BIJBELBOEK RECHTERS - Re - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -
De verhalencyclus van de rechter Simson in Re 13-16 . Het huwelijk van Simson met een Filistijns meisje (Re 14) .

- Bibliografie - Literatuur - Liturgisch gebruik - Overzicht bijbelboeken - Overzicht van de bibliografie van de bijbelboeken - Overzicht van deze website -

- bijbelverwijzingen - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z -

Overzicht van Tenach : Tenach : overzicht , Tenach : taalgebruik - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , Tenach : commentaar ,
Overzicht van Septuaginta
: Septuaginta : overzicht , Septuaginta : taalgebruik - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z - , Septuaginta : commentaar

Rechters commentaar - Rechters overzicht - Rechters taalgebruik - A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z -

Overzicht van Rechters : - Re 1 - Re 2 - Re 3 - Re 4 - Re 5 - Re 6 - Re 7 - Re 8 - Re 9 - Re 10 - Re 11 - Re 12 - Re 13 - Re 14 - Re 15 - Re 16 - Re 17 - Re 18 - Re 19 - Re 20 - Re 21 -
Tekstuitleg per pericope :
Overzicht vers per vers : - Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -

Religie.opzijnbest.nl
ZOEKEN OP DEZE WEBSITE
PicoSearch
  Hulp
Verzorgd door PicoSearch
     
 
             
1. LXX , Griekse tekst N.T.   2. Vulgata   3. Synopsis Denaux - Vervenne  4. Statenvertaling   5. Willibrordvertaling   6. Nieuwe Vertaling   7. Naardense vertaling , zie
8. Bible de Jérusalem 9. Statenvertaling   10. King James Bible  - King James Bible 11. Luther-Bibel   liturgische lezing      

WEDERKERIGHEID (DIVERSITEIT - VICE VERSA) . Meer info : Arseen De Kesel . Email: arseen.de.kesel@pandora.be .
websitenamen : http://users.telenet.be/arseen.de.kesel/ en http://www.interlevensbeschouwelijk.be/index.htm
- STARTPAGINA - AGENDA - BIJ DE HAND - NIEUW - OVERZICHT -  TIJDSCHRIFTEN -
ALFABETISCH OVERZICHT VAN THEMA'S EN WEBSITES :
- A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z
HOOFDTHEMA'S : allochtonen , armoede , bahá'í ,  bezinningsteksten , bijbel , bijbel en koran , boeddhisme , christendom , extreemrechts (Vlaams Blok) , fundamentalisme , globalisering en antiglobalisering ,  hindoeïsme , interlevensbeschouwelijke dialoog , interreligieuze meditatie , islam , jodendom , koran , levensbeschouwing , levensbeschouwing / godsdienst en onderwijs , racisme , samenleving , sikhisme , spiritualiteit , tewerkstelling van allochtonen , vluchtelingen en asielzoekers , vrijzinnigheid , witte scholen , multiculturele scholen en concentratiescholen , Eigen-zinnige beschouwingen , Het kleine of grote ongenoegen

Woordenschat
Bibliografie :
Literatuur
Liturgisch gebruik


Overzicht van de bijbelboeken - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -
- OT : Gn (Genesis) , Ex (Exodus) , Lv (Leviticus) , Nu (Numeri) , Dt (Deuteronomium) , Joz (Jozua) , Re (Rechters) , Rt (Ruth) , 1 S (1 Samuël) , 2 S (2 Samuël) , 1 K (1 Koningen) , 2 K (2 Koningen) , 1 Kr ( 1 Kronieken) , 2 Kr (2 Kronieken) , Ezr (Ezra) , Neh (Nehemia) , Tob (Tobia) , Jdt (Judith) , Est (Esther) , 1 Mak (1 Makkabeeën) , 2 Mak (2 Makkabeeën) , Job , Ps (Psalmen ) , Spr (Spreuken) , Pr (Prediker) , Hl (Hooglied) , W (Wijsheid) , Sir (Sirach) , Js (Jesaja) , Jr (Jeremia) , Kl (Klaagliederen) , Bar (Baruch) , Ez (Ezechiël) , Da (Daniël) , Hos (Hosea) , Jl (Joël) , Am (Amos) , Ob (Obadja) , Jon (Jona) , Mi (Micha) , Nah (Nahum) , Hab (Habakuk) , Sef (Sefanja) , Hag (Haggai) , Zach (Zacharia) , Mal (Maleachi) .
- NT : Mt (Matteüs) - Mc (Marcus) - Lc (Lucas) - Joh (Johannes) - Hnd (Handelingen) , Rom (Rome) , 1 Kor (Korinte) , 2 Kor (Korinte) , Gal (Galatië) , Ef (Efese) , Fil (Filippi) , Kol (Kolosse) , 1 Tes (Tessalonika) , 2 Tes (Tessalonika) , 1 Tim (Timoteüs) , 2 Tim (Timoteüs) , Tit (Titus) , Film (Filemon) , Heb (Hebreeën) , Jak (Jakobus) , 1 Pe (Petrus) , 2 Pe (Petrus) , 1 Joh (Johannes) , 2 Joh (Johannes) , 2 Joh (Johannes) , Jud (Judas) , Apk (Apokalyps) .
Overzicht van de bibliografie van de bijbelboeken : - bibliografie bijbel - bibliografie van het Oude Testament - bibliografie Matteüsevangelie - bibliografie Marcusevangelie - bibliografie Lucasevangelie - bibliografie van het Johannesevangelie - bibliografie van het Nieuwe Testament (behalve evangeliën)

