BIJBELBOEK JOËL 1 -- Jl 1 -- bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -
- Jl 1,2-20 -

- Bibliografie - Literatuur - Liturgisch gebruik - Overzicht bijbelboeken - Overzicht van de bibliografie van de bijbelboeken - Overzicht van deze website

Overzicht van het boek Joël : - Jl 1 - Jl 2 - Jl 3 - Jl 4 -
Tekstuitleg per pericope :
Overzicht vers per vers : - Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -

- bijbelverwijzingen - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z -

Overzicht van Tenach : Tenach : overzicht , Tenach : taalgebruik - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , Tenach : commentaar ,
Overzicht van Septuaginta
: Septuaginta : overzicht , Septuaginta : taalgebruik - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , Septuaginta : commentaar ,

Overzicht van het N.T. : NT : overzicht , NT : taalgebruik - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , NT : commentaar ,


Religie.opzijnbest.nl
ZOEKEN OP DEZE WEBSITE
PicoSearch
  Hulp
Verzorgd door PicoSearch
 
bijbelvertalingen Lexilogos   bijbelweb info-bible interBible http://www.diebibel.de/
1. LXX , Griekse tekst N.T.   2. Vulgata   3. Synopsis Denaux - Vervenne  4. Statenvertaling   5. Willibrordvertaling   6. Nieuwe Vertaling   7. Naardense vertaling , zie
8. Bible de Jérusalem 9. Statenvertaling   10. King James Bible  - King James Bible 11. Luther-Bibel   liturgische lezing  

WEDERKERIGHEID (DIVERSITEIT - VICE VERSA) . Meer info : Arseen De Kesel . Email: arseen.de.kesel@pandora.be .
websitenamen : http://users.telenet.be/arseen.de.kesel/ en http://www.interlevensbeschouwelijk.be/index.htm
- STARTPAGINA - AGENDA - BIJ DE HAND - NIEUW - OVERZICHT -  TIJDSCHRIFTEN -
ALFABETISCH OVERZICHT VAN THEMA'S EN WEBSITES :
- A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z
HOOFDTHEMA'S : allochtonen , armoede , bahá'í ,  bezinningsteksten , bijbel , bijbel en koran , boeddhisme , christendom , extreemrechts ( Vlaams Blok ) , fundamentalisme , globalisering en antiglobalisering ,  hindoeïsme , interlevensbeschouwelijke dialoog , interreligieuze meditatie , islam , jodendom , koran , levensbeschouwing , levensbeschouwing / godsdienst en onderwijs , racisme , samenleving , sikhisme , spiritualiteit , tewerkstelling van allochtonen , vluchtelingen en asielzoekers , vrijzinnigheid , witte scholen , multiculturele scholen en concentratiescholen , Eigen-zinnige beschouwingen , Het kleine of grote ongenoegen

Woordenschat

Bibliografie
Literatuur .
Liturgisch gebruik

ALGEMEEN OVERZICHT

- OT : Gn (Genesis) , Ex (Exodus) , Lv (Leviticus) , Nu (Numeri) , Dt (Deuteronomium) , Joz (Jozua) , Re (Rechters) , Rt (Ruth) , 1 S (1 Samuël) , 2 S (2 Samuël) , 1 K (1 Koningen) , 2 K (2 Koningen) , 1 Kr ( 1 Kronieken) , 2 Kr (2 Kronieken) , Ezr (Ezra) , Neh (Nehemia) , Tob (Tobia) , Jdt (Judith) , Est (Esther) , 1 Mak (1 Makkabeeën) , 2 Mak (2 Makkabeeën) , Job , Ps (Psalmen ) , Spr (Spreuken) , Pr (Prediker) , Hl (Hooglied) , W (Wijsheid) , Sir (Sirach) , Js (Jesaja) , Jr (Jeremia) , Kl (Klaagliederen) , Bar (Baruch) , Ez (Ezechiël) , Da (Daniël) , Hos (Hosea) , Jl (Joël) , Am (Amos) , Ob (Obadja) , Jon (Jona) , Mi (Micha) , Nah (Nahum) , Hab (Habakuk) , Sef (Sefanja) , Hag (Haggai) , Zach (Zacharia) , Mal (Maleachi) .
- NT : Mt (Matteüs) - Mc (Marcus) - Lc (Lucas) - Joh (Johannes) - Hnd (Handelingen) , Rom (Rome) , 1 Kor (Korinte) , 2 Kor (Korinte) , Gal (Galatië) , Ef (Efese) , Fil (Filippi) , Kol (Kolosse) , 1 Tes (Tessalonika) , 2 Tes (Tessalonika) , 1 Tim (Timoteüs) , 2 Tim (Timoteüs) , Tit (Titus) , Film (Filemon) , Heb (Hebreeën) , Jak (Jakobus) , 1 Pe (Petrus) , 2 Pe (Petrus) , 1 Joh (Johannes) , 2 Joh (Johannes) , 2 Joh (Johannes) , Jud (Judas) , Apk (Apokalyps) .
Overzicht van de bibliografie van de bijbelboeken - bibliografie bijbel - bibliografie van het Oude Testament - bibliografie Matteüsevangelie - bibliografie Marcusevangelie - bibliografie Lucasevangelie - bibliografie van het Johannesevangelie - bibliografie van het Nieuwe Testament (behalve evangeliën) :
Jl 1,1 - Jl 1,1 -- bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  1 verbum Domini quod factum est ad Iohel filium Fatuhel    1 Het woord des HEEREN, dat geschied is tot Joël, den zoon van Pethuël:   HET woord van de HEER, dat gericht is tot Joël, de zoon van Petuël.       1. Parole de Yahvé, qui fut adressée à Joèl, fils de Petuel.  

King James Bible . [1] The word of the LORD that came to Joel the son of Pethuel.
Luther-Bibel . 1 1 Dies ist das Wort des HERRN, das geschehen ist zu Joel, dem Sohn Petuëls.

a. dëbhar JHWH ´äsjèr hâjâh

Tekstuitleg van Jl 1,1 . Het vers Jl 1,1 telt 8 (2³) woorden en 26 letters . De getalwaarde van Jl 1,1 is 1400 (2³ X 5² X 7) .

Jl 1,1.1. d-bh-r . (1) dâbhar (spreken) act. qal perf. 3de pers. mann. enk. dâbhar (spreken) . (2) dibbèr (hij sprak) : piel perfectum derde persoon mannelijk enkelvoud . (3) dâbhâr (woord, daad) . Zelfstandig naamwoord mannelijk enkelvoud . nom. enk. stat. constructus dëbhar . Taalgebruik in Tenach : dâbhar (spreken) . Getalwaarde : daleth = 4 , beth = 2 , resj = 21 of 200 ; totaal : 27 (3³) OF 206 = 2 X 103 . Structuur : 4 - 2 - 3 . Gr. logos (woord) . Taalgebruik in de LXX : logos (woord) . Taalgebruik in het N.T. : logos (woord) . logos komt van de wortel leg- : lezen / lec-tuur ; les , Fr. leçon , parole (parler) . Ned. woord . D. Wort . E. word . Tenakh (756) . Pentateuch (183) . Eerdere Profeten (194) . Latere Profeten (215) . 12 Kleine Profeten (43) . Geschriften (121) . Jl (2) : (1) Jl 1,1 . (2) Jl 4,8 (werkwoordvorm dibber = hij sprak) .

Jl 1,1.2. JHWH . Eigennaam van God . Taalgebruik in Tenakh : JHWH . Getalwaarde : jod = 10 , he = 5 , waw = 6 . Totaal : 26 . Structuur : 1 - 5 - 6 - 5 . Tenakh (5193) . Pentateuch (1326) . Eerdere Profeten (1013) . Latere Profeten (1357) . 12 Kleine Profeten (387) . Geschriften (1110) . Jl (22) . Jl 1 (5) . Jl 2 (10) . Jl 3 (2) . Jl 4 (5) . Jl 1 (5) : (1) Jl 1,1 . (2) Jl 1,9 . (3) Jl 1,14 . (4) Jl 1,15 . (5) Jl 1,19 . Jl 2 (10) : (1) Jl 2,1 . (2) Jl 2,11 . (3) Jl 2,12 . (4) Jl 2,13 . (5) Jl 2,17 . (6) Jl 2,18 . (7) Jl 2,19 . (8) Jl 2,21 . (9) Jl 2,26 . (10) Jl 2,27 . Jl 3 (2) : (1) Jl 3,4 . (2) Jl 3,5 . Jl 4 (5) : (1) Jl 4,8 . (2) Jl 4,11 . (3) Jl 4,14 . (4) Jl 4,17 . (5) Jl 4,18 . bëJHWH (op JHWH) . Jl (1) : Jl 2,23 . laJHWH . Jl (1) : Jl 2,14 . wëJHWH (en JHWH) . Jl (3) : (1) Jl 2,11 . (2) Jl 4,16 . (3) Jl 4,21 . 27X , in 26 (getalwaarde van JHWH) verzen ; 2X in Jl 2,11 .

Jl 1,1.1. - 2. dëbhar JHWH (woord van JHWH) . Tenach (77/756 en 77/5193) . 12 kl. Prof. (15/43 en 15/387) : (1) Hos 1,1 . (2) Jl 1,1 . (3) Am 8,12 . (4) Jon 1,1 . (5) Mi 1,1 . (6) Sef 1,1 . (7) Sef 2,5 . (8) Hag 1,3 . (9) Hag 2,1 . (10) Hag 2,10 . (11) Zach 4,6 . (12) Zach 7,4 . (13) Zach 7,8 . (14) Zach 8,1 . (15) Zach 8,18 .
- Jl 4,8 : JHWH dibber (JHWH sprak) , steeds in de formule kî JHWH dibber (want JHWH sprak) .
Er is een omgekeerde volgorde van de woorden ; in Jl 1,1 : dëbhar JHWH (woord van JHWH) , in Jl 4,8 JHWH dibber (JHWH sprak) . Hetzelfde stamwoord d-b-r heeft een verschillende functie in de zin zelfst. naamw. , werkw.) , maar de betekenis is dezelfde .

Jl 1,1.3. ´äsjèr (die) . Taalgebruik in Tenach : ´äsjèr (die) . Getalwaarde van ´äsjèr (die) : aleph = 1 , sjin = 21 of 300 , resj = 20 of 200 ; totaal : 42 (2 X 3 X 7) of 501 (3 X 167) . . Structuur : 1 - 3 - 2 . Tenach (4012) . Pentateuch (1378) . Eerdere Profeten (1114) . Latere Profeten (717) . 12 Kleine Profeten (106) . Geschriften (697) . Jl (9) : (1) Jl 1,1 . (2) Jl 2,25 . (3) Jl 2,26 . (4) Jl 3,5 . (5) Jl 4,1 . (6) Jl 4,2 . (7) Jl 4,5 . (8) Jl 4,7 . (9) Jl 4,19 .

