JESAJA 42 - Js 42 -
- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42 -
- Js 42,1-9
-- Js 42,10-13
-- Js 42,14-17
-- Js 42,18-25
-- Js 42,1-4.6-7 -
- Bibliografie
- Literatuur
- Liturgisch
gebruik - Overzicht
bijbelboeken - Overzicht
van de bibliografie van de bijbelboeken - Overzicht
van deze website -
- bijbeloverzicht
per pericope - bijbeloverzicht
per vers - bijbeloverzicht
: liturgisch gebruik - bijbeloverzicht
: woordgebruik -- A
- B
- C
- D
- E
- F
- G
- H
- I
- J
- K
- L
- M
- N
- O
- P
- Q
- R
- S
- T
- U
- V
- W
- X
-Y
- Z
-- bijbeloverzicht
: commentaar -
Overzicht van Tenach : Tenach
: overzicht , Tenach
: taalgebruik - A
- B
- C
- D
- E
- F
- G
- H
- I
- J
- K
- L
- M
- N
- O
- P
- Q
- R
- S
- T
- U
- V
- W
- X
-Y
- Z -
, Tenach
: commentaar ,
Overzicht van Septuaginta : Septuaginta
: overzicht , Septuaginta
: taalgebruik - A
- B
- C
- D
- E
- F
- G
- H
- I
- J
- K
- L
- M
- N
- O
- P
- Q
- R
- S
- T
- U
- V
- W
- X
-Y
- Z
- , Septuaginta
: commentaar ,
Overzicht : Js
(Jesaja) : overzicht , Js
: taalgebruik - A
- B
- C
- D
- E
- F
- G
- H
- I
- J
- K
- L
- M
- N
- O
- P
- Q
- R
- S
- T
- U
- V
- W
- X
-Y
- Z -
, Js
: commentaar ,
Overzicht van Jesaja : - Js
1 - Js 2
- Js 3 - Js
4 - Js 5
- Js 6 - Js
7 - Js 8
- Js 9 - Js
10 - Js 11
- Js 12 - Js
13 - Js 14
- Js 15 - Js
16 - Js 17
- Js 18 - Js
19 - Js 20
- Js 21 - Js
22 - Js 23
- Js 24 - Js
25 - Js 26
- Js 27 - Js
28 - Js 29
- Js 30 - Js
31 - Js 32
- Js 33 - Js
34 - Js 35
- Js 36 - Js
37 - Js 38
- Js 39 - Js
40 - Js 41
- Js 42 - Js
43 - Js 44
- Js 45 - Js
46 - Js 47
- Js 48 - Js
49 - Js 50
- Js 51 - Js
52 - Js 53
- Js 54 - Js
55 - Js 56
- Js 57 - Js
58 - Js 59
- Js 60 - Js
61 - Js 62
- Js 63 - Js
64 - Js 65
- Js 66 -
Uitleg vers per vers : Js
42,1 - Js
42,2 - Js
42,3 - Js
42,4 - Js
42,5 - Js
42,6 - Js
42,7 - Js
42,8 - Js
42,9 - Js
42,10 - Js
42,11 - Js
42,12 - Js
42,13 - Js
42,14 - Js
42,15 - Js
42,16 - Js
42,17 - Js
42,18 - Js
42,19 - Js
42,20 - Js
42,21 - Js
42,22 - Js
42,23 - Js
42,24 - Js
42,25 -
WEDERKERIGHEID (DIVERSITEIT - VICE
VERSA) . Meer info : Arseen De Kesel . Email:
arseen.de.kesel@pandora.be
.
websitenamen : http://users.telenet.be/arseen.de.kesel/
en http://www.interlevensbeschouwelijk.be/index.htm
- STARTPAGINA - AGENDA - BIJ
DE HAND - NIEUW
- OVERZICHT
- TIJDSCHRIFTEN
-
ALFABETISCH OVERZICHT VAN THEMA'S EN WEBSITES :
- A - B
- C - D
- E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X
-Y - Z
HOOFDTHEMA'S :
allochtonen , armoede , bahá'í
, bezinningsteksten
, bijbel , bijbel en koran ,
boeddhisme ,
christendom ,
extreemrechts
(Vlaams Blok)
, fundamentalisme
, globalisering en antiglobalisering
, hindoeïsme
, interlevensbeschouwelijke
dialoog , interreligieuze
meditatie , islam , jodendom
, koran
, levensbeschouwing
, levensbeschouwing / godsdienst
en onderwijs , racisme , samenleving ,
sikhisme , spiritualiteit
, tewerkstelling
van allochtonen , vluchtelingen
en asielzoekers , vrijzinnigheid
, witte scholen , multiculturele
scholen en concentratiescholen , Eigen-zinnige
beschouwingen , Het
kleine of grote ongenoegen
|
Woordenschat
Bibliografie.
Literatuur
Liturgisch gebruik
- Js
42,1-4.6-7 : Doopsel
van Jezus .
Overzicht van de bijbelboeken
- bijbeloverzicht
, bijbelverwijzingen
- A
- B
- C
- D
- E
- F
- G
- H
- I
- J
- K
- L
- M
- N
- O
- P
- Q
- R
- S
- T
- U
- V
- W
- X
-Y
- Z -
, Oude Testament ,
Pentateuch
, Historische
boeken , Profeten
, Wijsheidsboeken
, NT overzicht
, Evangelies
, Synoptici
, Brieven
van Paulus , Apostolische
brieven .
- OT : Gn (Genesis)
, Ex (Exodus) ,
Lv (Leviticus) ,
Nu (Numeri) , Dt
(Deuteronomium) , Joz
(Jozua) , Re (Rechters)
, Rt (Ruth) , 1
S (1 Samuël) , 2
S (2 Samuël) , 1
K (1 Koningen) , 2
K (2 Koningen) , 1
Kr ( 1 Kronieken) , 2
Kr (2 Kronieken) , Ezr
(Ezra) , Neh (Nehemia)
, Tob (Tobia) ,
Jdt (Judith) ,
Est (Esther) ,
1 Mak (1 Makkabeeën)
, 2 Mak (2 Makkabeeën)
, Job , Ps
(Psalmen ) , Spr
(Spreuken) , Pr
(Prediker) , Hl
(Hooglied) , W (Wijsheid)
, Sir (Sirach)
, Js (Jesaja) ,
Jr (Jeremia) , Kl
(Klaagliederen) , Bar
(Baruch) , Ez (Ezechiël)
, Da (Daniël)
, Hos (Hosea) ,
Jl (Joël) ,
Am (Amos) , Ob
(Obadja) , Jon
(Jona) , Mi (Micha)
, Nah (Nahum) ,
Hab (Habakuk) ,
Sef (Sefanja) ,
Hag (Haggai) ,
Zach (Zacharia)
, Mal (Maleachi)
.
- NT : Mt (Matteüs)
- Mc (Marcus)
- Lc (Lucas) -
Joh (Johannes)
- Hnd (Handelingen)
, Rom (Rome) ,
1 Kor (Korinte)
, 2 Kor (Korinte)
, Gal (Galatië)
, Ef (Efese) , Fil
(Filippi) , Kol
(Kolosse) , 1 Tes
(Tessalonika) , 2
Tes (Tessalonika) , 1
Tim (Timoteüs) , 2
Tim (Timoteüs) , Tit
(Titus) , Film
(Filemon) , Heb
(Hebreeën) , Jak
(Jakobus) , 1 Pe
(Petrus) , 2 Pe
(Petrus) , 1 Joh
(Johannes) , 2 Joh
(Johannes) , 2 Joh
(Johannes) , Jud
(Judas) , Apk (Apokalyps)
.
