- Bibliografie - Literatuur - Liturgisch gebruik - Overzicht bijbelboeken - Overzicht van de bibliografie van de bijbelboeken - Overzicht van deze website - ZOEKEN -
- Psalmen
: overzicht - Psalmen
taalgebruik A - Psalmen
taalgebruik B - Psalmen
taalgebruik C - Psalmen
taalgebruik D - Psalmen
taalgebruik E - Psalmen
taalgebruik F - Psalmen
taalgebruik G - Psalmen
taalgebruik H - Psalmen
taalgebruik I - Psalmen
taalgebruik J - Psalmen
taalgebruik K - Psalmen
taalgebruik L - Psalmen
taalgebruik M - Psalmen
taalgebruik N - Psalmen
taalgebruik O - Psalmen
taalgebruik P - Psalmen
taalgebruik Q - Psalmen
taalgebruik R - Psalmen
taalgebruik S - Psalmen
taalgebruik T - Psalmen
taalgebruik U - Psalmen
taalgebruik Z -
- Ps :
commentaar .
Overzicht van Tenach : Tenach
: overzicht , Tenach
: taalgebruik - Tenach
A - Tenach
B - Tenach
C - Tenach
D - Tenach
E - Tenach
F - Tenach
G - Tenach
H - Tenach
I - Tenach
J - Tenach
K - Tenach
L - Tenach
M - Tenach
N - Tenach
O - Tenach
P - Tenach
Q - Tenach
R - Tenach
S - Tenach
T - Tenach
U - Tenach
V - Tenach
W - Tenach
X -Tenach
Y - Tenach
Z - Tenach
: commentaar ,
Overzicht van Septuaginta : Septuaginta
: overzicht , Septuaginta
: taalgebruik - Septuaginta
A - Septuaginta
B - Septuaginta
C - Septuaginta
D - Septuaginta
E - Septuaginta
F - Septuaginta
G - Septuaginta
H - Septuaginta
I - Septuaginta
J - Septuaginta
K - Septuaginta
L - Septuaginta
M - Septuaginta
N - Septuaginta
O - Septuaginta
P - Septuaginta
Q - Septuaginta
R - Septuaginta
S - Septuaginta
T - Septuaginta
U - Septuaginta
V - Septuaginta
W - Septuaginta
X -Septuaginta
Y - Septuaginta
Z - Septuaginta
: commentaar ,
![]() |
ZOEKEN OP DEZE WEBSITE |
1. LXX , Griekse tekst N.T. | 2. Vulgata | 3. Synopsis Denaux - Vervenne | 4. Statenvertaling | 5. Willibrordvertaling | 6. Nieuwe Vertaling | 7. Naardense vertaling , zie |
8. Bible de Jérusalem | 9. Statenvertaling | 10. King James Bible - King James Bible | 11. Luther-Bibel | liturgische lezing |
Wij hebben gezondigd zoals onze vaderen
Ps 106,1 - Ps 106,1 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,2 - Ps 106,2 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,3 - Ps 106,3 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,4 - Ps 106,4 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
6. bîsjû`âtèkhâ (op jouw redding) < voorzetsel bë + zéelfstandig naamw. vr. enk.stat. constr.+ suffix persoonl. voornaamw. 2de pers. mann. enk. . Zelfstandig naamwoord : jësjû`âh / tësjû`âh (redding, verlossing, heil) , zie het werkw. jâsja` (redden, bevrijden, verlossen) . Taalgebruik in Tenakh : jâsja` (redden, bevrijden, verlossen) . Getalwaarde : jod = 10 , sjin = 21 of 300 , ajin = 16 of 70 ; totaal : 47 OF 380 (2² X 5 X 19) . Structuur : 1 - 3 - 7 . Gr. sôzô (redden) . Taalgebruik in het NT : sôzô (redden) . Taalgebruik in de LXX : sôzô (redden) . L. salvator (salvare - salus) . Fr. sauver - saveur . Ned. b.v. salie (een heilbrengend kruid) . E. saviour . N. heiland . D. Heiland . môsjî`a (de reddende) act. part. hifil nom. mann. enk. van het werkw. jâsj`a (redden, bevrijden, verlossen) , is heel nauw verwant wat letters betreft : mâsjach (zalven) . (mâsjîach = gezalfde, messias, G. christos = Christus) . Een vorm van sôzô (redden) in de LXX (363) , in het NT (106) . Tenakh (6) : (1) 1 S 2,1 . (2) Ps 9,15 . (3) Ps 13,6 . (4) Ps 20,6 . (5) Ps 21,6 . (6) Ps 106,4 .