Jl 1,1.1. - 3. dëbhar JHWH ´äsjèr (woord van JHWH dat) . Tenakh (8) : (1) 1 K 2,27 . (2) 2 K 19,20 . (3) 1 Kr 10,13 . (4) Js 39,8 . (5) Hos 1,1 . (6) Jl 1,1 . (7) Mi 1,1 . (8) Sef 1,1 .

Jl 1,1.4. wëhâjâh (en het zal zijn / en het is) < prefix verbindingswoord wë + werkw. act. qal perf. 3de pers. mann. enk. OF wèhëjeh (en wees) < wë + act. qal imperat. 2de pers. mann. enk.. van het werkw. häjâh (zijn) . Taalgebruik in Tenakh : hâjâh (zijn) . Getalwaarde : he = 5 , jod = 10 ; totaal : 20 (2² X 5) . Structuur : 5 - 1 - 5 . Gr. eimi (zijn) . Taalgebruik in de Septuaginta : eimi (zijn) . Taalgebruik in het NT : eimi (zijn) . Lat. esse . D. sein . Fr. être . Ned. zijn . E. to be . Een vorm van eimi (zijn) , in de LXX (6947) , in het NT (2450) . Tenakh (388) . Pentateuch (149) . Eerdere Profeten (66) . Latere Profeten (117) . 12 Kleine Profeten (45) . Geschriften (11) . Jl (3) : (1) Jl 3,1 . (2) Jl 3,5 . (3) Jl 4,18 . wëhâjâh heeft 26 als getalwaarde en is bijgevolg evenveel als de godsnaam JHWH . In beide woorden komen dezelfde medeklinkers voor .
- häjâh (zijn) . Tenakh (332) . Pentateuch (52) . Eerdere Profeten (111) . Latere Profeten (87) . 12 Kleine Profeten (14) . Geschriften (67) . Jl (1) : Jl 1,1 .

Jl 1,1.3. - 4. ´äsjèr hâjâh (die / dat was) . Tenakh (54/4012 en 54/332) . 12 Kleine Profeten (6/106 en 6/14) : (1) Da 9,2 . (2) Hos 1,1 . (3) Jl 1,1 . (4) Am 1,1 . (5) Mi 1,1 . (6) Sef 1,1 .

Jl 1,1.1. - 4. dëbhar JHWH ´äsjèr hâjâh (woord van JHWH dat was) . Tenakh (8) : (1) Hos 1,1 . (2) Jl 1,1 . (3) Mi 1,1 . (4) Sef 1,1 .

5. ´l : voorzetsel ´èl (naar, tot) OF godsnaam El . De verkorte vorm van de godsnaam ´èlohîm is ´èl OF ontkenning ´al (niet) . Getalwaarde is : aleph = 1 ; lamed = 12 of 30 ; totaal 13 of 31 (spiegelbeeld) . Structuur : 1 - 3 . Taalgebruik in Tenach : ´èl . Tenach (3626) . Pentateuch (1096) . Eerdere Profeten (1070) . Latere Profeten (655) . 12 Kleine Profeten (142) . Geschriften (662) . Jl (9) : (1) Jl 1,1 . (2) Jl 1,14 . (3) Jl 2,13 . (4) Jl 2,20 . (5) Jl 2,21 . (6) Jl 2,22 . (7) Jl 4,2 . (8) Jl 4,8 . (9) Jl 4,12 .

Jl 1,1.1. - 5. dëbhar JHWH ´äsjèr hâjâh ´èl (woord van JHWH dat was tot) . Tenakh (8) : (1) Hos 1,1 . (2) Jl 1,1 . (3) Mi 1,1 . (4) Sef 1,1 .

7. ben (zoon, kind) . Taalgebruik in Tenakh : ben (zoon, kind) . Getalwaarde : beth = 2 , nun = 14 of 50 ; totaal : 16 (2² X 2²) of 52 (2 X 26) . Structuur : 2 - 5 . Tenach (1225) . Pentateuch (284) . Eerdere Profeten (392) . Latere Profeten (231) . 12 Kleine Profeten (26) . Geschriften (292) . Jl (1) : Jl 1,1 .
- stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) van het zelfst. naamw. . Tenakh (1481) . Pentateuch (582) . Eerdere Profeten (355) . Latere Profeten (83) . 12 Kleine Profeten (25) . Geschriften (436) . Jl (3) : (1) Jl 1,12 . (2) Jl 4,8 . (3) Jl 4,19 .
- bëne(j)khèm (jullie zonen) < stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. mv. -khèm . Tenakh (24) . Pentateuch (9) . Eerdere Profeten (8) . Latere Profeten (3) . 12 Kleine Profeten (2) . Geschriften (2) . Jl (2) : (1) Jl 3,1 . (2) Jl 4,8 .
- libhëne(j) (aan de zonen van) < prefix voorzetsel lë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) . Tenakh (200) . Pentateuch (86) . Eerdere Profeten (35) . Latere Profeten (4) . 12 Kleine Profeten (6) . Geschriften () . Jl (2) : (1) Jl 4,6 . (2) Jl 4,16 .
- libhëne(j)hèm (aan hun zonen) < prefix voorzetsel lë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 3de pers. mann. mv. - hèm . Tenakh (6) . Jl (1) Jl 1,3 .
- libhëne(j)khèm (aan jullie zonen) < prefix voorzetsel lë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. mv. -khèm . Tenakh (6) . Jl (1) Jl 1,3 .
- ûbhëne(j) (en de zonen van) < verbindingswoord wë + stat. constructus mann. mv. van het zelfst. naamw. . Tenakh (202) . Pentateuch (55) . Eerdere Profeten (39) . Latere Profeten (11) . 12 Kleine Profeten (4) . Geschriften (93) . Jl (2) : (1) Jl 2,23 . (2) Jl 4,6 .
- ûbhëne(j)hèm (en hun zonen) < verbindingswoord wë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 3de pers. mann. mv. -hèm . Tenakh (16) . Jl (1) Jl 1,3 .
- ûbhëne(j)khèm (jullie zonen) < verbindingswoord wë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. mv. -khèm . Tenakh (9) . Jl (1) : Jl (1) Jl 1,3 .

- Jl 1,2-20 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -

Jl 1,2 - Jl 1,2 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  2 audite hoc senes et auribus percipite omnes habitatores terrae si factum est istud in diebus vestris aut in diebus patrum vestrorum     2 Hoort dit, gij oudsten! en neemt ter oren, alle inwoners des lands! Is dit geschied in uw dagen, of ook in de dagen uwer vaderen?  [2] Hoor* toe, oudsten, luister allen, bewoners van het land! Is iets dergelijks ooit gebeurd in uw dagen of in de dagen van uw vaderen?       2. Écoutez ceci, les anciens, prêtez l'oreille, tous les habitants du pays! Est-il de votre temps survenu rien de tel, ou du temps de vos pères ?  

King James Bible . [2] Hear this, ye old men, and give ear, all ye inhabitants of the land. Hath this been in your days, or even in the days of your fathers?
Luther-Bibel . 2 Hört dies, ihr Ältesten, und merkt auf, alle Bewohner des Landes, ob solches geschehen sei zu euren Zeiten oder zu eurer Väter Zeiten!

Tekstuitleg van Jl 1,2 . Het vers Jl 1,2 telt 13 woorden en 58 (2 X 29) letters . De getalwaarde van Jl 1,2 is 1400 (2³ X 5² X 7) .

Jl 1,2.1. (1) sjimë`û (hoort, luistert) : act. qal imperatief 2de pers. mann. mv. OF (2) sjâmë`û (zij horen) : act. qal perf. 3de pers. mann. mv. van het werkw. sjâmâ` (horen, luisteren) . Taalgebruik in Tenach : sjâm`â (horen, luisteren) . Taalgebruik in Jesaja : sjâm`â (horen, luisteren) . Getalwaarde : sjin = 21 of 300 , mem = 13 of 40 , ajin = 16 of 70 ; totaal : 50 (2 X 5²) of 410 (2 X 5 X 41) . Structuur : 3 - 4 - 7 . Gr. akouô (horen) . Taalgebruik in de Septuaginta : akouô (horen) . Taalgebruik in het N.T. : akouô (horen) . Beide zijn verwant met elkaar . oor < Lat. aus , auris , zie Gr. ous / ôs , ôtis . auscultare (het oor lenen aan , toehoren , aanhoren) -> écouter . Lat. audire . Ned. horen . E. to hear . D. höhren . Een vorm van akouô (horen) in het N.T. (427) , in de LXX (1069) . Horen veronderstelt een lijdend voorwerp . Horen kan verwijzen naar iets dat voorafging of het kan gevolgd worden door een object of een objectzin . Tenach (163) . Pentateuch (17) . Eerdere Profeten (24) . Latere Profeten (76) . 12 Kleine Profeten (18) . Geschriften (28) . Jl (1) : Jl 1,2 . In Jl is het de enigste vorm en de enigste plaats van het werkw. sjâmâ` (horen, luisteren) .

Jl 1,2.1. - 2. sjimë`û (hoort, luistert) zo´th (dit) . Tenach (8) : (1) Ps 49,2 . (2) Js 48,1 . (3) Js 48,16 . (4) Jr 5,21 . (5) Hos 5,1 . (6) Jl 1,2 . (7) Am 8,4 . (8) Mi 3,9 .

Jl 1,2.3. zâqen (oud, voornaam) . Taalgebruik in Tenakh : zâqen (oud, voornaam) . Getalwaarde : zajin = 7 , qoph = 19 of 100 , nun = 14 of 50 ; totaal : 40 of 157 . Structuur : 7 - 1 - 5 . Een vorm van zâqen (oud, voornaam) in Jl (4) : (1) Jl 1,2 . (2) Jl 1,14 . (3) Jl 2,16 . (4) Jl 3,1 .
- mann. mv. zëqenîm (ouderen) . Tenakh (15) . Pentateuch (3) . Eerdere Profeten (0) . Latere Profeten (0) . 12 Kleine Profeten (3) . Geschriften (9) . Jl (2) : (1) Jl 1,14 . (2) Jl 2,16 .
- hazzëqenîm (de ouderen) < bepaald lidw. ha + zelfst. naamw. mann. mv. zëqenîm (ouderen) van het zelfst. naamw. Tenakh (21) . Pentateuch (5) . Eerdere Profeten (10) . Latere Profeten (1) . 12 Kleine Profeten (1) . Geschriften (4) . Jl (1) : Jl 1,2 .
- ziqëne(j)khèm (jullie ouderen) . Tenakh (2) : (1) Dt 29,9 . (2) Jl 3,1 .