Overzicht van de
bibliografie van de bijbelboeken : - bibliografie
bijbel -
bibliografie
van het Oude Testament - bibliografie
Matteüsevangelie - bibliografie
Marcusevangelie - bibliografie
Lucasevangelie - bibliografie
van het Johannesevangelie - bibliografie
van het Nieuwe Testament (behalve evangeliën)
- De dienaar :
Js 42,1-9 : De
dienaar : Js
42,1-9 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42 --
Js 42,1
- Js 42,2
- Js 42,3
- Js 42,4
- Js 42,5
- Js 42,6
- Js 42,7
- Js 42,8
- Js 42,9
-
Lezing bij het Doopsel
van Jezus : Js 42,1-4.6-7 . Verwijzing : Js
42,1-4.6-7 .
Zo spreekt de Heer: "Dit is mijn Dienaar die Ik ondersteun, mijn uitverkorene
in wie Ik behagen schep: Mijn geest stort Ik over Hem uit, gerechtigheid laat
Hij stralen over de volken. Hij roept niet, Hij schreeuwt niet en op straat
verheft Hij zijn stem niet. Het geknakte riet zal Hij niet breken, de kwijnende
vlaspit niet doven, in waarheid zal Hij de gerechtigheid laten stralen. Onvermoeid
en ongebroken zal Hij op aarde gerechtigheid laten zegevieren: de verre kusten
zien uit naar zijn leer. Ik, de Heer, roep U in gerechtigheid, Ik neem U bij
de hand en waak over U en maak U voor de mensen tot het teken van mijn verbond
en tot een licht voor de volken. Blinden zult Gij de ogen openen, gevangenen
uit hun kerker bevrijden en uit de gevangenis allen die in duisternis zitten."
| Js 42,1 - Js
42,1 : De dienaar : Js
42,1-9 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,1 - Js
42,2 - Js
42,3 - Js
42,4 - Js
42,5 - Js
42,6 - Js
42,7 - Js
42,8 - Js
42,9 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 1iakôb o pais mou antilèmpsomai autou israèl o eklektos
mou prosedexato auton è psuchè mou edôka to pneuma mou ep' auton krisin
tois ethnesin exoisei |
1 ecce servus meus suscipiam eum electus meus conplacuit
sibi in illo anima mea dedi spiritum meum super eum iudicium gentibus
proferet |
|
1 Ziet, Mijn Knecht, Dien Ik ondersteun, Mijn Uitverkorene,
in Denwelken Mijn ziel een welbehagen heeft! Ik heb Mijn geest op
Hem gegeven; Hij zal het recht den heidenen voortbrengen. |
De dienaar [1] Ziehier* mijn dienstknecht, die Ik
ondersteun; mijn uitverkorene, die Ik met genoegen gadesla. Ik heb
mijn geest* op hem gelegd, en hij maakt het recht* bekend aan de volken.
|
[1] Hier is mijn dienaar, hem zal ik steunen, hij
is mijn uitverkorene, in hem vind ik vreugde, ik heb hem met mijn
geest vervuld. Hij zal alle volken het recht doen kennen. |
1 ¶ Zie mijn dienaar, ik ondersteun hem, mijn uitverkorene,
in hem heeft mijn ziel behagen; geven zal ik mijn geest over hem,
recht zal hij doen uitgaan naar de volkeren. |
1. Voici mon serviteur que je soutiens, mon élu
en qui mon âme se complaît. J'ai mis sur lui mon esprit, il présentera
aux nations le droit. |
|
King James Bible . [1] Behold my servant, whom I uphold; mine elect, in whom
my soul delighteth; I have put my spirit upon him: he shall bring forth judgment
to the Gentiles.
Luther-Bibel . 1 Siehe, das ist mein Knecht - ich halte ihn - und mein Auserwählter,
an dem meine Seele Wohlgefallen hat. Ich habe ihm meinen Geist gegeben; er wird
das Recht unter die Heiden bringen.
- Doopsel
van Jezus . Zo spreekt de Heer: "Dit is mijn Dienaar die Ik ondersteun,
mijn uitverkorene in wie Ik behagen schep: Mijn geest stort Ik over Hem uit,
gerechtigheid laat Hij stralen over de volken.
Tekstuitleg van Js
42,1 .
| Js 42,2 - Js
42,2 : De dienaar : Js
42,1-9 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,1 - Js
42,2 - Js
42,3 - Js
42,4 - Js
42,5 - Js
42,6 - Js
42,7 - Js
42,8 - Js
42,9 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 2ou kekraxetai oude anèsei oude akousthèsetai exô
è fônè autou |
2 non clamabit neque accipiet personam nec audietur
foris vox eius |
|
2 Hij zal niet schreeuwen, noch Zijn stem verheffen,
noch Zijn stem op de straat horen laten. |
[2] Hij roept niet en schreeuwt niet, hij laat zijn
stem niet horen op straat. |
[2] Hij schreeuwt niet, hij verheft zijn stem niet,
hij roept niet luidkeels in het openbaar; |
2 Hij zal niet schreeuwen, zal geen ophef maken,–
zijn stem niet laten horen op straat. |
2. Il ne crie pas, il n'élève pas le ton, il ne
fait pas entendre sa voix dans la rue; |
|
King James Bible . [2] He shall not cry, nor lift up, nor cause his voice to
be heard in the street.
Luther-Bibel . 2 Er wird nicht schreien noch rufen, und seine Stimme wird man
nicht hören auf den Gassen.
- Doopsel
van Jezus . Hij roept niet, Hij schreeuwt niet en op straat verheft Hij
zijn stem niet.
Tekstuitleg van Js
42,2 .
| Js 42,3 - Js
42,3 : De dienaar : Js
42,1-9 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,1 - Js
42,2 - Js
42,3 - Js
42,4 - Js
42,5 - Js
42,6 - Js
42,7 - Js
42,8 - Js
42,9 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 3kalamon tethlasmenon ou suntripsei kai linon kapnizomenon
ou sbesei alla eis alètheian exoisei krisin |
3 calamum quassatum non conteret et linum fumigans
non extinguet in veritate educet iudicium |
|
3 Het gekrookte riet zal Hij niet verbreken, en
de rokende vlaswiek zal Hij niet uitblussen; met waarheid zal Hij
het recht voortbrengen. |
[3] Het geknakte riet zal hij niet breken en de
kwijnende vlaspit blaast hij niet uit. Werkelijk, hij zal recht brengen. |
[3] het geknakte riet breekt hij niet af, de kwijnende
vlam zal hij niet doven. Het recht zal hij zuiver doen kennen. |
3 Het gekrookte riet zal hij niet breken, een verflauwende
vlaspit niet doven,– naar zijn trouw zal hij recht doen uitgaan. |
3. il ne brise pas le roseau froissé, il n'éteint
pas la mèche qui faiblit, fidèlement, il présente le droit; |
|
King James Bible . [3] A bruised reed shall he not break, and the smoking flax
shall he not quench: he shall bring forth judgment unto truth.
Luther-Bibel . 3 Das geknickte Rohr wird er nicht zerbrechen, und den glimmenden
Docht wird er nicht auslöschen. In Treue trägt er das Recht hinaus.
- Doopsel
van Jezus . Het geknakte riet zal Hij niet breken, de kwijnende vlaspit
niet doven, in waarheid zal Hij de gerechtigheid laten stralen.
Tekstuitleg van Js
42,3 .
| Js 42,4 - Js
42,4 : De dienaar : Js
42,1-9 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,1 - Js
42,2 - Js
42,3 - Js
42,4 - Js
42,5 - Js
42,6 - Js
42,7 - Js
42,8 - Js
42,9 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 4analampsei kai ou thrausthèsetai eôs an thè epi
tès gès krisin kai epi tô onomati autou ethnè elpiousin |
4 non erit tristis neque turbulentus donec ponat
in terra iudicium et legem eius insulae expectabunt |
|
4 Hij zal niet verdonkerd worden, en Hij zal niet
verbroken worden, totdat Hij het recht op aarde zal hebben besteld;
en de eilanden zullen naar Zijn leer wachten. |
[4] Hij zal niet zwak worden en niet worden geknakt,
maar hij vestigt het recht op de aarde en de eilanden zullen naar
zijn boodschap uitkijken. |
[4] Ongebroken* en vol vuur zal hij het recht op
aarde vestigen; de eilanden zien naar zijn onderricht uit. |
4 Hij zal niet verflauwen, niet geknakt worden
voordat hij op aarde recht heeft gebracht,– en op zijn onderricht
wachten de verste kusten. • |
4. il ne faiblira ni ne cédera jusqu'à ce qu'il
établisse le droit sur la terre, et les îles attendent son enseignement.
|
|
King James Bible . [4] He shall not fail nor be discouraged, till he have set
judgment in the earth: and the isles shall wait for his law.
