbezinningsteksten , bijbel , bijbel en koran , boeddhisme , christendom , extreemrechts ( Vlaams Blok ) , fundamentalisme , globalisering en antiglobalisering ,  hindoeïsme , interlevensbeschouwelijke dialoog , interreligieuze meditatie , islam , jodendom , koran , levensbeschouwing , levensbeschouwing / godsdienst en onderwijs , migratie , racisme , samenleving , sikhisme , spiritualiteit , tewerkstelling van allochtonen , vluchtelingen en asielzoekers , vrijzinnigheid , witte scholen , multiculturele scholen en concentratiescholen , Eigen-zinnige beschouwingen , Het kleine of grote ongenoegen -

Woordenschat

Bibliografie
Literatuur
Liturgisch gebruik

Overzicht van de bijbelboeken - bijbeloverzicht -- taalgebruik -
- OT : Gn (Genesis) , Ex (Exodus) , Lv (Leviticus) , Nu (Numeri) , Dt (Deuteronomium) , Joz (Jozua) , Re (Rechters) , Rt (Ruth) , 1 S (1 Samuël) , 2 S (2 Samuël) , 1 K (1 Koningen) , 2 K (2 Koningen) , 1 Kr ( 1 Kronieken) , 2 Kr (2 Kronieken) , Ezr (Ezra) , Neh (Nehemia) , Tob (Tobia) , Jdt (Judith) , Est (Esther) , 1 Mak (1 Makkabeeën) , 2 Mak (2 Makkabeeën) , Job , Ps (Psalmen ) , Spr (Spreuken) , Pr (Prediker) , Hl (Hooglied) , W (Wijsheid) , Sir (Sirach) , Js (Jesaja) , Jr (Jeremia) , Kl (Klaagliederen) , Bar (Baruch) , Ez (Ezechiël) , Da (Daniël) , Hos (Hosea) , Jl (Joël) , Am (Amos) , Ob (Obadja) , Jon (Jona) , Mi (Micha) , Nah (Nahum) , Hab (Habakuk) , Sef (Sefanja) , Hag (Haggai) , Zach (Zacharia) , Mal (Maleachi) .
- NT : Mt (Matteüs) - Mc (Marcus) - Lc (Lucas) - Joh (Johannes) - Hnd (Handelingen) , Rom (Rome) , 1 Kor (Korinte) , 2 Kor (Korinte) , Gal (Galatië) , Ef (Efese) , Fil (Filippi) , Kol (Kolosse) , 1 Tes (Tessalonika) , 2 Tes (Tessalonika) , 1 Tim (Timoteüs) , 2 Tim (Timoteüs) , Tit (Titus) , Film (Filemon) , Heb (Hebreeën) , Jak (Jakobus) , 1 Pe (Petrus) , 2 Pe (Petrus) , 1 Joh (Johannes) , 2 Joh (Johannes) , 2 Joh (Johannes) , Jud (Judas) , Apk (Apokalyps) .
Overzicht van de bibliografie van de bijbelboeken : - bibliografie bijbel - bibliografie van het Oude Testament - bibliografie Matteüsevangelie - bibliografie Marcusevangelie - bibliografie Lucasevangelie - bibliografie van het Johannesevangelie - bibliografie van het Nieuwe Testament (behalve evangeliën)


- Gn 27,1-40 . Jakob krijgt eerstgeboorterecht

Gn 27,1 - Gn 27,1 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,2 - Gn 27,2 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,3 - Gn 27,3 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,4 - Gn 27,4 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,5 - Gn 27,5 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,6 - Gn 27,6 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

7. act. piël part. vr. enk. מְצַוָּה = mëtsawwâh van het werkw. צָוָה = tsâwâh (opdragen, bevelen ) . Taalgebruik in Tenakh : tsâwâh (opdragen) . Getalwaarde : tsade = 18 of 90 , waw = 6 , he = 5 ; totaal : 29 OF 101 (priemgetal) . Structuur : 9 - 6 - 5 . De som van de elementen is telkens 2 . Tenakh (1) : Gn 27,8 . Een vorm van צָוָה = tsâwâh (opdragen, bevelen ) in Tenakh (471) .