10. bi(j)me(j)khèm (in jullie dagen) < voorzetsel bë + zelfst. naamw. mann. mv. stat. constructus + suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. mv. van het zelfst. naamw. jôm (dag) . Taalgebruik in Tenakh : jôm (dag) . Getalwaarde van jôm (dag) : jod = 10 , waw = 6 , mem = 13 of 40 ; totaal : 29 OF 56 (2³ X 7) . Structuur : 1 - 6 - 4 . Gr. hèmera (dag) . Taalgebruik in de Septuaginta : hèmera (dag) . Taalgebruik in het N.T. : hèmera (dag) . Lat. dies . Ned. dag . D. Tag . E. day . F. jour < Lat. diurnum . Cfr journaal . Een vorm van hèmera (dag) in de LXX (2567) , in het N.T. (388) . Tenakh (3) : (1) Ez 12,25 . (2) Jl 1,2 . (3) Hab 1,5 . bëjôm / bajjôm (op een / de dag) . Jl (1) : Jl 4,18 . lajjôm (tot de dag) . Jl (1) Jl 1,15 . Een vorm van jôm (dag) in Jl (10) : (1) Jl 1,2 . (2) Jl 1,15 . (3) Jl 2,1 . (4) Jl 2,2 . (5) Jl 2,11 . (6) Jl 3,2 . (7) Jl 3,4 . (8) Jl 4,1 . (9) Jl 4,14 . (10) Jl 4,18 .

12. bîme(j) (in de dagen van) . Voorzetsel bë en stat. constr. mv. îme(j) van het zelfst. naamw. jôm (dag) . Taalgebruik in Tenakh : jôm (dag) . Getalwaarde van jôm (dag) : jod = 10 , waw = 6 , mem = 13 of 40 ; totaal : 29 OF 56 (2³ X 7) . Structuur : 1 - 6 - 4 . Gr. hèmera (dag) . Taalgebruik in de Septuaginta : hèmera (dag) . Taalgebruik in het N.T. : hèmera (dag) . Lat. dies . Ned. dag . D. Tag . E. day . F. jour < Lat. diurnum . Cfr journaal . Een vorm van hèmera (dag) in de LXX (2567) , in het N.T. (388) . Tenakh (55) . Pentateuch (6) . Eerdere Profeten (12) . Latere Profeten (9) . 12 Kleine Profeten (6) . Geschriften (22) . 12 kl. prof. (6) : (1) Hos 1,1 . (2) Jl 1,2 . (3) Am 1,1 . (4) Mi 1,1 . (5) Sef 1,1 . (6) Zach 14,5 . dat. vr. mv. hèmerais . Bijbel (228) . O.T. (228) . N.T. (48) . Pent. (11) . 12 kl. Prof . (16) : (1) Hos 1,1 . (2) Hos 5,9 . (3) Hos 10,14 . (4) Jl 1,2 . (5) Jl 3,2 . (6) Jl 4,1 . (7) Am 1,1 . (8) Mi 1,1 . (9) Nah 3,17 . (10) Hab 1,5 . (11) Sef 1,1 . (12) Zach 8,6 . (13) Zach 8,9 . (14) Zach 8,15 . (15) Zach 8,23 . (16) Zach 14,5 . bëjôm / bajjôm (op een / de dag) . Jl (1) : Jl 4,18 . lajjôm (tot de dag) . Jl (1) Jl 1,15 . Een vorm van jôm (dag) in Jl (10) : (1) Jl 1,2 . (2) Jl 1,15 . (3) Jl 2,1 . (4) Jl 2,2 . (5) Jl 2,11 . (6) Jl 3,2 . (7) Jl 3,4 . (8) Jl 4,1 . (9) Jl 4,14 . (10) Jl 4,18 .

Jl 1,3 - Jl 1,3 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  3 super hoc filiis vestris narrate et filii vestri filiis suis et filii eorum generationi alterae    3 Vertelt uw kinderen daarvan, en laat het uw kinderen hun kinderen vertellen, en derzelver kinderen aan een ander geslacht.   [3] Vertel het aan uw zonen en laat uw zonen het vertellen aan hun zonen en die weer aan de volgende generatie.       3. Racontez-le à vos fils, et vos fils à leurs fils, et leurs fils à la génération qui suivra!  

King James Bible . [3] Tell ye your children of it, and let your children tell their children, and their children another generation.
Luther-Bibel . 3 Sagt euren Kindern davon und lasst's eure Kinder ihren Kindern sagen und diese wiederum ihren Nachkommen:

Tekstuitleg van Jl 1,3 .

2. ben (zoon, kind) . Taalgebruik in Tenakh : ben (zoon, kind) . Getalwaarde : beth = 2 , nun = 14 of 50 ; totaal : 16 (2² X 2²) of 52 (2 X 26) . Structuur : 2 - 5 . Tenach (1225) . Pentateuch (284) . Eerdere Profeten (392) . Latere Profeten (231) . 12 Kleine Profeten (26) . Geschriften (292) . Jl (1) : Jl 1,1 .
- stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) van het zelfst. naamw. . Tenakh (1481) . Pentateuch (582) . Eerdere Profeten (355) . Latere Profeten (83) . 12 Kleine Profeten (25) . Geschriften (436) . Jl (3) : (1) Jl 1,12 . (2) Jl 4,8 . (3) Jl 4,19 .
- bëne(j)khèm (jullie zonen) < stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. mv. -khèm . Tenakh (24) . Pentateuch (9) . Eerdere Profeten (8) . Latere Profeten (3) . 12 Kleine Profeten (2) . Geschriften (2) . Jl (2) : (1) Jl 3,1 . (2) Jl 4,8 .
- libhëne(j) (aan de zonen van) < prefix voorzetsel lë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) . Tenakh (200) . Pentateuch (86) . Eerdere Profeten (35) . Latere Profeten (4) . 12 Kleine Profeten (6) . Geschriften () . Jl (2) : (1) Jl 4,6 . (2) Jl 4,16 .
- libhëne(j)hèm (aan hun zonen) < prefix voorzetsel lë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 3de pers. mann. mv. - hèm . Tenakh (6) . Jl (1) Jl 1,3 .
- libhëne(j)khèm (aan jullie zonen) < prefix voorzetsel lë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. mv. -khèm . Tenakh (6) . Jl (1) Jl 1,3 .
- ûbhëne(j) (en de zonen van) < verbindingswoord wë + stat. constructus mann. mv. van het zelfst. naamw. . Tenakh (202) . Pentateuch (55) . Eerdere Profeten (39) . Latere Profeten (11) . 12 Kleine Profeten (4) . Geschriften (93) . Jl (2) : (1) Jl 2,23 . (2) Jl 4,6 .
- ûbhëne(j)hèm (en hun zonen) < verbindingswoord wë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 3de pers. mann. mv. -hèm . Tenakh (16) . Jl (1) Jl 1,3 .
- ûbhëne(j)khèm (en jullie zonen) < verbindingswoord wë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) + suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. mv. -khèm . Tenakh (9) . Jl (1) : Jl (1) Jl 1,3 .

4. ben (zoon, kind) . Taalgebruik in Tenakh : ben (zoon, kind) . Getalwaarde : beth = 2 , nun = 14 of 50 ; totaal : 16 (2² X 2²) of 52 (2 X 26) . Structuur : 2 - 5 . Tenach (1225) . Pentateuch (284) . Eerdere Profeten (392) . Latere Profeten (231) . 12 Kleine Profeten (26) . Geschriften (292) . Jl (1) : Jl 1,1 .
- stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) van het zelfst. naamw. . Tenakh (1481) . Pentateuch (582) . Eerdere Profeten (355) . Latere Profeten (83) . 12 Kleine Profeten (25) . Geschriften (436) . Jl (3) : (1) Jl 1,12 . (2) Jl 4,8 . (3) Jl 4,19 .
- bëne(j)khèm (jullie zonen) < stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. mv. -khèm . Tenakh (24) . Pentateuch (9) . Eerdere Profeten (8) . Latere Profeten (3) . 12 Kleine Profeten (2) . Geschriften (2) . Jl (2) : (1) Jl 3,1 . (2) Jl 4,8 .
- libhëne(j) (aan de zonen van) < prefix voorzetsel lë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) . Tenakh (200) . Pentateuch (86) . Eerdere Profeten (35) . Latere Profeten (4) . 12 Kleine Profeten (6) . Geschriften () . Jl (2) : (1) Jl 4,6 . (2) Jl 4,16 .
- libhëne(j)hèm (aan hun zonen) < prefix voorzetsel lë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 3de pers. mann. mv. - hèm . Tenakh (6) . Jl (1) Jl 1,3 .
- libhëne(j)khèm (aan jullie zonen) < prefix voorzetsel lë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. mv. -khèm . Tenakh (6) . Jl (1) Jl 1,3 .
- ûbhëne(j) (en de zonen van) < verbindingswoord wë + stat. constructus mann. mv. van het zelfst. naamw. . Tenakh (202) . Pentateuch (55) . Eerdere Profeten (39) . Latere Profeten (11) . 12 Kleine Profeten (4) . Geschriften (93) . Jl (2) : (1) Jl 2,23 . (2) Jl 4,6 .
- ûbhëne(j)hèm (en hun zonen) < verbindingswoord wë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 3de pers. mann. mv. -hèm . Tenakh (16) . Jl (1) Jl 1,3 .
- ûbhëne(j)khèm (en jullie zonen) < verbindingswoord wë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) + suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. mv. -khèm . Tenakh (9) . Jl (1) : Jl (1) Jl 1,3 .

5. ben (zoon, kind) . Taalgebruik in Tenakh : ben (zoon, kind) . Getalwaarde : beth = 2 , nun = 14 of 50 ; totaal : 16 (2² X 2²) of 52 (2 X 26) . Structuur : 2 - 5 . Tenach (1225) . Pentateuch (284) . Eerdere Profeten (392) . Latere Profeten (231) . 12 Kleine Profeten (26) . Geschriften (292) . Jl (1) : Jl 1,1 .
- stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) van het zelfst. naamw. . Tenakh (1481) . Pentateuch (582) . Eerdere Profeten (355) . Latere Profeten (83) . 12 Kleine Profeten (25) . Geschriften (436) . Jl (3) : (1) Jl 1,12 . (2) Jl 4,8 . (3) Jl 4,19 .
- bëne(j)khèm (jullie zonen) < stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. mv. -khèm . Tenakh (24) . Pentateuch (9) . Eerdere Profeten (8) . Latere Profeten (3) . 12 Kleine Profeten (2) . Geschriften (2) . Jl (2) : (1) Jl 3,1 . (2) Jl 4,8 .
- libhëne(j) (aan de zonen van) < prefix voorzetsel lë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) . Tenakh (200) . Pentateuch (86) . Eerdere Profeten (35) . Latere Profeten (4) . 12 Kleine Profeten (6) . Geschriften () . Jl (2) : (1) Jl 4,6 . (2) Jl 4,16 .
- libhëne(j)hèm (aan hun zonen) < prefix voorzetsel lë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 3de pers. mann. mv. - hèm . Tenakh (6) . Jl (1) Jl 1,3 .
- libhëne(j)khèm (aan jullie zonen) < prefix voorzetsel lë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. mv. -khèm . Tenakh (6) . Jl (1) Jl 1,3 .
- ûbhëne(j) (en de zonen van) < verbindingswoord wë + stat. constructus mann. mv. van het zelfst. naamw. . Tenakh (202) . Pentateuch (55) . Eerdere Profeten (39) . Latere Profeten (11) . 12 Kleine Profeten (4) . Geschriften (93) . Jl (2) : (1) Jl 2,23 . (2) Jl 4,6 .
- ûbhëne(j)hèm (en hun zonen) < verbindingswoord wë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 3de pers. mann. mv. -hèm . Tenakh (16) . Jl (1) Jl 1,3 .
- ûbhëne(j)khèm (en jullie zonen) < verbindingswoord wë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) + suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. mv. -khèm . Tenakh (9) . Jl (1) : Jl (1) Jl 1,3 .