Luther-Bibel . 4 Er selbst wird nicht verlöschen und nicht zerbrechen, bis er
auf Erden das Recht aufrichte; und die Inseln warten auf seine Weisung.
- Doopsel
van Jezus . Onvermoeid en ongebroken zal Hij op aarde gerechtigheid laten
zegevieren: de verre kusten zien uit naar zijn leer.
Tekstuitleg van Js
42,4 .
| Js 42,5 - Js
42,5 : De dienaar : Js
42,1-9 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,1 - Js
42,2 - Js
42,3 - Js
42,4 - Js
42,5 - Js
42,6 - Js
42,7 - Js
42,8 - Js
42,9 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 5outôs legei kurios o theos o poièsas ton ouranon
kai pèxas auton o stereôsas tèn gèn kai ta en autè kai didous pnoèn
tô laô tô ep' autès kai pneuma tois patousin autèn |
5 haec dicit Dominus Deus creans caelos et extendens
eos firmans terram et quae germinant ex ea dans flatum populo qui
est super eam et spiritum calcantibus eam |
|
5 Alzo zegt God, de HEERE, Die de hemelen geschapen,
en dezelve uitgebreid heeft, Die de aarde uitgespannen heeft, en wat
daaruit voortkomt; Die den volke, dat daarop is, den adem geeft, en
den geest dengenen, die daarop wandelen: |
[5] Zo* spreekt de heer God, die de hemel geschapen
en uitgespannen heeft en de aarde heeft gespreid met alles wat zij
voortbrengt, die adem geeft aan de mensen die er wonen en levensgeest
aan iedereen die er zijn weg gaat. |
[5] Dit zegt God, de HEER, die de hemel heeft geschapen
en uitgespannen, die de aarde heeft uitgehamerd met alles wat zij
voortbrengt, die de mensen op aarde levensadem geeft, en levensgeest
aan allen die daar verkeren: |
5 ¶ Zo heeft gezegd de Godheid, de ENE, die de
hemelen schiep en ze uitspande, de aarde uithamerde en al wat uit
haar ontspruit,– adem geeft aan de gemeenschap daarop en geest aan
wie over haar voortgaan: |
5. Ainsi parle Dieu, Yahvé, qui a créé les cieux
et les a déployés, qui a affermi la terre et ce qu'elle produit, qui
a donné le souffle au peuple qui l'habite, et l'esprit à ceux qui
la parcourent. |
|
King James Bible . [5] Thus saith God the LORD, he that created the heavens,
and stretched them out; he that spread forth the earth, and that which cometh
out of it; he that giveth breath unto the people upon it, and spirit to them
that walk therein:
Luther-Bibel . 5 So spricht Gott, der HERR, der die Himmel schafft und ausbreitet,
der die Erde macht und ihr Gewächs, der dem Volk auf ihr den Odem gibt und den
Geist denen, die auf ihr gehen:
Tekstuitleg van Js
42,5 .
| Js 42,6 - Js
42,6 : De dienaar : Js
42,1-9 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,1 - Js
42,2 - Js
42,3 - Js
42,4 - Js
42,5 - Js
42,6 - Js
42,7 - Js
42,8 - Js
42,9 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 6egô kurios o theos ekalesa se en dikaiosunè kai
kratèsô tès cheiros sou kai enischusô se kai edôka se eis diathèkèn
genous eis fôs ethnôn |
6 ego Dominus vocavi te in iustitia et adprehendi
manum tuam et servavi et dedi te in foedus populi in lucem gentium
|
|
6 Ik, de HEERE, heb u geroepen in gerechtigheid,
en Ik zal u bij uw hand grijpen; en Ik zal u behoeden, en Ik zal u
geven tot een Verbond des volks, tot een Licht der heidenen. |
[6] Ik, de heer, heb u geroepen om heil* te brengen,
Ik neem u bij de hand, Ik vorm* u, en bestem u tot een verbond met
het volk, tot een licht voor de naties; |
[6] In gerechtigheid heb ik, de HEER, jou geroepen.
Ik zal je bij de hand nemen en je behoeden, ik neem je in dienst voor
mijn verbond met de mensen en maak je tot een licht voor alle volken, |
6 ik, de ENE, heb je met recht–en–reden geroepen;
en bij je hand gevat; ik zal je behoeden, je bestemmen tot een verbond
met de gemeenschap, een licht voor de volkeren. |
6. « Moi, Yahvé, je t'ai appelé dans la justice,
je t'ai saisi par la main, et je t'ai modelé, j'ai fait de toi l'alliance
du peuple, la lumière des nations, |
|
King James Bible . [6] I the LORD have called thee in righteousness, and will
hold thine hand, and will keep thee, and give thee for a covenant of the people,
for a light of the Gentiles;
Luther-Bibel . 6 Ich, der HERR, habe dich gerufen in Gerechtigkeit und halte
dich bei der Hand und behüte dich und mache dich zum Bund für das Volk, zum
Licht der Heiden,
- Doopsel
van Jezus . Ik, de Heer, roep U in gerechtigheid, Ik neem U bij de hand
en waak over U en maak U voor de mensen tot het teken van mijn verbond en tot
een licht voor de volken.
Tekstuitleg van Js
42,6
- Js 42,6
: kai edôka se eis diathèkèn genous eis fôs ethnôn = en ik heb je bestemd tot
een verbond met het volk tot een licht voor de volkeren .
- Js 49,6
: idou tetheika se eis diathèkèn genous eis fôs ethnôn tou einai se eis sôtèrian
eôs eschatou tès gès = zie ik heb je gesteld tot verbond met het volk tot
licht voor de volkeren .
| Js 42,7 - Js
42,7 : De dienaar : Js
42,1-9 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,1 - Js
42,2 - Js
42,3 - Js
42,4 - Js
42,5 - Js
42,6 - Js
42,7 - Js
42,8 - Js
42,9 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 7anoixai ofthalmous tuflôn exagagein ek desmôn dedemenous
kai ex oikou fulakès kathèmenous en skotei |
7 ut aperires oculos caecorum et educeres de conclusione
vinctum de domo carceris sedentes in tenebris |
|
7 Om te openen de blinde ogen, om de gebondenen
uit te voeren uit de gevangenis, en uit het gevangenhuis, die in duisternis
zitten. |
[7] om blinde* ogen te ontsluiten, om gevangenen
uit de kerker te bevrijden, degenen die in de duisternis van de gevangenis
wonen. |
[7] om blinden de ogen te openen, om gevangenen
te bevrijden uit de kerker, wie in het duister zitten uit de gevangenis.
|
7 Om ogen van blinden te openen,– om wie geboeid
is uit de kerker te leiden, uit het gevanghuis wie neerzitten in het
donker. |
7. pour ouvrir les yeux des aveugles, pour extraire
du cachot le prisonnier, et de la prison ceux qui habitent les ténèbres.
» |
|
King James Bible . [7] To open the blind eyes, to bring out the prisoners from
the prison, and them that sit in darkness out of the prison house.
Luther-Bibel . 7 dass du die Augen der Blinden öffnen sollst und die Gefangenen
aus dem Gefängnis führen und, die da sitzen in der Finsternis, aus dem Kerker.
- Doopsel
van Jezus . Blinden zult Gij de ogen openen, gevangenen uit hun kerker bevrijden
en uit de gevangenis allen die in duisternis zitten."