- Re 14,1-20 : Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -

Re 14,1 - Re 14,1 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
1kai katebè sampsôn eis thamnatha kai eiden gunaika en thamnatha ek tôn thugaterôn tôn allofulôn kai èresen enôpion autou        [1] Toen Simson eens naar Timna ging, zag hij daar een Filistijns meisje.        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Re 14,2 - Re 14,2 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
2kai anebè kai apèggeilen tô patri autou kai tè mètri autou kai eipen gunaika eôraka en thamnatha apo tôn thugaterôn tôn allofulôn kai nun labete moi autèn eis gunaika        [2] Bij zijn thuiskomst vertelde hij zijn ouders: ‘Ik heb in Timna een Filistijns meisje gezien; neem haar voor mij als vrouw.’        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Re 14,3 - Re 14,3 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
3kai eipen autô o patèr autou kai è mètèr autou mè ouk estin apo tôn thugaterôn tôn adelfôn sou kai en panti tô laô mou gunè oti su poreuè labein gunaika ek tôn allofulôn tôn aperitmètôn kai eipen sampsôn pros ton patera autou tautèn labe moi oti èresen en ofthalmois mou        [3] Maar zijn vader en zijn moeder zeiden: ‘Is er dan bij de dochters van je verwanten, bij heel ons eigen volk, geen vrouw te vinden, dat je er een zoekt bij die onbesneden Filistijnen?’ Simson antwoordde zijn vader: ‘Toch wil ik dat u haar neemt; zij bevalt me.’        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

bë`e(j)ne(j) (in de ogen van) < prefix voorzetsel bë + stat. constr. mann. mv. van het zelfst. naamw. `ajin (oog, bron) . Taalgebruik in Tenach : `ajin (oog, bron) . Taalgebruik in Jesaja : `ajin (oog, bron) . De getalwaarde van ajin is : ajin = 16 of 70 , jod = 10 , nun = 14 of 50 . Totaal : 40 (2 X 2 X 2 X 5) of 130 (2 X 5 X 13) . Structuur : 7 - 1 - 5 . Gr. ofthalmos (oog) . Taalgebruik in het N.T. : ofthalmos (oog) . Taalgebruik in de LXX : ofthalmos (oog) . Lat. oculus . Fr. oeil (yeux) . E. eye . Ned. oog . D. Aug . Een vorm van ofthalmos (oog) in de LXX (678) , in het N.T. (100) . Tenakh (158) . Pentateuch (35) . Eerdere Profeten (78) . Joz (3) . Re (9) . 1 S (10) . 2 S (7) . 1 K (19) . 2 K (30) . bë`e(j)ne(j) (in de ogen van) < prefix voorzetsel bë + stat. constr. mann. mv. van het zelfst. naamw. . Tenakh (158) . Pentateuch (35) . Eerdere Profeten (78) . Joz (3) . Re (9) . 1 S (10) . 2 S (7) . 1 K (19) . 2 K (30) . Joz (3) : (1) Joz 3,7 . (2) Joz 4,14 . (3) Joz 22,33 . Re (9) : (1) Re 2,11 . (2) Re 3,7 . (3) Re 3,12 . (4) Re 4,1 . (5) Re 6,1 . (6) Re 10,6 . (7) Re 13,1 . (8) Re 14,3 . (9) Re 14,7 .