6. ben (zoon, kind) . Taalgebruik in Tenakh : ben (zoon, kind) . Getalwaarde : beth = 2 , nun = 14 of 50 ; totaal : 16 (2² X 2²) of 52 (2 X 26) . Structuur : 2 - 5 . Tenach (1225) . Pentateuch (284) . Eerdere Profeten (392) . Latere Profeten (231) . 12 Kleine Profeten (26) . Geschriften (292) . Jl (1) : Jl 1,1 .
- stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) van het zelfst. naamw. . Tenakh (1481) . Pentateuch (582) . Eerdere Profeten (355) . Latere Profeten (83) . 12 Kleine Profeten (25) . Geschriften (436) . Jl (3) : (1) Jl 1,12 . (2) Jl 4,8 . (3) Jl 4,19 .
- bëne(j)khèm (jullie zonen) < stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. mv. -khèm . Tenakh (24) . Pentateuch (9) . Eerdere Profeten (8) . Latere Profeten (3) . 12 Kleine Profeten (2) . Geschriften (2) . Jl (2) : (1) Jl 3,1 . (2) Jl 4,8 .
- libhëne(j) (aan de zonen van) < prefix voorzetsel lë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) . Tenakh (200) . Pentateuch (86) . Eerdere Profeten (35) . Latere Profeten (4) . 12 Kleine Profeten (6) . Geschriften () . Jl (2) : (1) Jl 4,6 . (2) Jl 4,16 .
- libhëne(j)hèm (aan hun zonen) < prefix voorzetsel lë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 3de pers. mann. mv. - hèm . Tenakh (6) . Jl (1) Jl 1,3 .
- libhëne(j)khèm (aan jullie zonen) < prefix voorzetsel lë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. mv. -khèm . Tenakh (6) . Jl (1) Jl 1,3 .
- ûbhëne(j) (en de zonen van) < verbindingswoord wë + stat. constructus mann. mv. van het zelfst. naamw. . Tenakh (202) . Pentateuch (55) . Eerdere Profeten (39) . Latere Profeten (11) . 12 Kleine Profeten (4) . Geschriften (93) . Jl (2) : (1) Jl 2,23 . (2) Jl 4,6 .
- ûbhëne(j)hèm (en hun zonen) < verbindingswoord wë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 3de pers. mann. mv. -hèm . Tenakh (16) . Jl (1) Jl 1,3 .
- ûbhëne(j)khèm (en jullie zonen) < verbindingswoord wë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) + suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. mv. -khèm . Tenakh (9) . Jl (1) : Jl (1) Jl 1,3 .

Jl 1,4 - Jl 1,4 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  4 residuum erucae comedit lucusta et residuum lucustae comedit bruchus et residuum bruchi comedit rubigo    4 Wat de rups heeft overgelaten, heeft de sprinkhaan afgegeten, en wat de sprinkhaan heeft overgelaten, heeft de kever afgegeten, en wat de kever heeft overgelaten, heeft de kruidworm afgegeten.   [4] Wat de knager* overliet, vrat de sprinkhaan op; wat de sprinkhaan overliet, vrat de verslinder op; wat de verslinder overliet, vrat de kaalvreter op.       4. Ce qu'a laissé le gazam, la sauterelle l'a dévoré! Ce qu'a laissé la sauterelle, le yeleq l'a dévoré! Ce qu'a laissé le yeleq, le hasîl l'a dévoré!  

King James Bible . [4] That which the palmerworm hath left hath the locust eaten; and that which the locust hath left hath the cankerworm eaten; and that which the cankerworm hath left hath the caterpiller eaten.
Luther-Bibel . 4 Was die Raupen übrig lassen, das fressen die Heuschrecken, und was die Heuschrecken übrig lassen, das fressen die Käfer, und was die Käfer übrig lassen, das frisst das Geschmeiß.

Tekstuitleg van Jl 1,4 .

Jl 1,5 - Jl 1,5 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  5 expergescimini ebrii et flete et ululate omnes qui bibitis vinum in dulcedine quoniam periit ab ore vestro    5 Waakt op, gij dronkenen! en weent, en huilt, alle gij wijnzuipers! om den nieuwen wijn, dewijl hij van uw mond is afgesneden.   [5] Word wakker, dronkaards, en ween; jammer allen, wijndrinkers, want het druivennat gaat uw mond voorbij.       5. Réveillez-vous, ivrognes, et pleurez! Tous les buveurs de vin, lamentez-vous sur le vin nouveau : il vous est retiré de la bouche! 

King James Bible . [5] Awake, ye drunkards, and weep; and howl, all ye drinkers of wine, because of the new wine; for it is cut off from your mouth.
Luther-Bibel . 5 Wacht auf, ihr Trunkenen, und weint, und heult, alle Weinsäufer, um den süßen Wein; denn er ist euch vor eurem Munde weggenommen!

Tekstuitleg van Jl 1,5 .

7. jajin (wijn) . Tenakh (55) . 12 kl. Prof. (7) : (1) Hos 9,4 . (2) Jl 1,5 . (3) Am 2,12 . (4) Am 6,6 . (5) Mi 6,15 . (6) Zach 9,15 . (7) Zach 10,7 .

10. kî (want, omdat) . Taalgebruik in Tenakh : kî (want, omdat) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , jod = 10 ; totaal : 21 (3 X 7) of 30 (2 X 3 X 5) . Structuur : 2 - 1 . Tenakh (3849) . Jl (26) . Jl 1 (11) . Jl 2 (8) . Jl 3 (1) . Jl 4 (6) . Jl 1 (11) : (1) Jl 1,5 . (2) Jl 1,6 . (3) Jl 1,10 . (4) Jl 1,11 . (5) Jl 1,12 . (6) Jl 1,13 . (7) Jl 1,15 . (8) Jl 1,17 . (9) Jl 1,18 . (10) Jl 1,19 . (11) Jl 1,20 .

Jl 1,6 - Jl 1,6 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  6 gens enim ascendit super terram meam fortis et innumerabilis dentes eius ut dentes leonis et molares eius ut catuli leonis    6 Want een volk is opgekomen over mijn land, machtig en zonder getal; zijn tanden zijn leeuwentanden, en het heeft baktanden eens ouden leeuws.   [6] Een volk is opgetrokken tegen mijn land, een machtig volk, niet te tellen. Het heeft de tanden van een leeuw, en de kaken van een leeuwin.     6. Car un peuple est monté contre mon pays, puissant et innombrable; ses dents sont dents de lion, il a des crocs de lionne. 

King James Bible . [6] For a nation is come up upon my land, strong, and without number, whose teeth are the teeth of a lion, and he hath the cheek teeth of a great lion.
Luther-Bibel . 6 Denn es zieht herauf in mein Land ein Volk, mächtig und ohne Zahl; das hat Zähne wie die Löwen und Backenzähne wie die Löwinnen.

Tekstuitleg van Jl 1,6 .

1. kî (want, omdat) . Taalgebruik in Tenakh : kî (want, omdat) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , jod = 10 ; totaal : 21 (3 X 7) of 30 (2 X 3 X 5) . Structuur : 2 - 1 . Tenakh (3849) . Jl (26) . Jl 1 (11) . Jl 2 (8) . Jl 3 (1) . Jl 4 (6) . Jl 1 (11) : (1) Jl 1,5 . (2) Jl 1,6 . (3) Jl 1,10 . (4) Jl 1,11 . (5) Jl 1,12 . (6) Jl 1,13 . (7) Jl 1,15 . (8) Jl 1,17 . (9) Jl 1,18 . (10) Jl 1,19 . (11) Jl 1,20 .

Jl 1,7 - Jl 1,7 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  7 posuit vineam meam in desertum et ficum meam decorticavit nudans spoliavit eam et proiecit albi facti sunt rami eius    7 Het heeft mijn wijnstok gesteld tot een verwoesting, en mijn vijgeboom tot schuim; het heeft hem ganselijk ontbloot en nedergeworpen, zijn ranken zijn wit geworden.  [7] Het heeft mijn wijnstok* vernield en van mijn vijgenboom dood hout gemaakt; het heeft hem ontschorst en weggegooid; de ranken zijn verbleekt.       7. Il a fait de ma vigne un désert, réduit en miettes mon figuier; il les a tout pelés, abattus, leurs rameaux sont devenus blancs! 

King James Bible . [7] He hath laid my vine waste, and barked my fig tree: he hath made it clean bare, and cast it away; the branches thereof are made white.
Luther-Bibel . 7 Es verwüstet meinen Weinstock und frisst meinen Feigenbaum kahl, schält ihn ganz und gar ab, dass seine Zweige weiß dastehen.

Tekstuitleg van Jl 1,7 .

Jl 1,8 - Jl 1,8 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  8 plange quasi virgo accincta sacco super virum pubertatis suae     8 Kermt, als een jonkvrouw, die met een zak omgord is vanwege den man van haar jeugd.   [8] Weeklaag als een jonge vrouw die het rouwkleed draagt voor de man van haar jeugd.       8. Gémis, comme sur le fiancé de sa jeunesse la vierge revêtue du sac!  

King James Bible . [8] Lament like a virgin girded with sackcloth for the husband of her youth.
Luther-Bibel . 8 Heule wie eine Jungfrau, die Trauer anlegt um ihres Bräutigams willen!

Tekstuitleg van Jl 1,8 .

Jl 1,9 - Jl 1,9 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  9 periit sacrificium et libatio de domo Domini luxerunt sacerdotes ministri Domini     9 Spijsoffer en drankoffer is van het huis des HEEREN afgesneden; de priesters, des HEEREN dienaars, treuren.  [9] Er is geen spijsoffer* meer, geen plengoffer meer in het huis van de heer. De priesters rouwen, zij die de dienst van de heer verrichten.       9. Oblation et libation ont disparu de la maison de Yahvé. Ils sont en deuil, les prêtres serviteurs de Yahvé.  

King James Bible . [9] The meat offering and the drink offering is cut off from the house of the LORD; the priests, the LORD's ministers, mourn.
Luther-Bibel . 9 Denn Speisopfer und Trankopfer gibt es nicht mehr im Hause des HERRN, und die Priester, des HERRN Diener, trauern.

Tekstuitleg van Jl 1,9 .