Tekstuitleg van Js
42,7 .
| Js 42,8 - Js
42,8 : De dienaar : Js
42,1-9 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,1 - Js
42,2 - Js
42,3 - Js
42,4 - Js
42,5 - Js
42,6 - Js
42,7 - Js
42,8 - Js
42,9 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 8egô kurios o theos touto mou estin to onoma tèn
doxan mou eterô ou dôsô oude tas aretas mou tois gluptois |
8 ego Dominus hoc est nomen meum gloriam meam alteri
non dabo et laudem meam sculptilibus |
|
8 Ik ben de HEERE, dat is Mijn Naam; en Mijn eer
zal Ik geen anderen geven, noch Mijn lof den gesneden beelden. |
[8] Ik* ben de heer, dat is mijn naam, mijn glorie
deel Ik met geen ander, Ik geef mijn roem niet aan godenbeelden. |
[8] Ik ben de HEER, dat is mijn naam. Ik deel mijn
majesteit niet met een ander, noch de lof die mij toekomt met een
beeld. |
8 Ik ben de ENE, dát is mijn naam; mijn eer geef
ik niet aan een ander, mijn lof niet aan de gesneden beelden. |
8. Je suis Yahvé, tel est mon nom! Ma gloire, je
ne la donnerai pas à un autre, ni mon honneur aux idoles. |
|
King James Bible . [8] I am the LORD: that is my name: and my glory will I
not give to another, neither my praise to graven images.
Luther-Bibel . 8 Ich, der HERR, das ist mein Name, ich will meine Ehre keinem
andern geben noch meinen Ruhm den Götzen.
Tekstuitleg van Js
42,8 .
| Js 42,9 - Js
42,9 : De dienaar : Js
42,1-9 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,1 - Js
42,2 - Js
42,3 - Js
42,4 - Js
42,5 - Js
42,6 - Js
42,7 - Js
42,8 - Js
42,9 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 9ta ap' archès idou èkasin kai kaina a egô anaggelô
kai pro tou anateilai edèlôthè umin |
9 quae prima fuerant ecce venerunt nova quoque
ego adnuntio antequam oriantur audita vobis faciam |
|
9 Ziet, de voorgaande dingen zijn gekomen, en nieuwe
dingen verkondig Ik; eer dat zij uitspruiten, doe Ik ulieden die horen.
|
[9] Wat vroeger gezegd is kwam uit en Ik kondig
u nieuwe dingen aan, Ik laat ze u horen nog voordat ze ontkiemen.
|
[9] Wat eertijds werd voorzegd, is nu vervuld en
ik kondig jullie nieuwe dingen aan, nog voor ze ontkiemen zal ik ze
openbaren. |
9 De eerste dingen, zie zij zijn gekomen,– nieuwe
dingen heb ik te melden, eer ze ontkiemen doe ik ze u horen! • |
9. Les premières choses, voici qu'elles sont arrivées,
et je vous en annonce de nouvelles, avant qu'elles ne paraissent,
je vais vous les faire connaître. |
|
King James Bible . [9] Behold, the former things are come to pass, and new
things do I declare: before they spring forth I tell you of them.
Luther-Bibel . 9 Siehe, was ich früher verkündigt habe, ist gekommen. So verkündige
ich auch Neues; ehe denn es aufgeht, lasse ich's euch hören.
Tekstuitleg van Js
42,9 .
Js 42,10-13 :
Zegelied - Js
42,10-13 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42 --
Js 42,10
- Js 42,11
- Js 42,12
- Js 42,13
-
| Js 42,10 - Js
42,10 : Zegelied - Js
42,10-13 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,10 - Js
42,11 - Js
42,12 - Js
42,13 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 10umnèsate tô kuriô umnon kainon è archè autou doxazete
to onoma autou ap' akrou tès gès oi katabainontes eis tèn thalassan
kai pleontes autèn ai nèsoi kai oi katoikountes autas |
10 cantate Domino canticum novum laus eius ab extremis
terrae qui descenditis in mare et plenitudo eius insulae et habitatores
earum |
|
10 Zingt den HEERE een nieuw lied, Zijn lof van
het einde der aarde; gij, die ter zee vaart, en al wat daarin is,
gij eilanden en hun inwoners. |
Zegelied [10] Zing* een nieuw lied, ter ere van
de heer, zijn lof moet weerklinken vanuit de verste hoeken van de
aarde; laat de zee ruisen, met alles wat er leeft, de eilanden en
hun bewoners. |
[10] Zing voor de HEER een nieuw lied, laat zijn
lof klinken van de einden der aarde, jullie die de zee bevaren, en
alles wat leeft in zee, jullie, eilanden, en allen die daarop wonen.
|
10 Zingt voor de ENE een nieuw gezang, zijn lof
vanaf het einde der aarde,– gij die neerdaalt de zee op en zijn volheid,
verre kusten en wie daar zijn gezeten! |
10. Chantez à Yahvé un chant nouveau, que chantent
sa louange, des extrémités de la terre, ceux qui vont sur la mer,
et tout ce qui la peuple, les îles et ceux qui les habitent. |
|
King James Bible . [10] Sing unto the LORD a new song, and his praise from
the end of the earth, ye that go down to the sea, and all that is therein; the
isles, and the inhabitants thereof.
Luther-Bibel . 10 Singet dem HERRN ein neues Lied, seinen Ruhm an den Enden
der Erde, die ihr auf dem Meer fahrt, und was im Meer ist, ihr Inseln und die
darauf wohnen!
Tekstuitleg van Js
42,10 .
| Js 42,11 - Js
42,11 : Zegelied - Js
42,10-13 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,10 - Js
42,11 - Js
42,12 - Js
42,13 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 11eufranthèti erèmos kai ai kômai autès epauleis
kai oi katoikountes kèdar eufranthèsontai oi katoikountes petran ap'
akrôn tôn oreôn boèsousin |
11 sublevetur desertum et civitates eius in domibus
habitabit Cedar laudate habitatores Petrae de vertice montium clamabunt
|
|
11 Laat de woestijn en haar steden de stem verheffen,
met de dorpen, die Kedar bewoont; laat hen juichen, die in de rotsstenen
wonen, en van den top der bergen af schreeuwen. |
[11] Laat de woestijn met haar steden luid roepen
en de dorpen waar Kedar* woont; laat de burgers van Sela* juichen,
luidkeels, vanaf de toppen van de bergen. |
[11] Laat de woestijn en zijn steden hun stem verheffen,
de tentenkampen waar de stam Kedar leeft; laat de rotsbewoners uitbarsten
in gejuich, luidkeels roepen vanaf de toppen van de bergen. |
11 Laat aanheffen de woestijn en zijn steden, de
dorpen waarin Kedar neerzit; laat jubelen de ingezetenen van Sela,
vanaf bergtoppen het uitschreeuwen! |
11. Que se fassent entendre le désert et ses villes,
les campements où habite Qédar, qu'ils crient de joie les habitants
de la Roche, au sommet des montagnes, qu'ils poussent des clameurs.
|
|
King James Bible . [11] Let the wilderness and the cities thereof lift up their
voice, the villages that Kedar doth inhabit: let the inhabitants of the rock
sing, let them shout from the top of the mountains.
Luther-Bibel . 11 Ruft laut, ihr Wüsten und die Städte darin samt den Dörfern,
wo Kedar wohnt. Es sollen jauchzen, die in Felsen wohnen, und rufen von den
Höhen der Berge!
Tekstuitleg van Js
42,11 .
| Js 42,12 - Js
42,12 : Zegelied - Js
42,10-13 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,10 - Js
42,11 - Js
42,12 - Js
42,13 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 12dôsousin tô theô doxan tas aretas
autou en tais nèsois anaggelousin |
12 ponent Domino gloriam et laudem eius in insulis
nuntiabunt |
|
12 Laat ze den HEERE de eer geven, en Zijn lof in
de eilanden verkondigen. |
[12] Laten zij de heerlijkheid van de heer bezingen,
en zijn roem op de eilanden verkondigen. |
[12] Laten zij de HEER hulde bewijzen en zijn lof
verkondigen op de eilanden. |
12 Bewijzen zij eer aan de ENE,– melden ze aan de
verste kusten zijn lof! |
12. Qu'on rende gloire à Yahvé, qu'on proclame sa
louange dans les îles. |
|
King James Bible . [12] Let them give glory unto the LORD, and declare his
praise in the islands.
