HABAKUK 3, Hab 3 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab (Habakuk)
-
- Hab 3,1-19 -
- Bibliografie
- Literatuur
- Liturgisch
gebruik - Overzicht
bijbelboeken - Overzicht
van de bibliografie van de bijbelboeken - Overzicht
van deze website
Overzicht van Micha : - Hab
1 - Hab 2
- Hab 3 -
Bijbeluitleg per pericope
Uitleg vers per vers : - Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 -
Overzicht van Tenach : Tenach
: overzicht , Tenach
: taalgebruik - A
- B
- C
- D
- E
- F
- G
- H
- I
- J
- K
- L
- M
- N
- O
- P
- Q
- R
- S
- T
- U
- V
- W
- X
-Y
- Z
- , Tenach
: commentaar ,
Overzicht van Septuaginta : Septuaginta
: overzicht , Septuaginta
: taalgebruik - A
- B
- C
- D
- E
- F
- G
- H
- I
- J
- K
- L
- M
- N
- O
- P
- Q
- R
- S
- T
- U
- V
- W
- X
-Y
- Z
- , Septuaginta
: commentaar ,
WEDERKERIGHEID (DIVERSITEIT - VICE
VERSA) . Meer info : Arseen De Kesel . Email:
arseen.de.kesel@pandora.be
.
websitenamen : http://users.telenet.be/arseen.de.kesel/
en http://www.interlevensbeschouwelijk.be/index.htm
- STARTPAGINA - AGENDA - BIJ
DE HAND - NIEUW
- OVERZICHT
- TIJDSCHRIFTEN
-
ALFABETISCH OVERZICHT VAN THEMA'S EN WEBSITES :
- A - B
- C - D
- E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X
-Y - Z
HOOFDTHEMA'S :
allochtonen , armoede , bahá'í
, bezinningsteksten
, bijbel , bijbel en koran ,
boeddhisme ,
christendom ,
extreemrechts
( Vlaams Blok
) , fundamentalisme
, globalisering en antiglobalisering
, hindoeïsme
, interlevensbeschouwelijke
dialoog , interreligieuze
meditatie , islam , jodendom
, koran
, levensbeschouwing
, levensbeschouwing / godsdienst
en onderwijs , racisme , samenleving ,
sikhisme , spiritualiteit
, tewerkstelling
van allochtonen , vluchtelingen
en asielzoekers , vrijzinnigheid
, witte scholen , multiculturele
scholen en concentratiescholen , Eigen-zinnige
beschouwingen , Het
kleine of grote ongenoegen
|
Woordenschat
Bibliografie
Literatuur .
Liturgisch gebruik
Overzicht van de bijbelboeken
- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-
- OT : Gn (Genesis)
, Ex (Exodus) ,
Lv (Leviticus) ,
Nu (Numeri) , Dt
(Deuteronomium) , Joz
(Jozua) , Re (Rechters)
, Rt (Ruth) , 1
S (1 Samuël) , 2
S (2 Samuël) , 1
K (1 Koningen) , 2
K (2 Koningen) , 1
Kr ( 1 Kronieken) , 2
Kr (2 Kronieken) , Ezr
(Ezra) , Neh (Nehemia)
, Tob (Tobia) ,
Jdt (Judith) ,
Est (Esther) ,
1 Mak (1 Makkabeeën)
, 2 Mak (2 Makkabeeën)
, Job , Ps
(Psalmen ) , Spr
(Spreuken) , Pr
(Prediker) , Hl
(Hooglied) , W (Wijsheid)
, Sir (Sirach)
, Js (Jesaja) ,
Jr (Jeremia) , Kl
(Klaagliederen) , Bar
(Baruch) , Ez (Ezechiël)
, Da (Daniël)
, Hos (Hosea) ,
Jl (Joël) ,
Am (Amos) , Ob
(Obadja) , Jon
(Jona) , Mi (Micha)
, Nah (Nahum) ,
Hab (Habakuk) ,
Sef (Sefanja) ,
Hag (Haggai) ,
Zach (Zacharia)
, Mal (Maleachi)
.
- NT : Mt (Matteüs)
- Mc (Marcus)
- Lc (Lucas) -
Joh (Johannes)
- Hnd (Handelingen)
, Rom (Rome) ,
1 Kor (Korinte)
, 2 Kor (Korinte)
, Gal (Galatië)
, Ef (Efese) , Fil
(Filippi) , Kol
(Kolosse) , 1 Tes
(Tessalonika) , 2
Tes (Tessalonika) , 1
Tim (Timoteüs) , 2
Tim (Timoteüs) , Tit
(Titus) , Film
(Filemon) , Heb
(Hebreeën) , Jak
(Jakobus) , 1 Pe
(Petrus) , 2 Pe
(Petrus) , 1 Joh
(Johannes) , 2 Joh
(Johannes) , 2 Joh
(Johannes) , Jud
(Judas) , Apk (Apokalyps)
.