4. mibe(j)th (vanuit het huis van) < voorzetsel min + stat.constr. mann. enk. van het zelfst. naamw. be(j)th (huis) . Taalgebruik in Tenach : be(j)th (huis) . Getalwaarde van be(j)th ; beth = 2 , jod = 10 , thaw = 22 of 400 ; totaal : 34 (2 X 17) OF 412 (2² X 103) . Structuur : 2 - 1 - 4 . Gr. oikos (huis) . Taalgebruik in de Septuaginta : oikos (huis) . Taalgebruik in het N.T. : oikos (huis) . Een vorm van oikos in de LXX (2062) , in het N.T. (112) . Lat. domus . Fr. maison . Ned. huis . E. house . D. Hause . Jl (4) : (1) Jl 1,9 . (2) Jl 1,13 . (3) Jl 1,16 . (4) Jl 4,18 .

5. JHWH . Eigennaam van God . Taalgebruik in Tenakh : JHWH . Getalwaarde : jod = 10 , he = 5 , waw = 6 . Totaal : 26 . Structuur : 1 - 5 - 6 - 5 . Tenakh (5193) . Pentateuch (1326) . Eerdere Profeten (1013) . Latere Profeten (1357) . 12 Kleine Profeten (387) . Geschriften (1110) . Jl (22) . Jl 1 (5) . Jl 2 (10) . Jl 3 (2) . Jl 4 (5) . Jl 1 (5) : (1) Jl 1,1 . (2) Jl 1,9 . (3) Jl 1,14 . (4) Jl 1,15 . (5) Jl 1,19 . Jl 2 (10) : (1) Jl 2,1 . (2) Jl 2,11 . (3) Jl 2,12 . (4) Jl 2,13 . (5) Jl 2,17 . (6) Jl 2,18 . (7) Jl 2,19 . (8) Jl 2,21 . (9) Jl 2,26 . (10) Jl 2,27 . Jl 3 (2) : (1) Jl 3,4 . (2) Jl 3,5 . Jl 4 (5) : (1) Jl 4,8 . (2) Jl 4,11 . (3) Jl 4,14 . (4) Jl 4,17 . (5) Jl 4,18 . bëJHWH (op JHWH) . Jl (1) : Jl 2,23 . laJHWH . Jl (1) : Jl 2,14 . wëJHWH (en JHWH) . Jl (3) : (1) Jl 2,11 . (2) Jl 4,16 . (3) Jl 4,21 .

4. - 5. mibe(j)th JHWH (uit een huis van JHWH) . Tenakh (8) : (1) 2 K 11,19 . (2) 2 K 23,6 . (3) 2 Kr 23,20 . (4) 2 Kr 26,21 . (5) 2 Kr 33,15 . (6) Ps 118,26 . (7) Jl 1,9 . (8) Jl 4,18 .

Jl 1,10 - Jl 1,10 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  10 depopulata est regio luxit humus quoniam devastatum est triticum confusum est vinum elanguit oleum    10 Het veld is verwoest, het land treurt; want het koren is verwoest, de most is verdroogd, de olie is flauw.   [10] De akker ligt braak, de aardbodem treurt, het koren teert weg, de most is opgedroogd, de olie kwijnt weg.       10. La campagne est ravagée, la terre est en deuil. Car les blés sont ravagés, le vin fait défaut, l'huile fraîche tarit.  

King James Bible . [10] The field is wasted, the land mourneth; for the corn is wasted: the new wine is dried up, the oil languisheth.
Luther-Bibel . 10 Das Feld ist verwüstet und der Acker ausgedörrt; das Getreide ist verdorben, der Wein steht jämmerlich und das Öl kläglich.

Tekstuitleg van Jl 1,10 .

5. kî (want, omdat) . Taalgebruik in Tenakh : kî (want, omdat) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , jod = 10 ; totaal : 21 (3 X 7) of 30 (2 X 3 X 5) . Structuur : 2 - 1 . Tenakh (3849) . Jl (26) . Jl 1 (11) . Jl 2 (8) . Jl 3 (1) . Jl 4 (6) . Jl 1 (11) : (1) Jl 1,5 . (2) Jl 1,6 . (3) Jl 1,10 . (4) Jl 1,11 . (5) Jl 1,12 . (6) Jl 1,13 . (7) Jl 1,15 . (8) Jl 1,17 . (9) Jl 1,18 . (10) Jl 1,19 . (11) Jl 1,20 .

Jl 1,11 - Jl 1,11 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  11 confusi sunt agricolae ululaverunt vinitores super frumento et hordeo quia periit messis agri     11 De akkerlieden zijn beschaamd, de wijngaardeniers huilen, om de tarwe en om de gerst, want de oogst des velds is vergaan.   [11] U moet verslagen zijn, boeren, jammeren moet u, wijnbouwers, om de tarwe en de gerst; want de oogst op het veld is verloren gegaan,       11. Soyez consternés, laboureurs, lamentez-vous, vignerons, sur le froment et sur l'orge, car elle est perdue la moisson des champs. 

King James Bible . [11] Be ye ashamed, O ye husbandmen; howl, O ye vinedressers, for the wheat and for the barley; because the harvest of the field is perished.
Luther-Bibel . 11 Die Ackerleute sehen traurig drein, und die Weingärtner heulen um den Weizen und um die Gerste, weil aus der Ernte auf dem Felde nichts werden kann,

Tekstuitleg van Jl 1,11 .

9. kî (want, omdat) . Taalgebruik in Tenakh : kî (want, omdat) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , jod = 10 ; totaal : 21 (3 X 7) of 30 (2 X 3 X 5) . Structuur : 2 - 1 . Tenakh (3849) . Jl (26) . Jl 1 (11) . Jl 2 (8) . Jl 3 (1) . Jl 4 (6) . Jl 1 (11) : (1) Jl 1,5 . (2) Jl 1,6 . (3) Jl 1,10 . (4) Jl 1,11 . (5) Jl 1,12 . (6) Jl 1,13 . (7) Jl 1,15 . (8) Jl 1,17 . (9) Jl 1,18 . (10) Jl 1,19 . (11) Jl 1,20 .

10. ´âbhad (verdwijnen, verloren gaan) . Taalgebruik in Tenakh : ´âbhad (verdwijnen, verloren gaan) . Getalwaarde van ´âbhad (verdwijnen, verloren gaan) is : aleph = 1 , beth = 2 , daleth = 4 ; totaal : 7 . Structuur : 1 - 2 - 4 . ´-b-d . (1) act. qal perf. 3de pers. mann. enk. ´âbhad / ´âbhâd (hij gaat verloren) . (2) act. qal infinit. absol; ´âbhod (om verloren te gaan) . (3) act. qal infinit. constructus ´äbhod (om verloren te gaan) . (4) act. qal part. mann. enk. ´obhed (verloren gaande) . (5) act. qal part. mann. enk. constructus ´obhad (verloren gaande) . (6) act. piël perf. 3de pers. mann. enk; ´ibbad (hij doet verloren gaan) . (7) act. piël infinit. absol. ´abbed (om verloren te doen gaan) . Tenakh (30) . Tenakh (10) . Eerdere Profeten (1) . Latere Profeten (2) . 12 Kleine. Prof (4) : (1) Jl 1,11 . (2) Jon 4,10 . (3) Mi 4,9 . (4) Mi 7,2 . Geschriften (13) . Gr. apollumi (verderven, verdoemen) . Taalgebruik in het N.T. : apollumi ( ten gronde richten , doden , verliezen ) . Taalgebruik in de Septuaginta : apollumi ( ten gronde richten , doden , verliezen ) . < ap- + ollumi < ol-numi . Lat. perdere . Fr. perdre . Lat. perditio . Fr. perdition . Ned. verderf (v / p - r - d) , verdoemenis . Een vorm van apollumi (verderven, verdoemen) in de LXX (378) , in het N.T. (90) .

Jl 1,12 - Jl 1,12 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  12 vinea confusa est et ficus elanguit malogranatum et palma et malum et omnia ligna agri aruerunt quia confusum est gaudium a filiis hominum    12 De wijnstok is verdord, de vijgeboom is flauw; de granaatappelboom, ook de palmboom en appelboom; alle bomen des velds zijn verdord; ja de vrolijkheid is verdord van de mensenkinderen.   [12] de wijnstok is verschrompeld, de vijgenboom is uitgedroogd. Granaten, dadelpalmen, appelbomen, alle bomen op het veld zijn verdord, want de vreugde van de mensen is verdord.       12. La vigne est étiolée et le figuier flétri; grenadiers, palmiers et pommiers, tous les arbres des champs ont séché. Oui, la gaieté s'est tarie parmi les humains.  

King James Bible . [12] The vine is dried up, and the fig tree languisheth; the pomegranate tree, the palm tree also, and the apple tree, even all the trees of the field, are withered: because joy is withered away from the sons of men.
Luther-Bibel . 12 weil der Weinstock verdorrt ist und der Feigenbaum verwelkt, auch die Granatbäume, Palmbäume und Apfelbäume, ja, alle Bäume auf dem Felde sind verdorrt. So ist die Freude der Menschen zum Jammer geworden.

Tekstuitleg van Jl 1,12 .

13. kî (want, omdat) . Taalgebruik in Tenakh : kî (want, omdat) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , jod = 10 ; totaal : 21 (3 X 7) of 30 (2 X 3 X 5) . Structuur : 2 - 1 . Tenakh (3849) . Jl (26) . Jl 1 (11) . Jl 2 (8) . Jl 3 (1) . Jl 4 (6) . Jl 1 (11) : (1) Jl 1,5 . (2) Jl 1,6 . (3) Jl 1,10 . (4) Jl 1,11 . (5) Jl 1,12 . (6) Jl 1,13 . (7) Jl 1,15 . (8) Jl 1,17 . (9) Jl 1,18 . (10) Jl 1,19 . (11) Jl 1,20 .

17. ben (zoon, kind) . Taalgebruik in Tenakh : ben (zoon, kind) . Getalwaarde : beth = 2 , nun = 14 of 50 ; totaal : 16 (2² X 2²) of 52 (2 X 26) . Structuur : 2 - 5 . Tenach (1225) . Pentateuch (284) . Eerdere Profeten (392) . Latere Profeten (231) . 12 Kleine Profeten (26) . Geschriften (292) . Jl (1) : Jl 1,1 .
- stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) van het zelfst. naamw. . Tenakh (1481) . Pentateuch (582) . Eerdere Profeten (355) . Latere Profeten (83) . 12 Kleine Profeten (25) . Geschriften (436) . Jl (3) : (1) Jl 1,12 . (2) Jl 4,8 . (3) Jl 4,19 .
- bëne(j)khèm (jullie zonen) < stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. mv. -khèm . Tenakh (24) . Pentateuch (9) . Eerdere Profeten (8) . Latere Profeten (3) . 12 Kleine Profeten (2) . Geschriften (2) . Jl (2) : (1) Jl 3,1 . (2) Jl 4,8 .
- libhëne(j) (aan de zonen van) < prefix voorzetsel lë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) . Tenakh (200) . Pentateuch (86) . Eerdere Profeten (35) . Latere Profeten (4) . 12 Kleine Profeten (6) . Geschriften () . Jl (2) : (1) Jl 4,6 . (2) Jl 4,16 .
- libhëne(j)hèm (aan hun zonen) < prefix voorzetsel lë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 3de pers. mann. mv. - hèm . Tenakh (6) . Jl (1) Jl 1,3 .
- libhëne(j)khèm (aan jullie zonen) < prefix voorzetsel lë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. mv. -khèm . Tenakh (6) . Jl (1) Jl 1,3 .
- ûbhëne(j) (en de zonen van) < verbindingswoord wë + stat. constructus mann. mv. van het zelfst. naamw. . Tenakh (202) . Pentateuch (55) . Eerdere Profeten (39) . Latere Profeten (11) . 12 Kleine Profeten (4) . Geschriften (93) . Jl (2) : (1) Jl 2,23 . (2) Jl 4,6 .
- ûbhëne(j)hèm (en hun zonen) < verbindingswoord wë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) = (zonen van) + suffix persoonl. voornaamw. 3de pers. mann. mv. -hèm . Tenakh (16) . Jl (1) Jl 1,3 .
- ûbhëne(j)khèm (en jullie zonen) < verbindingswoord wë + stat. constructus mann. mv. bëne(j) + suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. mv. -khèm . Tenakh (9) . Jl (1) : Jl (1) Jl 1,3 .