Luther-Bibel . 12 Sie sollen dem HERRN die Ehre geben und seinen Ruhm auf den
Inseln verkünden!
Tekstuitleg van Js
42,12 .
| Js 42,13 - Js
42,13 : Zegelied - Js
42,10-13 -- bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,10 - Js
42,11 - Js
42,12 - Js
42,13 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 13kurios o theos tôn dunameôn exeleusetai
kai suntripsei polemon epegerei zèlon kai boèsetai epi tous echthrous
autou meta ischuos |
13 Dominus sicut fortis egredietur sicut vir proeliator
suscitabit zelum vociferabitur et clamabit super inimicos suos confortabitur
|
|
13 De HEERE zal uittrekken als een held; Hij zal
den ijver opwekken als een krijgsman; Hij zal juichen, ja, Hij zal
een groot getier maken; Hij zal Zijn vijanden overweldigen. |
[13] De heer rukt uit als een held, als een krijgsman,
laaiend van strijdlust, uitbundig laat Hij zijn strijdkreet weerklinken,
krijgshaftig gaat Hij zijn vijand te lijf. |
[13] De HEER zal optrekken als een krijgsheld, als
een aanvoerder wakkert hij de strijdlust aan. Hij blaast alarm, hij
slaakt een strijdkreet. Heldhaftig verslaat hij zijn vijanden. |
13 ¶ De ENE, als een held trekt hij uit, als een
man van oorlog wekt hij strijdlust op; hij schalt, ja gilt het uit,
heldhaftig gaat hij zijn vijanden te lijf. •• |
13. Yahvé, comme un héros, s'avance, comme un guerrier,
il éveille son ardeur, il pousse le cri de guerre, il vocifère, contre
ses ennemis il agit en héros. |
|
King James Bible . [13] The LORD shall go forth as a mighty man, he shall stir
up jealousy like a man of war: he shall cry, yea, roar; he shall prevail against
his enemies.
Luther-Bibel . 13 Der HERR zieht aus wie ein Held, wie ein Kriegsmann kommt
er in Eifer; laut erhebt er das Kampfgeschrei, zieht wie ein Held wider seine
Feinde.
Tekstuitleg van Js
42,13 .
Js 42,14-17 :
De HEER grijpt in - bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42 --
Js 42,14-17
-- Js 42,14
- Js 42,15
- Js 42,16
- Js 42,17
-
| Js 42,14 - Js
42,14 : De HEER grijpt in - bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,14-17 -- Js
42,14 - Js
42,15 - Js
42,16 - Js
42,17 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 14esiôpèsa mè kai aei siôpèsomai
kai anexomai ekarterèsa ôs è tiktousa ekstèsô kai xèranô ama |
14 tacui semper silui patiens fui sicut pariens
loquar dissipabo et absorbebo simul |
|
14 Ik heb van ouds gezwegen, Ik heb Mij stil gehouden
en Mij ingehouden; Ik zal uitschreeuwen, als een, die baart, Ik zal
ze verwoesten, en te zamen opslokken. |
De HEER grijpt in [14] Lang heb Ik gezwegen, mij
stilgehouden en me beheerst: nu kerm Ik als een vrouw die baren gaat,
hijgend en snuivend. |
[14] Al zo lang heb ik niets gezegd, ik heb gezwegen,
me beheerst. Nu schreeuw ik het uit als een barende vrouw, ik zucht
en ik zwoeg tegelijk. |
14 Een eeuwigheid hield ik mij stil, zweeg ik,
hield ik mij in,– nu kerm ik als een die baart, ik hijg en ik snuif
tegelijk. |
14. « Longtemps j'ai gardé le silence, je me taisais,
je me contenais. Comme la femme qui enfante, je gémissais, je soupirais
tout en haletant. |
|
King James Bible . [14] I have long time holden my peace; I have been still,
and refrained myself: now will I cry like a travailing woman; I will destroy
and devour at once.
Luther-Bibel . 14 Ich schwieg wohl eine lange Zeit, war still und hielt an mich.
Nun aber will ich schreien wie eine Gebärende, ich will laut rufen und schreien.
Tekstuitleg van Js
42,14 .
| Js 42,15 - Js
42,15 : De HEER grijpt in - bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,14-17 -- Js
42,14 - Js
42,15 - Js
42,16 - Js
42,17 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 15kai thèsô potamous eis nèsous
kai elè xèranô |
15 desertos faciam montes et colles et omne gramen
eorum exsiccabo et ponam flumina in insulas et stagna arefaciam |
|
15 Ik zal bergen en heuvelen woest maken, en al
hun gras zal Ik doen verdorren; en Ik zal de rivieren tot eilanden
maken, en de poelen uitdrogen. |
[15] Ik zal bergen en heuvels teisteren en al hun
gewas laten verdorren; van rivieren maak Ik eilanden en waterplassen
leg Ik droog. |
[15] Bergen en heuvels laat ik uitdrogen en alles
wat er groeit verdorren, in rivieren laat ik eilanden ontstaan, meren
vallen droog. |
15 Bergen en heuvels laat ik uitdrogen, al hun groen
doe ik verdorren; rivieren zal ik maken tot eilanden, meren doen verdorren.
|
15. Je vais ravager montagnes et collines, en flétrir
toute la verdure; je vais changer les torrents en terre ferme et dessécher
les marécages. |
|
King James Bible . [15] I will make waste mountains and hills, and dry up all
their herbs; and I will make the rivers islands, and I will dry up the pools.
Luther-Bibel . 15 Ich will Berge und Hügel zur Wüste machen und all ihr Gras
verdorren lassen und will die Wasserströme zu Land machen und die Seen austrocknen.
Tekstuitleg van Js
42,15 .
| Js 42,16 - Js
42,16 : De HEER grijpt in - bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,14-17 -- Js
42,14 - Js
42,15 - Js
42,16 - Js
42,17 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 16kai axô tuflous en odô è ouk egnôsan
kai tribous ous ouk èdeisan patèsai poièsô autous poièsô autois to
skotos eis fôs kai ta skolia eis eutheian tauta ta rèmata poièsô kai
ouk egkataleipsô autous |
16 et ducam caecos in via quam nesciunt in semitis
quas ignoraverunt ambulare eos faciam ponam tenebras coram eis in
lucem et prava in recta haec verba feci eis et non dereliqui eos |
|
16 En Ik zal de blinden leiden door den weg, dien
zij niet geweten hebben, Ik zal ze doen treden door de paden, die
zij niet geweten hebben; Ik zal de duisternis voor hun aangezicht
ten licht maken, en het kromme tot recht; deze dingen zal Ik hun doen,
en Ik zal hen niet verlaten. |
[16] Ik leid blinden* langs wegen die zij niet kennen,
langs onbekende paden leid Ik hen. Voor hen uit verander Ik het duister
in licht, en maak Ik ruwe plekken vlak. Dit alles doe Ik en Ik laat
hen niet in de steek. |
[16] Blinden laat ik gaan over onbekende wegen,
op paden die ze niet kennen voer ik hen. Duisternis verander ik in
licht, ruig land maak ik vlak. Ja, deze dingen zal ik doen, niets
daarvan zal ik nalaten. |
16 Doen gaan zal ik blinden langs een weg die zij
niet kenden, langs paden die ze niet kenden laat ik hen reizen; ik
maak voor hun aanschijn duisternis tot licht, kronkelwegen tot een
pad rechtuit, deze woorden zal ik doen en niet nalaten! |
16. Je conduirai les aveugles par un chemin qu'ils
ne connaissent pas, par des sentiers qu'ils ne connaissent pas je
les ferai cheminer, devant eux je changerai l'obscurité en lumière
et les fondrières en surface unie. Cela, je le ferai, je n'y manquerai
pas. |
|
King James Bible . [16] And I will bring the blind by a way that they knew
not; I will lead them in paths that they have not known: I will make darkness
light before them, and crooked things straight. These things will I do unto
them, and not forsake them.