Overzicht van de
bibliografie van de bijbelboeken : - bibliografie
bijbel -
bibliografie
van het Oude Testament - bibliografie
Matteüsevangelie - bibliografie
Marcusevangelie - bibliografie
Lucasevangelie - bibliografie
van het Johannesevangelie - bibliografie
van het Nieuwe Testament (behalve evangeliën)
- Hab 3,1-19 . Lofzang op Gods overwinning
- Hab 3,1-19
-- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab 3,1
- Hab 3,2
- Hab 3,3
- Hab 3,4
- Hab 3,5
- Hab 3,6
- Hab 3,7
- Hab 3,8
- Hab 3,9
- Hab 3,10
- Hab 3,11
- Hab 3,12
- Hab 3,13
- Hab 3,14
- Hab 3,15
- Hab 3,16
- Hab 3,17
- Hab 3,18
- Hab 3,19
-
| Hab 3,1 - Hab
3,1 . Lofzang op Gods overwinning - Hab
3,1-19 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 1proseuchè ambakoum tou profètou meta
ôdès |
1 oratio Abacuc prophetae pro ignorationibus |
|
1 Een gebed van Habakuk, den profeet, op Sjigjonoth.
|
[1] Gebed* van de profeet Habakuk, op de wijze van
de klaagliederen. |
[1] Gebed van de profeet Habakuk. Als een klaaglied.
|
1 ¶ Gebed van Habakuk, de profeet,– op: ‘klaagzangen’. |
1. Prière. De Habaquq le prophète; sur le ton des
lamentations. |
|
King James Bible . [1] A prayer of Habakkuk the prophet upon Shigionoth.
Luther-Bibel . 3 1 Dies ist das Gebet des Propheten Habakuk, nach Art eines
Klageliedes:
Tekstuitleg van Hab
3,1 .
| Hab 3,2 - Hab
3,2 . Lofzang op Gods overwinning - Hab
3,1-19 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 2kurie eisakèkoa tèn akoèn
sou kai efobèthèn katenoèsa ta erga sou kai exestèn
en mesô duo zôôn gnôsthèsè en
tô eggizein ta etè epignôsthèsè en
tô pareinai ton kairon anadeichthèsè en tô
tarachthènai tèn psuchèn mou en orgè eleous
mnèsthèsè |
2 Domine audivi auditionem tuam et timui Domine
opus tuum in medio annorum vivifica illud in medio annorum notum facies
cum iratus fueris misericordiae recordaberis |
|
2 HEERE! als ik Uw rede gehoord heb, heb ik gevreesd;
Uw werk, o HEERE! behoud dat in het leven in het midden der jaren,
maak het bekend in het midden der jaren; in den toorn gedenk des ontfermens. |
[2] heer, ik heb uw tijding vernomen, vol ontzag
ben ik, heer, voor uw werken. Laat die herleven in onze tijd, maak
ze ons in deze tijd bekend; denk in uw woede aan uw barmhartigheid.
|
[2] HEER, ik heb uw aankondiging gehoord. Voor wat
u gaat doen, HEER, heb ik ontzag. Breng het in deze tijd tot stand,
maak het in deze tijd bekend, maar toon uw mededogen als het tumult
losbarst. |
2 ENE, toen ik het ongehoorde van u hoorde werd
ik bevangen van ontzag; ENE, laat uw werk in de nabije jaren leven,
maak het in de nabije jaren bekend; wil in toorn ontferming gedenken. |
2. Yahvé, j'ai appris ton renom, Yahvé, j'ai redouté
ton œuvre! En notre temps, fais-la revivre! En notre temps, fais-la
connaître! Dans la colère, souviens-toi d'avoir pitié! . |
|
King James Bible . [2] O LORD, I have heard thy speech, and was afraid: O LORD,
revive thy work in the midst of the years, in the midst of the years make known;
in wrath remember mercy.
Luther-Bibel . 2 HERR, ich habe die Kunde von dir gehört, ich habe dein Werk
gesehen, HERR! Mache es lebendig in naher Zeit, und lass es kundwerden in naher
Zeit. Im Zorne denke an Barmherzigkeit!
Tekstuitleg van Hab
3,2 .
| Hab 3,3 - Hab
3,3 . Lofzang op Gods overwinning - Hab
3,1-19 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 3o theos ek thaiman èxei kai o agios ex orous
kataskiou daseos diapsalma ekalupsen ouranous è aretè
autou kai aineseôs autou plèrès è gè |
3 Deus ab austro veniet et Sanctus de monte Pharan
semper operuit caelos gloria eius et laudis eius plena est terra |
|
3 God kwam van Theman, en de Heilige van den berg
Paran. Sela. Zijn heerlijkheid bedekte de hemelen, en het aardrijk
was vol van Zijn lof. |
[3] God komt uit Teman*, de Heilige komt van het
Parangebergte. Zijn luister overstraalt de hemel, zijn glorie vervult
de aarde. |
[3] God komt uit Teman, de Heilige komt uit de bergen
van Paran. sela* Zijn glorie straalt aan de hemel, de aarde is vol
van zijn roem. |
3 ¶ Als God uit Teman aankomt, de Heilige uit het
bergland van Paran, sela, – zal zijn lichtglans de hemelen bedekken,
zal zijn lof de aarde vervullen; |
3. Éloah vient de Témân et le Saint du mont Parân.
Sa majesté voile les cieux, la terre est pleine de sa gloire. |
|
King James Bible . [3] God came from Teman, and the Holy One from mount Paran.
Selah. His glory covered the heavens, and the earth was full of his praise.
Luther-Bibel . 3 Gott kam von Teman und der Heilige vom Gebirge Paran. SELA.
Seines Lobes war der Himmel voll, und seiner Ehre war die Erde voll.