Jl 1,13 - Jl 1,13 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  13 accingite vos et plangite sacerdotes ululate ministri altaris ingredimini cubate in sacco ministri Dei mei quoniam interiit de domo Dei vestri sacrificium et libatio     13 Omgordt u, en rouwklaagt, gij priesters! huilt, gij dienaars des altaars! gaat in, vernacht in zakken, gij dienaars mijns Gods! want spijsoffer en drankoffer is geweerd van het huis uws Gods.   [13] Hul u in rouw, priesters, jammer, u die de dienst van het altaar verricht, kom en breng in rouwkleren de nacht door, u die de dienst van mijn God verricht, want aan het huis van uw God zijn huldigingsoffer en plengoffer voorbijgegaan.       13. Prêtres, revêtez-vous du sac! Poussez des cris de deuil! Lamentez-vous, serviteurs de l'autel! Venez, passez la nuit vêtus du sac, serviteurs de mon Dieu! Car la maison de votre Dieu est privée d'oblation et de libation.  

King James Bible . [13] Gird yourselves, and lament, ye priests: howl, ye ministers of the altar: come, lie all night in sackcloth, ye ministers of my God: for the meat offering and the drink offering is withholden from the house of your God.
Luther-Bibel . 13 Umgürtet euch und klagt, ihr Priester, heult, ihr Diener des Altars! Kommt, behaltet auch im Schlaf das Trauergewand an, ihr Diener meines Gottes! Denn Speisopfer und Trankopfer gibt es nicht mehr im Hause eures Gottes.

Tekstuitleg van Jl 1,13 . 5X een imperatief 2de pers. mann. mv.

12. kî (want, omdat) . Taalgebruik in Tenakh : kî (want, omdat) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , jod = 10 ; totaal : 21 (3 X 7) of 30 (2 X 3 X 5) . Structuur : 2 - 1 . Tenakh (3849) . Jl (26) . Jl 1 (11) . Jl 2 (8) . Jl 3 (1) . Jl 4 (6) . Jl 1 (11) : (1) Jl 1,5 . (2) Jl 1,6 . (3) Jl 1,10 . (4) Jl 1,11 . (5) Jl 1,12 . (6) Jl 1,13 . (7) Jl 1,15 . (8) Jl 1,17 . (9) Jl 1,18 . (10) Jl 1,19 . (11) Jl 1,20 .

14. mibe(j)th (vanuit het huis van) < voorzetsel min + stat.constr. mann. enk. van het zelfst. naamw. be(j)th (huis) . Taalgebruik in Tenach : be(j)th (huis) . Getalwaarde van be(j)th ; beth = 2 , jod = 10 , thaw = 22 of 400 ; totaal : 34 (2 X 17) OF 412 (2² X 103) . Structuur : 2 - 1 - 4 . Gr. oikos (huis) . Taalgebruik in de Septuaginta : oikos (huis) . Taalgebruik in het N.T. : oikos (huis) . Een vorm van oikos in de LXX (2062) , in het N.T. (112) . Lat. domus . Fr. maison . Ned. huis . E. house . D. Hause . Jl (4) : (1) Jl 1,9 . (2) Jl 1,13 . (3) Jl 1,16 . (4) Jl 4,18 .

Jl 1,14 - Jl 1,14 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  14 sanctificate ieiunium vocate coetum congregate senes omnes habitatores terrae in domum Dei vestri et clamate ad Dominum    14 Heiligt een vasten, roept een verbodsdag uit, verzamelt de oudsten, en alle inwoners dezes lands, ten huize des HEEREN, uws Gods, en roept tot den HEERE.  [14] Kondig een heilige vastentijd af, roep een plechtige samenkomst bijeen, verzamel de oudsten, verzamel alle bewoners van het land in het huis van de heer uw God, en roep tot de heer om hulp.       14. Prescrivez un jeûne, publiez une solennité, réunissez, anciens, tous les habitants du pays à la maison de Yahvé votre Dieu. Criez vers Yahvé :  

King James Bible . [14] Sanctify ye a fast, call a solemn assembly, gather the elders and all the inhabitants of the land into the house of the LORD your God, and cry unto the LORD,
Luther-Bibel . 14 Sagt ein heiliges Fasten an, ruft die Gemeinde zusammen! Versammelt die Ältesten und alle Bewohner des Landes zum Hause des HERRN, eures Gottes, und schreit zum HERRN:

Tekstuitleg van Jl 1,14 . 4X een imlperatief 2de pers. mann. mv.

1. qâdasj (heiligen) . Taalgebruik in Tenakh : qâdasj (heiligen) . Getalwaarde : qoph = 19 of 100 , daleth = 4 , sjin = 21 of 300 ; totaal : 44 (2² X 11) OF 404 (2² X 101) . Structuur : 1 - 4 - 3 . Een vorm van qâdasj (heiligen) in Jl (4) : (1) Jl 1,14 . (2) Jl 2,15 . (3) Jl 2,16 . (4) Jl 4,9 .
- act. piel imperat. 2de pers. mann. mv. qaddîsjû (heiligt) . q-d-sj-w . Tenakh (40) . Pentateuch (1) . Eerdere Profeten (2) . Latere Profeten (9) . 12 Kleine Profeten (7) . Geschriften (21) . Jl (4) : (1) Jl 1,14 . (2) Jl 2,15 . (3) Jl 2,16 . (4) Jl 4,9 .

1. - 2. qaddîsjû tsôm (heiligt een vasten) . Tenakh (2) : (1) Jl 1,14 . (2) Jl 2,15 .

3. qârâ´ (roepen, heten) . Taalgebruik in Tenach : qârâ´ (roepen, heten) . Getalwaarde : qoph = 19 of 100 , resj = 20 of 200 , aleph = 1 ; totaal : 40 of 301 . Structuur : 1 - 2 - 1 . Gr. kaleô (roepen, noemen) . Taalgebruik in het N.T. : kaleô (roepen) . Taalgebruik in de Septuaginta : kaleô (roepen) . E. to call . Lat. vocare (vox = stem) . Fr. appeler (Lat. appellare - pellere : pousser , dringen ; aandringen , oproepen) . Ned. roepen . D. rufen . Een vorm van kaleô (roepen, noemen) in de LXX (512) , in het N.T. (148) .
- act. qal imperat. 2de pers. mann. mv. qirë´û (roept) . q-r-´-w . Tenakh (36) . Jl (3) : (1) Jl 1,14 . (2) Jl 2,15 . (3) Jl 4,9 . Een vorm van qârâ´ (roepen, heten) in Jl (5) : (1) Jl 1,14 . (2) Jl 1,19 . (3) Jl 2,15 . (4) Jl 3,5 . (5) Jl 4,9 .

6. zâqen (oud, voornaam) . Taalgebruik in Tenakh : zâqen (oud, voornaam) . Getalwaarde : zajin = 7 , qoph = 19 of 100 , nun = 14 of 50 ; totaal : 40 of 157 . Structuur : 7 - 1 - 5 . Een vorm van zâqen (oud, voornaam) in Jl (4) : (1) Jl 1,2 . (2) Jl 1,14 . (3) Jl 2,16 . (4) Jl 3,1 .
- mann. mv. zëqenîm (ouderen) . Tenakh (15) . Pentateuch (3) . Eerdere Profeten (0) . Latere Profeten (0) . 12 Kleine Profeten (3) . Geschriften (9) . Jl (2) : (1) Jl 1,14 . (2) Jl 2,16 .
- hazzëqenîm (de ouderen) < bepaald lidw. ha + zelfst. naamw. mann. mv. zëqenîm (ouderen) van het zelfst. naamw. Tenakh (21) . Pentateuch (5) . Eerdere Profeten (10) . Latere Profeten (1) . 12 Kleine Profeten (1) . Geschriften (4) . Jl (1) : Jl 1,2 .
- ziqëne(j)khèm (jullie ouderen) . Tenakh (2) : (1) Dt 29,9 . (2) Jl 3,1 .

10. ´l : voorzetsel ´èl (naar, tot) OF godsnaam El . De verkorte vorm van de godsnaam ´èlohîm is ´èl OF ontkenning ´al (niet) . Getalwaarde is : aleph = 1 ; lamed = 12 of 30 ; totaal 13 of 31 (spiegelbeeld) . Structuur : 1 - 3 . Taalgebruik in Tenach : ´èl . Tenach (3626) . Pentateuch (1096) . Eerdere Profeten (1070) . Latere Profeten (655) . 12 Kleine Profeten (142) . Geschriften (662) . Jl (9) : (1) Jl 1,1 . (2) Jl 1,14 . (3) Jl 2,13 . (4) Jl 2,20 . (5) Jl 2,21 . (6) Jl 2,22 . (7) Jl 4,2 . (8) Jl 4,8 . (9) Jl 4,12 .

11. JHWH . Eigennaam van God . Taalgebruik in Tenakh : JHWH . Getalwaarde : jod = 10 , he = 5 , waw = 6 . Totaal : 26 . Structuur : 1 - 5 - 6 - 5 . Tenakh (5193) . Pentateuch (1326) . Eerdere Profeten (1013) . Latere Profeten (1357) . 12 Kleine Profeten (387) . Geschriften (111) . Jl (22) . Jl 1 (5) . Jl 2 (10) . Jl 3 (2) . Jl 4 (5) . Jl 1 (5) : (1) Jl 1,1 . (2) Jl 1,9 . (3) Jl 1,14 . (4) Jl 1,15 . (5) Jl 1,19 . Jl 2 (10) : (1) Jl 2,1 . (2) Jl 2,11 . (3) Jl 2,12 . (4) Jl 2,13 . (5) Jl 2,17 . (6) Jl 2,18 . (7) Jl 2,19 . (8) Jl 2,21 . (9) Jl 2,26 . (10) Jl 2,27 . Jl 3 (2) : (1) Jl 3,4 . (2) Jl 3,5 . Jl 4 (5) : (1) Jl 4,8 . (2) Jl 4,11 . (3) Jl 4,14 . (4) Jl 4,17 . (5) Jl 4,18 . bëJHWH (op JHWH) . Jl (1) : Jl 2,23 . laJHWH . Jl (1) : Jl 2,14 . wëJHWH (en JHWH) . Jl (3) : (1) Jl 2,11 . (2) Jl 4,16 . (3) Jl 4,21 .