Luther-Bibel . 16 Aber die Blinden will ich auf dem Wege leiten, den sie nicht
wissen; ich will sie führen auf den Steigen, die sie nicht kennen. Ich will
die Finsternis vor ihnen her zum Licht machen und das Höckerige zur Ebene. Das
alles will ich tun und nicht davon lassen.
Tekstuitleg van Js
42,16 .
| Js 42,17 - Js
42,17 : De HEER grijpt in - bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,14-17 -- Js
42,14 - Js
42,15 - Js
42,16 - Js
42,17 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 17autoi de apestrafèsan eis ta opisô
aischunthète aischunèn oi pepoithotes epi tois gluptois oi legontes
tois chôneutois umeis este theoi èmôn |
17 conversi sunt retrorsum confundantur confusione
qui confidunt in sculptili qui dicunt conflatili vos dii nostri |
|
17 Maar die zich op gesneden beelden verlaten, die
tot de gegoten beelden zeggen: Gij zijt onze goden; die zullen achterwaarts
keren, en met schaamte beschaamd worden. |
[17] Zij deinzen terug, blozend van schaamte, die
lieden die op afgodsbeelden vertrouwen en tegen gietstukken zeggen:
‘Jullie zijn onze goden.’ |
[17] Wie op afgodsbeelden vertrouwt, tegen een godenbeeld
zegt: ‘U bent onze god,’ zal terugdeinzen en zich diep
schamen. |
17 Zij zullen achteruitdeinzen, vol schaamte beschaamd
staan, die zich veilig wanen bij een gesneden beeld,– die tot gietwerk
zeggen: jullie zijn ons goden! •• |
17. Ils reculeront, ils rougiront de honte, ceux
qui se fient aux idoles, qui disent à des statues : Vous êtes nos
dieux. » |
|
King James Bible . [17] They shall be turne'd back, they shall be greatly ashamed,
that trust in graven images, that say to the molten images, Ye are our gods.
Luther-Bibel . 17 Aber die sich auf Götzen verlassen und sprechen zum gegossenen
Bilde: »Ihr seid unsre Götter!«, die sollen zurückweichen und zuschanden werden.
Tekstuitleg van Js
42,17 .
Js 42,18-25 :
Israël gestraft - bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42 --
Js 42,18-25
-- Js 42,18
- Js 42,19
- Js 42,20
- Js 42,21
- Js 42,22
- Js 42,23
- Js 42,24
- Js 42,25
-
| Js 42,18 - Js
42,18 : Israël gestraft - bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,18-25 -- Js
42,18 - Js
42,19 - Js
42,20 - Js
42,21 - Js
42,22 - Js
42,23 - Js
42,24 - Js
42,25 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 18oi
kôfoi akousate kai oi tufloi anablepsate idein |
18 surdi audite et caeci intuemini ad videndum
|
|
18 Hoort, gij doven! en schouwt aan, gij blinden!
om te zien. |
Israël gestraft [18] Luister, jullie doven;
jullie blinden*, kijk toe en zie. |
[18] Doven, luister! Blinden, open je ogen en zie!
|
18 ¶ O doven, hoort,– o blinden, kijkt op om te
zien! |
18. Sourds, entendez! Aveugles, regardez et voyez!
|
|
King James Bible . [18] Hear, ye deaf; and look, ye blind, that ye may see.
Luther-Bibel . 18 Hört, ihr Tauben, und schaut her, ihr Blinden, dass ihr seht!
Tekstuitleg van Js
42,18 .
| Js 42,19 - Js
42,19 : Israël gestraft - bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,18-25 -- Js
42,18 - Js
42,19 - Js
42,20 - Js
42,21 - Js
42,22 - Js
42,23 - Js
42,24 - Js
42,25 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 19kai tis tuflos all' è oi paides
mou kai kôfoi all' è oi kurieuontes autôn kai etuflôthèsan oi douloi
tou theou |
19 quis caecus nisi servus meus et surdus nisi ad
quem nuntios meos misi quis caecus nisi qui venundatus est quis caecus
nisi servus Domini |
|
19 Wie is er blind als Mijn knecht, en doof, gelijk
Mijn bode, dien Ik zende? Wie is blind, gelijk de volmaakte, en blind,
gelijk de knecht des HEEREN? |
[19] Wie is zo blind als mijn dienstknecht* en zo
doof als de bode die door Mij gezonden is? Wie is zo blind als de
aan God gewijde, zo blind als de dienstknecht van de heer? |
[19] Is er iemand zo blind als mijn dienaar, zo
doof als de bode die ik zend? Is er iemand zo blind als dit gestrafte
volk, blind als de dienaar van de HEER? |
19 Wie is er blinder dan mijn dienaar en zo doof
als mijn bode die ik zend?– wie zo blind als hij die tot vrede is
gebracht, zo blind als de dienaar van de ENE? |
19. Qui est aveugle si ce n'est mon serviteur ?
qui est sourd comme le messager que j'envoie ? Qui est aveugle comme
celui dont j'avais fait mon ami et sourd comme le serviteur de Yahvé
? |
|
King James Bible . [19] Who is blind, but my servant? or deaf, as my messenger
that I sent? who is blind as he that is perfect, and blind as the LORD's servant?
Luther-Bibel . 19 Wer ist so blind wie mein Knecht, und wer ist so taub wie
mein Bote, den ich senden will? Wer ist so blind wie der Vertraute und so blind
wie der Knecht des HERRN?
Tekstuitleg van Js
42,19 .
| Js 42,20 - Js
42,20 : Israël gestraft - bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,18-25 -- Js
42,18 - Js
42,19 - Js
42,20 - Js
42,21 - Js
42,22 - Js
42,23 - Js
42,24 - Js
42,25 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 20eidete
pleonakis kai ouk efulaxasthe ènoigmena ta ôta kai ouk èkousate |
20 qui vides multa nonne custodies qui apertas
habes aures nonne audies |
|
20 Gij ziet wel veel dingen, maar gij bewaart ze
niet; of schoon hij de oren opendoet, zo hoort hij toch niet. |
[20] U hebt veel gezien, maar u hebt het niet onthouden,
uw oren waren wijd open, maar u hebt niets gehoord. |
[20] Het ziet veel, maar onthoudt niets, het heeft
zijn oren open, maar hoort niets. |
20 Je hebt vele dingen gezien maar niets bewaard,–
men had oren geopend maar hoorde niet. |
20. Tu as vu bien des choses, sans y faire attention.
Ouvrant les oreilles, tu n'entendais pas. |
|
King James Bible . [20] Seeing many things, but thou observest not; opening
the ears, but he heareth not.
Luther-Bibel . 20 Du sahst wohl viel, aber du hast's nicht beachtet; deine Ohren
waren offen, aber du hast nicht gehört.
Tekstuitleg van Js
42,20 .
| Js 42,21 - Js
42,21 : Israël gestraft - bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,18-25 -- Js
42,18 - Js
42,19 - Js
42,20 - Js
42,21 - Js
42,22 - Js
42,23 - Js
42,24 - Js
42,25 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 21kurios o theos ebouleto ina dikaiôthè
kai megalunè ainesin kai eidon |
21 et Dominus voluit ut sanctificaret eum et magnificaret
legem et extolleret |
|
21 De HEERE had lust aan hem, om Zijner gerechtigheid
wil; Hij maakte hem groot door de wet, en Hij maakte hem heerlijk.
|
[21] De boodschap van de heer is groots en heerlijk,
omdat Hij wilde redden, |
[21] Eens schepte de HEER er behagen in om de kracht
van zijn onderricht te tonen omwille van zijn rechtvaardigheid. |
21 Het heeft de ENE behaagd ter wille van zijn gerechtigheid,–
de Wet groot te maken en te verheerlijken. |
21. Yahvé a voulu, à cause de sa justice, rendre
la Loi grande et magnifique, |
|
King James Bible . [21] The LORD is well pleased for his righteousness' sake;
he will magnify the law, and make it honourable.