Tekstuitleg van Hab
3,3 .
| Hab 3,4 - Hab
3,4 . Lofzang op Gods overwinning - Hab
3,1-19 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 4kai feggos autou ôs fôs estai kerata
en chersin autou kai etheto agapèsin krataian ischuos autou |
4 splendor eius ut lux erit cornua in manibus eius
ibi abscondita est fortitudo eius |
|
4 En er was een glans als des lichts, Hij had hoornen
aan Zijn hand, en aldaar was Zijn sterkte verborgen. |
[4] Hij schittert als de zon; twee stralen* gaan
uit van zijn handen: daarin is zijn kracht verborgen. |
[4] Schittering is er als zonlicht, stralen komen
uit zijn hand, waarin zijn kracht verborgen is. |
4 zijn schijnsel zal wezen als het licht, twee stralende
horens heeft hij in zijn hand,– daarin is zijn kracht verborgen. |
4. Son éclat est pareil au jour, des rayons jaillissent
de ses mains, c'est là que se cache sa force. |
|
King James Bible . [4] And his brightness was as the light; he had horns coming
out of his hand: and there was the hiding of his power.
Luther-Bibel . 4 Sein Glanz war wie Licht; Strahlen gingen aus von seinen Händen.
Darin war verborgen seine Macht.
Tekstuitleg van Hab
3,4 .
| Hab 3,5 - Hab
3,5 . Lofzang op Gods overwinning - Hab
3,1-19 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 5pro prosôpou autou poreusetai logos kai exeleusetai
en pedilois oi podes autou |
5 ante faciem eius ibit mors et egredietur diabolus
ante pedes eius |
|
5 Voor Zijn aangezicht ging de pestilentie, en de
vurige kool ging voor Zijn voeten henen. |
[5] Voor Hem uit gaat de pest, de koorts volgt Hem
op de voet. |
[5] Voor hem uit gaat de pest, de koorts volgt hem
op de voet. |
5 Voor zijn aanschijn uit gaat pest,– koorts trekt
heen voor zijn voeten. |
5. Devant lui s'avance la peste, la fièvre marche
sur ses pas. |
|
King James Bible . [5] Before him went the pestilence, and burning coals went
forth at his feet.
Luther-Bibel . 5 Pest ging vor ihm her, und Seuche folgte, wo er hintrat.
Tekstuitleg van Hab
3,5 .
| Hab 3,6 - Hab
3,6 . Lofzang op Gods overwinning - Hab
3,1-19 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 6estè kai esaleuthè è gè
epeblepsen kai dietakè ethnè diethrubè ta orè
bia etakèsan bounoi aiônioi |
6 stetit et mensus est terram aspexit et dissolvit
gentes et contriti sunt montes saeculi incurvati sunt colles mundi
ab itineribus aeternitatis eius |
|
6 Hij stond, en mat het land, Hij zag toe, en maakte
de heidenen los, en de gedurige bergen zijn verstrooid geworden; de
heuvelen der eeuwigheid hebben zich gebogen; de gangen der eeuw zijn
Zijne. |
[6] Hij staat op en de aarde trilt. Hij kijkt rond
en laat de volkeren beven. De oude bergen worden vermorzeld, de eeuwige
heuvels buigen, de wegen van de eeuwigheid zijn van Hem. |
[6] Hij staat en doet de aarde beven, hij kijkt
en de volken springen op. De aloude bergen worden verbrijzeld, de
eeuwige heuvels zinken ineen, hij gaat rond zoals in vroeger tijden.
|
6 Zal hij stilstaan dan wankelt de aarde, ziet
hij rond dan laat hij de volkeren opspringen, verkruimelen aloude
bergen, zakken eeuwige heuvels zuchtend ineen,– vallen wandelwegen
van eeuwig hem toe. |
6. Il se dresse et fait trembler la terre, il regarde
et fait frémir les nations. Alors les monts éternels se disloquent,
les collines antiques s'effondrent, ses routes de toujours. |
|
King James Bible . [6] He stood, and measured the earth: he beheld, and drove
asunder the nations; and the everlasting mountains were scattered, the perpetual
hills did bow: his ways are everlasting.
Luther-Bibel . 6 Er stand auf und ließ erbeben die Erde; er schaute und ließ
erzittern die Heiden. Zerschmettert wurden die uralten Berge, und bücken mussten
sich die uralten Hügel, als er wie vor alters einherzog.
Tekstuitleg van Hab
3,6 .
| Hab 3,7 - Hab
3,7 . Lofzang op Gods overwinning - Hab
3,1-19 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 7poreias aiônias autou anti kopôn eidon
skènômata aithiopôn ptoèthèsontai
kai ai skènai gès madiam |
7 pro iniquitate vidi tentoria Aethiopiae turbabuntur
pelles terrae Madian |
|
7 Ik zag de tenten van Kusan onder de ijdelheid;
de gordijnen des lands van Midian schudden. |
[7] Ik zag de tenten van Kusan* in nood verkeren,
en de tentzeilen van Midjan klapperen. |
[7] Ik zie hoe de tenten van Kusan zuchten onder
het onheil, hoe de tentdoeken van Midjan klapperen. |
7 Ik zal de tenten van Koesjan zien onder het onheil,–
ze sidderen, de tentkleden van het land Midjan! •• |
7. J'ai vu les tentes de Kusnan frappées d'épouvante,
les pavillons du pays de Madiân sont pris de tremblements. |
|
King James Bible . [7] I saw the tents of Cushan in affliction: and the curtains
of the land of Midian did tremble.