Gn 27,7 - Gn 27,7 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,8 - Gn 27,8 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,9 - Gn 27,9 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,10 - Gn 27,10 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,11 - Gn 27,11 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,12 - Gn 27,12 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,13 - Gn 27,13 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,14 - Gn 27,14 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,15 - Gn 27,15 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,16 - Gn 27,16 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,17 - Gn 27,17 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,18 - Gn 27,18 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,19 - Gn 27,19 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,20 - Gn 27,20 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,21 - Gn 27,21 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,22 - Gn 27,22 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,23 - Gn 27,23 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,24 - Gn 27,24 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,25 - Gn 27,25 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,26 - Gn 27,26 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,27 - Gn 27,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
καὶ ἐγγίσας ἐφίλησεν αὐτόν, καὶ ὠσφράνθη τὴν ὀσμὴν τῶν ἱματίων αὐτοῦ καὶ εὐλόγησεν αὐτὸν καὶ εἶπεν· ἰδοὺ ὀσμὴ τοῦ υἱοῦ μου ὡς ὀσμὴ ἀγροῦ πλήρους, ὃν εὐλόγησε Κύριος.       [27] Hij kwam naderbij en kuste hem. Toen Isaak de geur van zijn kleren rook, sprak hij over hem deze zegen uit: ‘Ja, de geur van mijn zoon is als* de geur van een akker die door de heer is gezegend.        

King James Bible .
Luther-Bibel .

  וַיִּגַּשׁ, וַיִּשַּׁק-לוֹ, וַיָּרַח אֶת-רֵיחַ בְּגָדָיו, וַיְבָרְכֵהוּ; וַיֹּאמֶר, רְאֵה רֵיחַ בְּנִי, כְּרֵיחַ שָׂדֶה, אֲשֶׁר בֵּרְכוֹ יְהוָה.

Tekstuitleg van Gn 27,27 . Het vers Gn 27,27 telt 17 woorden en 63 (3² X 7) letters . De getalwaarde van Gn 27,27 is 3933 (3² X 19 X 23) . In dit vers Gn 27,27 begint reeds de zegen van Jakob met 8 (2³) woorden en 27 (3³) letters .

Gn 27,28 - Gn 27,28 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
28 καὶ δῴη σοι ὁ Θεὸς ἀπὸ τῆς δρόσου τοῦ οὐρανοῦ καὶ ἀπὸ τῆς πιότητος τῆς γῆς καὶ πλῆθος σίτου καὶ οἴνου.       [28] Dauw van de hemel zal God je geven, vruchtbare grond, met overvloed van koren en most.       

King James Bible .
Luther-Bibel .

  וְיִתֶּן-לְךָ, הָאֱלֹהִים, מִטַּל הַשָּׁמַיִם, וּמִשְׁמַנֵּי הָאָרֶץ--וְרֹב דָּגָן, וְתִירֹשׁ.

Tekstuitleg van Gn 27,28 . Het vers Gn 27,28 bevat 10 woorden . Gn 27,29 bevat 16 woorden . Samen 26 woorden of de getalwaarde van JHWH of de getalwaarde van de geschreven aleph : jod = 10 , waw = 6 , jod = 10 , totaal : 26 . Gn 27,28 bevat 41 letters en Gn 27,29 bevat 70 letters . Totaal : 111 letters , de getalwaarde van aleph . De zegen van Jakob begint reeds in Gn 27,28 en bevat reeds 8 woorden en 27 letters . Zo bestaat de hele zegen van Jakob uit 26 + 8 = 43 (2 X 17) woorden en 111 + 27 = 138 (2 X 3 X 23) letters .

- Weinreb (1991) , p.365 .

