JESAJA 56 , Js 56 -- bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Js (Jesaja) -- Js 56 -
- Js 56,1-8 -- Js 56,1.6-7 -- Js 56,9-12 -

- Bibliografie - Literatuur - Liturgisch gebruik - Overzicht bijbelboeken - Overzicht van de bibliografie van de bijbelboeken - Overzicht van deze website

Overzicht van Jesaja : - Js 1 - Js 2 - Js 3 - Js 4 - Js 5 - Js 6 - Js 7 - Js 8 - Js 9 - Js 10 - Js 11 - Js 12 - Js 13 - Js 14 - Js 15 - Js 16 - Js 17 - Js 18 - Js 19 - Js 20 - Js 21 - Js 22 - Js 23 - Js 24 - Js 25 - Js 26 - Js 27 - Js 28 - Js 29 - Js 30 - Js 31 - Js 32 - Js 33 - Js 34 - Js 35 - Js 36 - Js 37 - Js 38 - Js 39 - Js 40 - Js 41 - Js 42 - Js 43 - Js 44 - Js 45 - Js 46 - Js 47 - Js 48 - Js 49 - Js 50 - Js 51 - Js 52 - Js 53 - Js 54 - Js 55 - Js 56 - Js 57 - Js 58 - Js 59 - Js 60 - Js 61 - Js 62 - Js 63 - Js 64 - Js 65 - Js 66 -
Uitleg vers per vers : - Js 56,1 - Js 56,2 - Js 56,3 - Js 56,4 - Js 56,5 - Js 56,6 - Js 56,7 - Js 56,8 - Js 56,9 - Js 56,10 - Js 56,11 - Js 56,12 -

- bijbelverwijzingen - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z -

Overzicht van Tenach : Tenach : overzicht , Tenach : taalgebruik - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , Tenach : commentaar ,
Overzicht van Septuaginta
: Septuaginta : overzicht , Septuaginta : taalgebruik - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , Septuaginta : commentaar ,
Overzicht N.T. : N.T. : overzicht , N.T. : taalgebruik - N.T. A - N.T. B - N.T. C - N.T. D - N.T. E - N.T. F - N.T. G - N.T. H - N.T. I - N.T. J - N.T. K - N.T. L - N.T. M - N.T. N - N.T. O - N.T. P - N.T. Q - N.T. R - N.T. S - N.T. T - N.T. U - N.T. V - N.T. W - N.T. X - N.T. Y - N.T. Z - N.T. : commentaar .

Overzicht van Jesaja : Jesaja : overzicht , Jesaja : taalgebruik - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , Jesaja : commentaar ,


Religie.opzijnbest.nl
ZOEKEN OP DEZE WEBSITE
PicoSearch
  Hulp
Verzorgd door PicoSearch
     
 
http://www.bible-history.com/isbe/            
1. LXX , Griekse tekst N.T.   2. Vulgata   3. Synopsis Denaux - Vervenne  4. Statenvertaling   5. Willibrordvertaling   6. Nieuwe Vertaling   7. Naardense vertaling , zie
8. Bible de Jérusalem 9. Statenvertaling   10. King James Bible  - King James Bible 11. Luther-Bibel   liturgische lezing      

WEDERKERIGHEID (DIVERSITEIT - VICE VERSA) . Meer info : Arseen De Kesel . Email: arseen.de.kesel@pandora.be .
websitenamen : http://users.telenet.be/arseen.de.kesel/ en http://www.interlevensbeschouwelijk.be/index.htm
- STARTPAGINA - AGENDA - BIJ DE HAND - NIEUW - OVERZICHT -  TIJDSCHRIFTEN -
ALFABETISCH OVERZICHT VAN THEMA'S EN WEBSITES :
- A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z
HOOFDTHEMA'S : allochtonen , armoede , bahá'í ,  bezinningsteksten , bijbel , bijbel en koran , boeddhisme , christendom , extreemrechts ( Vlaams Blok ) , fundamentalisme , getallen , globalisering en antiglobalisering ,  hindoeïsme , interlevensbeschouwelijke dialoog , interreligieuze meditatie , islam , jodendom , koran , levensbeschouwing , levensbeschouwing / godsdienst en onderwijs , racisme , samenleving , sikhisme , spiritualiteit , tewerkstelling van allochtonen , vluchtelingen en asielzoekers , vrijzinnigheid , witte scholen , multiculturele scholen en concentratiescholen , Eigen-zinnige beschouwingen , Het kleine of grote ongenoegen

Woordenschat

Bibliografie
Literatuur
Liturgisch gebruik
- Js 56,1.6-7 : 20ste (twintigste) zondag door het a-jaar .
Overzicht van de bijbelboeken - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -
- OT : Gn (Genesis) , Ex (Exodus) , Lv (Leviticus) , Nu (Numeri) , Dt (Deuteronomium) , Joz (Jozua) , Re (Rechters) , Rt (Ruth) , 1 S (1 Samuël) , 2 S (2 Samuël) , 1 K (1 Koningen) , 2 K (2 Koningen) , 1 Kr ( 1 Kronieken) , 2 Kr (2 Kronieken) , Ezr (Ezra) , Neh (Nehemia) , Tob (Tobia) , Jdt (Judith) , Est (Esther) , 1 Mak (1 Makkabeeën) , 2 Mak (2 Makkabeeën) , Job , Ps (Psalmen ) , Spr (Spreuken) , Pr (Prediker) , Hl (Hooglied) , W (Wijsheid) , Sir (Sirach) , Js (Jesaja) , Jr (Jeremia) , Kl (Klaagliederen) , Bar (Baruch) , Ez (Ezechiël) , Da (Daniël) , Hos (Hosea) , Jl (Joël) , Am (Amos) , Ob (Obadja) , Jon (Jona) , Mi (Micha) , Nah (Nahum) , Hab (Habakuk) , Sef (Sefanja) , Hag (Haggai) , Zach (Zacharia) , Mal (Maleachi) .
- NT : Mt (Matteüs) - Mc (Marcus) - Lc (Lucas) - Joh (Johannes) - Hnd (Handelingen) , Rom (Rome) , 1 Kor (Korinte) , 2 Kor (Korinte) , Gal (Galatië) , Ef (Efese) , Fil (Filippi) , Kol (Kolosse) , 1 Tes (Tessalonika) , 2 Tes (Tessalonika) , 1 Tim (Timoteüs) , 2 Tim (Timoteüs) , Tit (Titus) , Film (Filemon) , Heb (Hebreeën) , Jak (Jakobus) , 1 Pe (Petrus) , 2 Pe (Petrus) , 1 Joh (Johannes) , 2 Joh (Johannes) , 2 Joh (Johannes) , Jud (Judas) , Apk (Apokalyps) .
Overzicht van de bibliografie van de bijbelboeken : - bibliografie bijbel - bibliografie van het Oude Testament - bibliografie Matteüsevangelie - bibliografie Marcusevangelie - bibliografie Lucasevangelie - bibliografie van het Johannesevangelie - bibliografie van het Nieuwe Testament (behalve evangeliën)
Js 56,1-8 : Wie behoort tot de gemeente ?
Js 56,9-12 : De ontrouwe wachters .

Wie behoort tot de gemeente ? Js 56,1-8 - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Js (Jesaja) -- Js 56 -- Js 56,1-8 -- Js 56,1 - Js 56,2 - Js 56,3 - Js 56,4 - Js 56,5 - Js 56,6 - Js 56,7 - Js 56,8 -

Lezing op de 20ste (twintigste) zondag door het a-jaar : Js 56,1.6-7 . Verwijzing : Js 56,1.6-7 .

Js 56,1 - Js 56,1 : Wie behoort tot de gemeente ? bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Js (Jesaja) -- Js 56 -- Js 56,1-8 -- Js 56,1 - Js 56,2 - Js 56,3 - Js 56,4 - Js 56,5 - Js 56,6 - Js 56,7 - Js 56,8 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
1tade legei kurios fulassesthe krisin poièsate dikaiosunèn èggisen gar to sôtèrion mou paraginesthai kai to eleos mou apokalufthènai 1 haec dicit Dominus custodite iudicium et facite iustitiam quia iuxta est salus mea ut veniat et iustitia mea ut reveletur    1 Alzo zegt de HEERE: Bewaart het recht, en doet gerechtigheid; want Mijn heil is nabij om te komen, en Mijn gerechtigheid om geopenbaard te worden.  [1] Zo* spreekt de heer, ‘Onderhoud het recht, beoefen de gerechtigheid, want de komst van mijn redding is nabij en mijn gerechtigheid wordt weldra geopenbaard.   [1] Dit zegt de HEER: Handel rechtvaardig, handhaaf het recht; de redding die ik breng is nabij, en weldra openbaar ik mijn gerechtigheid.   1 ¶ Zo heeft gezegd de ENE: waakt over recht en doet gerechtigheid,– want mijn heil is nabij om te komen, mijn gerechtigheid om zich te onthullen!  1. Ainsi parle Yahvé : Observez le droit, pratiquez la justice, car mon salut est près d'arriver et ma justice de se révéler.  

King James Bible . [1] Thus saith the LORD, Keep ye judgment, and do justice: for my salvation is near to come, and my righteousness to be revealed.
Luther-Bibel . 1 So spricht der HERR: Wahrt das Recht und übt Gerechtigkeit; denn mein Heil ist nahe, dass es komme, und meine Gerechtigkeit, dass sie offenbart werde.
- 20ste (twintigste) zondag door het a-jaar . Zo spreekt God de Heer: "Onderhoudt het recht en doet wat rechtvaardig is, want mijn heil is in aantocht, mijn gerechtigheid zal zich openbaren.

a. koh ´âmar JHWH (zo spreekt JHWH) .
b. sjimërû misjëpât (behoudt recht) .

Tekstuitleg van Js 56,1 . Het vers Js 56,1 telt 13 woorden en 54 (2 X 3³) letters . De getalwaarde van Js 56,1 is 4110 (2 X 3 X 5 X 137) .

Js 56,1.1. koh (zo) . Taalgebruik in Tenach : koh (zo) . Taalgebruik in Jesaja : koh (zo) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , he = 5 ; totaal : 16 (2² X 2²) OF 25 (5²) . Structuur : 2 - 5 . Gr. houtôs (zo) . Taalgebruik in de LXX : houtos (zo) . Taalgebruik in het N.T. : houtos (zo) . Lat. sic . Ned. zo . D. so . E. thus . Fr. ainsi < ains - si . ains (ante) -> antius sic . houtôs (zo) in de LXX (852) , in het N.T. (208) . Tenach (531) . Pentateuch (34) . Js (51) . Js 1-39 (24) . Js 40-55 (20) . Js 56-66 (7) : Js 56 (2) : (1) Js 56,1 . (2) Js 56,4 . Js 57 (1) : Js 57,15 . Js 65-66 (4) : (1) Js 65,8 . (2) Js 65,13 . (3) Js 66,1 . (4) Js 66,12 .