Ps 106,5 - Ps 106,5 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,6 - Ps 106,6 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,7 - Ps 106,7 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,8 - Ps 106,8 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,9 - Ps 106,9 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
1. act. ind. aor. 3de pers. enk. επετιμησεν = epetimèsen (hij beval) van het werkw. επιτιμαω = epitimaô (nadrukkelijk vermanen , 'opdragen' , bevelen , berispen) . Taalgebruik in het NT : epitimaô (opleggen, opdragen) . Taalgebruik in de LXX : epitimaô (opleggen, opdragen) . Het werkwoord heeft een voorvoegsel επι = epi (aan bij, op) wat het werkwoord versterkt . Wellicht omwille van het voorvoegsel volgt op het werkwoord steeds een datief . Bijbel (16) . LXX (2) : (1) Gn 37,10 . (2) Ps 106,9 . NT (14) : (1) Mt 8,26 . (2) Mt 12,16 ( // Mc 3,12 ) . (3) Mt 17,18 . (4) Mt 20,31 . (5) Mc 1,25 ( // Mt 8,26 ) . (6) Mc 4,39 . (7) Mc 8,30 . (8) Mc 8,33 . (9) Mc 9,25 ( // Mt 17,18 ) . (10) Lc 4,35 . (11) Lc 4,39 . (12) Lc 8,24 . (13) Lc 9,42 . (14) Lc 9,55 . Een vorm van επιτιμαω = epitimaô (nadrukkelijk vermanen , 'opdragen' , bevelen , berispen) in de LXX (11) , in het NT (29) , in Mc (9) : (1) Mc 1,25 . (2) Mc 3,12 . (3) Mc 4,39 . (4) Mc 8,30 . (5) Mc 8,32 . (6) Mc 8,33 . (7) Mc 9,25 . (8) Mc 10,13 . (9) Mc 10,48 . In de LXX kan het Griekse werkwoord επιτιμαω = epitimaô (beroep doen op hun eer , nadrukkelijk vermanen , 'opdragen' , bevelen , berispen) de vertaling zijn van 3 verschillende Hebreeuwse werkwoorden .
- De kenletter σ = s geeft act. en mediaal aor. weer . De stamletter α = a wordt verlengd tot η = è . Vandaar : επετιμησεν = epetimèsen (hij beval) .