Gn 27,29 - Gn 27,29 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
28 καὶ δῴη σοι ὁ Θεὸς ἀπὸ τῆς δρόσου τοῦ οὐρανοῦ καὶ ἀπὸ τῆς πιότητος τῆς γῆς καὶ πλῆθος σίτου καὶ οἴνου. 29 καὶ δουλευσάτωσάν σοι ἔθνη, καὶ προσκυνησάτωσάν σοι ἄρχοντες· καὶ γίνου κύριος τοῦ ἀδελφοῦ σου, καὶ προσκυνήσουσί σε οἱ υἱοὶ τοῦ πατρός σου. ὁ καταρώμενός σε ἐπικατάρατος, ὁ δὲ εὐλογῶν σε εὐλογημένος.       [29] Volken zullen je dienen en natiën voor je buigen; je moet heersen over je broers, en de zonen van je moeder moeten voor jou buigen! Wie jou vervloekt, zal vervloekt zijn; wie jou zegent, zal gezegend zijn!’        

King James Bible .
Luther-Bibel .

-  יַעַבְדוּךָ עַמִּים, וישתחו (וְיִשְׁתַּחֲווּ) לְךָ לְאֻמִּים--הֱוֵה גְבִיר לְאַחֶיךָ, וְיִשְׁתַּחֲווּ לְךָ בְּנֵי אִמֶּךָ; אֹרְרֶיךָ אָרוּר, וּמְבָרְכֶיךָ בָּרוּךְ.

Tekstuitleg van Gn 27,28 bevat tien woorden . Gn 27,29 bevat zestien woorden . Samen zesentwintig woorden of de getalwaarde van JHWH of de getalwaarde van de geschreven aleph : jod = 10 , waw = 6 , jod = 10 , totaal : 26 . Gn 27,28 bevat eenenveertig letters en Gn 27,29 bevat zeventig letters . Totaal : 111 letters , de getalwaarde van aleph .

- Weinreb (1991) , p.365 .

Gn 27,30 - Gn 27,30 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,31 - Gn 27,31 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,32 - Gn 27,32 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,33 - Gn 27,33 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,34 - Gn 27,34 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,35 - Gn 27,35 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,36 - Gn 27,36 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,37 - Gn 27,37 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,38 - Gn 27,38 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

14. verbindingsprefix waw (en) en qal actief imperfectum derde persoon mannelijk enkelvoud wajjishshâ´ (en hij verhief) van het werkw. nâshâ´(dragen, opnemen, verheffen) . Getallenwaarde : nun = 14 of 50 , shin = 21 of 300 , aleph = 1 ; totaal : 36 (2² X 3²) OF 351 (3³ X 13) . Structuur : 5 - 3 - 1 . Taalgebruik in Tenakh : nâshâ´ (dragen, opnemen, verheffen) . nâsh´â wordt gebruikt in uitdrukkingen als de tenten opbreken , een rijdier bestijgen , de ogen opslaan , zijn stem verheffen , zijn voeten opheffen (= voortgaan) . Tenakh (42) . Pentateuch (25) . Eerdere Profeten (11) . Latere Profeten (1) . 12 Kleine Profeten (0) . Geschriften (5) .Gn (14) : . (1) Gn 13,10 . (2) Gn 18,2 . (3) Gn 22,4 . (4) Gn 22,13 . (5) Gn 24,63 . (6) Gn 27,38 . (7) Gn 29,1 . (8) Gn 29,11 . (9) Gn 31,17 . (10) Gn 33,1 . (11) Gn 33,5 . (12) Gn 40,20 . (13) Gn 43,29 . (14) Gn 43,34 .
De Griekse vorm act. part. aor. nom. mann. enk.exaras (uitgeheven, uitgestrekt) komt slechts in het OT (4) voor : (1) Gn 29,1 . (2) Gn 49,33 . (3) Lv 9,22 . (4) Nu 24,2 . Een vorm van het werkw. exairô in de LXX (236) , in het NT (1) . Zie het werkw. epairô (opheffen, verheffen) . Taalgebruik in het NT : epairô (opheffen, verheffen) .
- Lat. levare (elevare) . Fr. lever . E. to lift up . D. aufheben . Ned. verheffen .