Js 56,1.2. ´âmar (zeggen) . Taalgebruik in Tenach : ´âmar (zeggen) . Taalgebruik in Jesaja : ´âmar (zeggen) . Getalwaarde van ´âmar (zeggen) : aleph = 1 , mem = 13 of 40 , resj = 20 of 200 ; totaal : 34 (2 X 17) of 241 (priemgetal) . Structuur : 1 - 4 - 2 . Gr. legô (zeggen) . Taalgebruik in de Septuaginta. : legô (zeggen) . Taalgebruik in N.T. : legô (zeggen) . legô komt van de wortel leg- : lezen / lec-tuur ; les . Lat. legere . Fr. leçon . E. to say . Fr. dire . D. sprechen (spreken) . Een vorm van legô (zeggen) in de LXX (4610) , in het N.T. (1318) ; van eipon (ik zei) in de LXX (4608) , in het N.T. (925) . Tenach (790) . Pentateuch (84) . Js (81) . Js 1-39 (30) . Js 40-55 (35) . Js 56-66 (16) . Js 56 (2) : (1) Js 56,1 . (2) Js 56,4 . Js 57 (3) : (1) Js 57,15 . (2) Js 57,19 . (3) Js 57,21 . Js 59 (1) : Js 59,21 . Js 65-66 (10) : (1) Js 65,7 . (2) Js 65,8 . (3) Js 65,13 . (4) Js 65,25 . (5) Js 66,1 . (6) Js 66,9 . (7) Js 66,12 . (8) Js 66,20 . (9) Js 66,21 . (10) Js 66,23 . Een vorm van ´âmar (zeggen) in Js 56 (3) : (1) Js 56,1 . (2) Js 56,3 . (3) Js 56,4 .

Js 56,1.1. - 2. koh ´âmar (zo zegt hij) . Tenach (401) . Js (44 / 51 en 44 / 81) . Js 1-39 (14) . Js 40-55 (16) . Js 56-66 (4 / 7 en 4 / 16) : (1) Js 56,1 . (2) Js 65,8 . (3) Js 65,13 . (4) Js 66,1 .
kî koh ´âmar (want zo zegt / zei hij) . Tenach (61) . Js (14) : (1) Js 8,11 . (2) Js 18,4 . (3) Js 21,6 . (4) Js 21,16 . (5) Js 30,15 . (6) Js 31,4 . (7) Js 36,16. (8) Js 45,18 . (9) Js 49,25 . (10) Js 52,3 . (11) Js 52,4 . (12) Js 56,4 . (13) Js 57,15 . (14) Js 66,12 .

Js 56,1.3. JHWH . Eigennaam van God . Taalgebruik in Tenach : JHWH . Taalgebruik in Jesaja : JHWH . Getalwaarde : jod = 10 , he = 5 , waw = 6 . Totaal : 10 + 5 + 6 + 5 = 26 . Structuur : 1 - 5 - 6 - 5 . Tenach (5193) . Pentateuch (1326) . Js (366 = 2 X 3 X 61) . Js 1-39 (200) . Js 40-55 (100) . Js 56-66 (66) . Js 56 (5) : (1) Js 56,1 . (2) Js 56,3 . (3) Js 56,4 . (4) Js 56,6 . (5) Js 56,8 . Js 57 (1) : Js 57,19 . Js 58 (4) : (1) Js 58,8 . (2) Js 58,11 . (3) Js 58,13 . (4) Js 58,14 . Js 59 (5) : (1) Js 59,1 . (2) Js 59,15 . (3) Js 59,19 . (4) Js 59,20 . (5) Js 59,21 . Js 60 : (1) Js 60,1 . (2) Js 60,2 . (3) Js 60,6 . (4) Js 60,9 . (5) Js 60,14 . (6) Js 60,16 . (7) Js 60,19 . (8) Js 60,20 . (9) Js 60,22 . Js 61 (6) : (1) Js 61,1 . (2) Js 61,3 . (3) Js 61,6 . (4) Js 61,8 . (5) Js 61,9 . (6) Js 61,11 . Js 62 (8) : (1) Js 62,2 . (2) Js 62,3 . (3) Js 62,4 . (4) Js 62,6 . (5) Js 62,8 . (6) Js 62,9 . (7) Js 62,11 . (8) Js 62,12 . Js 63 (4) : (1) Js 63,7 . (2) Js 63,14 . (3) Js 63,16 . (4) Js 63,17 . Js 64 (3) : (1) Js 64,7 . (2) Js 64,8 . (3) Js 64,11 . Js 65 (7) : (1) Js 65,7 . (2) Js 65,8 . (3) Js 65,11 . (4) Js 65,13 . (5) Js 65,15 . (6) Js 65,23 . (7) Js 65,25 . Js 66 (14) : (1) Js 66,1 . (2) Js 66,2 . (3) Js 66,5 . (4) Js 66,6 . (5) Js 66,9 . (6) Js 66,12 . (7) Js 66,14 . (8) Js 66,15 . (9) Js 66,16 . (10) Js 66,17 . (11) Js 66,20 . (12) Js 66,21 . (13) Js 66,22 . (14) Js 66,23 .

Js 56,1.2. - 3. ´âmar JHWH (JHWH zegt / zei) . Tenach (376) . Js (39 / 81 en 39 / 366) . Js 1-39 (10) . Js 40-55 (17) . Js 56-66 (12) . Js 65-66 (8 / 10 en 8 / 21) : (1) Js 65,7 . (2) Js 65,8 . (3) Js 65,25 . (4) Js 66,1 . (5) Js 66,12 . (6) Js 66,20 . (7) Js 66,21 . (8) Js 66,23 .

Js 56,1.1. - 3. koh ´âmar JHWH (zo zegt / zei JHWH) . Tenach (247) . Js (22 / 44 en 22 / 366) . Js 1-39 (6) . Js 40-55 (13) . Js 56-66 (3) . Js 40-66 (16) : (1) Js 43,1 . (2) Js 43,14 . (3) Js 43,16 . (4) Js 44,2 . (5) Js 44,6 . (6) Js 44,24 . (7) Js 45,1 . (8) Js 45,11 . (9) Js 45,14 . (10) Js 48,17 . (11) Js 49,7 . (12) Js 49,8 . (13) Js 50,1 . (14) Js 56,1 . (15) Js 65,8 . (16) Js 66,1 .
- kî koh ´âmar JHWH (want zo spreekt JHWH) . Tenach (46) . Js (8 / 14 en 8 / 366) : (1) Js 8,11 . (2) Js 18,4 . (3) Js 31,4 . (4) Js 45,18 . (5) Js 49,25 . (6) Js 52,3 . (7) Js 56,4 . (8) Js 66,12 .

Js 56,1.4. sj-m-r-u . Vormen : (1) act. qal perf. 3de pers. mann. mv. sjâmërû / sjâmârû (zij behouden) . (2) act. qal imperat. 2de pers. mann. mv. sjimërû (behoudt) van het werkw. sjâmar (behouden, bewaren) . Taalgebruik in Tenach : sjâmar (behouden, bewaren) . Getalwaarde van sjâmar (behouden, bewaren) : sjin = 21 of 300 , mem = 13 of 40 , resj = 20 of 200 ; totaal : 54 ( 2 X 3³) of 540 (2² X 3³ X 5) . Structuur : 3 - 4 - 2 . Tenach (22) . Js (1) : Js 56,1 . Een vorm van het woord sj-m-r wordt in de LXX in 31 Griekse woorden vertaald . Een vorm van het werkw. sjâmar (behouden, bewaren) in Js in 9 verzen : (1) Js 7,4 . (2) Js 21,11 . (3) Js 21,12 . (4) Js 26,2 . (5) Js 42,20 . (6) Js 56,1 . (7) Js 56,2 . (8) Js 56,4 . (9) Js 56,6 .

Js 56,1.5. misjëpât (rechtzaak, vonnis, oordeel) . Taalgebruik in Tenach : misjëpât (rechtzaak, vonnis, oordeel) . Taalgebruik in Jesaja : misjëpât (rechtzaak, vonnis, oordeel) . Getalwaarde : mem = 13 of 40 , sjin = 21 of 300 , pe = 17 of 80 , tet = 9 ; totaal : 60 (2² X 3 X 5) OF 429 (3 X 11 X 13) . Structuur : 4 - 3 - 8 - 9 . Tenach (132) . Pentateuch (18) . 12 kl. Prof (10) . Js (21) : (1) Js 1,17 . (2) Js 1,21 . (3) Js 4,4 . (4) Js 10,2 . (5) Js 16,5 . (6) Js 28,6 . (7) Js 28,17 . (8) Js 30,18 . (9) Js 32,7 . (10) Js 32,16 . (11) Js 33,5 . (12) Js 40,14 . (13) Js 42,1 . (14) Js 42,3 . (15) Js 42,4 . (16) Js 56,1 . (17) Js 59,8 . (18) Js 59,9 . (19) Js 59,14 . (20) Js 59,15 . (21) Js 61,8 . Een vorm van misjëpât (rechtzaak, vonnis, oordeel) in Jesaja in 40 (42X) verzen. Js 1-39 (21) . Js 40-55 (11) .
Js 56-66 (8) : (1) Js 56,1 . (2) Js 58,2 . (3) Js 59,8 . (4) Js 59,9 . (5) Js 59,11 . (6) Js 59,14 . (7) Js 59,15 . (8) Js 61,8 .

Js 56,1.4. - 5. een vorm van sjâmar (behouden, bewaren) met een vorm van misjëpât (rechtzaak, vonnis, oordeel) : Js 56,1 : sjimërû misjëpât (behoudt recht) . Hos 12,7 : ûmisjëpât sjëmor (en recht behoudende) . Ps 106,3 : ´asjëre(j) sjomëre(j) misjëpât (gelukkig recht behoudenden) .