10. - 11. ´èl JHWH (naar JHWH, tot JHWH) .Tenakh (160) Jl (2) : (1) Jl 1,14 . (2) Jl 2,13 .

Jl 1,15 - Jl 1,15 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  15 a a a diei quia prope est dies Domini et quasi vastitas a potente veniet     15 Ach, die dag! want de dag des HEEREN is nabij, en zal als een verwoesting komen van den Almachtige.   [15] Wee als hij komt, die dag! Want de dag* van de heer is nabij, en komt als een verwoesting door de meest machtige.       15. Ah! Quel jour! Car il est proche, le jour de Yahvé, il arrive comme une dévastation venant de Shaddaï.  

King James Bible . [15] Alas for the day! for the day of the LORD is at hand, and as a destruction from the Almighty shall it come.
Luther-Bibel . 15 O weh des Tages! Denn der Tag des HERRN ist nahe und kommt wie ein Verderben vom Allmächtigen.

Tekstuitleg van Jl 1,15 . Het vers Jl 1,15 telt 9 (3²) woordenb en 32 (2² X 2³) letters . De getalwaarde van Jl 1,15 is 1220 (2² X 5 X 61) .

Jl 1,15.2. lëjôm Of lajjôm . Voorzetsel lë / la en het zelfst. naamw. jôm (dag) . Taalgebruik in Tenach : jôm (dag) . Getalwaarde van jôm (dag) : jod = 10 , waw = 6 , mem = 13 of 40 ; totaal : 29 OF 56 (2³ X 7) . Structuur : 1 - 6 - 4 . Gr. hèmera (dag) . Taalgebruik in de Septuaginta : hèmera (dag) . Taalgebruik in het N.T. : hèmera (dag) . Lat. dies . Ned. dag . D. Tag . E. day . F. jour < Lat. diurnum . Cfr journaal . Tenakh (42) . 12 kl. Prof. (7) : (1) Hos 9,5 . (2) Jl 1,15 . (3) Am 6,3 . (4) Hab 3,16 . (5) Sef 3,8 . (6) Zach 4,10 . (7) Mal 3,17 . Een vorm van hèmera (dag) in de LXX (2567) , in het N.T. (388) . bëjôm / bajjôm (op een / de dag) . Jl (1) : Jl 4,18 . Een vorm van jôm (dag) in Jl (10) : (1) Jl 1,2 . (2) Jl 1,15 . (3) Jl 2,1 . (4) Jl 2,2 . (5) Jl 2,11 . (6) Jl 3,2 . (7) Jl 3,4 . (8) Jl 4,1 . (9) Jl 4,14 . (10) Jl 4,18 .

Jl 1,15.3. kî (want, omdat) . Taalgebruik in Tenakh : kî (want, omdat) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , jod = 10 ; totaal : 21 (3 X 7) of 30 (2 X 3 X 5) . Structuur : 2 - 1 . Tenakh (3849) . 12 Kleine Profeten (241) . Jl (26) . Jl 1 (11) . Jl 2 (8) . Jl 3 (1) . Jl 4 (6) . Jl 1 (11) : (1) Jl 1,5 . (2) Jl 1,6 . (3) Jl 1,10 . (4) Jl 1,11 . (5) Jl 1,12 . (6) Jl 1,13 . (7) Jl 1,15 . (8) Jl 1,17 . (9) Jl 1,18 . (10) Jl 1,19 . (11) Jl 1,20 . Jl 2 (8) : (1) Jl 2,1 . (2) Jl 2,11 . (3) Jl 2,13 . (4) Jl 2,20 . (5) Jl 2,21 . (6) Jl 2,22 . (7) Jl 2,23 . (8) Jl 2,27 . Jl 3 (1) : Jl 3,5 . Jl 4 (6) : (1) Jl 4,1 . (2) Jl 4,8 . (3) Jl 4,12 . (4) Jl 4,13 . (5) Jl 4,14 . (6) Jl 4,17 .

Jl 1,15.4. qârôbh (nabij, dichtbij) . Bijvoegl. naamw. . Zie het werkw. qârabh (naderen, nabij zijn) . Taalgebruik in Tenakh : qârabh (naderen, nabij zijn) . Getalwaarde : qoph = 19 of 100 , resj = 20 of 200 , beth = 2 ; totaal : 41 OF 302 (2 X 151) . Structuur : 1 - 2 - 2 . Tenakh (31) . Pentateuch (6) . Eerdere Profeten (2) . Latere Profeten (8) . 12 Kleine Prof. (6) . Geschriften (9) . 12 Kleine Prof. (6) : (1) Jl 1,15 . (2) Jl 2,1 . (3) Jl 4,14 . (4) Ob 15 . (5) Sef 1,7 . (6) Sef 1,14 .

Jl 1,15.3. - 4. kî qârobh (want nabij) . Tenakh (11/26 en 11/31) : (1) Ex 13,17 . (2) Dt 30,14 . (3) Dt 32,35 . (4) 2 S 19,43 . (5) Js 13,6 . (6) Ez 30,3 . (7) Jl 1,15 . (8) Jl 2,1 . (9) Jl 4,14 . (10) Ob 15 . (11) Sef 1,7 .

Jl 1,15.5. jôm (dag) . Taalgebruik in Tenakh : jôm (dag) . Getalwaarde : jod = 10 , waw = 6 , mem = 13 of 40 ; totaal : 29 OF 56 (2³ X 7) . Structuur : 1 - 6 - 4 . Gr. hèmera (dag) . Taalgebruik in de Septuaginta : hèmera (dag) . Taalgebruik in het N.T. : hèmera (dag) . Lat. dies . Ned. dag . D. Tag . E. day . F. jour < Lat. diurnum . Cfr journaal . Een vorm van hèmera (dag) in de LXX (2567) , in het N.T. (388) . Tenach (209) . Pentateuch (76) . Eerdere Profeten (23) . Latere Profeten (33) . 12 Kleine Profeten (24) . Geschriften (53) . Pentateuch (76) . Gn (23) . Ex (14) . Lv (11) . Nu (17) . Dt (11) . Jl (6) : (1) Jl 1,15 . (2) Jl 2,1 . (3) Jl 2,2 . (4) Jl 2,11 . (5) Jl 3,4 . (6) Jl 4,14 . bëjôm / bajjôm (op een / de dag) . Jl (1) : Jl 4,18 . lajjôm (tot de dag) . Jl (1) Jl 1,15 . Een vorm van jôm (dag) in Jl (10) : (1) Jl 1,2 . (2) Jl 1,15 . (3) Jl 2,1 . (4) Jl 2,2 . (5) Jl 2,11 . (6) Jl 3,2 . (7) Jl 3,4 . (8) Jl 4,1 . (9) Jl 4,14 . (10) Jl 4,18 .

Jl 1,15.4. - 5. qârobh jôm (nabij een dag) . Tenakh (9/31 en 9/209) : (1) Dt 32,35 . (2) Js 13,6 . (3) Jl 1,15 . (4) Jl 2,1 . (5) Jl 4,14 . (6) Ob 15 . (7) Sef 1,7 . (8) Sef 1,14 . (9) Ez 30,3 .

Jl 1,15.6. JHWH . Eigennaam van God . Taalgebruik in Tenakh : JHWH . Getalwaarde : jod = 10 , he = 5 , waw = 6 . Totaal : 26 . Structuur : 1 - 5 - 6 - 5 . Tenakh (5193) . Pentateuch (1326) . Eerdere Profeten (1013) . Latere Profeten (1357) . 12 Kleine Profeten (387) . Geschriften (1110) . Jl (22) . Jl 1 (5) . Jl 2 (10) . Jl 3 (2) . Jl 4 (5) . Jl 1 (5) : (1) Jl 1,1 . (2) Jl 1,9 . (3) Jl 1,14 . (4) Jl 1,15 . (5) Jl 1,19 . Jl 2 (10) : (1) Jl 2,1 . (2) Jl 2,11 . (3) Jl 2,12 . (4) Jl 2,13 . (5) Jl 2,17 . (6) Jl 2,18 . (7) Jl 2,19 . (8) Jl 2,21 . (9) Jl 2,26 . (10) Jl 2,27 . Jl 3 (2) : (1) Jl 3,4 . (2) Jl 3,5 . Jl 4 (5) : (1) Jl 4,8 . (2) Jl 4,11 . (3) Jl 4,14 . (4) Jl 4,17 . (5) Jl 4,18 . bëJHWH (op JHWH) . Jl (1) : Jl 2,23 . laJHWH . Jl (1) : Jl 2,14 . wëJHWH (en JHWH) . Jl (3) : (1) Jl 2,11 . (2) Jl 4,16 . (3) Jl 4,21 .

Jl 1,15.5. - 6. jôm JHWH (dag van de Heer) . Tenakh (14/209) : (1) Js 13,6 . (2) Js 13,9 . (3) Jl 1,15 . (4) Jl 2,1 . (5) Jl 2,11 . (6) Jl 3,4 . (7) Jl 4,14 . (8) Am 5,18 . (9) Am 5,20 . (10) Ob 15 . (11) Sef 1,7 . (12) Sef 1,14 . (13) Sef 2,2 . (14) Mal 3,23 .

Jl 1,15.4. - 6. qârobh jôm JHWH (nabij een dag van JHWH) . Tenakh (6) : (1) Js 13,6 . (2) Jl 1,15 . (3) Jl 4,14 . (4) Ob 15 . (5) Sef 1,7 . (6) Sef 1,14 .

Jl 1,15.3. - 6. kî qârobh jôm JHWH (want nabij een dag van JHWH) . Tenakh (6) : (1) Js 13,6 . (2) Jl 1,15 . (3) Jl 2,1 . (4) Jl 4,14 . (5) Ob 15 . (6) Sef 1,7 .

Jl 1,16 - Jl 1,16 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  16 numquid non coram oculis vestris alimenta perierunt de domo Dei nostri laetitia et exultatio     16 Is niet de spijze voor onze ogen afgesneden? Blijdschap en verheuging van het huis onzes Gods?   [16] Want voor onze ogen is het voedsel verloren gegaan. Uit het huis van onze God zijn vreugde en gejubel verdwenen.       16. Les aliments n'ont-ils pas disparu sous nos yeux, la joie et l'allégresse de la maison de notre Dieu  

King James Bible . [16] Is not the meat cut off before our eyes, yea, joy and gladness from the house of our God?
Luther-Bibel . 16 Ist nicht die Speise vor unsern Augen weggenommen und vom Hause unseres Gottes Freude und Wonne?

Tekstuitleg van Jl 1,16 .