- Hebreeuws : wa consecutivum + act. qal imperf. 3de pers. mann. enk. וַיִּגְעַר = wajjigë`ar (en hij berispte) van het werkw. גָעַר = gâ`ar (berispen, verwijten, afweren, dreigen) . Taalgebruik in Tenakh : gâ`ar (berispen, verwijten, afweren, dreigen) . Getalwaarde : ghimel = 3 , ajin = 16 of 70 , resj = 20 of 200 ; totaal : 39 (3 X 13) OF 273 (3 X 7 X 13) . De som van de elementen is telkens 3 . Tenakh (2) : (1) Gn 37,10 . (2) Ps 106,9 . Een vorm van het werkw. גָעַר = gâ`ar in 13 verzen in Tenakh
Ps 106,10 - Ps 106,10 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,11 - Ps 106,11 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,12 - Ps 106,12 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,13 - Ps 106,13 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
1. ´äsjëre(j) (gelukkig, zalig) . Taalgebruik in Tenach : ´äsjëre(j) (gelukkig, zalig) . Getalwaarde van ´asjëre (gelukkig, zalig) : aleph = 1 , sjin = 21 of 300 , resj = 20 of 200 , jod = 10 ; totaal : 52 (2 X 26 of 4 X 13) of 511 . De getalwaarde van de schrijfwijze van de eerste letter van het woord en de getalwaarde van het gehele woord is 1 op 2 (26 / 52 of 2 X 13 / 4 X 13) . 52 is eveneens de getalwaarde van `âmîm (volken) ; aijn = 16 of 70 , mem = 13 of 40 , jod = 10 ; totaal 52 of 160 . Gr. makarios (zalig, gelukkig) . Taalgebruik in de Septuaginta : makarios (zalig, gelukkig) . Taalgebruik in het N.T. : makarios (zalig, gelukkig) . Lat. beatus . Fr. (bien)heureux . E. blessed . D. wohl . Tenach (38) . Ps (27) : (1) Ps 1,1 (´asjërê hâ´îsj äsjèr l´o = gelukkig de man die niet) . (2) Ps 2,12 . (3) Ps 17,5 : andere vocalisatie . (4) Ps 32,1 (Ps 32 telt 104 woorden of 2 X 52 of 4 X 13) . (5) Ps 32,2 . (6) Ps 33,12 . (7) Ps 34,9 . (8) Ps 40,3 (andere vocalisatie) . (9) Ps 40,5 . (10) Ps 41,2 (bij het einde van het eerste boek) . (11) Ps 65,5 . (Ps 72,17 : jë´asjsjërûhû = zij zullen hem zalig prijzen ; bij het einde van het tweede boek van de Psalmen) . (12) Ps 73,2 . (13) Ps 84,5 . (14) Ps 84,6 . (15) Ps 84,13 (bij het einde van het derde boek van de Pslamen) . (16) Ps 89,16 . (17) Ps 94,12 . (18) Ps 106,3 (bij het einde van het vierde psalmboek) . (19) Ps 112,1 . (20) Ps 119,1 . (21) Ps 119,2 . (22) Ps 127,5 . (23) Ps 128,1 . (24) Ps 137,8 . (25) Ps 137,9 . (26) Ps 144,15 (bij het einde van het vijfde psalmboek) . (27) Ps 146,5 .
Ps 106,14 - Ps 106,14 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,15 - Ps 106,15 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,16 - Ps 106,16 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,17 - Ps 106,17 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,18 - Ps 106,18 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,19 - Ps 106,19 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,20 - Ps 106,20 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,21 - Ps 106,21 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,22 - Ps 106,22 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,23 - Ps 106,23 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,24 - Ps 106,24 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,25 - Ps 106,25 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,26 - Ps 106,26 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,27 - Ps 106,27 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,28 - Ps 106,28 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,29 - Ps 106,29 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,30 - Ps 106,30 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,31 - Ps 106,31 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