Js 56,1.6. wë + act. qal perf. 3de pers. mann. mv. wë`âshû (en zij doen) of (2) act. qal imperat. 2de pers. mann. mv. wë`äshû (en doet) van het werkw. Taalgebruik in Tenach : `âshâh (maken) . Getalwaarde : ajin = 16 of 70 , shin = 21 of 300 , he = 5 ; totaal : 42 OF 375 . Tenach (1) : Js 56,1 .

Js 56,1.7. tsëdâqâh (rechtvaardigheid) . Taalgebruik in Tenach : tsëdâqâh (rechtvaardigheid) . Taalgebruik in Jesaja : tsëdâqâh (rechtvaardigheid) . Getalwaarde : tsade = 18 of 90 , daleth = 4 , qoph = 19 of 100 , he = 5 ; totaal : 46 (2 X 23) OF 199 . Structuur : 9 - 4 - 1 - 5 . Gr. dikaiosunè (rechtvaardigheid) . Zie : Taalgebruik in de Septuaginta : dikaios (rechtvaardig) . Taalgebruik in het N.T. : dikaios (rechtvaardig) . Lat. justitia . Fr. la justice . E. righteousness . D. Gerechtigkeit . Een vorm van dikaiosunè (rechtvaardigheid) in de LXX (351) , in het N.T. (91) . Tenach (32) . Js (10) : (1) Js 10,22 . (2) Js 45,23 . (3) Js 56,1 . (4) Js 58,2 . (5) Js 59,9 . (6) Js 59,17 . (7) Js 60,17 . (8) Js 61,10 . (9) Js 61,11 . (10) Js 62,1 .

Js 56,1.8. kî (want, omdat) . Taalgebruik in Tenach : kî (want, omdat) . Taalgebruik in Jesaja : kî (want, omdat) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , jod = 10 ; totaal : 21 (3 X 7) of 30 (2 X 3 X 5) . Structuur : 2 - 1 . Tenach (3849) . Pentateuch (884) . Js (289) . Js 1-39 (167) . Js 40-55 (51) . Js 56-66 (71) . Js 56 (3) : (1) Js 56,1 . (2) Js 56,4 . (3) Js 56,7 .

Js 56,1.9. qërôbhâh , vr. enk. van qârôbh (nabij, dichtbij) . Bijvoegl. naamw. Zie : qârab (naderen, nabij zijn) . Taalgebruik in Tenach : qârab (naderen, nabij zijn) . Getalwaarde : qoph = 19 of 100 , resj = 20 of 200 , beth = 2 ; totaal : 41 OF 302 . Structuur : 1 - 2 - 2 . Tenach (4) : (1) 1 K 8,46 . (2) Js 56,1 . (3) Ps 22,12 . (4) 2 Kr 6,36 .

Js 56,1.10. jësjû`âthî (mijn redding) < zelfst. naamw. + suffix persoonl. voornaamw. 1ste pers. enk. . Zie : jesj`a / jèsj`a (hulp, heil, redding) . Taalgebruik in Tenach : jesj`a / jèsj`a (hulp, heil, redding) . Getalwaarde : jod = 10 , sjin = 21 of 300 , ajin = 16 of 70 ; totaal : 47 OF 380 (2² X 5 X 19) . Structuur : 1 - 3 - 7 . Tenach (7) : (1) Js 12,2 . (2) Js 49,6 . (3) Js 56,1 . (4) Ps 62,2 . (5) Ps 88,2 . (6) Ps 89,27 . (7) Ps 140,8 .

Js 56,1.11. lâbhô´ (om te komen) < prefix voorzetsel lë + werkwoordvorm act. qal inf. van het werkw. bâ´ (gaan, komen) . Taalgebruik in Tenach : bâ´ (gaan, komen) . Getalwaarde : beth = 2 , aleph = 1 ; totaal : 3 . Structuur : 2 - 1 . Spiegelbeeld van het woord ´ab (vader) . Tenach (79) . Pentateuch (8) . Js (5) : (1) Js 2,21 . (2) Js 13,22 . (3) Js 30,29 . (4) Js 56,1 . (5) Js 59,14 .

Js 56,2 - Js 56,2 : Wie behoort tot de gemeente ? - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Js (Jesaja) -- Js 56 -- Js 56,1-8 -- Js 56,1 - Js 56,2 - Js 56,3 - Js 56,4 - Js 56,5 - Js 56,6 - Js 56,7 - Js 56,8 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
2makarios anèr o poiôn tauta kai anthrôpos o antechomenos autôn kai fulassôn ta sabbata mè bebèloun kai diatèrôn tas cheiras autou mè poiein adikèma 2 beatus vir qui facit hoc et filius hominis qui adprehendit istud custodiens sabbatum ne polluat illud custodiens manus suas ne faciat omne malum    2 Welgelukzalig is de mens, die zulks doet, en des mensen kind, dat daaraan vasthoudt; die den sabbat houdt, zodat gij dien niet ontheiligt, en die zijn hand bewaart van enig kwaad te doen.   [2] Gelukkig de mens die zo handelt, het mensenkind dat daaraan vasthoudt, die de sabbat onderhoudt, hem niet ontheiligt, en zijn hand ervoor behoedt om enig kwaad te doen.’   [2] Gelukkig de mens die zo handelt, het mensenkind dat hieraan vasthoudt; hij neemt de sabbat in acht en ontwijdt hem niet, hij weerhoudt zijn hand van het kwaad.   2 Zalig de sterveling die dit doet, de mensenzoon die daaraan vasthoudt!– die waakt over de sabbat dat hij die niet ontwijdt, waakt over zijn hand voor het doen van welk kwaad dan ook! ••   2. Heureux l'homme qui agit ainsi, le fils d'homme qui s'y tient fermement, qui observe le sabbat sans le profaner et s'abstient de toute action mauvaise.  

King James Bible . [2] Blessed is the man that doeth this, and the son of man that layeth hold on it; that keepeth the sabbath from polluting it, and keepeth his hand from doing any evil.
Luther-Bibel . 2 Wohl dem Menschen, der dies tut, und dem Menschenkind, das daran festhält, das den Sabbat hält und nicht entheiligt und seine Hand hütet, nichts Arges zu tun!

Tekstuitleg van Js 56,2 . Het vers Js 56,2 telt 16 (2² X 2²) woorden en 55 (5 X 11) letters . De getalwaarde van Js 56,2 is 4964 (2² X 17 X 73) .

1. ´äsjëre(j) (gelukkig, zalig) . Taalgebruik in Tenach : ´äsjëre(j) (gelukkig, zalig) . Getalwaarde van ´asjëre(j) (gelukkig, zalig) : aleph = 1 , sjin = 21 of 300 , resj = 20 of 200 , jod = 10 ; totaal : 52 (2 X 26 of 4 X 13) of 511 . De getalwaarde van de schrijfwijze van de eerste letter van het woord en de getalwaarde van het gehele woord is 1 op 2 (26 / 52 of 2 X 13 / 4 X 13) . 52 is eveneens de getalwaarde van `âmîm (volken) ; aijn = 16 of 70 , mem = 13 of 40 , jod = 10 ; totaal 52 of 160 . Gr. makarios (zalig, gelukkig) . Taalgebruik in de Septuaginta : makarios (zalig, gelukkig) . Taalgebruik in het N.T. : makarios (zalig, gelukkig) . Lat. beatus . Fr. (bien)heureux . E. blessed . D. wohl .

9. sj-m-r : (1) act. qal perf. 3de pers. mann. enk. sjâmar (hij behoudt) . . (2) act. qal imperat. 2de pers. mann. enk. sjëmor (behoud) . (3) act. qal infin. sjâmor (te behouden) . (4) act. qal part. nom. mann. enk. sjomer (behoudende) . sjâmar (behouden, bewaren) . Taalgebruik in Tenach : sjâmar (behouden, bewaren) . Getalwaarde van sjâmar (behouden, bewaren) : sjin = 21 of 300 , mem = 13 of 40 , resj = 20 of 200 ; totaal : 54 ( 2 X 3³) of 540 (2² X 3³ X 5) . Structuur : 3 - 4 - 2 .Een vorm van het woord sj-m-r wordt in de LXX in 31 Griekse woorden vertaald . Tenach (63) . Pentateuch (7) . Jesaja (sjomer = behoudende) (5) (1) Js 21,11 . (2) Js 21,12 . (3) Js 26,2 . (4) Js 56,2 . (5) Js 56,6 . Een vorm van het werkw. sjâmar (behouden, bewaren) in Js in 9 verzen : (1) Js 7,4 . (2) Js 21,11 . (3) Js 21,12 . (4) Js 26,2 . (5) Js 42,20 . (6) Js 56,1 . (7) Js 56,2 . (8) Js 56,4 . (9) Js 56,6 .

10. sj-b-th . Taalgebruik in Tenach : sj-b-th . Getalwaarde : sjin = 21 of 300 , beth = 2 , thaw = 22 of 400 ; totaal : 45 (5 X 19) OF 702 (2 X 3³ X 13) . Tenach 36) . Pentateuch (17) . sjabbâth (sabbat) . Js (3) : (1) Js 56,2 . (2) Js 56,6 . (3) Js 66,23 . Een vorm van sjabbâth (sabbat) in Tenach : (1) Js 1,13 . (2) Js 56,2 . (3) Js 56,4 . (4) Js 56,6 . (5) Js 58,13 . (6) Js 66,23 .

12. w-sj-m-r . sj-m-r : (1) act. qal perf. 3de pers. mann. enk. sjâmar (hij behoudt) . . (2) act. qal imperat. 2de pers. mann. enk. sjëmor (behoud) . (3) act. qal infin. sjâmor (te behouden) . (4) act. qal part. nom. mann. enk. sjomer (behoudende) . sjâmar (behouden, bewaren) . Taalgebruik in Tenach : sjâmar (behouden, bewaren) . Getalwaarde van sjâmar (behouden, bewaren) : sjin = 21 of 300 , mem = 13 of 40 , resj = 20 of 200 ; totaal : 54 ( 2 X 3³) of 540 (2² X 3³ X 5) . Structuur : 3 - 4 - 2 .Een vorm van het woord sj-m-r wordt in de LXX in 31 Griekse woorden vertaald . Tenach (9) . act. qal part. nom. mann. enk. sjomer (behoudende) : Tenach (4) : (1) Js 56,2 . (2) Spr 15,5 . (3) Spr 27,18 . (4) Spr 28,18

.