Luther-Bibel . 7 Ich sah die Hütten von Kuschan in Not und die Zelte der Midianiter
betrübt.
Tekstuitleg van Hab
3,7 .
| Hab 3,8 - Hab
3,8 . Lofzang op Gods overwinning - Hab
3,1-19 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 8mè en potamois ôrgisthès kurie
è en potamois o thumos sou è en thalassè to ormèma
sou oti epibèsè epi tous ippous sou kai è ippasia
sou sôtèria |
8 numquid in fluminibus iratus es Domine aut in
fluminibus furor tuus vel in mari indignatio tua quia ascendes super
equos tuos et quadrigae tuae salvatio |
|
8 Was de HEERE ontstoken tegen de rivieren? Was
Uw toorn tegen de rivieren, was Uw verbolgenheid tegen de zee, toen
Gij op Uw paarden reedt? Uw wagens waren heil. |
[8] Raast* de heer tegen de rivieren? Bent U woedend
op de rivieren of razend op de zee, dat U met uw paarden rijdt, met
uw zegevierende wagens? |
[8] HEER, is uw woede tegen rivieren, is tegen de
rivieren uw woede ontbrand, en uw toorn tegen de zee, dat u uitrijdt
met uw paarden, met uw zegewagens? |
8 Is de ENE ontbrand tegen de rivieren, of richt
zijn toorn zich tegen die rivieren, of tegen de zee zijn verbolgenheid,–
wanneer gij rijdt op uw paard met uw wagens van heil? |
8. Est-ce contre les fleuves, Yahvé, que flambe
ta colère, ou contre la mer ta fureur, pour que tu montes sur tes
chevaux, sur tes chars de salut ? |
|
King James Bible . [8] Was the LORD displeased against the rivers? was thine
anger against the rivers? was thy wrath against the sea, that thou didst ride
upon thine horses and thy chariots of salvation?
Luther-Bibel . 8 Warst du zornig, HERR, auf die Flut? Entbrannte dein Grimm
wider die Wasser und dein Zorn wider das Meer, als du auf deinen Rossen rittest
und deine Wagen den Sieg behielten?
Tekstuitleg van Hab
3,8 .
| Hab 3,9 - Hab
3,9 . Lofzang op Gods overwinning - Hab
3,1-19 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 9enteinôn enteneis to toxon sou epi ta skèptra
legei kurios diapsalma potamôn ragèsetai gè |
9 suscitans suscitabis arcum tuum iuramenta tribubus
quae locutus es semper fluvios scindes terrae |
|
9 De naakte grond werd ontbloot door Uw boog, om
de eden, aan de stammen gedaan door het woord. Sela. Gij hebt de rivieren
der aarde gekloofd. |
[9] U haalt uw boog tevoorschijn, uw woord wordt
een regen van pijlen. U splijt de aarde en rivieren ontstaan. |
[9] U haalt uw boog te voorschijn, op uw bevel zoeven
de pijlen, sela met stromen van water splijt u de aarde. |
9 Naakter dan naakt maakt ge uw boog, ge verzadigt
van schachten uw pijlkokers, sela; met rivieren splijt gij de aarde.
|
9. Tu mets à nu ton arc, de flèches tu rassasies
sa corde. De torrents tu crevasses le sol; |
|
King James Bible . [9] Thy bow was made quite naked, according to the oaths
of the tribes, even thy word. Selah. Thou didst cleave the earth with rivers.
Luther-Bibel . 9 Du zogst deinen Bogen hervor, legtest die Pfeile auf deine
Sehne. SELA. Du spaltetest das Land, dass Ströme flossen,
Tekstuitleg van Hab
3,9 .
| Hab 3,10 - Hab
3,10 . Lofzang op Gods overwinning - Hab
3,1-19 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 10opsontai se kai ôdinèsousin laoi
skorpizôn udata poreias autou edôken è abussos
fônèn autès upsos fantasias autès |
10 viderunt te et doluerunt montes gurges aquarum
transiit dedit abyssus vocem suam altitudo manus suas levavit |
|
10 De bergen zagen U, en leden smart; de waterstroom
ging door, de afgrond gaf zijn stem, hij hief zijn zijden op in de
hoogte. |
[10] De bergen zien U en beven, stromen water trekken
voorbij, de oceaan verheft zijn stem en steekt zijn armen omhoog.
|
[10] De bergen zien u en beven van angst, een stortvloed
van water kolkt voorbij. De diepte verheft haar stem, ze strekt haar
handen omhoog. |
10 Toen bergen u zagen, kregen ze weeën, dichte
nevels stortten stromen water; de oervloed gaf zijn geluid, naar den
hoge hief hij zijn handen op, |
10. les montagnes te voient, elles sont dans les
transes; une trombe d'eau passe, l'abîme fait entendre sa voix, en
haut il tend les mains. |
|
King James Bible . [10] The mountains saw thee, and they trembled: the overflowing
of the water passed by: the deep uttered his voice, and lifted up his hands
on high.