Re 14,4 - Re 14,4 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
4kai o patèr autou kai è mètèr autou ouk egnôsan oti para kuriou estin oti antapodoma autos ekzètei ek tôn allofulôn kai en tô kairô ekeinô allofuloi ekurieuon tôn uiôn israèl        [4] Zijn vader en moeder wisten niet dat de heer er de hand in had en dat Hij een gelegenheid zocht om iets tegen de Filistijnen te doen. In die tijd heersten namelijk de Filistijnen over Israël.        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Re 14,5 - Re 14,5 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
5kai katebè sampsôn kai o patèr autou kai è mètèr autou eis thamnatha kai exeklinen eis ampelôna thamnatha kai idou skumnos leontôn ôruomenos eis apantèsin autou       [5] Zo ging Simson met zijn ouders naar Timna. Toen hij bij de wijngaarden van Timna was, kwam er een jonge leeuw brullend op hem af.        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Re 14,6 - Re 14,6 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
6kai katèuthunen ep' auton pneuma kuriou kai diespasen auton ôsei diaspasai erifon aigôn kai ouden èn en tè ceiri autou kai ouk apèggeilen tô patri autou oude tè mètri a epoièsen        [6] De geest van de heer kwam over Simson en met zijn blote handen verscheurde hij de leeuw, alsof het een geitenbokje was. Aan zijn vader en moeder vertelde hij niet wat hij gedaan had.        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Door de kracht van de geest van JHWH kan Simson een leeuw verscheuren .

3. rûach (geest) . Taalgebruik in Tenach : rûach (geest) . Taalgebruik in Rechters : rûach (geest) . Getalwaarde : resj = 20 of 200 . waw = 6 . chet = 8 . Totaal : 34 (2 X 17) of 214 (2 X 107) . Structuur : 2 - 6 - 8 . LXX : pneuma (geest) . Taalgebruik in de Septuaginta : pneuma (geest) . Taalgebruik in het N.T. : pneuma (geest) . Lat. spiritus . Fr. esprit . E. spirit . Ned. geest . D. Geist . Een vorm van pneuma (geest) in het N.T. (379) , in de LXX (382) . rûach (geest) in Tenach (204) . Pentateuch (19) . Re (7) : (1) Re 3,10 . (2) Re 9,23 . (3) Re 11,29 . (4) Re 13,25 . (5) Re 14,6 . (6) Re 14,19 . (7) Re 15,14 . In 6 verzen gaat het om rûach JHWH (de geest van JHWH) behalve in Re 9,23 waar het gaat om rûach râ`âh (een slechte geest) .
- wërûach (en een geest) . Tenach (39) . Re (1) Re 6,34 .
Zo is er in Rechters 7X sprake van rûach JHWH (de geest van JHWH) en 1X van rûach râ`âh (een slechte geest) . In Rechters werden bepaalde rechters door de geest van JHWH bezield waardoor zij het volk van Israël konden bevrijden van hun vijanden : 1. Otniël (Re 3,10) . 2. Gideon (Re 6,34) . 3. Jefta (Re 11,29) . 4. Simson (Re 14,6 . Re 14,19 . Re 15,14) .

3. - 4. rûach JHWH (de geest van JHWH) . Tenach (23) (niet in de Pentateuch) : (1) Re 3,10 . (2) Re 11,29 . (3) Re 13,25 . (4) Re 14,6 . (5) Re 14,19 . (6) Re 15,14 . (7) 1 S 10,6 . (8) 1 S 16,13 . (9) 1 S 19,9 . (10) 2 S 23,2 . (11) 1 K 22,24 . (12) 2 K 2,15 . (13) 2 Kr 18,23 . (14) 2 Kr 20,14 . (15) Js 11,2 . (16) Js 40,7 . (17) Js 40,13 . (18) Js 59,19 . (19) Js 63,14 . (20) Ez 11,5 . (21) Hos 13,15 . (22) Mi 2,7 . (23) Mi 3,8 . wërûach JHWH (en de geest van JHWH) . Tenach (3) : (1) Re 6,34 . (2) 1 S 16,14 . (3) 1 K 18,12 .