4. - 5. lëdor wâdor (tot geslacht en geslacht ; van generatie tot generatie) . De getalwaarde is : lamed = 12 of 30 , daleth = 4 , resj = 20 of 300 , waw = 6 ; totaal : 12 + 4 + 20 + 6 + 4 + 20 = 66 of 30 + 4 + 300 + 6 + 4 + 300 = 644 . Tenach (12) : (1) Ps 10,6 . (2) Ps 33,11 . (3) Ps 49,12 . (4) Ps 77,9 . (5) Ps 79,13 . (6) Ps 85,6 . (7) Ps 89,2 . (8) Ps 102,13 . (9) Ps 106,31 . (10) Ps 119,90 . (11) Ps 135,13 . (12) Ps 146,10 . lëdor wâdôr (tot geslacht en geslacht ; van generatie tot generatie) . Tenach (2) : (1) Ps 89,5 . (2) Kl 5,19 . lëdor dor (tot geslacht geslacht ; van generatie tot generatie) . Tenach (1) Ex 3,15 . De vertaling van de LXX is meestal eis genean kai genean (tot geslacht en geslacht) : (1) Ps 33,11 . (2) Ps 49,12 . (3) Ps 79,13 . (4) Ps 89,2 . (5) Ps 89,5 . (6) Ps 102,13 . (7) Ps 106,31 . (9) Ps 135,13 . (10) Ps 146,10 . (11) Kl 5,19 ; apo geneas eis geneas (van geslacht tot geslacht) : (1) Ps 10,6 . (2) Ps 77,9 . (3) Ps 85,6 . Niet : (1) Ex 3,15 . lëdor wâdôr (tot geslacht en geslacht ; van generatie tot generatie) staat vaak parallel met lë`ôlâm (voor eeuwig) of variante . LXX : eis ton aiôna . Tenach : (1) Ps 33,11 . (2) Ps 49,12 . (3) Ps 79,13 . (4) Ps 85,6 . (5) Ps 89,2 (`ôlâm) . (5) Ps 89,5 (`ad `ôlâm = tot eeuwig) . (6) Ps 102,13 . (7) Ps 106,31 . (8) Ps 119,90 . (9) Ps 135,13 . (10) Ps 146,10 . (11) Kl 5,19 . Niet in : (1) Ex 3,15 . (1) Ps 10,6 . (4) Ps 77,9 . (8) Ps 119,90 .
Ps 106,32 - Ps 106,32 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,33 - Ps 106,33 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,34 - Ps 106,34 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,35 - Ps 106,35 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,36 - Ps 106,36 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,37 - Ps 106,37 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,38 - Ps 106,38 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,39 - Ps 106,39 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,128 - Ps 106,128 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,41 - Ps 106,41 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,42 - Ps 106,42 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,43 - Ps 106,43 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,44 - Ps 106,44 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,45 - Ps 106,45 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van Ps 106,45 .
Ps 106,45.1. wajjizëkhor (en hij gedacht) , wë + werkwoordvorm act. qal imperf. 3de pers. enk. van het werkw. zâkhar (gedenken, zich herinneren) . Taalgebruik in Tenach : zâkhar (gedenken) . z k r : act. qal perf. 3de pers. mann. enk. zâkhar (hij gedenkt) OF qal imperat. 2de pers. mann. enk. (gedenkt) + qal. inf. constr. zëkhor (te gedenken) OF zelfst. naamw. zekhèr (herinnering, aandenken) OF bijvoegl. naamw. zâkhâr (mannelijk) . In 104 verzen in Tenach . De getalwaarde van z-k-r is : zain = 7 , kaph = 11 of 20 , resj = 20 of 200 . Totaal : 7 + 11 + 20 = 38 (2 X 19) OF 7 + 20 + 200 = 227 (priemgetal) . In negen verzen in de bijbel : (1) Gn 8,1 (God gedacht Noach) . (2) Gn 19,29 (God gedacht Abram) . (3) Gn 30,22 (God gedacht Rachel) . (4) Gn 42,9 (Jozef dacht aan zijn dromen) . (5) Ex 2,24 (... ´èth bërîthô = God gedacht zijn verbond met Abraham , Isaak en Jakob) . (6) Js 63,11 (en het - volk - dacht aan de dagen...) . (7) Ps 78,39 . (8) Ps 106,45 . (9) Pr 11,8 (hij dacht aan de dagen... ) .