Gn 27,39 - Gn 27,39 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,128 - Gn 27,128 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,41 - Gn 27,41 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Gn 27,41 .

Gn 27,41.1. act. qal imperf. 3de pers. mann. enk. וַיִּשְׂטֹם = wajjishtom (en hij haatte) van het werkw. שָׂטַם = shâtam (vijandig zijn, haten, vervolgen) . Taalgebruik in Tenakh : shâtam (vijandig zijn, haten, vervolgen) . Getalswaarde : shin = 21 of 300 , tet = 9 , mem = 13 of 40 ; totaal : 43 OF 349 . Structuur : 3 - 9 - 4 . De som van de elementen is telkens 7 . Tenakh (1) Gn 27,41 .

Gn 27,41.8.
- Grieks . act. ind. aor. 3de pers. enk. ευλογησεν = eulogèsen (hij zegende) van het werkw. ευλογεω = eulogeô (goed spreken, loven, prijzen, zegenen) . Taalgebruik in het NT : eulogeô (goed spreken, loven, prijzen) . Taalgebruik in Lc : eulogeô (goed spreken, loven, prijzen) . Taalgebruik in Hnd : eulogeô (goed spreken, loven, prijzen) . Taalgebruik in de Septuaginta : eulogeô (goed spreken, loven, prijzen) . Bijbel (69) . OT (60) . Pentateuch (23) : (1) Gn 5,2 . (2) Gn 24,1 . (3) Gn 24,35 . (4) Gn 25,11 . (5) Gn 26,12 . (6) Gn 27,41 . (7) Gn 28,1 . (8) Gn 28,6 . (9) Gn 30,27 . (10) Gn 32,1 . (11) Gn 47,7 . (12) Gn 48,3 . (13) Gn 48,20 . (14) Gn 49,25 . (15) Gn 49,28 . (16) Ex 20,11 . (17) Ex 39,23 . (18) Lv 9,22 . (19) Dt 2,7 . (20) Dt 12,7 . (21) Dt 15,6 . (22) Dt 15,14 . (23) Dt 33,1 . NT (9) : (1) Mt 14,19 . (2) Mc 6,41 . Lc (5) : (1) Lc 2,28 . (2) Lc 2,34 . (3) Lc 9,16 . (4) Lc 24,30 . (5) Lc 24,50 . Verder : (8) Heb 11,20 . (9) Heb 11,21 . Een vorm van ευλογεω = eulogeô (goed spreken, loven, prijzen, zegenen) in de LXX (516) , in het NT (42) .

    bijbel OT NT Mt Mc Lc Joh Hnd Br. Apk syn.  ev.  P.  A. b. 
  act. ind. aor. 3de pers. enk. eulogèsen   69  60           

- Ned. : zegenen < signare (tekenen) , het signum (teken) van het kruis slaan . Arabisch : بَارَكَ = bâraka (zegenen) . Taalgebruik in de Qoran : bâraka (zegenen) . D. : segnen . E. : to bless . Fr. : bénir . Gr. : ευλογεω = eulogeô (goed spreken, loven, prijzen) . Taalgebruik in het NT : eulogeô (goed spreken, loven, prijzen) . Hebreeuws : בָרַך = bârakh (zegenen, loven, prijzen) . Taalgebruik in Tenakh : bârakh (zegenen, loven, prijzen) . Lat. : benedicere .
Gn 27,42 - Gn 27,42 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,43 - Gn 27,43 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,44 - Gn 27,44 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,45 - Gn 27,45 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Gn 27,46 - Gn 27,46 -
Griekse tekst Vulgaat MT   Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel  
               