Luther-Bibel . 10 die Berge sahen dich und ihnen ward bange. Der Wasserstrom
fuhr dahin, die Tiefe ließ sich hören. Ihren Aufgang vergaß die Sonne,
Tekstuitleg van Hab
3,10 .
| Hab 3,11 - Hab
3,11 . Lofzang op Gods overwinning - Hab
3,1-19 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 11epèrthè o èlios kai è
selènè estè en tè taxei autès eis
fôs bolides sou poreusontai eis feggos astrapès oplôn
sou |
11 sol et luna steterunt in habitaculo suo in luce
sagittarum tuarum ibunt in splendore fulgurantis hastae tuae |
|
11 De zon en de maan stonden stil in haar woning;
met het licht gingen Uw pijlen daarhenen, met glans Uw bliksemende
spies. |
[11] De maan verlaat haar verblijf niet. De zon
en de maan, zij wijken voor de gloed van uw pijlen, voor het flitsen
van uw bliksemende speer. |
[11] Nu uw pijlen flitsen en lichten, nu uw lans
schittert en bliksemt, trekken zon en maan zich terug. |
11 de zon; de maan stond stil in haar woning,– voor
het licht van uw pijlen in hun loop, voor de lichtglans van de bliksem
van uw lans. |
11. Le soleil et la lune restent dans leur demeure;
ils fuient devant l'éclat de tes flèches, sous la lueur des éclairs
de ta lance. |
|
King James Bible . [11] The sun and moon stood still in their habitation: at
the light of thine arrows they went, and at the shining of thy glittering spear.
Luther-Bibel . 11 und der Mond stand still; beim Glänzen deiner Pfeile verblassen
sie, beim Leuchten deines blitzenden Speeres.
Tekstuitleg van Hab
3,11 .
| Hab 3,12 - Hab
3,12 . Lofzang op Gods overwinning - Hab
3,1-19 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 12en apeilè oligôseis gèn kai
en thumô kataxeis ethnè |
12 in fremitu conculcabis terram in furore obstupefacies
gentes |
|
12 Met gramschap tradt Gij door het land, met toorn
dorstet Gij de heidenen. |
[12] Razend trekt U over de aarde, woedend haalt
U uit naar de volken. |
[12] Grimmig schrijdt u voort over de aarde, volken
vertrapt u in toorn. |
12 In gramschap schreed u over de aarde, in toorn
trad u volkeren plat; |
12. Avec rage tu arpentes la terre, avec colère
tu écrases les nations. |
|
King James Bible . [12] Thou didst march through the land in indignation, thou
didst thresh the heathen in anger.
Luther-Bibel . 12 Du zertratest das Land im Zorn und zerdroschest die Heiden
im Grimm.
Tekstuitleg van Hab
3,12 .
| Hab 3,13 - Hab
3,13 . Lofzang op Gods overwinning - Hab
3,1-19 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 13exèlthes eis sôtèrian laou
sou tou sôsai tous christous sou ebales eis kefalas anomôn
thanaton exègeiras desmous eôs trachèlou diapsalma |
13 egressus es in salutem populi tui in salutem
cum christo tuo percussisti caput de domo impii denudasti fundamentum
usque ad collum semper |
|
13 Gij toogt uit tot verlossing Uws volks, tot verlossing
met Uw Gezalfde; Gij doorwonddet het hoofd van het huis des goddelozen,
ontblotende den grond tot den hals toe. Sela. |
[13] U rukt uit om uw volk te bevrijden, om uw gezalfde*
te bevrijden. U verbrijzelt de nok van het goddeloze huis en tot op
de rots legt U de fundamenten bloot. |
[13] Om uw eigen volk te redden trekt u uit, u komt
tot redding van uw gezalfde. Het dak van de wetteloze slaat u stuk,
u legt de fundamenten bloot tot de laatste steen. sela |
13 u trok uit tot bevrijding van uw gemeente, om
uw gezalfde te bevrijden, verbrijzeld hebt gij het hoofd van het huis
van de boze, het fundament blootgelegd tot aan de hals, sela! • |
13. Tu t'es mis en campagne pour sauver ton peuple,
pour sauver ton oint, tu as abattu la maison de l'impie, mis à nu
le fondement jusqu'au rocher. |
|
King James Bible . [13] Thou wentest forth for the salvation of thy people,
even for salvation with thine anointed; thou woundedst the head out of the house
of the wicked, by discovering the foundation unto the neck. Selah.
Luther-Bibel . 13 Du zogst aus, deinem Volk zu helfen, zu helfen deinem Gesalbten.
Du zerschlugst das Dach vom Hause des Gottlosen und entblößtest die Grundfeste
bis auf den Fels. SELA.
Tekstuitleg van Hab
3,13 .