Ps 106,45.6. chasëdô (zijn liefde) < zelfst. naamw. + suffix persoonl. voornaamw. 3de pers. mann. enk. . chèsèd (liefde, barmhartigheid) . Taalgebruik in Tenakh : chèsèd (liefde, barmhartigheid) . Getalwaarde : chet = 8 , samech = 15 of 60 , daleth = 4 ; totaal : 27 (3 X 9) of 72 (8 X 9) . Structuur : 8 - 6 - 4 . Tenakh (61) . Pentateuch (1) . Eerdere Profeten (0) . Latere Profeten (2) . 12 Kleine Profeten (0) . Geschriften (58) . Ps (47) : (1) Ps 31,22 . (2) Ps 42,9 . (3) Ps 57,4 . (4) Ps 59,11 . (5) Ps 77,9 . (6) Ps 98,3 . (7) Ps 100,5 . (8) Ps 103,11 . (9) Ps 106,1 . (10) Ps 106,45 . (11) Ps 107,1 . (12) Ps 107,8 . (13) Ps 107,15 . (14) Ps 107,21 . (15) Ps 107,31 . (16) Ps 117,2 . (17) Ps 118,1 . (18) Ps 118,2 . (19) Ps 118,3 . (20) Ps 118,4 . (21) Ps 118,29 . (22) Ps 136,1 . (23) Ps 136,2 . (24) Ps 136,3 . (24 + 23 = 47) - Ps 136,4 - Ps 136,5 - Ps 136,6 - Ps 136,7 - Ps 136,8 - Ps 136,9 - Ps 136,10 - Ps 136,11 - Ps 136,12 - Ps 136,13 - Ps 136,14 - Ps 136,15 - Ps 136,16 - Ps 136,17 - Ps 136,18 - Ps 136,19 - Ps 136,20 - Ps 136,21 - Ps 136,22 - Ps 136,23 - Ps 136,24 - Ps 136,25 - Ps 136,26 - Kl (1) : Kl 3,32 .
Ps 106,45.5. kërobh (volgens / overeenkomstig een veelheid) < prefix voorzetsel kë + zelfst. naamw. . r-b . bijvoegl. naamw. rabh (veel, talrijk, groot) . zelfst. naamw. robh . Zie : Taalgebruik in Tenakh : rabh (veel, talrijk, groot) . Getalwaarde : resj = 20 of 200 , beth = 2 ; totaal : 22 (2X 11) OF 202 (2 X 101) . Structuur : 2 - 2 . Tenakh (7) : (1) Hos 10,1 . (2) Ps 51,3 . (3) Ps 69,17 . (4) Ps 106,45 . (5) Ps 150,2 . (6) Kl 3,32 . (7) Neh 13,22 .
Ps
106,45.5. - 6. kërob chasëdô (als / volgens veelheid van zijn liefde) . Tenakh (2) : (1) Ps 106,45 (in Ps 106,46 staat een vorm van rèchèm) . (2) Kl 3,32 (ervoor staat : wëricham = en hij verleent barmhartigheid) .
- kërob chasëdèkhâ (als / volgens veelheid van jouw liefde) . Tenakh (1) : Neh 13,22 .
- kërob rachämè(j)khâ (volgens de veelheid van jouw barmhartigheden) . Tenakh (2) : (1) Ps 51,3 ; parallel staat këchasëdèkhâ = volgens jouw liefde . (2) Ps 69,17 ; ervoor staat chasëdèkhâ (jouw liefde) .
Ps 106,46 - Ps 106,46 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,47 - Ps 106,47 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
Ps 106,48 - Ps 106,48 - | ||||||||||||||||
|
King James Bible .
Luther-Bibel .
Tekstuitleg van
1. pass. qal deelw. tegenwoordige tijd mann. enk. בָּרוּך = bârûkh (gezegend) van het werkw. בָרַך = bârakh (zegenen, loven, prijzen) . Tenakh (83) . Pentateuch (17) . Eerdere Profeten (13) . Latere Profeten (25) . 12 Kleine
Profeten (1) . Geschriften (27)
. Getalwaarde : beth = 2 , resj = 20 of 200 ,
kaf = 11 of 20 . Totaal : 33 (3 X 11) of 222 (6 X 37 OF 2 X 111) . Structuur : 2 - 2 - 2 . De som van de elementen is telkens 6 . Tenakh (83) . Pentateuch (17) : (1) Gn 9,26 . (2) Gn 14,19 . (3) Gn 24,27 . (4) Gn 24,31 . (5) Gn 26,29 . (6) Gn 27,29 . (7) Gn 27,33 . (8) Ex 18,10 . (9) Nu 22,12 . (10) Nu 24,9 . (11) Dt 7,14 . (12) Dt 28,3 . (13) Dt 28,4 . (14) Dt 28,5 . (15) Dt 28,6 . (16) Dt 33,20 . (17) Dt 33,24 . Ps (13)
: (1) Ps 28,6 . (2) Ps
31,22 . (3) Ps
41,14 (bij het einde van het eerste psalmenboek). (4) Ps
66,20 (einde van de Psalm) . (5) Ps
68,20 . (6) Ps
68,36 (op het einde van de Psalm) . (7) Ps
72,18 (bij het einde van het tweede psalmenboek) . (8) Ps
89,53 (bij het einde van het derde psalmenboek) . (9) Ps
106,48 (bij het einde van het vierde psalmenboek) .