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van


Septuaginta

 ΕΓΕΝΕΤΟ δὲ μετὰ τὸ γηράσαι τὸν ᾿Ισαὰκ καὶ ἠμβλύνθησαν οἱ ὀφθαλμοὶ αὐτοῦ τοῦ ὁρᾶν, καὶ ἐκάλεσεν ῾Ησαῦ τὸν υἱὸν αὐτοῦ τὸν πρεσβύτερον καί εἶπεν αὐτῷ· υἱέ μου· καὶ εἶπεν· ἰδοὺ ἐγώ. 2 καὶ εἶπεν· ἰδοὺ γεγήρακα καὶ οὐ γινώσκω τὴν ἡμέραν τῆς τελευτῆς μου· 3 νῦν οὖν λαβὲ τὸ σκεῦός σου, τήν τε φαρέτραν καὶ τὸ τόξον, καὶ ἔξελθε εἰς τὸ πεδίον καὶ θήρευσόν μοι θήραν 4 καὶ ποίησόν μοι ἐδέσματα, ὡς φιλῶ ἐγώ, καὶ ἔνεγκέ μοι, ἵνα φάγω, ὅπως εὐλογήσῃ σε ἡ ψυχή μου πρὶν ἀποθανεῖν με. 5 Ρεβέκκα δὲ ἤκουσε λαλοῦντος ᾿Ισαὰκ πρὸς ῾Ησαῦ τὸν υἱὸν αὐτοῦ. ἐπορεύθη δὲ ῾Ησαῦ εἰς τὸ πεδίον θηρεῦσαι θήραν τῷ πατρὶ αὐτοῦ· 6 Ρεβέκκα δὲ εἶπε πρὸς ᾿Ιακὼβ τὸν υἱὸν αὐτῆς, τὸν ἐλάσσω· ἰδέ, ἤκουσα τοῦ πατρός σου λαλοῦντος πρὸς ῾Ησαῦ τὸν ἀδελφόν σου λέγοντος· 7 ἔνεγκόν μοι θήραν καὶ ποίησόν μοι ἐδέσματα, ἵνα φαγὼν εὐλογήσω σε ἐναντίον Κυρίου πρὸ τοῦ ἀποθανεῖν με. 8 νῦν οὖν, υἱέ μου, ἄκουσόν μου, καθὰ ἐγώ σοι ἐντέλλομαι. 9 καὶ πορευθεὶς εἰς τὰ πρόβατα λαβέ μοι ἐκεῖθεν δύο ἐρίφους ἁπαλοὺς καὶ καλούς, καὶ ποιήσω αὐτοὺς ἐδέσματα τῷ πατρί σου, ὡς φιλεῖ, 10 καὶ εἰσοίσεις τῷ πατρί σου καὶ φάγεται, ὅπως εὐλογήσῃ σε ὁ πατήρ σου πρὸ τοῦ ἀποθανεῖν αὐτόν. 11 εἶπε δὲ ᾿Ιακὼβ πρὸς Ρεβέκκαν τὴν μητέρα αὐτοῦ· ἔστιν ῾Ησαῦ ὁ ἀδελφός μου ἀνὴρ δασύς, ἐγὼ δὲ ἀνὴρ λεῖος· 12 μή ποτε ψηλαφήσῃ με ὁ πατήρ, καὶ ἔσομαι ἐναντίον αὐτοῦ ὡς καταφρονῶν καὶ ἐπάξω ἐπ᾿ ἐμαυτὸν κατάραν καὶ οὐκ εὐλογίαν. 