| Hab 3,14 - Hab
3,14 . Lofzang op Gods overwinning - Hab
3,1-19 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 14diekopsas en ekstasei kefalas dunastôn seisthèsontai
en autè dianoixousin chalinous autôn ôs esthôn
ptôchos lathra |
14 maledixisti sceptris eius capiti bellatorum eius
venientibus ut turbo ad dispergendum me exultatio eorum sicut eius
qui devorat pauperem in abscondito |
|
14 Gij doorboordet met zijn staven het hoofd zijner
dorplieden; zij hebben gestormd, om mij te verstrooien; die zich verheugden,
alsof zij de ellendigen in het verborgen zouden opeten. |
[14] Met uw eigen pijlen doorboort U de aanvoerder
van de krijgers die aan komen stormen om mij te verpletteren; verrukt
dat zij een weerloze arme in zijn schuilhoek kunnen verslinden. |
[14] Met zijn eigen pijlen doorboort u de aanvoerder
van de krijgers. Zij stormen aan om mij te breken, het doet ze plezier
om in het geniep een arme stakker te verslinden. |
14 Met zijn eigen staven hebt gij het hoofd van
zijn machtigen doorstoken toen zij aanstormden om mij te verstrooien,–
en jubelden alsof zij in het verborgene een ellendige mochten opeten. |
14. Tu as percé de tes épieux le chef de ses guerriers
qui se ruaient pour nous disperser, avec des cris de joie comme s'ils
allaient, dans leur repaire, dévorer un malheureux. |
|
King James Bible . [14] Thou didst strike through with his staves the head
of his villages: they came out as a whirlwind to scatter me: their rejoicing
was as to devour the poor secretly.
Luther-Bibel . 14 Du durchbohrtest mit seinen Pfeilen sein Haupt, seine Scharen
zerstoben wie Spreu, denn ihre Freude war, zu zerstreuen und zu fressen den
Elenden im Verborgenen.
Tekstuitleg van Hab
3,14 .
| Hab 3,15 - Hab
3,15 . Lofzang op Gods overwinning - Hab
3,1-19 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 15kai epebibasas eis thalassan tous ippous sou tarassontas
udôr polu |
15 viam fecisti in mari equis tuis in luto aquarum
multarum |
|
15 Gij betradt met Uw paarden de zee; de geweldige
wateren werden een hoop. |
[15] U rijdt met uw paarden over de zee, over het
schuim van het machtige water. |
[15] U rijdt over de zee met uw paarden, door het
schuim van grote wateren. |
15 Gij hebt met uw paarden de zee betreden,– het
schuim van vele wateren! |
15. Tu as foulé la mer avec tes chevaux le bouillonnement
des grandes eaux! Crainte humaine et foi en Dieu. |
|
King James Bible . [15] Thou didst walk through the sea with thine horses,
through the heap of great waters.
Luther-Bibel . 15 Du tratest nieder seine Rosse im Meer, im Schlamm der Wasserfluten.
Tekstuitleg van Hab
3,15 .
| Hab 3,16 - Hab
3,16 . Lofzang op Gods overwinning - Hab
3,1-19 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 16efulaxamèn kai eptoèthè è
koilia mou apo fônès proseuchès cheileôn
mou kai eisèlthen tromos eis ta osta mou kai upokatôthen
mou etarachthè è exis mou anapausomai en èmera
thlipseôs tou anabènai eis laon paroikias mou |
16 audivi et conturbatus est venter meus ad vocem
contremuerunt labia mea ingrediatur putredo in ossibus meis et subter
me scateat ut requiescam in die tribulationis ut ascendam ad populum
accinctum nostrum |
|
16 Als ik het hoorde, zo werd mijn buik beroerd;
voor de stem hebben mijn lippen gebeefd; verrotting kwam in mijn gebeente,
en ik werd beroerd in mijn plaats. Zekerlijk, ik zal rusten ten dage
der benauwdheid, als hij optrekken zal tegen het volk, dat hij het
met benden aanvalle. |
[16] Ik heb gehoord, en een huivering ging door
mijn leden, mijn lippen trilden, toen ik het vernam, verrotting tastte
mijn gebeente aan, en ik trilde van binnen. Maar ik wacht rustig op
de dag van het onheil, die zal komen voor het volk dat ons onderdrukt.
|
[16] Ik hoorde dit alles en ik beefde vanbinnen,
ik vernam het en mijn lippen trilden. Mijn botten werden aangevreten,
ik stond te trillen op mijn benen, wachtend op de dag van het onheil,
de dag dat u optrekt tegen het volk dat ons aanviel. |
16 ¶ Toen ik het hoorde beefde mijn buik, bij dat
geluid klapperden mijn lippen, kwam vermolming mijn beenderen binnen,
en beefde ik op mijn plek,– hoewel ik rustig zal wachten op de dag
van benauwing, als hij zal optrekken tegen de manschap van wie ons
belagen. |
16. J'ai entendu! Mon sein frémit. A ce bruit mes
lèvres tremblent, la carie pénètre mes os, sous moi chancellent mes
pas. J'attends en paix ce jour d'angoisse qui se lève contre le peuple
qui nous assaille! |
|
King James Bible . [16] When I heard, my belly trembled; my lips quivered at
the voice: rottenness entered into my bones, and I trembled in myself, that
I might rest in the day of trouble: when he cometh up unto the people, he will
invade them with his troops.
Luther-Bibel . 16 Weil ich solches höre, bebt mein Leib, meine Lippen zittern
von dem Geschrei. Fäulnis fährt in meine Gebeine, und meine Knie beben. Aber
ich will harren auf die Zeit der Trübsal, dass sie heraufziehe über das Volk,
das uns angreift.