- nom. mann. enk. ευλογητος = eulogètos (zegenend, zegenaar) . Taalgebruik in het
NT : eulogètos
(gezegend) . Taalgebruik in de LXX : eulogètos
(gezegend) . Taalgebruik in Lc : eulogètos
(gezegend) . Bijbel (64) , in de LXX (57) , in het NT (7) : (1) Lc
1,68 . (2) Rom 1,25 . (3) Rom 9,5 . (4) 2
Kor 1,3 . (5) 2
Kor 11,31 . (6) Ef 1,3 . (7) 1
Pe 1,3 . In Lc is dit de enigste vorm . Een vorm van ευλογητος = eulogètos in de Bijbel (82) , in de LXX (74) , in het NT (8) : 7 + Mc
14,61 .
- ευλογητος = eulogètos is meestal de vertaling van het Hebreeuwse בָּרוּך = bârûkh (gezegend) . בָּרוּך = bârûkh is een passief deelwoord ; ευλογητος = eulogètos is een bijvoeglijk naamw. , al dan niet zelfstandig gebruikt met de actieve betekenis van zegenend , zegenaar . Tegenover het Hebreeuwse passief staat het Griekse actief . Tegenover het Hebreeuwse בָרוּך יהוה = bârûkh JHWH (gezegend JHWH) staat het Griekse ευλογητος = eulogètos: zegenend is JHWH of zegenaar is JHWH . De mens kan JHWH zegenen omdat JHWH de mens had gezegend . De zegen van JHWH gaat vooraf aan de zegening van de mens .
- Grieks . ευλογεω = eulogeô (zegenen, goed spreken, loven, prijzen) . Taalgebruik
in het NT : eulogeô
(goed spreken, loven, prijzen) . Taalgebruik in de Septuaginta : eulogeô
(goed spreken, loven, prijzen) . Een vorm van ευλογεω = eulogeô in de LXX (516) , in het NT (42) , Mt (5) : (1) Mt
14,19 . (2) Mt 21,9 . (3) Mt
23,39 . (4) Mt
25,34 . (5) Mt
26,26 , Mc (5) : (1) Mc 6,41 . (2) Mc 8,7 . (3) Mc 11,9 . (4) Mc 11,10 . (5) Mc
14,22 , Lc (13) : (1) Lc
1,28 . (2) Lc
1,42 . (3) Lc
1,64 . (4) Lc
2,28 . (5) Lc
2,34 . (6) Lc
6,28 . (7) Lc
9,16 . (8) Lc
13,35 . (9) Lc
19,38 . (10) Lc
24,30 . (11) Lc
24,50 . (12) Lc
24,51 . (13) Lc
24,53 . In Lc : 7 vormen in 7 / 24 hoofdstukken en in 13 verzen . Joh (1) : Joh
12,13 . Hnd (2) : (1) Hnd 3,25 . (2) Hnd 3,26 . eulogeô = Lat. benedicere (benedijen)
. Fr. bénir . Ned. zegenen < signare (tekenen) , het signum (teken)
van het kruis slaan . E. bless .
- L. benedictus . F. béni .
- Op het einde van zijn offerdienst kon de priester Zacharia het volk niet toespreken en zegenen omdat hij door zijn ongeloof in de aankondiging van de engel stom werd . Pas bij de geboorte van Johannes kon hij spreken en de zegen uitspreken (Lc
1,68) . Jezus als hogepriester sloot zijn leven af met een zegening aan zijn leerlingen (Lc 24,50) .