13 εἶπε δὲ αὐτῷ ἡ μήτηρ· ἐπ᾿ ἐμὲ ἡ κατάρα σου, τέκνον· μόνον ὑπάκουσόν μοι τῆς φωνῆς καὶ πορευθεὶς ἔνεγκέ μοι. 14 πορευθεὶς δὲ ἔλαβε καὶ ἤνεγκε τῇ μητρί, καὶ ἐποίησεν ἡ μήτηρ αὐτοῦ ἐδέσματα, καθὰ ἐφίλει ὁ πατὴρ αὐτοῦ. 15 καὶ λαβοῦσα Ρεβέκκα τὴν στολὴν ῾Ησαῦ τοῦ υἱοῦ αὐτῆς τοῦ πρεσβυτέρου τὴν καλήν, ἣ ἦν παρ᾿ αὐτῇ ἐν τῷ οἴκῳ, ἐνέδυσεν αὐτὴν ᾿Ιακὼβ τὸν υἱὸν αὐτῆς τὸν νεώτερον 16 καὶ τὰ δέρματα τῶν ἐρίφων περιέθηκεν ἐπὶ τοὺς βραχίονας αὐτοῦ καὶ ἐπὶ τὰ γυμνὰ τοῦ τραχήλου αὐτοῦ 17 καὶ ἔδωκε τὰ ἐδέσματα καὶ τοὺς ἄρτους, οὓς ἐποίησεν εἰς τὰς χεῖρας ᾿Ιακὼβ τοῦ υἱοῦ αὐτῆς. 18 καὶ εἰσήνεγκε τῷ πατρὶ αὐτοῦ. εἶπε δέ· πάτερ. ὁ δὲ εἶπεν· ἰδοὺ ἐγώ· τίς εἶ σὺ τέκνον; 19 καὶ εἶπεν ᾿Ιακὼβ τῷ πατρί· ἐγὼ ῾Ησαῦ ὁ πρωτότοκός σου· πεποίηκα καθὰ ἐλάλησάς μοι· ἀναστὰς κάθισον καὶ φάγε ἀπὸ τῆς θήρας μου, ὅπως εὐλογήσῃ με ἡ ψυχή σου. 20 εἶπε δὲ ᾿Ισαὰκ τῷ υἱῷ αὐτοῦ· τί τοῦτο, ὃ ταχὺ εὗρες, ὦ τέκνον; ὁ δὲ εἶπεν· ὃ παρέδωκε Κύριος ὁ Θεός σου ἐναντίον μου. 21 εἶπε δὲ ᾿Ισαὰκ τῷ ᾿Ιακώβ· ἔγγισόν μοι καὶ ψηλαφήσω σε, τέκνον, εἰ σὺ εἶ ὁ υἱός μου ῾Ησαῦ ἢ οὔ. 22 ἤγγισε δὲ ᾿Ιακὼβ πρὸς ᾿Ισαὰκ τὸν πατέρα αὐτοῦ, καὶ ἐψηλάφησεν αὐτὸν καὶ εἶπεν· ἡ μὲν φωνὴ φωνὴ ᾿Ιακώβ, αἱ δὲ χεῖρες χεῖρες ῾Ησαῦ. 23 καὶ οὐκ ἐπέγνω αὐτόν· ἦσαν γὰρ αἱ χεῖρες αὐτοῦ ὡς αἱ χεῖρες ῾Ησαῦ τοῦ ἀδελφοῦ αὐτοῦ δασεῖαι· καὶ εὐλόγησεν αὐτὸν 24 καὶ εἶπε· σὺ εἶ ὁ υἱός μου ῾Ησαῦ; ὁ δὲ εἶπεν· ἐγώ. 25 καὶ εἶπε· προσάγαγέ μοι, καὶ φάγομαι ἀπὸ τῆς θήρας σου, τέκνον, ἵνα εὐλογήσῃ σε ἡ ψυχή μου. καὶ προσήνεγκεν αὐτῷ, καὶ ἔφαγε· καὶ εἰσήνεγκεν αὐτῷ οἶνον, καὶ ἔπιε. 26 καὶ εἶπεν αὐτῷ ᾿Ισαὰκ ὁ πατὴρ αὐτοῦ· ἔγγισόν μοι καὶ φίλησόν με τέκνον. 