Js 56,3 - Js 56,3 : Wie behoort tot de gemeente ? - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Js (Jesaja) -- Js 56 -- Js 56,1-8 -- Js 56,1 - Js 56,2 - Js 56,3 - Js 56,4 - Js 56,5 - Js 56,6 - Js 56,7 - Js 56,8 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
3mè legetô o allogenès o proskeimenos pros kurion aforiei me ara kurios apo tou laou autou kai mè legetô o eunouchos oti egô eimi xulon xèron 3 et non dicat filius advenae qui adheret Domino dicens separatione dividet me Dominus a populo suo et non dicat eunuchus ecce ego lignum aridum     3 En de vreemde, die zich tot den HEERE gevoegd heeft, spreke niet, zeggende: De HEERE heeft mij gans en al van Zijn volk gescheiden; en de gesnedene zegge niet: Ziet, ik ben een dorre boom.  [3] De* vreemdeling die zich bij de heer aansluit hoeft niet te zeggen: ‘De heer houdt mij zeker afgezonderd van zijn volk.’ Ook de castraat mag niet zeggen: ‘Ik ben maar een dorre boom.’   [3] De vreemdeling die zich met de HEER heeft verbonden, laat hij niet zeggen: ‘De HEER zondert mij zeker af van zijn volk.’ En laat de eunuch niet zeggen: ‘Ik ben maar een dorre boom.’   3 ¶ Laat de zoon van de vreemdeling niet zeggen, die zich aansloot bij de ENE niet zeggen: scheiding makend scheidt de ENE mij af van zijn gemeente!, en laat de ontmande niet zeggen: zie, ik ben een dorre boom! ••  3. Que le fils de l'étranger, qui s'est attaché à Yahvé, ne dise pas : « Sûrement Yahvé va m'exclure de son peuple. » Que l'eunuque ne dise pas : « Voici, je suis un arbre sec. » 

King James Bible . [3] Neither let the son of the stranger, that hath joined himself to the LORD, speak, saying, The LORD hath utterly separated me from his people: neither let the eunuch say, Behold, I am a dry tree.
Luther-Bibel . 3 Und der Fremde, der sich dem HERRN zugewandt hat, soll nicht sagen: Der HERR wird mich getrennt halten von seinem Volk. Und der Verschnittene soll nicht sagen: Siehe, ich bin ein dürrer Baum.

Tekstuitleg van Js 56,3 .

7. JHWH . Eigennaam van God . Taalgebruik in Tenach : JHWH . Taalgebruik in Jesaja : JHWH . Getalwaarde : jod = 10 , he = 5 , waw = 6 . Totaal : 10 + 5 + 6 + 5 = 26 . Structuur : 1 - 5 - 6 - 5 . Tenach (5193) . Pentateuch (1326) . Js (366 = 2 X 3 X 61) . Js 56-66 (66) . Js 56 (5) : (1) Js 56,1 . (2) Js 56,3 . (3) Js 56,4 . (4) Js 56,6 . (5) Js 56,8 .

11. JHWH . Eigennaam van God . Taalgebruik in Tenach : JHWH . Taalgebruik in Jesaja : JHWH . Getalwaarde : jod = 10 , he = 5 , waw = 6 . Totaal : 10 + 5 + 6 + 5 = 26 . Structuur : 1 - 5 - 6 - 5 . Tenach (5193) . Pentateuch (1326) . Js (366 = 2 X 3 X 61) . Js 56-66 (66) . Js 56 (5) : (1) Js 56,1 . (2) Js 56,3 . (3) Js 56,4 . (4) Js 56,6 . (5) Js 56,8 .

17. hen (zie) . Taalgebruik in Tenach : hen / hinneh (zie) . Taalgebruik in Jesaja : hen / hinneh (zie) . Getalwaarde hen : he = 5 , nun = 14 of 50 ; totaal : 19 OF 55 (5 X 11) . Structuur : 5 - 5 . OF getalwaarde hinneh : 24 (2³ X 3) of 60 (2² X 3 X 5) . Structuur : 5 - 5 - 5 . hinneh is een spiegelwoord . Gr. idou (zie) . Taalgebruik in het N.T. : idou (zie) . Taalgebruik in LXX : idou (zie) . Lat. ecce . E. behold. D. Siehe . Fr. voici < vois ici . idou (zie) in de LXX (1145) , in het N.T. (200) . Tenach (106) . Pentateuch (27) . Grote Prof. (27) . 12 kleine Prof. (1) . Js (25) : (1) Js 23,13 . (2) Js 32,1 . (3) Js 33,7 . (4) Js 40,15 . (5) Js 41,11 . (6) Js 41,24 . (7) Js 41,29 . (8) Js 42,1 . (9) Js 44,11 . (10) Js 49,16 . (11) Js 49,21 . (12) Js 50,1 . (13) Js 50,2 . (14) Js 50,9 . (15) Js 50,11 . (16) Js 54,15 . (17) Js 54,16 . (18) Js 55,4 . (19) Js 55,5 . (20) Js 56,3 . (21) Js 58,3 . (22) Js 58,4 . (23) Js 59,1 . (24) Js 64,4 . (25) Js 64,8 .

Js 56,4 - Js 56,4 : Wie behoort tot de gemeente ? - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Js (Jesaja) -- Js 56 -- Js 56,1-8 -- Js 56,1 - Js 56,2 - Js 56,3 - Js 56,4 - Js 56,5 - Js 56,6 - Js 56,7 - Js 56,8 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
4tade legei kurios tois eunouchois osoi an fulaxôntai ta sabbata mou kai eklexôntai a egô thelô kai antechôntai tès diathèkès mou 4 quia haec dicit Dominus eunuchis qui custodierint sabbata mea et elegerint quae volui et tenuerint foedus meum    4 Want alzo zegt de HEERE van de gesnedenen, die Mijn sabbatten houden, en verkiezen hetgeen, waartoe Ik lust heb, en vasthouden aan Mijn verbond;  [4] ‘Want’, zo spreekt de heer, ‘aan de castraten die mijn sabbat onderhouden, en verkiezen wat Mij aangenaam is en vasthouden aan mijn verbond,   [4] Want dit zegt de HEER: De eunuch die mijn sabbat in acht neemt, die keuzes maakt naar mijn wil, die vasthoudt aan mijn verbond,   4 Want zo heeft gezegd de ENE: aan de ontmanden die mijn sabbatten zullen bewaren die gekozen hebben voor wat mij behaagt,– en vasthouden aan mijn verbond,  4. Car ainsi parle Yahvé aux eunuques qui observent mes sabbats et choisissent de faire ce qui m'est agréable, fermement attachés à mon alliance : 

King James Bible . [4] For thus saith the LORD unto the eunuchs that keep my sabbaths, and choose the things that please me, and take hold of my covenant;
Luther-Bibel . 4 Denn so spricht der HERR: Den Verschnittenen, die meine Sabbate halten und erwählen, was mir wohlgefällt, und an meinem Bund festhalten,

Tekstuitleg van Js 56,4 .

1. kî (want, omdat) . Taalgebruik in Tenach : kî (want, omdat) . Taalgebruik in Jesaja : kî (want, omdat) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , jod = 10 ; totaal : 21 (3 X 7) of 30 (2 X 3 X 5) . Structuur : 2 - 1 . Tenach (3849) . Pentateuch (884) . Js (289) . Js 56-66 (51) . Js 56 (3) : (1) Js 56,1 . (2) Js 56,4 . (3) Js 56,7 .

2. koh (zo) . Taalgebruik in Tenach : koh (zo) . Taalgebruik in Jesaja : koh (zo) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , he = 5 ; totaal : 16 (2² X 2²) OF 25 (5²) . Structuur : 2 - 5 . Gr. houtôs (zo) . Taalgebruik in de LXX : houtos (zo) . Taalgebruik in het N.T. : houtos (zo) . Lat. sic . Ned. zo . D. so . E. thus . Fr. ainsi < ains - si . ains (ante) -> antius sic . houtôs (zo) in de LXX (852) , in het N.T. (208) . Tenach (531) . Pentateuch (34) . Js (51) . Js 56-66 (7) : Js 56 (2) : (1) Js 56,1 . (2) Js 56,4 . Js 57 (1) : Js 57,15 . Js 65-66 (4) : (1) Js 65,8 . (2) Js 65,13 . (3) Js 66,1 . (4) Js 66,12 .

3. ´âmar (zeggen) . Taalgebruik in Tenach : ´âmar (zeggen) . Taalgebruik in Jesaja : ´âmar (zeggen) . Getalwaarde van ´âmar (zeggen) : aleph = 1 , mem = 13 of 40 , resj = 20 of 200 ; totaal : 34 (2 X 17) of 241 (priemgetal) . Structuur : 1 - 4 - 2 . Gr. legô (zeggen) . Taalgebruik in de Septuaginta. : legô (zeggen) . Taalgebruik in N.T. : legô (zeggen) . legô komt van de wortel leg- : lezen / lec-tuur ; les . Lat. legere . Fr. leçon . E. to say . Fr. dire . D. sprechen (spreken) . Tenach (790) . Pentateuch (84) . Js (81) . Js 56-66 (16) . Js 56 (2) : (1) Js 56,1 . (2) Js 56,4 . Js 57 (3) : (1) Js 57,15 . (2) Js 57,19 . (3) Js 57,21 . Js 59 (1) : Js 59,21 . Js 65-66 (10) : (1) Js 65,7 . (2) Js 65,8 . (3) Js 65,13 . (4) Js 65,25 . (5) Js 66,1 . (6) Js 66,9 . (7) Js 66,12 . (8) Js 66,20 . (9) Js 66,21 . (10) Js 66,23 .

2. - 3. koh ´âmar (zo zegt hij) . Tenach (401) . Js (44 . 4 / 7 . 4 / 16) . Js 1-39 (14) . Js 40-55 (16) . Js 56-66 (4) : (1) Js 56,1 . (2) Js 65,8 . (3) Js 65,13 . (4) Js 66,1 . kî koh ´âmar (want zo zegt / zei hij) . Tenach (61) . Js (14) : (1) Js 8,11 . (2) Js 18,4 . (3) Js 21,6 . (4) Js 21,16 . (5) Js 30,15 . (6) Js 31,4 . (7) Js 36,16. (8) Js 45,18 . (9) Js 49,25 . (10) Js 52,3 . (11) Js 52,4 . (12) Js 56,4 . (13) Js 57,15 . (14) Js 66,12 . Alzo : 7 / 7 en 7 / 16 .