Tekstuitleg van Hab
3,16 .
| Hab 3,17 - Hab
3,17 . Lofzang op Gods overwinning - Hab
3,1-19 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 17dioti sukè ou karpoforèsei kai ouk
estai genèmata en tais ampelois pseusetai ergon elaias kai
ta pedia ou poièsei brôsin exelipon apo brôseôs
probata kai ouch uparchousin boes epi fatnais |
17 ficus enim non florebit et non erit germen in
vineis mentietur opus olivae et arva non adferent cibum abscidetur
de ovili pecus et non erit armentum in praesepibus |
|
17 Alhoewel de vijgeboom niet bloeien zal, en geen
vrucht aan den wijnstok zijn zal, dat het werk des olijfbooms liegen
zal, en de velden geen spijze voortbrengen; dat men de kudde uit de
kooi afscheuren zal, en dat er geen rund in de stallingen wezen zal;
|
[17] De vijgenboom bot niet uit, de wingerd draagt
geen vrucht, de olijvenoogst is mislukt en de dorre akkers geven geen
voedsel meer; de schapen zijn uit de kooien verdwenen en er staat
geen rund meer op stal. |
[17] Al zal de vijgenboom niet bloeien, al zal de
wijnstok niets voortbrengen, al zal de oogst van de olijfboom tegenvallen,
al zal er geen koren op de akkers staan, al zal er geen schaap meer
in de kooien zijn en geen rund meer binnen de omheining – |
17 Al zal de vijgenboom niet bloeien en komt aan
de wijnstokken geen gewas, is wat de olijf ervan maakt mislukt en
heeft het veld niets te eten gemaakt,– is het wolvee afgesneden van
de kooi en staat er geen rund meer in de stallen, |
17. Car le figuier ne bourgeonnera plus; plus rien
à récolter dans les vignes. Le produit de l'olivier décevra, les champs
ne donneront plus à manger, les brebis disparaîtront du bercail; plus
de bœufs dans les étables. |
|
King James Bible . [17] Although the fig tree shall not blossom, neither shall
fruit be in the vines; the labour of the olive shall fail, and the fields shall
yield no meat; the flock shall be cut off from the fold, and there shall be
no herd in the stalls:
Luther-Bibel . 17 Da wird der Feigenbaum nicht grünen, und es wird kein Gewächs
sein an den Weinstöcken. Der Ertrag des Ölbaums bleibt aus, und die Äcker bringen
keine Nahrung; Schafe werden aus den Hürden gerissen, und in den Ställen werden
keine Rinder sein.
Tekstuitleg van Hab
3,17 .
| Hab 3,18 - Hab
3,18 . Lofzang op Gods overwinning - Hab
3,1-19 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 18egô de en tô kuriô agalliasomai
charèsomai epi tô theô tô sôtèri
mou |
18 ego autem in Domino gaudebo exultabo in Deo Iesu
meo |
|
18 Zo zal ik nochtans in den HEERE van vreugde opspringen,
ik zal mij verheugen in den God mijns heils. |
[18] Maar ik, ik verheug me in de heer; ik jubel
vanwege de God die mij redt. |
[18] toch zal ik juichen voor de HEER, jubelen voor
de God die mij redt. |
18 toch zal ik juichen om de ENE,– jubelen om de
God die mij bevrijdt! |
18. Mais moi je me réjouirai en Yahvé, j'exulterai
en Dieu mon Sauveur! |
|
King James Bible . [18] Yet I will rejoice in the LORD, I will joy in the God
of my salvation.
Luther-Bibel . 18 Aber ich will mich freuen des HERRN und fröhlich sein in Gott,
meinem Heil.
Tekstuitleg van Hab
3,18 .
| Hab 3,19 - Hab
3,19 . Lofzang op Gods overwinning - Hab
3,1-19 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Hab
3,1 - Hab
3,2 - Hab
3,3 - Hab
3,4 - Hab
3,5 - Hab
3,6 - Hab
3,7 - Hab
3,8 - Hab
3,9 - Hab
3,10 - Hab
3,11 - Hab
3,12 - Hab
3,13 - Hab
3,14 - Hab
3,15 - Hab
3,16 - Hab
3,17 - Hab
3,18 - Hab
3,19 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 19kurios o theos dunamis mou kai taxei tous podas
mou eis sunteleian epi ta upsèla epibiba me tou nikèsai
en tè ôdè autou. |
19 Dominus Deus fortitudo mea et ponet pedes meos
quasi cervorum et super excelsa mea deducet me victori in psalmis
canentem |
|
19 De Heere HEERE is mijn Sterkte; en Hij zal mijn
voeten maken als der hinden, en Hij zal mij doen treden op mijn hoogten.
Voor den opperzangmeester op mijn Neginoth. |
[19] De Heer god is mijn kracht, Hij maakt mijn
voeten als hinden en laat mij de hoogten betreden. [19] Voor de koorleider:
op snaarinstrumenten. |
[19] God, de HEER, is mijn kracht, |
19 De ENE, mijn Heer, is mijn vermogen, hij maakt
mijn voeten als die van de goddelijke hinden en laat mij zijn hoogten
betreden! Voor de koorleider, bij snarenspel. |
19. Yahvé mon Seigneur est ma force, il rend mes
pieds pareils à ceux des biches, sur les cimes il porte mes pas. Du
maître de chant. Sur instruments à cordes. |
|
King James Bible . [19] The LORD God is my strength, and he will make my feet
like hinds' feet, and he will make me to walk upon mine high places. To the
chief singer on my stringed instruments.
Luther-Bibel . 19 Denn der HERR ist meine Kraft, er wird meine Füße machen wie
Hirschfüße und wird mich über die Höhen führen. Vorzusingen, beim Saitenspiel.
Tekstuitleg van Hab
3,19 .