2. יהוה = JHWH . Eigennaam van God . Taalgebruik in Tenakh
: JHWH . Getalwaarde : jod = 10 , he = 5 , waw = 6 . Totaal : 26 . Structuur : 1 -
5 - 6 - 5 . De som van de elementen is telkens 8 . Tenakh (5193) . Pentateuch (1326) . Eerdere Profeten (1013) . Latere
Profeten (1357) . 12 Kleine Profeten (387) . Geschriften (1110) . Ps (547) . Ps 41 (6) : (1) Ps 41,2 . (2) Ps 41,3 . (3) Ps 41,4 . (4) Ps 41,5 . (5) Ps 41,11 . (6) Ps 41,14 .
- Grieks . κυριος = kurios (heer) . Taalgebruik in
het NT : kurios
(heer) . Taalgebruik in
de LXX : kurios
(heer) . Een vorm van
kurios (heer) in de Septuaginta (8591) , in het NT (718) .
- Latijn . Dominus . Ned. Heer . D. Herr . E. Lord . Aramees : יוי = JWJ . Arabisch : رَب = rabb (God, Heer) . Taalgebruik in de Qoran : rabb (God, Heer) .
- Sabbah Messod & Roger , Les secrets de l'Exode , Jean-Cyrille Godefroy , 2000 , p.93-96 . Op deze blz. wordt een verband tussen anokhi Adonai en farao Achnaton gelegd .
1. - 2. בָרוּך יהוה = bârûkh JHWH . Tenakh (25) : (1) Gn 9,26 . (2) Gn 24,27 . (3) Ex 18,10 . (4) Rt 4,14 . (5) 1 S 25,32 . (6) 1 S 25,39 . (7) 2 S 18,28 . (8) 1 K 1,48 . (9) 1 K 5,21 . (10) 1 K 8,15 . (11) 1 K 8,56 . (12) 1
Kr 16,36 . (13) 2
Kr 2,11 . (14) 2 Kr 6,4 . (15) Ezr 7,27 . (16) Ps 28,6 . (17) Ps
31,22 . (18) Ps 41,14 . (19) Ps
72,18 . (20) Ps
89,53 . (21) Ps 106,48 . (22) Ps 124,6 . (23) Ps 135,21 .
(24) Ps 144,1 . (25) Zach
11,5 .
- ευλογητος κυριος = eulogètos kurios (gezegend JHWH) . In het NT slechts in Lc
1,68 .
1. - 4. בָרוּך יהוה אֱלֹהֵי = bârûch JHWH ´èlohe(j) = gezegend JHWH , God van... Tenakh (11) : (1) Gn 9,26 . (2) Gn 24,27 . (3) 1 S 25,32 . (4) 1 K 1,48 . (5) 1 K 8,15 . (6) 1
Kr 16,36 . (7) 2
Kr 2,11 . (8) 2 Kr 6,4 . (9) Ezr 7,27 . (10) Ps 41,14 . (11) Ps 106,48 .
- ευλογητος κυριος ὁ θεος = eulogètos kurios ho theos (gezegend de Heer de God van) . In het NT slechts in Lc
1,68 .
1. - 6. בָרוּך יהוה אֱלֹהֵי יִשְׂרָאֵל = bârûkh JHWH êlohe(j) jisërâ´el
. Tenakh (8) : (1) 1 S 25,32 . (2) 1 K 1,48 . (3) 1 K 8,15 . (4) 1
Kr 16,36 . (5) 2
Kr 2,11 . (6) 2 Kr 6,4 . (7) Ps 41,14 . (8) Ps 106,48 . Zie eveneens Ps 72,18 .
- ευλογητος κυριος ὁ θεος του ισραηλ = eulogètos kurios ho theos tou israèl (gezegend
JHWH de God van Israël) . Lc (1) : Lc
1,68 .