6. mibe(j)th (vanuit het huis van) < voorzetsel min + stat.constr. mann. enk. van het zelfst. naamw. be(j)th (huis) . Taalgebruik in Tenach : be(j)th (huis) . Getalwaarde van be(j)th ; beth = 2 , jod = 10 , thaw = 22 of 400 ; totaal : 34 (2 X 17) OF 412 (2² X 103) . Structuur : 2 - 1 - 4 . Gr. oikos (huis) . Taalgebruik in de Septuaginta : oikos (huis) . Taalgebruik in het N.T. : oikos (huis) . Een vorm van oikos in de LXX (2062) , in het N.T. (112) . Lat. domus . Fr. maison . Ned. huis . E. house . D. Hause . Jl (4) : (1) Jl 1,9 . (2) Jl 1,13 . (3) Jl 1,16 . (4) Jl 4,18 .

Jl 1,17 - Jl 1,17 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  17 conputruerunt iumenta in stercore suo demolita sunt horrea dissipatae sunt apothecae quoniam confusum est triticum     17 De granen zijn onder hun kluiten verrot, de schathuizen zijn verwoest, de schuren zijn afgebroken, want het koren is verdord.   [17] Uitgedroogd liggen de graankorrels onder de aardkluiten; de opslagplaatsen zijn verwoest en de schuren gesloopt, want het koren is verdord.       ? 17. Les grains se sont racornis sous leurs mottes; les granges sont dévastées, les greniers en ruines, car le blé fait défaut. 

King James Bible . [17] The seed is rotten under their clods, the garners are laid desolate, the barns are broken down; for the corn is withered.
Luther-Bibel . 17 Der Same ist unter der Erde verdorrt, die Kornhäuser stehen wüst, die Scheunen zerfallen; denn das Getreide ist verdorben.

Tekstuitleg van Jl 1,17 .

9. kî (want, omdat) . Taalgebruik in Tenakh : kî (want, omdat) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , jod = 10 ; totaal : 21 (3 X 7) of 30 (2 X 3 X 5) . Structuur : 2 - 1 . Tenakh (3849) . Jl (26) . Jl 1 (11) . Jl 2 (8) . Jl 3 (1) . Jl 4 (6) . Jl 1 (11) : (1) Jl 1,5 . (2) Jl 1,6 . (3) Jl 1,10 . (4) Jl 1,11 . (5) Jl 1,12 . (6) Jl 1,13 . (7) Jl 1,15 . (8) Jl 1,17 . (9) Jl 1,18 . (10) Jl 1,19 . (11) Jl 1,20 .

Jl 1,18 - Jl 1,18 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  18 quid ingemuit animal mugierunt greges armenti quia non est pascua eis sed et greges pecorum disperierunt     18 O, hoe zucht het vee, de runderkudden zijn bedwelmd, want zij hebben geen weide, ook zijn de schaapskudden verwoest.   [18] Hoor, hoe het vee tekeer gaat! Kuddes runderen dolen rond, nergens vinden zij meer een weide; zelfs de schapen gaan te gronde.       18. Comme le bétail gémit! Les troupeaux de bœufs errent affolés, car ils n'ont plus de pâtures. Même les troupeaux de brebis subissent le châtiment.  

King James Bible . [18] How do the beasts groan! the herds of cattle are perplexed, because they have no pasture; yea, the flocks of sheep are made desolate.
Luther-Bibel . 18 O wie seufzt das Vieh! Die Rinder sehen kläglich drein, denn sie haben keine Weide, und die Schafe verschmachten.

Tekstuitleg van Jl 1,18 .

7. kî (want, omdat) . Taalgebruik in Tenakh : kî (want, omdat) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , jod = 10 ; totaal : 21 (3 X 7) of 30 (2 X 3 X 5) . Structuur : 2 - 1 . Tenakh (3849) . Jl (26) . Jl 1 (11) . Jl 2 (8) . Jl 3 (1) . Jl 4 (6) . Jl 1 (11) : (1) Jl 1,5 . (2) Jl 1,6 . (3) Jl 1,10 . (4) Jl 1,11 . (5) Jl 1,12 . (6) Jl 1,13 . (7) Jl 1,15 . (8) Jl 1,17 . (9) Jl 1,18 . (10) Jl 1,19 . (11) Jl 1,20 .

Jl 1,19 - Jl 1,19 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  19 ad te Domine clamabo quia ignis comedit speciosa deserti et flamma succendit omnia ligna regionis     19 Tot U, o HEERE! roep ik; want een vuur heeft de weiden der woestijn verteerd, en een vlam heeft alle bomen des velds aangestoken.   [19] Tot U, heer, roep ik, nu vuur het groen in de steppe heeft verteerd, en de gloed alle bomen in het veld heeft verschroeid.       19. Yahvé, je crie vers toi! car le feu a dévoré les pacages des landes, la flamme a consumé tous les arbres des champs.  

King James Bible . [19] O LORD, to thee will I cry: for the fire hath devoured the pastures of the wilderness, and the flame hath burned all the trees of the field.
Luther-Bibel . 19 HERR, dich rufe ich an; denn das Feuer hat die Auen in der Steppe verbrannt, und die Flamme hat alle Bäume auf dem Felde angezündet.

Tekstuitleg van Jl 1,19 .

2. JHWH . Eigennaam van God . Taalgebruik in Tenakh : JHWH . Getalwaarde : jod = 10 , he = 5 , waw = 6 . Totaal : 26 . Structuur : 1 - 5 - 6 - 5 . Tenakh (5193) . Pentateuch (1326) . Eerdere Profeten (1013) . Latere Profeten (1357) . 12 Kleine Profeten (387) . Geschriften (1110) . Jl (22) . Jl 1 (5) . Jl 2 (10) . Jl 3 (2) . Jl 4 (5) . Jl 1 (5) : (1) Jl 1,1 . (2) Jl 1,9 . (3) Jl 1,14 . (4) Jl 1,15 . (5) Jl 1,19 .

4. kî (want, omdat) . Taalgebruik in Tenakh : kî (want, omdat) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , jod = 10 ; totaal : 21 (3 X 7) of 30 (2 X 3 X 5) . Structuur : 2 - 1 . Tenakh (3849) . Jl (26) . Jl 1 (11) . Jl 2 (8) . Jl 3 (1) . Jl 4 (6) . Jl 1 (11) : (1) Jl 1,5 . (2) Jl 1,6 . (3) Jl 1,10 . (4) Jl 1,11 . (5) Jl 1,12 . (6) Jl 1,13 . (7) Jl 1,15 . (8) Jl 1,17 . (9) Jl 1,18 . (10) Jl 1,19 . (11) Jl 1,20 .

Jl 1,20 - Jl 1,20 . Toespraak tot de oudsten - bijbeloverzicht -- taalgebruik -- Jl (Joël) -- Jl 1 -- Jl 1,2-20 -- Jl 1,1 - Jl 1,2 - Jl 1,3 - Jl 1,4 - Jl 1,5 - Jl 1,6 - Jl 1,7 - Jl 1,8 - Jl 1,9 - Jl 1,10 - Jl 1,11 - Jl 1,12 - Jl 1,13 - Jl 1,14 - Jl 1,15 - Jl 1,16 - Jl 1,17 - Jl 1,18 - Jl 1,19 - Jl 1,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  20 sed et bestiae agri quasi area sitiens imbrem suspexerunt ad te quoniam exsiccati sunt fontes aquarum et ignis devoravit speciosa deserti     20 Ook schreeuwt elk beest des velds tot U; want de waterstromen zijn uitgedroogd, en een vuur heeft de weiden der woestijn verteerd.  [20] Zelfs de wilde dieren smachten naar U, nu de waterkanalen droog staan en vuur het groen in de steppe heeft verteerd.       20. Même les bêtes des champs languissent après toi, car les cours d'eau sont à sec, le feu a dévoré les pacages des landes. 

King James Bible . [20] The beasts of the field cry also unto thee: for the rivers of waters are dried up, and the fire hath devoured the pastures of the wilderness.
Luther-Bibel . 20 Es schreien auch die wilden Tiere zu dir; denn die Wasserbäche sind ausgetrocknet und das Feuer hat die Auen in der Steppe verbrannt.

Tekstuitleg van Jl 1,20 .

6. kî (want, omdat) . Taalgebruik in Tenakh : kî (want, omdat) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , jod = 10 ; totaal : 21 (3 X 7) of 30 (2 X 3 X 5) . Structuur : 2 - 1 . Tenakh (3849) . Jl (26) . Jl 1 (11) . Jl 2 (8) . Jl 3 (1) . Jl 4 (6) . Jl 1 (11) : (1) Jl 1,5 . (2) Jl 1,6 . (3) Jl 1,10 . (4) Jl 1,11 . (5) Jl 1,12 . (6) Jl 1,13 . (7) Jl 1,15 . (8) Jl 1,17 . (9) Jl 1,18 . (10) Jl 1,19 . (11) Jl 1,20 .


VULGAAT

1 verbum Domini quod factum est ad Iohel filium Fatuhel 2 audite hoc senes et auribus percipite omnes habitatores terrae si factum est istud in diebus vestris aut in diebus patrum vestrorum 3 super hoc filiis vestris narrate et filii vestri filiis suis et filii eorum generationi alterae 4 residuum erucae comedit lucusta et residuum lucustae comedit bruchus et residuum bruchi comedit rubigo 5 expergescimini ebrii et flete et ululate omnes qui bibitis vinum in dulcedine quoniam periit ab ore vestro 6 gens enim ascendit super terram meam fortis et innumerabilis dentes eius ut dentes leonis et molares eius ut catuli leonis 7 posuit vineam meam in desertum et ficum meam decorticavit nudans spoliavit eam et proiecit albi facti sunt rami eius 8 plange quasi virgo accincta sacco super virum pubertatis suae 9 periit sacrificium et libatio de domo Domini luxerunt sacerdotes ministri Domini 10 depopulata est regio luxit humus quoniam devastatum est triticum confusum est vinum elanguit oleum 11 confusi sunt agricolae ululaverunt vinitores super frumento et hordeo quia periit messis agri 12 vinea confusa est et ficus elanguit malogranatum et palma et malum et omnia ligna agri aruerunt quia confusum est gaudium a filiis hominum 13 accingite vos et plangite sacerdotes ululate ministri altaris ingredimini cubate in sacco ministri Dei mei quoniam interiit de domo Dei vestri sacrificium et libatio 14 sanctificate ieiunium vocate coetum congregate senes omnes habitatores terrae in domum Dei vestri et clamate ad Dominum 15 a a a diei quia prope est dies Domini et quasi vastitas a potente veniet 16 numquid non coram oculis vestris alimenta perierunt de domo Dei nostri laetitia et exultatio 17 conputruerunt iumenta in stercore suo demolita sunt horrea dissipatae sunt apothecae quoniam confusum est triticum 18 quid ingemuit animal mugierunt greges armenti quia non est pascua eis sed et greges pecorum disperierunt 19 ad te Domine clamabo quia ignis comedit speciosa deserti et flamma succendit omnia ligna regionis 20 sed et bestiae agri quasi area sitiens imbrem suspexerunt ad te quoniam exsiccati sunt fontes aquarum et ignis devoravit speciosa deserti