SEPTUAGINTA
3 1proseuchè ambakoum tou profètou meta ôdès2kurie
eisakèkoa tèn akoèn sou kai efobèthèn katenoèsa
ta erga sou kai exestèn en mesô duo zôôn gnôsthèsè
en tô eggizein ta etè epignôsthèsè en tô
pareinai ton kairon anadeichthèsè en tô tarachthènai
tèn psuchèn mou en orgè eleous mnèsthèsè3o
theos ek thaiman èxei kai o agios ex orous kataskiou daseos diapsalma
ekalupsen ouranous è aretè autou kai aineseôs autou plèrès
è gè4kai feggos autou ôs fôs estai kerata en chersin
autou kai etheto agapèsin krataian ischuos autou5pro prosôpou autou
poreusetai logos kai exeleusetai en pedilois oi podes autou6estè kai
esaleuthè è gè epeblepsen kai dietakè ethnè
diethrubè ta orè bia etakèsan bounoi aiônioi7poreias
aiônias autou anti kopôn eidon skènômata aithiopôn
ptoèthèsontai kai ai skènai gès madiam8mè
en potamois ôrgisthès kurie è en potamois o thumos sou è
en thalassè to ormèma sou oti epibèsè epi tous ippous
sou kai è ippasia sou sôtèria9enteinôn enteneis to
toxon sou epi ta skèptra legei kurios diapsalma potamôn ragèsetai
gè10opsontai se kai ôdinèsousin laoi skorpizôn udata
poreias autou edôken è abussos fônèn autès
upsos fantasias autès11epèrthè o èlios kai è
selènè estè en tè taxei autès eis fôs
bolides sou poreusontai eis feggos astrapès oplôn sou12en apeilè
oligôseis gèn kai en thumô kataxeis ethnè13exèlthes
eis sôtèrian laou sou tou sôsai tous christous sou ebales
eis kefalas anomôn thanaton exègeiras desmous eôs trachèlou
diapsalma14diekopsas en ekstasei kefalas dunastôn seisthèsontai
en autè dianoixousin chalinous autôn ôs esthôn ptôchos
lathra15kai epebibasas eis thalassan tous ippous sou tarassontas udôr
polu16efulaxamèn kai eptoèthè è koilia mou apo fônès
proseuchès cheileôn mou kai eisèlthen tromos eis ta osta
mou kai upokatôthen mou etarachthè è exis mou anapausomai
en èmera thlipseôs tou anabènai eis laon paroikias mou17dioti
sukè ou karpoforèsei kai ouk estai genèmata en tais ampelois
pseusetai ergon elaias kai ta pedia ou poièsei brôsin exelipon
apo brôseôs probata kai ouch uparchousin boes epi fatnais18egô
de en tô kuriô agalliasomai charèsomai epi tô theô
tô sôtèri mou19kurios o theos dunamis mou kai taxei tous
podas mou eis sunteleian epi ta upsèla epibiba me tou nikèsai
en tè ôdè autou.
VULGAAT
1 oratio Abacuc prophetae pro ignorationibus 2 Domine audivi auditionem tuam
et timui Domine opus tuum in medio annorum vivifica illud in medio annorum notum
facies cum iratus fueris misericordiae recordaberis 3 Deus ab austro veniet
et Sanctus de monte Pharan semper operuit caelos gloria eius et laudis eius
plena est terra 4 splendor eius ut lux erit cornua in manibus eius ibi abscondita
est fortitudo eius 5 ante faciem eius ibit mors et egredietur diabolus ante
pedes eius 6 stetit et mensus est terram aspexit et dissolvit gentes et contriti
sunt montes saeculi incurvati sunt colles mundi ab itineribus aeternitatis eius
7 pro iniquitate vidi tentoria Aethiopiae turbabuntur pelles terrae Madian 8
numquid in fluminibus iratus es Domine aut in fluminibus furor tuus vel in mari
indignatio tua quia ascendes super equos tuos et quadrigae tuae salvatio 9 suscitans
suscitabis arcum tuum iuramenta tribubus quae locutus es semper fluvios scindes
terrae 10 viderunt te et doluerunt montes gurges aquarum transiit dedit abyssus
vocem suam altitudo manus suas levavit 11 sol et luna steterunt in habitaculo
suo in luce sagittarum tuarum ibunt in splendore fulgurantis hastae tuae 12
in fremitu conculcabis terram in furore obstupefacies gentes 13 egressus es
in salutem populi tui in salutem cum christo tuo percussisti caput de domo impii
denudasti fundamentum usque ad collum semper 14 maledixisti sceptris eius capiti
bellatorum eius venientibus ut turbo ad dispergendum me exultatio eorum sicut
eius qui devorat pauperem in abscondito 15 viam fecisti in mari equis tuis in
luto aquarum multarum 16 audivi et conturbatus est venter meus ad vocem contremuerunt
labia mea ingrediatur putredo in ossibus meis et subter me scateat ut requiescam
in die tribulationis ut ascendam ad populum accinctum nostrum 17 ficus enim
non florebit et non erit germen in vineis mentietur opus olivae et arva non
adferent cibum abscidetur de ovili pecus et non erit armentum in praesepibus
18 ego autem in Domino gaudebo exultabo in Deo Iesu meo 19 Dominus Deus fortitudo
mea et ponet pedes meos quasi cervorum et super excelsa mea deducet me victori
in psalmis canentem