Luther-Bibel . 21 Dem HERRN hat es gefallen um seiner Gerechtigkeit willen,
dass er sein Gesetz herrlich und groß mache.
Tekstuitleg van Js
42,21 .
| Js 42,22 - Js
42,22 : Israël gestraft - bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,18-25 -- Js
42,18 - Js
42,19 - Js
42,20 - Js
42,21 - Js
42,22 - Js
42,23 - Js
42,24 - Js
42,25 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 22kai egeneto o laos pepronomeumenos
kai dièrpasmenos è gar pagis en tois tamieiois pantachou kai en oikois
ama opou ekrupsan autous egenonto eis pronomèn kai ouk èn o exairoumenos
arpagma kai ouk èn o legôn apodos |
22 ipse autem populus direptus et vastatus laqueus
iuvenum omnes et in domibus carcerum absconditi sunt facti sunt in
rapinam nec est qui eruat in direptionem et non est qui dicat redde
|
|
22 Maar nu is het een beroofd en geplunderd volk;
zij zijn allen verstrikt in de holen, en verstoken in de gevangenhuizen;
zij zijn tot een roof geworden, en er is niemand, die ze redt; tot
een plundering, en niemand zegt: Geeft ze weder. |
[22] maar zijn volk is beroofd en uitgeschud, iedereen
zit gevangen in holen en opgeborgen in kerkers. Er werd geplunderd
en niemand redt, zij werden uitgeschud en niemand zegt: ‘Geef
terug.’ |
[22] Maar nu is het volk beroofd en geplunderd,
zijn jonge strijders zijn geketend en in de gevangenis gegooid. Een
prooi zijn zij geworden, en niemand die hen redt; ze zijn buitgemaakt,
en niemand die zegt: ‘Geef terug!’ |
22 Maar nu is het een gemeenschap geplunderd en
beroofd, allen zitten in holen verstrikt, in gevanghuizen verscholen,–
ze zijn tot roofbuit geworden en niemand die redt, tot plundergoed
en niemand die zegt: geef terug! |
22. et voici un peuple pillé et dépouillé, on les
a tous enfermés dans des basses-fosses, emprisonnés dans des cachots.
On les a mis au pillage, et personne pour les secourir, on les a dépouillés,
et personne pour demander réparation, |
|
King James Bible . [22] But this is a people robbed and spoiled; they are all
of them snared in holes, and they are hid in prison houses: they are for a prey,
and none delivereth; for a spoil, and none saith, Restore.
Luther-Bibel . 22 Dennoch ist es ein beraubtes und geplündertes Volk; sie sind
alle gebunden in Gefängnissen und verschlossen in Kerkern. Sie sind zur Beute
geworden und es ist kein Erretter da; sie sind geplündert und es ist niemand
da, der sagt: Gib wieder her!
Tekstuitleg van Js
42,22 .
| Js 42,23 - Js
42,23 : Israël gestraft - bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,18-25 -- Js
42,18 - Js
42,19 - Js
42,20 - Js
42,21 - Js
42,22 - Js
42,23 - Js
42,24 - Js
42,25 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 23tis en umin os enôtieitai tauta
eisakousetai eis ta eperchomena |
23 quis est in vobis qui audiat hoc adtendat et
auscultet futura |
|
23 Wie onder ulieden neemt zulks ter oren? Wie
merkt op en hoort, wat hierna zijn zal? |
[23] Wie van u heeft hier aandacht aan besteed,
de oren gespitst en, met het oog op later, ernaar geluisterd? |
[23] Is er iemand onder jullie die dit hoort, die
aandachtig luistert en begrijpt wat er nu volgt? |
23 Wie onder u neemt dit ter ore,– merkt het op
en hoort voor later? |
23. Qui, parmi vous, prête l'oreille à cela ? Qui
fait attention et désormais écoute ? |
|
King James Bible . [23] Who among you will give ear to this? who will hearken
and hear for the time to come?
Luther-Bibel . 23 Wer ist unter euch, der das zu Ohren nimmt, der aufmerkt und
es hört für künftige Zeiten?
Tekstuitleg van Js
42,23 .
| Js 42,24 - Js
42,24 : Israël gestraft - bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,18-25 -- Js
42,18 - Js
42,19 - Js
42,20 - Js
42,21 - Js
42,22 - Js
42,23 - Js
42,24 - Js
42,25 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 24tis edôken eis diarpagèn iakôb
kai israèl tois pronomeuousin auton ouchi o theos ô èmartosan autô
kai ouk eboulonto en tais odois autou poreuesthai oude akouein tou
nomou autou |
24 quis dedit in direptionem Iacob et Israhel vastantibus
nonne Dominus ipse cui peccavimus et noluerunt in viis eius ambulare
et non audierunt legem eius |
|
24 Wie heeft Jakob tot een plundering overgegeven,
en Israël den rovers? Is het niet de HEERE, Hij, tegen Wien wij gezondigd
hebben? Want zij wilden niet wandelen in Zijn wegen, en zij hoorden
niet naar Zijn wet. |
[24] Wie heeft Jakob prijsgegeven aan de plunderaars
en Israël aan de rovers? Wie anders dan de heer, tegen wie zij
gezondigd hebben; zijn wegen wilden zij niet gaan en zijn boodschap
wilden zij niet horen! |
[24] Wie heeft Jakob tot buit gemaakt, Israël
uitgeleverd aan plunderaars? Is het niet de HEER, hij tegen wie wij
hebben gezondigd? Zij wilden niet de weg gaan die hij wees, niet luisteren
naar zijn onderricht. |
24 Wie heeft Jakob aan plundering prijsgegeven,
Israël aan rovers?, is het niet de ENE?– tegen wie wij hebben gezondigd,
in wiens wegen zij niet hebben willen gaan en naar wiens Wet zij niet
hebben gehoord. |
24. Qui donc a livré Jacob au spoliateur et Israël
aux pillards ? N'est-ce pas Yahvé contre qui nous avions péché, dont
on n'avait pas voulu suivre les voies, ni écouter la Loi ? |
|
King James Bible . [24] Who gave Jacob for a spoil, and Israel to the robbers?
did not the LORD, he against whom we have sinned? for they would not walk in
his ways, neither were they obedient unto his law.
Luther-Bibel . 24 Wer hat Jakob der Plünderung preisgegeben und Israel den Räubern?
Hat es nicht der HERR getan, an dem wir gesündigt haben? Und sie wollten nicht
auf seinen Wegen wandeln, und sie gehorchten seinen Weisungen nicht.
Tekstuitleg van Js
42,24 .
| Js 42,25 - Js
42,25 : Israël gestraft - bijbeloverzicht
-- bijbelverwijzingen
-- Js (Jesaja)
-- Js 42
-- Js
42,18-25 -- Js
42,18 - Js
42,19 - Js
42,20 - Js
42,21 - Js
42,22 - Js
42,23 - Js
42,24 - Js
42,25 - |
| Griekse tekst |
Vulgaat |
MT |
Statenvertaling |
Willibrordvertaling |
Nieuwe vertaling (2005) |
Naardense bijbel |
Bible de Jérusalem |
| 25kai epègagen ep' autous orgèn
thumou autou kai katischusen autous polemos kai oi sumflegontes autous
kuklô kai ouk egnôsan ekastos autôn oude ethento epi psuchèn |
25 et effudit super eum indignationem furoris sui
et forte bellum et conbusit eum in circuitu et non cognovit et succendit
eum et non intellexit |
|
25 Daarom heeft Hij over hen uitgestort de grimmigheid
Zijns toorns en de macht des oorlogs; en Hij heeft ze rondom in vlam
gezet, doch zij merken het niet; en Hij heeft ze in brand gestoken,
doch zij nemen het niet ter harte. |
[25] Hij* liet zijn hevige toorn de vrije loop,
en goot oorlogsgeweld over hen uit, zij werden verzengd, maar zagen
er de reden niet van, zij werden verbrand, maar namen niets ter harte.
|
[25] Hij stortte zijn brandende toorn over hen
uit in allesverterend krijgsgeweld. Ze waren omringd door vlammen,
maar zagen niet in waarom, ze stonden in brand, maar trokken er geen
lering uit. |
25 Dus goot hij over hem uit het gif van zijn toorn
en het geweld van een oorlog,– verzengde hem van rondom maar hij onderkende
het niet, hij stak hem in brand maar hij nam het niet ter harte! |
25. Il a répandu sur lui l'ardeur de sa colère et
la fureur guerrière; tout autour elle porta l'incendie, et lui n'a
pas compris, elle l'a brûlé, et il n'y a pas pris garde. |
|
King James Bible . [25] Therefore he hath poured upon him the fury of his anger,
and the strength of battle: and it hath set him on fire round about, yet he
knew not; and it burned him, yet he laid it not to heart.