4. JHWH . Eigennaam van God . Taalgebruik in Tenach : JHWH . Taalgebruik in Jesaja : JHWH . Getalwaarde : jod = 10 , he = 5 , waw = 6 . Totaal : 10 + 5 + 6 + 5 = 26 . Structuur : 1 - 5 - 6 - 5 . Tenach (5193) . Pentateuch (1326) . Js (366 = 2 X 3 X 61) . Js 56-66 (66) . Js 56 (5) : (1) Js 56,1 . (2) Js 56,3 . (3) Js 56,4 . (4) Js 56,6 . (5) Js 56,8 .

Js 56,5 - Js 56,5 : Wie behoort tot de gemeente ? - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Js (Jesaja) -- Js 56 -- Js 56,1-8 -- Js 56,1 - Js 56,2 - Js 56,3 - Js 56,4 - Js 56,5 - Js 56,6 - Js 56,7 - Js 56,8 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
5dôsô autois en tô oikô mou kai en tô teichei mou topon onomaston kreittô uiôn kai thugaterôn onoma aiônion dôsô autois kai ouk ekleipsei 5 dabo eis in domo mea et in muris meis locum et nomen melius a filiis et filiabus nomen sempiternum dabo eis quod non peribit    5 Ik zal hen ook in Mijn huis en binnen Mijn muren een plaats en een naam geven, beter dan der zonen en dan der dochteren; een eeuwigen naam zal Ik een ieder van hen geven, die niet uitgeroeid zal worden.   [5] aan hen geef Ik in mijn huis en binnen mijn muren een gedenksteen en een naam, die zonen en dochters te boven gaan; Ik geef hun een eeuwige naam, een die nooit wordt uitgewist.   [5] hem geef ik iets beters dan zonen en dochters: een gedenkteken en een naam in mijn tempel en binnen de muren van mijn stad. Ik geef hem een eeuwige naam, een naam die onvergankelijk is.   5 aan hen zal ik geven in mijn huis, binnen mijn muren, een hand en een naam, als groter goed dan zonen en dochters; een eeuwige naam geef ik hem, die niet zal worden weggemaaid. ••  5. Je leur donnerai dans ma maison et dans mes remparts un monument et un nom meilleurs que des fils et des filles; je leur donnerai un nom éternel qui jamais ne sera effacé.  

King James Bible . [5] Even unto them will I give in mine house and within my walls a place and a name better than of sons and of daughters: I will give them an everlasting name, that shall not be cut off.
Luther-Bibel . 5 denen will ich in meinem Hause und in meinen Mauern ein Denkmal und einen Namen geben; das ist besser als Söhne und Töchter. Einen ewigen Namen will ich ihnen geben, der nicht vergehen soll.

Tekstuitleg van Js 56,5 .

Js 56,6 - Js 56,6 : Wie behoort tot de gemeente ? - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Js (Jesaja) -- Js 56 -- Js 56,1-8 -- Js 56,1 - Js 56,2 - Js 56,3 - Js 56,4 - Js 56,5 - Js 56,6 - Js 56,7 - Js 56,8 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
6kai tois allogenesi tois proskeimenois kuriô douleuein autô kai agapan to onoma kuriou tou einai autô eis doulous kai doulas kai pantas tous fulassomenous ta sabbata mou mè bebèloun kai antechomenous tès diathèkès mou 6 et filios advenae qui adherent Domino ut colant eum et diligant nomen eius ut sint ei in servos omnem custodientem sabbatum ne polluat illud et tenentem foedus meum     6 En de vreemden, die zich tot den HEERE voegen, om Hem te dienen, en om den Naam des HEEREN lief te hebben, om Hem tot knechten te zijn; al wie den sabbat houdt, dat hij dien niet ontheilige, en die aan Mijn verbond vasthouden;  [6] De vreemdelingen die zich bij de heer hebben aangesloten, om Hem te dienen en de naam van de heer te beminnen, om zijn dienstknechten te zijn, evenals al degenen die de sabbat onderhouden, hem niet ontheiligen en vasthouden aan mijn verbond:   [6] En de vreemdeling die zich met de HEER heeft verbonden om hem te dienen en zijn naam lief te hebben, om dienaar van de HEER te zijn – ieder die de sabbat in acht neemt en niet ontwijdt, ieder die vasthoudt aan mijn verbond –,  6 En de zonen van de vreemdeling die zich hebben aangesloten bij de ENE om in zijn eredienst te staan, de naam van de ENE lief te hebben en hem tot dienaars te zijn,– al wie over de sabbat waakt dat hij hem niet ontwijdt, wie vasthouden aan mijn verbond,  6. Quant aux fils d'étrangers, attachés à Yahvé pour le servir, pour aimer le nom de Yahvé, devenir ses serviteurs, tous ceux qui observent le sabbat sans le profaner, fermement attachés à mon alliance,  

King James Bible . [6] Also the sons of the stranger, that join themselves to the LORD, to serve him, and to love the name of the LORD, to be his servants, every one that keepeth the sabbath from polluting it, and taketh hold of my covenant;
Luther-Bibel . 6 Und die Fremden, die sich dem HERRN zugewandt haben, ihm zu dienen und seinen Namen zu lieben, damit sie seine Knechte seien, alle, die den Sabbat halten, dass sie ihn nicht entheiligen, und die an meinem Bund festhalten,
- 20ste (twintigste) zondag door het a-jaar . De vreemdelingen, die zich bij de Heer aansluiten om Hem te dienen, die zijn naam met liefde vereren en zijn dienaren willen zijn, allen die de Sabbat onderhouden en hem niet onteren, die trouw blijven aan mijn verbond,

Tekstuitleg van Js 56,6 .

5. JHWH . Eigennaam van God . Taalgebruik in Tenach : JHWH . Taalgebruik in Jesaja : JHWH . Getalwaarde : jod = 10 , he = 5 , waw = 6 . Totaal : 10 + 5 + 6 + 5 = 26 . Structuur : 1 - 5 - 6 - 5 . Tenach (5193) . Pentateuch (1326) . Js (366 = 2 X 3 X 61) . Js 56-66 (66) . Js 56 (5) : (1) Js 56,1 . (2) Js 56,3 . (3) Js 56,4 . (4) Js 56,6 . (5) Js 56,8 .

10. JHWH . Eigennaam van God . Taalgebruik in Tenach : JHWH . Taalgebruik in Jesaja : JHWH . Getalwaarde : jod = 10 , he = 5 , waw = 6 . Totaal : 10 + 5 + 6 + 5 = 26 . Structuur : 1 - 5 - 6 - 5 . Tenach (5193) . Pentateuch (1326) . Js (366 = 2 X 3 X 61) . Js 56-66 (66) . Js 56 (5) : (1) Js 56,1 . (2) Js 56,3 . (3) Js 56,4 . (4) Js 56,6 . (5) Js 56,8 .

15. sj-m-r : (1) act. qal perf. 3de pers. mann. enk. sjâmar (hij behoudt) . . (2) act. qal imperat. 2de pers. mann. enk. sjëmor (behoud) . (3) act. qal infin. sjâmor (te behouden) . (4) act. qal part. nom. mann. enk. sjomer (behoudende) . sjâmar (behouden, bewaren) . Taalgebruik in Tenach : sjâmar (behouden, bewaren) . Getalwaarde van sjâmar (behouden, bewaren) : sjin = 21 of 300 , mem = 13 of 40 , resj = 20 of 200 ; totaal : 54 ( 2 X 3³) of 540 (2² X 3³ X 5) . Structuur : 3 - 4 - 2 .Een vorm van het woord sj-m-r wordt in de LXX in 31 Griekse woorden vertaald . Tenach (63) . Pentateuch (7) . Jesaja (sjomer = behoudende) (5) (1) Js 21,11 . (2) Js 21,12 . (3) Js 26,2 . (4) Js 56,2 . (5) Js 56,6 . Een vorm van het werkw. sjâmar (behouden, bewaren) in Js in 9 verzen : (1) Js 7,4 . (2) Js 21,11 . (3) Js 21,12 . (4) Js 26,2 . (5) Js 42,20 . (6) Js 56,1 . (7) Js 56,2 . (8) Js 56,4 . (9) Js 56,6 .

16. sj-b-th . Taalgebruik in Tenach : sj-b-th . Getalwaarde : sjin = 21 of 300 , beth = 2 , thaw = 22 of 400 ; totaal : 45 (5 X 19) OF 702 (2 X 3³ X 13) . Tenach 36) . Pentateuch (17) . Js (7) . sjabbâth (sabbat) . Js (3) : (1) Js 56,2 . (2) Js 56,6 . (3) Js 66,23 .

15. - 16. sjomer sjabbât (sabbat onderhoudende) . Tenach (2) : (1) Js 56,2 . (2) Js 56,6 .

Js 56,7 - Js 56,7 : Wie behoort tot de gemeente ? - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Js (Jesaja) -- Js 56 -- Js 56,1-8 -- Js 56,1 - Js 56,2 - Js 56,3 - Js 56,4 - Js 56,5 - Js 56,6 - Js 56,7 - Js 56,8 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
7eisaxô autous eis to oros to agion mou kai eufranô autous en tô oikô tès proseuchès mou ta olokautômata autôn kai ai thusiai autôn esontai dektai epi tou thusiastèriou mou o gar oikos mou oikos proseuchès klèthèsetai pasin tois ethnesin 7 adducam eos in montem sanctum meum et laetificabo eos in domo orationis meae holocausta eorum et victimae eorum placebunt mihi super altari meo quia domus mea domus orationis vocabitur cunctis populis     7 Die zal Ik ook brengen tot Mijn heiligen berg, en Ik zal hen verheugen in Mijn bedehuis; hun brandoffers en hun slachtoffers zullen aangenaam wezen op Mijn altaar; want Mijn huis zal een bedehuis genoemd worden voor alle volken.  [7] hen allen laat Ik naar mijn heilige berg komen, en Ik schenk hun vreugde in mijn huis van gebed. Hun brand- en slachtoffers zijn aangenaam op mijn altaar. Want mijn huis zal heten: Huis van gebed voor alle volken.’  [7] hem breng ik naar mijn heilige berg, hem schenk ik vreugde in mijn huis van gebed; zijn offers zijn welkom op mijn altaar. Mijn tempel zal heten ‘Huis van gebed voor alle volken’.   7 doen komen zal ik hen naar de berg van mijn heiligdom en verheugen zal ik hen in mijn huis van gebed; hun opgangsgaven en hun offers zullen welgevallig zijn op mijn offersteen,– ja, mijn huis zal huis van gebed heten voor alle gemeenschappen!–  7. je les mènerai à ma sainte montagne, je les comblerai de joie dans ma maison de prière. Leurs holocaustes et leurs sacrifices seront agréés sur mon autel, car ma maison sera appelée maison de prière pour tous les peuples. 