27 καὶ ἐγγίσας ἐφίλησεν αὐτόν, καὶ ὠσφράνθη τὴν ὀσμὴν τῶν ἱματίων αὐτοῦ καὶ εὐλόγησεν αὐτὸν καὶ εἶπεν· ἰδοὺ ὀσμὴ τοῦ υἱοῦ μου ὡς ὀσμὴ ἀγροῦ πλήρους, ὃν εὐλόγησε Κύριος. 28 καὶ δῴη σοι ὁ Θεὸς ἀπὸ τῆς δρόσου τοῦ οὐρανοῦ καὶ ἀπὸ τῆς πιότητος τῆς γῆς καὶ πλῆθος σίτου καὶ οἴνου. 29 καὶ δουλευσάτωσάν σοι ἔθνη, καὶ προσκυνησάτωσάν σοι ἄρχοντες· καὶ γίνου κύριος τοῦ ἀδελφοῦ σου, καὶ προσκυνήσουσί σε οἱ υἱοὶ τοῦ πατρός σου. ὁ καταρώμενός σε ἐπικατάρατος, ὁ δὲ εὐλογῶν σε εὐλογημένος. 30 Καὶ ἐγένετο μετὰ τὸ παύσασθαι ᾿Ισαὰκ εὐλογοῦντα ᾿Ιακὼβ τὸν υἱὸν αὐτοῦ καὶ ἐγένετο, ὡς ἐξῆλθεν ᾿Ιακὼβ ἀπὸ προσώπου ᾿Ισαὰκ τοῦ πατρὸς αὐτοῦ, καὶ ῾Ησαῦ ὁ ἀδελφὸς αὐτοῦ ἦλθεν ἀπὸ τῆς θήρας. 31 καὶ ἐποίησε καὶ αὐτὸς ἐδέσματα καὶ προσήνεγκε τῷ πατρὶ αὐτοῦ. καὶ εἶπε τῷ πατρί· ἀναστήτω ὁ πατήρ μου καὶ φαγέτω ἀπὸ τῆς θήρας τοῦ υἱοῦ αὐτοῦ, ὅπως εὐλογήσῃ με ἡ ψυχή σου. 32 καὶ εἶπεν αὐτῷ ᾿Ισαὰκ ὁ πατὴρ αὐτοῦ· τίς εἶ σύ; ὁ δὲ εἶπεν· ἐγώ εἰμι ὁ υἱός σου ὁ πρωτότοκος ῾Ησαῦ. 33 ἐξέστη δὲ ᾿Ισαὰκ ἔκστασιν μεγάλην σφόδρα καὶ εἶπε· τίς οὖν ὁ θηρεύσας μοι θήραν καὶ εἰσενέγκας μοι; καὶ ἔφαγον ἀπὸ πάντων πρὸ τοῦ ἐλθεῖν σε καὶ εὐλόγησα αὐτόν, καὶ εὐλογημένος ἔσται. 34 ἐγένετο δέ, ἡνίκα ἤκουσεν ῾Ησαῦ τὰ ῥήματα τοῦ πατρὸς αὐτοῦ ᾿Ισαάκ, ἀνεβόησε φωνὴν μεγάλην καὶ πικρὰν σφόδρα καὶ εἶπεν· εὐλόγησον δή κἀμέ, πάτερ. 35 εἶπε δὲ αὐτῷ· ἐλθὼν ὁ ἀδελφός σου μετὰ δόλου ἔλαβε τὴν εὐλογίαν σου. 36 καὶ εἶπε· δικαίως ἐκλήθη τὸ ὄνομα αὐτοῦ ᾿Ιακώβ· ἐπτέρνικε γάρ με ἰδοὺ δεύτερον τοῦτο· τά τε πρωτοτόκιά μου εἴληφε καὶ νῦν ἔλαβε τὴν εὐλογίαν μου· καὶ εἶπεν ῾Ησαῦ τῷ πατρὶ αὐτοῦ· οὐχ ὑπελίπου μοι εὐλογίαν, πάτερ; 37 ἀποκριθεὶς