1. - 4. waththitsëlach `âlâ(j)w rûach JHWH (en de geest van JHWH werd vaardig / kwam over hem) . Tenach (3) : (1) Re 14,6 . (2) Re 14,19 . (3) Re 15,14 .
- waththitsëlach rûach JHWH ´èl dâwid (en de geest van JHWH werd vaardig / kwam over David) . Tenach (1) 1 S 16,13 .
- waththitsëlach `âlâ(j)w rûach ´èlohîm (en de geest van God werd vaardig / kwam over hem) . Tenach (1) 1 S 10,10 .
- wëtsâlëchâh `âlè(j)khâ rûach JHWH (en de geest van JHWH zal vaardig worden / komen over jou) . Tenach (1) 1 S 10,6 .

Re 14,7 - Re 14,7 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
7kai katebèsan kai elalèsan tè gunaiki kai èresen enôpion sampsôn        [7] Simson ging verder, sprak met de vrouw, en zij beviel hem.        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

bë`e(j)ne(j) (in de ogen van) < prefix voorzetsel bë + stat. constr. mann. mv. van het zelfst. naamw. `ajin (oog, bron) . Taalgebruik in Tenach : `ajin (oog, bron) . Taalgebruik in Jesaja : `ajin (oog, bron) . De getalwaarde van ajin is : ajin = 16 of 70 , jod = 10 , nun = 14 of 50 . Totaal : 40 (2 X 2 X 2 X 5) of 130 (2 X 5 X 13) . Structuur : 7 - 1 - 5 . Gr. ofthalmos (oog) . Taalgebruik in het N.T. : ofthalmos (oog) . Taalgebruik in de LXX : ofthalmos (oog) . Lat. oculus . Fr. oeil (yeux) . E. eye . Ned. oog . D. Aug . Een vorm van ofthalmos (oog) in de LXX (678) , in het N.T. (100) . Tenakh (158) . Pentateuch (35) . Eerdere Profeten (78) . Joz (3) . Re (9) . 1 S (10) . 2 S (7) . 1 K (19) . 2 K (30) . bë`e(j)ne(j) (in de ogen van) < prefix voorzetsel bë + stat. constr. mann. mv. van het zelfst. naamw. . Tenakh (158) . Pentateuch (35) . Eerdere Profeten (78) . Joz (3) . Re (9) . 1 S (10) . 2 S (7) . 1 K (19) . 2 K (30) . Joz (3) : (1) Joz 3,7 . (2) Joz 4,14 . (3) Joz 22,33 . Re (9) : (1) Re 2,11 . (2) Re 3,7 . (3) Re 3,12 . (4) Re 4,1 . (5) Re 6,1 . (6) Re 10,6 . (7) Re 13,1 . (8) Re 14,3 . (9) Re 14,7 .

Re 14,8 - Re 14,8 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
8kai epestrepsen meth' èmeras labein autèn kai exeklinen idein to ptôma tou leontos kai idou sustrofè melissôn en tô stomati tou leontos kai meli èn        [8] Enige tijd later keerde hij terug om* met de vrouw te gaan trouwen. Toen hij even van de weg afging om naar de dode leeuw te kijken, vond hij in het kadaver van de leeuw een bijenzwerm en ook honing.        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Re 14,9 - Re 14,9 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
9kai exeilen auto eis to stoma autou kai eporeuthè poreuomenos kai esthôn kai eporeuthè pros ton patera autou kai pros tèn mètera autou kai edôken autois kai efagon kai ouk apèggeilen autois oti ek tès exeôs tou leontos exeilen to meli        [9] Hij liet de honing in zijn handen lopen en onderweg at hij ervan. Toen hij bij zijn ouders kwam, gaf hij hun ook wat honing, zonder te vertellen dat die uit het kadaver van de leeuw gekomen was.        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Re 14,10 - Re 14,10 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
10kai katebè o patèr autou pros tèn gunaika kai epoièsen ekei sampsôn poton èmeras epta oti outôs epoioun oi neaniskoi        [10] Zijn vader ging naar de vrouw, en Simson gaf daar een feest, zoals jonge mannen doen.        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Re 14,11 - Re 14,11 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
11kai egeneto en tô fobeisthai autous auton proskatestèsan autô etairous triakonta kai èsan met' autou        [11] Toen er na de kennismaking dertig metgezellen waren aangewezen om hem te begeleiden,        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Re 14,12 - Re 14,12 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
12kai eipen autois sampsôn probalô umin problèma kai ean apaggeilète moi to problèma en tais epta èmerais tou potou dôsô umin triakonta sindonas kai triakonta stolas        [12] zei Simson tegen hen: ‘Ik zal jullie eens een raadsel opgeven. Als jullie mij binnen de zeven dagen van het feest de oplossing kunnen vertellen, krijgen jullie van mij dertig stel onder- en dertig stel bovenkleren.       12. Alors Samson leur dit : « Laissez-moi vous proposer une énigme. Si vous m'en donnez la solution au cours des sept jours de festin, je vous donnerai trente pièces de toile fine et trente vêtements d'honneur.