King James Bible . Even them will I bring to my holy mountain, and make them joyful in my house of prayer: their burnt offerings and their sacrifices shall be accepted upon mine altar; for mine house shall be called an house of prayer for all people.
Luther-Bibel . 7 die will ich zu meinem heiligen Berge bringen und will sie erfreuen in meinem Bethaus, und ihre Brandopfer und Schlachtopfer sollen mir wohlgefällig sein auf meinem Altar; denn mein Haus wird ein Bethaus heißen für alle Völker.
- 20ste (twintigste) zondag door het a-jaar . hen breng Ik naar mijn heilige berg en Ik geef hun vreugde in mijn huis van gebed. Hun brand- en slachtoffers zullen Mij aangenaam zijn op mijn altaar, want mijn huis zal worden genoemd een huis van gebed voor alle volken."

Tekstuitleg van Js 56,7 . Dit vers Js 56,7 telt 19 woorden en 84 (2 X 2 X 3 X 7) letters . De getalwaarde van Js 56,7 is 6385 (5 X 1277) .

1. prefix verbindingswoord wë + werkwoordvorm act. hifil 1ste pers. enk. + suffix persoonl. voornaamw. mann. mv. (wëhäbî´ôthîm = en ik doe hen komen) van het werkw. bâ´ (gaan, komen) . Taalgebruik in Tenach : bâ´ (gaan, komen) . Getalwaarde : beth = 2 , aleph = 1 ; totaal : 3 . Structuur : 2 - 1 . Spiegelbeeld van het woord ´ab (vader) . Tenach (1) Js 56,7 .

2. ´l : voorzetsel ´èl (naar, tot) of godsnaam El . De verkorte vorm van de godsnaam ´èlohîm is ´èl OF ontkenning ´al (niet) . Getalwaarde is : aleph = 1 ; lamed = 12 of 30 ; totaal 13 of 31 (spiegelbeeld) . Taalgebruik in Tenach : ´èl . Taalgebruik in Jesaja : ´èl . Tenach (3626) . Pentateuch (1096) . Js (127) . Js 1-39 (80) . Js 40-55 (32) . Js 56-66 (15) : (1) Js 56,3 . (2) Js 56,7 . (3) Js 58,1 . (4) Js 60,8 . (5) Js 62,6 . (6) Js 62,11 . (7) Js 64,8 . (8) Js 65,1 . (9) Js 65,2 . (10) Js 65,5 . (11) Js 65,8 . (12) Js 66,2 . (13) Js 66,5 . (14) Js 66,17 . (15) Js 66,19 .

3. har (berg) . Taalgebruik in Tenach : har (berg) . Taalgebruik in Jesaja : har (berg) . Getalwaarde : he = 5 , resj = 20 of 300 ; totaal : 25 (5²) of 305 (5 X 61) . Structuur : 5 - 3 . Gr. oros (berg) . Taalgebruik in de Septuaginta : oros (berg) . Taalgebruik in N.T. : oros (berg) . Lat. mons , -tis . Fr. montagne . E. mount . Ned. berg, gebergte . D. Gebirge . Een vorm van oros (berg) in de LXX (680) , in het N.T. (62) . Tenach (114) . Js (19) : (1) Js 2,2 . (2) Js 2,3 . (3) Js 4,5 . (4) Js 10,32 . (5) Js 11,9 . (6) Js 13,2 . (7) Js 16,1 . (8) Js 18,7 . (9) Js 29,8 . (10) Js 30,25 . (11) Js 31,4 . (12) Js 40,4 . (13) Js 40,9 . (14) Js 56,7 . (15) Js 57,7 . (16) Js 57,13 . (17) Js 65,11 . (18) Js 65,25 . (19) Js 66,20 .
-- hèhârîm (de bergen) < bepaald lidw. ha + mann. mv. van het zelfst. naamw. Tenach (52) . Js (8) : (1) Js 2,2 . (2) Js 2,14 . (3) Js 5,25 . (4) Js 7,25 . (5) Js 52,7 . (6) Js 54,10 . (7) Js 55,12 . (8) Js 65,7 .

2. - 3. ´èl har (naar de berg van) . Verwijzing : horos (berg) , zie Mt 4,8 . In twintig verzen in de bijbel : (1) Ex 3,1 . (2) Ex 19,23 . (3) Ex 24,13 . (4) Ex 34,2 . (5) Ex 34,4 . (6) Nu 27,12 . (7) Dt 32,49 . (8) Dt 34,1 . (9) Joz 15,10 . (10) 1 K 18,19 . (11) 1 K 18,20 . (12) 2 K 2,25 . (13) 2 K 4,25 . (14) Ps 43,3 . (15) Hl 4,6 . (16) Js 2,3 . (17) Js 16,1 . (18) Js 56,7 . (19) Ez 40,2 . (20) Mi 4,2 .

2. - 4. ´èl har JHWH komt slechts tweemaal in de bijbel voor : (1) Js 2,3 . (2) Mi 4,2 .
- bëhar JHWH (op de berg van JHWH) . Tenach (2) : (1) Ps 24,3 . (2) Js 30,29 . Zie ook Gn 22,14 (op een berg zal JHWH voorzien) .
- har tsijjôn (Sionsberg) . Tenach (9) : (1) Ps 48,3 . (2) Ps 48,12 . (3) Ps 74,2 . (4) Ps 78,68 . (5) Js 4,5 . (6) Js 18,7 . (7) Js 29,8 . (8) Js 31,4 . (9) Kl 5,18 .
- bëhar tsijjôn (op de Sionsberg) . Tenach (6) : (1) Js 8,18 . (2) Js 10,12 . (3) Js 24,23 . (4) Jl 3,5 . (5) Ob 21 . (6) Mi 4,7 .
- ´èl har qâdësjî (naar de berg van mijn heiligheid , naar mijn heilige berg) . Tenach (1) : Js 56,7 .
- ´èl har bath tsijjôn (naar de berg van de dochter van Sion) . Tenach (1) Js 16,1 .
- har be(j)th tsijjôn (de berg van het huis van Sion) , slechts in Js 10,32 .

Zie ook : `al har qâdësjî (op de berg van mijn heiligheid / op mijn heilige berg) . Tenach (2) : (1) Js 66,20 . (2) Ob 16 .

13. kî (want, omdat) . Taalgebruik in Tenach : kî (want, omdat) . Taalgebruik in Jesaja : kî (want, omdat) . Getalwaarde : kaph = 11 of 20 , jod = 10 ; totaal : 21 (3 X 7) of 30 (2 X 3 X 5) . Structuur : 2 - 1 . Tenach (3849) . Pentateuch (884) . Js (289) . Js 56-66 (51) . Js 56 (3) : (1) Js 56,1 . (2) Js 56,4 . (3) Js 56,7 .

Js 56,8 - Js 56,8 : Wie behoort tot de gemeente ? - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Js (Jesaja) -- Js 56 -- Js 56,1-8 -- Js 56,1 - Js 56,2 - Js 56,3 - Js 56,4 - Js 56,5 - Js 56,6 - Js 56,7 - Js 56,8 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
8eipen kurios o sunagôn tous diesparmenous israèl oti sunaxô ep' auton sunagôgèn 8 ait Dominus Deus qui congregat dispersos Israhel adhuc congregabo ad eum congregatos eius    8 De Heere HEERE, Die de verdrevenen van Israël vergadert, spreekt: Ik zal tot hem nog meer vergaderen, nevens hen, die tot hem vergaderd zijn.  [8] Zo luidt de godsspraak van de Heer god, die het verspreide Israël verzamelt: ‘Anderen zal Ik verzamelen en toevoegen aan hen die reeds verzameld zijn.’   [8] Zo spreekt God, de HEER, die bijeenbrengt wie uit Israël verdreven waren: Ik breng er nog meer bijeen dan al bijeengebracht zijn.   8 is de tijding van mijn Heer, de ENE,– die Israëls verdrevenen bijeenbrengt: bij wie al zijn bijeengebracht zal ik nog meer bijeenbrengen!–   8. Oracle du Seigneur Yahvé qui rassemble les déportés d'Israël : J'en rassemblerai encore d'autres avec ceux qui sont déjà rassemblés.  

King James Bible . [8] The Lord GOD which gathereth the outcasts of Israel saith, Yet will I gather others to him, beside those that are gathered unto him.
Luther-Bibel . 8 Gott der HERR, der die Versprengten Israels sammelt, spricht: Ich will noch mehr zu der Zahl derer, die versammelt sind, sammeln.

Tekstuitleg van Js 56,8 . Het vers Js 56,8 telt 10 woorden en 42 (2 X 3 X 7) letters . De getalwaarde van Js 56,8 is 1704 (2³ X 3 X 71) .

Js 56,8.1. në´um (godsspraak) . Taalgebruik in Tenach : në´um (godsspraak) . Getalwaarde : nun = 14 of 50 , aleph = 1 ; mem = 13 of 40 ; totaal : 28 (4 X 7) OF 91 (7 X 13) . Tenach (357) . Pentateuch (6) . Js (23) . Js 1-39 (11) . Js 40-55 (7) . Js 56-66 (5) : (1) Js 56,8 . (2) Js 59,20 . (3) Js 66,2 . (4) Js 66,17 . (5) Js 66,22 .

Js 56,8.2. ´ädonâj / ´ädonaj (mijn heer / mijne heren) . Taalgebruik in Tenach : ´ädonâj / ´ädonaj (mijn heer / mijne heren) . Getalwaarde : aleph = 1 , daleth = 4 , nun = 14 of 50 , jod = 10 ; totaal : 29 OF 65 (5 X 13 of (2 X 26) + 13 . Structuur : 1 - 4 - 5 - 1 . Tenach (568) . Pentateuch (67) . Js (47) . JHWH wordt als ´ädonâj uitgesproken . Gr. kurios (heer) . Taalgebruik in het N.T. : kurios (heer) . Taalgebruik in de Septuaginta : kurios (heer) . Lat. dominus . Fr. seigneur . D. Herr . E. Lord . Een vorm van kurios (heer) in de Septuaginta (8591) , in het N.T. (718) . Tenach (568) . Pentateuch (67) . Js (47) . Js 1-39 (35) . Js 40-55 (7) . Js 56-66 (5) : (1) Js 56,8 . (2) Js 61,1 . (3) Js 61,11 . (4) Js 65,13 . (5) Js 65,15 .