δὲ ᾿Ισαὰκ εἶπε τῷ ῾Ησαῦ· εἰ κύριον αὐτὸν πεποίηκά σου καὶ πάντας τοὺς ἀδελφούς αὐτοῦ πεποίηκα αὐτοῦ οἰκέτας, σίτῳ καὶ οἴνῳ ἐστήριξα αὐτόν, σοὶ δὲ τί ποιήσω, τέκνον; 38 εἶπε δὲ ῾Ησαῦ πρὸς τὸν πατέρα αὐτοῦ· μὴ εὐλογία μία σοί ἐστι, πάτερ; εὐλόγησον δὴ κἀμέ, πάτερ. κατανυχθέντος δὲ ᾿Ισαὰκ ἀνεβόησε φωνῇ ῾Ησαῦ καὶ ἔκλαυσεν. 39 ἀποκριθεὶς δὲ ᾿Ισαὰκ ὁ πατὴρ αὐτοῦ εἶπεν αὐτῷ· ἰδοὺ ἀπὸ τῆς πιότητος τῆς γῆς ἔσται ἡ κατοίκησίς σου καὶ ἀπὸ τῆς δρόσου τοῦ οὐρανοῦ ἄνωθεν. 40 καὶ ἐπὶ τῇ μαχαίρᾳ σου ζήσῃ καὶ τῷ ἀδελφῷ σου δουλεύσεις· ἔσται δὲ ἡνίκα ἐὰν καθέλῃς, καὶ ἐκλύσῃς τὸν ζυγὸν αὐτοῦ ἀπὸ τοῦ τραχήλου σου. 41 Καὶ ἐνεκότει ῾Ησαῦ τῷ ᾿Ιακὼβ περὶ τῆς εὐλογίας ἧς εὐλόγησεν αὐτὸν ὁ πατὴρ αὐτοῦ· εἶπε δὲ ῾Ησαῦ ἐν τῇ διανοίᾳ αὐτοῦ· ἐγγισάτωσαν αἱ ἡμέραι τοῦ πένθους τοῦ πατρός μου, ἵνα ἀποκτείνω ᾿Ιακὼβ τὸν ἀδελφόν μου. 42 ἀπηγγέλη δὲ Ρεβέκκᾳ τὰ ρήματα ῾Ησαῦ τοῦ υἱοῦ αὐτῆς τοῦ πρεσβυτέρου, καὶ πέμψασα ἐκάλεσεν ᾿Ιακὼβ τὸν υἱὸν αὐτῆς τὸν νεώτερον καὶ εἶπεν αὐτῷ· ἰδοὺ ῾Ησαῦ ὁ ἀδελφός σου ἀπειλεῖ σοι τοῦ ἀποκτεῖναί σε· 43 νῦν οὖν, τέκνον, ἄκουσόν μου τῆς φωνῆς καὶ ἀναστὰς ἀπόδραθι εἰς τὴν Μεσοποταμίαν πρὸς Λάβαν τὸν ἀδελφόν μου εἰς Χαρράν. 44 καὶ οἴκησον μετ᾿ αὐτοῦ ἡμέρας τινάς, 45 ἕως τοῦ ἀποστρέψαι τὸν θυμὸν καὶ τὴν ὀργὴν τοῦ ἀδελφοῦ σου ἀπὸ σοῦ, καὶ ἐπιλάθηται ἃ πεποίηκας αὐτῷ. καὶ ἀποστείλασα μεταπέμψομαί σε ἐκεῖθεν, μή ποτε ἀποτεκνωθῶ ἀπὸ τῶν δύο ὑμῶν ἐν ἡμέρᾳ μιᾷ. 46 Εἶπε δὲ Ρεβέκκα πρὸς ᾿Ισαάκ· προσώχθικα τῇ ζωῇ μου διὰ τὰς θυγατέρας τῶν υἱῶν Χέτ· εἰ λήψεται ᾿Ιακὼβ γυναῖκα ἀπὸ τῶν θυγατέρων τῆς γῆς ταύτης, ἵνα τί μοι τὸ ζῆν;