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 14,12 .

Re 14,12.20. mann. mv. סְדִינִים = sëdînîm (onderkleren) van het zelfst. naamw. סָדִין = sâdîn (onderkleed, linnen hemd) . Taalgebruik in Tenakh : sâdîn (onderkleed, linnen hemd) . Getalwaarde : samekh = 15 of 60 , daleth = 4 , jod = 10 , nun = 14 of 50 ; totaal : 43 OF 124 (2² X 31) . Structuur : 6 - 4 - 1 - 5 . De som van de elementen is telkens 7 . Tenakh (2) : (1) Re 14,12 . (2) Re 14,13 . Een vorm van סָדִין = sâdîn in Tenakh (4) : (1) Re 14,12 . (2) Re 14,13 . (3) Js 3,23 . (4) Spr 31,24 .
- Grieks . acc. mann. mv. σινδονας = sindonas (onderkleren) van het zelfst. naamw. σινδων = sindôn (linnen weefsel) . Taalgebruik in de Bijbel : sindôn (linnen weefsel) . Bijbel (3) : (1) Re 14,12 . (2) Re 14,13 . (3) Spr 31,24 . Een vorm van σινδων = sindôn in de LXX (3) : (1) Re 14,12 . (2) Re 14,13 . (3) Spr 31,24 , in het NT (6) .

  bijbel OT NT Mt Mc Lc Joh Hnd Br. Apk syn.  ev.  P.  A. b. 
dat. vr. enk. sindoni     1 : Mt 27,59 . 1 : Mc 15,46 . 1 : Lc 23,53 .         3 : (1) Mt 27,59 // Mc 15,46 // Lc 23,53 .    
acc. vr. enk. sindona      3 : (1) Mc 14,51 . (2) Mc 14,52 . (3) Mc 15,46 .              
acc. vr. mv. sindonas  3 : (1) Re 14,12 . (2) Re 14,13 . (3) Spr 31,24 .                        
totaal         6      

- Latijn . acc. mann. mv. sindones van het zelfst. naamw. sindon , -onis . Bijbel (3) : (1) Re 14,12 . (2) Re 14,13 . (3) Js 3,23 .
- Ned. satijn , zijde . Fr. toile = weefsel van linnen , hennep of katoen , afkomstig uit : Lat. tela (tex-la) , texere = weven (Fr. tiser) . E. linen . D. Leinentuch . Ned. linnen . Lat. linum (vlas) . Gr. lineos . Fr. lin .

Re 14,13 - Re 14,13 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
13kai ean mè dunasthète apaggeilai moi kai dôsete umeis emoi triakonta sindonas kai triakonta stolas imatiôn kai eipan autô probalou to problèma sou kai akousometha autou        [13] Kunnen jullie mij de oplossing niet geven, dan krijg ik van jullie dertig stel onder- en dertig stel bovenkleren.’ Zij antwoordden hem: ‘Laat je raadsel maar eens horen.’ [14] Toen zei Simson: ‘Uit de verslinder kwam voedsel voort en uit de sterke zoetheid.’       13. Mais si vous ne pouvez pas me donner la solution, c'est vous qui me donnerez trente pièces de toile fine et trente vêtements d'honneur. » - « Propose ton énigme, lui répondirent-ils, nous écoutons. »

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 14,13 .