Js 56,8.3. JHWH . Eigennaam van God . Taalgebruik in Tenach : JHWH . Taalgebruik in Jesaja : JHWH . Getalwaarde : jod = 10 , he = 5 , waw = 6 . Totaal : 10 + 5 + 6 + 5 = 26 . Structuur : 1 - 5 - 6 - 5 . Tenach (5193) . Pentateuch (1326) . Js (366 = 2 X 3 X 61) . Js 56-66 (66 = 2 X 3 X 11) . Js 56 (5) : (1) Js 56,1 . (2) Js 56,3 . (3) Js 56,4 . (4) Js 56,6 . (5) Js 56,8 . Js 57 (1) : Js 57,19 . Js 58 (4) : (1) Js 58,8 . (2) Js 58,11 . (3) Js 58,13 . (4) Js 58,14 . Js 59 (5) : (1) Js 59,1 . (2) Js 59,15 . (3) Js 59,19 . (4) Js 59,20 . (5) Js 59,21 . Js 60 : (1) Js 60,1 . (2) Js 60,2 . (3) Js 60,6 . (4) Js 60,9 . (5) Js 60,14 . (6) Js 60,16 . (7) Js 60,19 . (8) Js 60,20 . (9) Js 60,22 . Js 61 (6) : (1) Js 61,1 . (2) Js 61,3 . (3) Js 61,6 . (4) Js 61,8 . (5) Js 61,9 . (6) Js 61,11 . Js 62 (8) : (1) Js 62,2 . (2) Js 62,3 . (3) Js 62,4 . (4) Js 62,6 . (5) Js 62,8 . (6) Js 62,9 . (7) Js 62,11 . (8) Js 62,12 . Js 63 (4) : (1) Js 63,7 . (2) Js 63,14 . (3) Js 63,16 . (4) Js 63,17 . Js 64 (3) : (1) Js 64,7 . (2) Js 64,8 . (3) Js 64,11 . Js 65 (7) : (1) Js 65,7 . (2) Js 65,8 . (3) Js 65,11 . (4) Js 65,13 . (5) Js 65,15 . (6) Js 65,23 . (7) Js 65,25 . Js 66 (14) : (1) Js 66,1 . (2) Js 66,2 . (3) Js 66,5 . (4) Js 66,6 . (5) Js 66,9 . (6) Js 66,12 . (7) Js 66,14 . (8) Js 66,15 . (9) Js 66,16 . (10) Js 66,17 . (11) Js 66,20 . (12) Js 66,21 . (13) Js 66,22 . (14) Js 66,23 . Vocalisatie Jëhwih . Normalerwijze wordt JHWH ´ädonâj uitgesproken . Daar ´ädonâj reeds voorafgaat , gebruikt men de godsnaam ´êlohîm (God) .

Js 56,8.1. - 3. në´um JHWH (godsspraak van JHWH) . Tenach (267) . Js (19) : (1) Js 14,22 . (2) Js 14,23 . (3) Js 17,3 . (4) Js 17,6 . (5) Js 22,25 . (6) Js 30,1 . (7) Js 31,9 . (8) Js 37,34 . (9) Js 41,14 . (10) Js 43,10 . (11) Js 43,12 . (12) Js 49,18 . (13) Js 52,5 (2X) . (14) Js 54,17 . (15) Js 55,8 . (16) Js 59,20 . (17) Js 66,2 . (18) Js 66,17 . (19) Js 66,22 .
- në´um ´ädonâj JHWH (godsspraak van mijn Heer JHWH) . Tenach (92) . Js (2) : (1) Js 3,15 . (2) Js 56,8 .
- në´um hâ´âdôn JHWH (godsspraak van de Heer JHWH) . Tenach (2) : (1) Js 1,24 . (2) Js 19,4 .
Totaal (23) .

Js 56,8.4. act. piël part. mann. enk. mëqabbets (verzamelend) van het werkw. qâbhats (verzamelen) . Taalgebruik in Tenach : qâbhats (verzamelen) . Cfr het woord qibbûts / kibboets . Getalwaarde : qoph = 19 of 100 , beth = 2 , tsade = 18 of 90 ; totaal : 39 (26 + 13) OF 192 . Structuur : 1 - 2 - 9 . Gr. sunagô (samendrijven, verzamelen) . Taalgebruik in N.T. : sunagô (samendrijven, verzamelen) . Taalgebruik in de LXX : sunagô (samendrijven, verzamelen) . Een vorm van sunagô is 127 X vertaling van ´âsaph , 73 X van qâbhats , 8 X van qâhal . Nog 47 andere Hebreeuwse woorden worden met sunagô weergegeven . Een vorm van qâbhats (verzamelen) wordt in 18 verschillende Griekse woorden vertaald . Tenach (5) : (1) Js 13,14 . (2) Js 56,8 . (3) Jr 49,5 . (4) Ez 16,37 . (5) Nah 3,18 .

Js 56,8.5. passief nifal mann. mv. stat. constr. nidëche(j) (verstrooiden) van het werkw. nâdach (verdreven, verleid worden, dwalen) . Taalgebruik in Tenach : nâdach (verdreven, verleid worden, dwalen) . Strooien - stro . Getalwaarde : nun = 14 of 50 , daled = 4 , het = 8 ; totaal : 26 OF 62 (2 X 31) . Structuur : 5 - 4 - 8 . Tenach (5) : (1) Js 11,12 . (2) Js 16,4 . (3) Js 56,8 . (4) Jr 49,36 . (5) Ps 147,2 .

6. jishërâ´el (Israël) . Taalgebruik in Tenach : jishërâ´el (Israël) . Taalgebruik in Jesaja: jishërâ´el (Israël) . Getalwaarde : jod = 10 , shin = 21 of 300 , resj = 20 of 200 , aleph = 1 , lameth = 12 of 30 ; totaal : 64 (2³ X 2³) OF 541 (10de zeshoekige ster) . Structuur : 1 - 3 - 2 - 1 - 3 . Gr. israèl (Israël) . Taalgebruik in de LXX : Israèl (Israël) . Taalgebruik in het N.T. : Israèl (Israël) . Tenach (2044) . Pentateuch (502) . Tenach (2044) . Js (73) . Js 1-39 (38) . Js 40-55 (30) . Js 56-66 (5) : (1) Js 56,8 . (2) Js 60,9 . (3) Js 60,14 . (4) Js 63,7 . (5) Js 66,20 .

Js 56,8.8. act. piël 1ste pers. enk. ´äqabbets (ik verzamel) van het werkw. qâbhats (verzamelen) . Taalgebruik in Tenach : qâbhats (verzamelen) . Getalwaarde : qoph = 19 of 100 , beth = 2 , tsade = 18 of 90 ; totaal : 39 (26 + 13) OF 192 . Structuur : 1 - 2 - 9 . Gr. sunagô (samendrijven, verzamelen) . Taalgebruik in N.T. : sunagô (samendrijven, verzamelen) . Taalgebruik in de LXX : sunagô (samendrijven, verzamelen) . Een vorm van sunagô is 127 X vertaling van ´âsaph , 73 X van qâbhats , 8 X van qâhal . Nog 47 andere Hebreeuwse woorden worden met sunagô weergegeven . Een vorm van qâbhats (verzamelen) wordt in 18 verschillende Griekse woorden vertaald . Tenach (6) : (1) Js 56,8 . (2) Jr 23,3 . (3) Ez 22,20 . (4) Ez 29,13 . (5) Mi 2,12 . (6) Sef 3,19 .

Js 56,8.10. prefix voorzetsel lë + werkwoordvorm passief nifal part. mann. mv. + suffix persoonl. voornaamw. 3de pers. mann. enk. lëniqëbâtsâ(j)w ( bij de hem verzamelden) van het werkw. qâbhats (verzamelen) . Taalgebruik in Tenach : qâbhats (verzamelen) . Getalwaarde : qoph = 19 of 100 , beth = 2 , tsade = 18 of 90 ; totaal : 39 (26 + 13) OF 192 . Structuur : 1 - 2 - 9 . Gr. sunagô (samendrijven, verzamelen) . Taalgebruik in N.T. : sunagô (samendrijven, verzamelen) . Taalgebruik in de LXX : sunagô (samendrijven, verzamelen) . Een vorm van sunagô is 127 X vertaling van ´âsaph , 73 X van qâbhats , 8 X van qâhal . Nog 47 andere Hebreeuwse woorden worden met sunagô weergegeven . Een vorm van qâbhats (verzamelen) wordt in 18 verschillende Griekse woorden vertaald . Tenach (1) : Js 56,8 .

Js 56,9-12 . De ontrouwe wachters - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Js (Jesaja) -- Js 56 -- Js 56,9-12 -- Js 56,9 - Js 56,10 - Js 56,11 - Js 56,12 -- Js 56,9-12 -

Js 56,9 - Js 56,9 : De ontrouwe wachters - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Js (Jesaja) -- Js 56 -- Js 56,9-12 -- Js 56,9 - Js 56,10 - Js 56,11 - Js 56,12 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
9panta ta thèria ta agria deute fagete panta ta thèria tou drumou 9 omnes bestiae agri venite ad devorandum universae bestiae saltus    9 Al gij gedierten des velds, komt om te eten, ja, al gij gedierten in het woud!  [9] U* allen, dieren van het veld en dieren van het woud, kom en eet.   [9] Laat de dieren van het veld komen om te eten, en alle dieren uit het woud.   9 ¶ al wat in het wild leeft op het veld,– genaakt om te eten, al wat in het wild leeft in het woud! ••  9. Bêtes des champs venez toutes vous repaître, ainsi que vous, toutes les bêtes de la forêt. 

King James Bible . [9] All ye beasts of the field, come to devour, yea, all ye beasts in the forest.
Luther-Bibel . 9 Ihr Tiere alle auf dem Felde, kommt und fresst, ihr Tiere alle im Walde!

Tekstuitleg van Js 56,9 .