Luther-Bibel . 25 Darum hat er über sie ausgeschüttet seinen grimmigen Zorn
und den Schrecken des Krieges, dass er sie ringsumher versengte, aber sie merken's
nicht, und sie in Brand steckte, aber sie nehmen's nicht zu Herzen.
Tekstuitleg van Js
42,25 .
LXX
1iakôb o pais mou antilèmpsomai autou israèl o eklektos mou prosedexato auton
è psuchè mou edôka to pneuma mou ep' auton krisin tois ethnesin exoisei2ou kekraxetai
oude anèsei oude akousthèsetai exô è fônè autou3kalamon tethlasmenon ou suntripsei
kai linon kapnizomenon ou sbesei alla eis alètheian exoisei krisin4analampsei
kai ou thrausthèsetai eôs an thè epi tès gès krisin kai epi tô onomati autou
ethnè elpiousin5outôs legei kurios o theos o poièsas ton ouranon kai pèxas auton
o stereôsas tèn gèn kai ta en autè kai didous pnoèn tô laô tô ep' autès kai
pneuma tois patousin autèn6egô kurios o theos ekalesa se en dikaiosunè kai kratèsô
tès cheiros sou kai enischusô se kai edôka se eis diathèkèn genous eis fôs ethnôn7anoixai
ofthalmous tuflôn exagagein ek desmôn dedemenous kai ex oikou fulakès kathèmenous
en skotei8egô kurios o theos touto mou estin to onoma tèn doxan mou eterô ou
dôsô oude tas aretas mou tois gluptois9ta ap' archès idou èkasin kai kaina a
egô anaggelô kai pro tou anateilai edèlôthè umin10umnèsate tô kuriô umnon kainon
è archè autou doxazete to onoma autou ap' akrou tès gès oi katabainontes eis
tèn thalassan kai pleontes autèn ai nèsoi kai oi katoikountes autas11eufranthèti
erèmos kai ai kômai autès epauleis kai oi katoikountes kèdar eufranthèsontai
oi katoikountes petran ap' akrôn tôn oreôn boèsousin12dôsousin tô theô doxan
tas aretas autou en tais nèsois anaggelousin13kurios o theos tôn dunameôn exeleusetai
kai suntripsei polemon epegerei zèlon kai boèsetai epi tous echthrous autou
meta ischuos14esiôpèsa mè kai aei siôpèsomai kai anexomai ekarterèsa ôs è tiktousa
ekstèsô kai xèranô ama15kai thèsô potamous eis nèsous kai elè xèranô16kai axô
tuflous en odô è ouk egnôsan kai tribous ous ouk èdeisan patèsai poièsô autous
poièsô autois to skotos eis fôs kai ta skolia eis eutheian tauta ta rèmata poièsô
kai ouk egkataleipsô autous17autoi de apestrafèsan eis ta opisô aischunthète
aischunèn oi pepoithotes epi tois gluptois oi legontes tois chôneutois umeis
este theoi èmôn18oi kôfoi akousate kai oi tufloi anablepsate idein19kai tis
tuflos all' è oi paides mou kai kôfoi all' è oi kurieuontes autôn kai etuflôthèsan
oi douloi tou theou20eidete pleonakis kai ouk efulaxasthe ènoigmena ta ôta kai
ouk èkousate21kurios o theos ebouleto ina dikaiôthè kai megalunè ainesin kai
eidon22kai egeneto o laos pepronomeumenos kai dièrpasmenos è gar pagis en tois
tamieiois pantachou kai en oikois ama opou ekrupsan autous egenonto eis pronomèn
kai ouk èn o exairoumenos arpagma kai ouk èn o legôn apodos23tis en umin os
enôtieitai tauta eisakousetai eis ta eperchomena24tis edôken eis diarpagèn iakôb
kai israèl tois pronomeuousin auton ouchi o theos ô èmartosan autô kai ouk eboulonto
en tais odois autou poreuesthai oude akouein tou nomou autou25kai epègagen ep'
autous orgèn thumou autou kai katischusen autous polemos kai oi sumflegontes
autous kuklô kai ouk egnôsan ekastos autôn oude ethento epi psuchèn
VULGAAT
1 ecce servus meus suscipiam eum electus meus conplacuit sibi in illo anima
mea dedi spiritum meum super eum iudicium gentibus proferet 2 non clamabit neque
accipiet personam nec audietur foris vox eius 3 calamum quassatum non conteret
et linum fumigans non extinguet in veritate educet iudicium 4 non erit tristis
neque turbulentus donec ponat in terra iudicium et legem eius insulae expectabunt
5 haec dicit Dominus Deus creans caelos et extendens eos firmans terram et quae
germinant ex ea dans flatum populo qui est super eam et spiritum calcantibus
eam 6 ego Dominus vocavi te in iustitia et adprehendi manum tuam et servavi
et dedi te in foedus populi in lucem gentium 7 ut aperires oculos caecorum et
educeres de conclusione vinctum de domo carceris sedentes in tenebris 8 ego
Dominus hoc est nomen meum gloriam meam alteri non dabo et laudem meam sculptilibus
9 quae prima fuerant ecce venerunt nova quoque ego adnuntio antequam oriantur
audita vobis faciam 10 cantate Domino canticum novum laus eius ab extremis terrae
qui descenditis in mare et plenitudo eius insulae et habitatores earum 11 sublevetur
desertum et civitates eius in domibus habitabit Cedar laudate habitatores Petrae
de vertice montium clamabunt 12 ponent Domino gloriam et laudem eius in insulis
nuntiabunt 13 Dominus sicut fortis egredietur sicut vir proeliator suscitabit
zelum vociferabitur et clamabit super inimicos suos confortabitur 14 tacui semper
silui patiens fui sicut pariens loquar dissipabo et absorbebo simul 15 desertos
faciam montes et colles et omne gramen eorum exsiccabo et ponam flumina in insulas
et stagna arefaciam 16 et ducam caecos in via quam nesciunt in semitis quas
ignoraverunt ambulare eos faciam ponam tenebras coram eis in lucem et prava
in recta haec verba feci eis et non dereliqui eos 17 conversi sunt retrorsum
confundantur confusione qui confidunt in sculptili qui dicunt conflatili vos
dii nostri 18 surdi audite et caeci intuemini ad videndum 19 quis caecus nisi
servus meus et surdus nisi ad quem nuntios meos misi quis caecus nisi qui venundatus
est quis caecus nisi servus Domini 20 qui vides multa nonne custodies qui apertas
habes aures nonne audies 21 et Dominus voluit ut sanctificaret eum et magnificaret
legem et extolleret 22 ipse autem populus direptus et vastatus laqueus iuvenum
omnes et in domibus carcerum absconditi sunt facti sunt in rapinam nec est qui
eruat in direptionem et non est qui dicat redde 23 quis est in vobis qui audiat
hoc adtendat et auscultet futura 24 quis dedit in direptionem Iacob et Israhel
vastantibus nonne Dominus ipse cui peccavimus et noluerunt in viis eius ambulare
et non audierunt legem eius 25 et effudit super eum indignationem furoris sui
et forte bellum et conbusit eum in circuitu et non cognovit et succendit eum
et non intellexit