Js 56,10 - Js 56,10 : De ontrouwe wachters - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Js (Jesaja) -- Js 56 -- Js 56,9-12 -- Js 56,9 - Js 56,10 - Js 56,11 - Js 56,12 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
10idete oti pantes ektetuflôntai ouk egnôsan fronèsai pantes kunes eneoi ou dunèsontai ulaktein enupniazomenoi koitèn filountes nustaxai 10 speculatores eius caeci omnes nescierunt universi canes muti non valentes latrare videntes vana dormientes et amantes somnia     10 Hun wachters zijn allen blind, zij weten niet; zij allen zijn stomme honden, zij kunnen niet bassen; zij zijn slaperig, zij liggen neder, zij hebben het sluimeren lief.   [10] De wachters* van mijn volk zijn blind en zijn van kennis verstoken. Zij zijn als honden, met stomheid geslagen, niet tot blaffen in staat; zij liggen hijgend op de grond, en zijn op hun rust gesteld.   [10] Want al mijn wachters zijn blind, ze merken niets; ze zijn stom als waakhonden die niet kunnen blaffen: vadsig en hijgend liggen ze daar, ze willen alleen maar luieren.   10 Zijn verspieders: blind zijn zij allen en weten niets, allen zijn zij met stomheid geslagen honden, niet in staat om te blaffen; hardop dromend liggen ze neer, sluimeren, dat doen ze het liefst!   10. Ses guetteurs sont tous des aveugles, ils ne savent rien; ce sont tous des chiens muets, incapables d'aboyer. Ils rêvent, restent couchés, aiment dormir.  

King James Bible . [10] His watchmen are blind: they are all ignorant, they are all dumb dogs, they cannot bark; sleeping, lying down, loving to slumber.
Luther-Bibel . 10 Alle ihre Wächter sind blind, sie wissen alle nichts. Stumme Hunde sind sie, die nicht bellen können, sie liegen und jappen und schlafen gerne.

Tekstuitleg van Js 56,10 .

Js 56,11 - Js 56,11 : De ontrouwe wachters - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Js (Jesaja) -- Js 56 -- Js 56,9-12 -- Js 56,9 - Js 56,10 - Js 56,11 - Js 56,12 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
11kai oi kunes anaideis tè psuchè ouk eidotes plèsmonèn kai eisin ponèroi ouk eidotes sunesin pantes en tais odois autôn exèkolouthèsan ekastos kata to eautou           11 et canes inpudentissimi nescierunt saturitatem ipsi pastores ignoraverunt intellegentiam omnes in viam suam declinaverunt unusquisque ad avaritiam suam a summo usque ad novissimum     11 En deze honden zijn sterk van begeerte, zij kunnen niet verzadigd worden, ja, het zijn herders, die niet verstaan kunnen; zij allen keren zich naar hun weg, elkeen naar zijn gewin, elk uit zijn einde.  [11] Het zijn vraatzuchtige honden, verzadiging kennen zij niet. Dat zijn de herders, niet tot enig inzicht in staat; allen gaan zij eigen wegen, belust op eigen baat, allen, tot de laatste man.   [11] Vraatzuchtige honden zijn het, onverzadigbaar. Het zijn herders die geen inzicht kunnen bieden, allemaal gaan ze hun eigen weg, ieder belust op eigen voordeel.   11 Zielsvraatzuchtig zijn die honden, van verzadiging weten zij niet, herders zijn zij die niet weten te onderscheiden; allen hebben zij zich gewend naar hun eigen weg, ieder naar zijn gewin, tot op het uiterste.   11. Les chiens sont voraces, insatiables, ce sont eux, les bergers incapables de comprendre. Ils suivent tous leur propre chemin, chacun, jusqu'au dernier, cherchant son intérêt :  

King James Bible . [11] Yea, they are greedy dogs which can never have enough, and they are shepherds that cannot understand: they all look to their own way, every one for his gain, from his quarter.
Luther-Bibel . 11 Aber es sind gierige Hunde, die nie satt werden können. Das sind die Hirten, die keinen Verstand haben; ein jeder sieht auf seinen Weg, alle sind auf ihren Gewinn aus und sagen:

Tekstuitleg van Js 56,11 .

Js 56,12 - Js 56,12 : De ontrouwe wachters - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Js (Jesaja) -- Js 56 -- Js 56,9-12 -- Js 56,9 - Js 56,10 - Js 56,11 - Js 56,12 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
  12 venite sumamus vinum et impleamur ebrietate et erit sicut hodie sic et cras et multo amplius     12 Komt herwaarts, zeggen zij: ik zal wijn halen, en wij zullen sterken drank zuipen; en de dag van morgen zal zijn als deze, ja, groter, veel treffelijker.   [12] ‘Komaan, ik haal wijn, en wij gieten ons vol drank. En morgen gaat het precies zoals vandaag, meer dan genoeg zal er overblijven!’  [12] ‘Kom, ik haal nog wat wijn, we gieten ons vol met drank. En morgen doen we het weer net zo of pakken we het nog grootser aan.’  12 ‘Genaakt, ik zal wijn halen, we gaan ons bezuipen aan de sterke drank!– de dag van morgen zal zijn als die van vandaag: groots, mateloos overdadig!’  12. « Venez, je vais chercher du vin, enivrons-nous de boisson, demain sera comme aujourd'hui, un grand, un très grand jour! » 

King James Bible . [12] Come ye, say they, I will fetch wine, and we will fill ourselves with strong drink; and to morrow shall be as this day, and much more abundant.
Luther-Bibel . 12 Kommt her, ich will Wein holen, wir wollen uns vollsaufen, und es soll morgen sein wie heute und noch viel herrlicher!

Tekstuitleg van Js 56,12 .

6. wëhâjâh (en het zal zijn) < verbindingswoord wë + häjâh (zijn) . Taalgebruik in Tenach : hâjâh (zijn) . Taalgebruik in Jesaja : hâjâh (zijn) . Getalwaarde : he = 5 , jod = 10 ; totaal : 20 (2² X 5) . Structuur : 5 - 1 - 5 . Gr. eimi (zijn) . Taalgebruik in de Septuaginta : eimi (zijn) . Taalgebruik in het N.T. : eimi (zijn) . Lat. esse . D. sein . Fr. être . Ned. zijn . E. to be . Een vorm van eimi (zijn) , in de LXX (6947) , in het N.T. (2450) . Dezelfde getalwaarde als JHWH . Tenach (388) . Pentateuch (149) . Js (66) . Js 1-39 (58) . Js 40-55 (3) . Js 55-66 (5) : (1) Js 56,12 . (2) Js 60,19 . (3) Js 65,10 . (4) Js 65,24 . (5) Js 66,23 .


LXX

1tade legei kurios fulassesthe krisin poièsate dikaiosunèn èggisen gar to sôtèrion mou paraginesthai kai to eleos mou apokalufthènai2makarios anèr o poiôn tauta kai anthrôpos o antechomenos autôn kai fulassôn ta sabbata mè bebèloun kai diatèrôn tas cheiras autou mè poiein adikèma3mè legetô o allogenès o proskeimenos pros kurion aforiei me ara kurios apo tou laou autou kai mè legetô o eunouchos oti egô eimi xulon xèron4tade legei kurios tois eunouchois osoi an fulaxôntai ta sabbata mou kai eklexôntai a egô thelô kai antechôntai tès diathèkès mou5dôsô autois en tô oikô mou kai en tô teichei mou topon onomaston kreittô uiôn kai thugaterôn onoma aiônion dôsô autois kai ouk ekleipsei6kai tois allogenesi tois proskeimenois kuriô douleuein autô kai agapan to onoma kuriou tou einai autô eis doulous kai doulas kai pantas tous fulassomenous ta sabbata mou mè bebèloun kai antechomenous tès diathèkès mou7eisaxô autous eis to oros to agion mou kai eufranô autous en tô oikô tès proseuchès mou ta olokautômata autôn kai ai thusiai autôn esontai dektai epi tou thusiastèriou mou o gar oikos mou oikos proseuchès klèthèsetai pasin tois ethnesin8eipen kurios o sunagôn tous diesparmenous israèl oti sunaxô ep' auton sunagôgèn9panta ta thèria ta agria deute fagete panta ta thèria tou drumou10idete oti pantes ektetuflôntai ouk egnôsan fronèsai pantes kunes eneoi ou dunèsontai ulaktein enupniazomenoi koitèn filountes nustaxai11kai oi kunes anaideis tè psuchè ouk eidotes plèsmonèn kai eisin ponèroi ouk eidotes sunesin pantes en tais odois autôn exèkolouthèsan ekastos kata to eautou


VULGAAT

1 haec dicit Dominus custodite iudicium et facite iustitiam quia iuxta est salus mea ut veniat et iustitia mea ut reveletur 2 beatus vir qui facit hoc et filius hominis qui adprehendit istud custodiens sabbatum ne polluat illud custodiens manus suas ne faciat omne malum 3 et non dicat filius advenae qui adheret Domino dicens separatione dividet me Dominus a populo suo et non dicat eunuchus ecce ego lignum aridum 4 quia haec dicit Dominus eunuchis qui custodierint sabbata mea et elegerint quae volui et tenuerint foedus meum 5 dabo eis in domo mea et in muris meis locum et nomen melius a filiis et filiabus nomen sempiternum dabo eis quod non peribit 6 et filios advenae qui adherent Domino ut colant eum et diligant nomen eius ut sint ei in servos omnem custodientem sabbatum ne polluat illud et tenentem foedus meum 7 adducam eos in montem sanctum meum et laetificabo eos in domo orationis meae holocausta eorum et victimae eorum placebunt mihi super altari meo quia domus mea domus orationis vocabitur cunctis populis 8 ait Dominus Deus qui congregat dispersos Israhel adhuc congregabo ad eum congregatos eius 9 omnes bestiae agri venite ad devorandum universae bestiae saltus 10 speculatores eius caeci omnes nescierunt universi canes muti non valentes latrare videntes vana dormientes et amantes somnia 11 et canes inpudentissimi nescierunt saturitatem ipsi pastores ignoraverunt intellegentiam omnes in viam suam declinaverunt unusquisque ad avaritiam suam a summo usque ad novissimum 12 venite sumamus vinum et impleamur ebrietate et erit sicut hodie sic et cras et multo amplius


Met Js 56 begint het Trito-Jesaja boek . Het is kenmerkend voor de drie inleidingen van Jesaja (Js 1,2-2,5 , Js 40 en Js 56,1-8) dat ze naar elkaar verwijzen . Dat is ook het geval voor het begin en het einde van elk deel (Js 1-39 , Js 40 - 55 en Js 56-66) . Zo zijn er heel wat linken van Js 56,1-8 met Js 1,2-2,5 , Js 40 en Js 66 . Ook het begin van het boek (Js 1,2-5) vertoont heel wat linken met het einde , Js 66 .

Js 56,1-8 is een godsspraak of orakel . Zoals de andere inleidingen begint ook deze inleiding met een oproep .