Re 14,13.10. mann. mv. סְדִינִים = sëdînîm (onderkleren) van het zelfst. naamw. סָדִין = sâdîn (onderkleed, linnen hemd) . Taalgebruik in Tenakh : sâdîn (onderkleed, linnen hemd) . Getalwaarde : samekh = 15 of 60 , daleth = 4 , jod = 10 , nun = 14 of 50 ; totaal : 43 OF 124 (2² X 31) . Structuur : 6 - 4 - 1 - 5 . De som van de elementen is telkens 7 . Tenakh (2) : (1) Re 14,12 . (2) Re 14,13 . Een vorm van סָדִין = sâdîn in Tenakh (4) : (1) Re 14,12 . (2) Re 14,13 . (3) Js 3,23 . (4) Spr 31,24 .
- Grieks . acc. mann. mv. σινδονας = sindonas (onderkleren) van het zelfst. naamw. σινδων = sindôn (linnen weefsel) . Taalgebruik in de Bijbel : sindôn (linnen weefsel) . Bijbel (3) : (1) Re 14,12 . (2) Re 14,13 . (3) Spr 31,24 . Een vorm van σινδων = sindôn in de LXX (3) : (1) Re 14,12 . (2) Re 14,13 . (3) Spr 31,24 , in het NT (6) .

  bijbel OT NT Mt Mc Lc Joh Hnd Br. Apk syn.  ev.  P.  A. b. 
dat. vr. enk. sindoni     1 : Mt 27,59 . 1 : Mc 15,46 . 1 : Lc 23,53 .         3 : (1) Mt 27,59 // Mc 15,46 // Lc 23,53 .    
acc. vr. enk. sindona      3 : (1) Mc 14,51 . (2) Mc 14,52 . (3) Mc 15,46 .              
acc. vr. mv. sindonas  3 : (1) Re 14,12 . (2) Re 14,13 . (3) Spr 31,24 .                        
totaal         6      

- Latijn . acc. mann. mv. sindones van het zelfst. naamw. sindon , -onis . Bijbel (3) : (1) Re 14,12 . (2) Re 14,13 . (3) Js 3,23 .
- Ned. satijn , zijde . Fr. toile = weefsel van linnen , hennep of katoen , afkomstig uit : Lat. tela (tex-la) , texere = weven (Fr. tiser) . E. linen . D. Leinentuch . Ned. linnen . Lat. linum (vlas) . Gr. lineos . Fr. lin .

Re 14,14 - Re 14,14 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
14kai eipen autois ek tou esthontos exèlthen brôsis kai ex iscurou exèlthen gluku kai ouk èdunasthèsan apaggeilai to problèma epi treis èmeras        [14] Na drie dagen hadden zij het raadsel nog niet kunnen oplossen.        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Re 14,15 - Re 14,15 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
15kai egeneto en tè èmera tè tetartè kai eipan tè gunaiki sampsôn apatèson dè ton andra sou kai apaggeilatô soi to problèma mèpote empurisômen se kai ton oikon tou patros sou en puri è ptôceusai ekalesate èmas       [15] De zevende dag zeiden ze tegen de vrouw van Simson: ‘Jij moet je man zo ver brengen dat hij ons de oplossing van het raadsel vertelt; anders verbranden wij jou en je hele familie. Of heb je ons soms uitgenodigd om ons arm te maken?’        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Re 14,16 - Re 14,16 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
16kai eklausen è gunè sampsôn ep' auton kai eipen autô memisèkas me kai ouk ègapèkas me oti to problèma o proebalou tois uiois tou laou mou kamoi ouk apèggeilas auto kai eipen autè sampsôn idou tô patri mou kai tè mètri mou ouk apèggeila auto kai soi apaggelô        [16] Toen kwam de vrouw schreiend bij Simson en zei: ‘Eigenlijk heb je een hekel aan mij; je houdt niet van me. Je hebt mijn landgenoten een raadsel opgegeven en mij de oplossing niet verteld.’ Hij antwoordde haar: ‘Die heb ik niet eens aan mijn vader en moeder verteld! Waarom dan aan jou?’        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Re 14,17 - Re 14,17 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
17kai eklausen ep' auton epi tas epta èmeras en ais èn en autais o potos kai egeneto en tè èmera tè ebdomè kai apèggeilen autè oti parènôclèsen auton kai autè apèggeilen tois uiois tou laou autès        [17] Maar zij bleef de zeven dagen van het feest met tranen bij hem aandringen. En omdat ze zo bleef aanhouden, vertelde hij haar op de zevende dag de oplossing. Zij vertelde die aan haar landgenoten,        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Re 14,18 - Re 14,18 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -

Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
18kai eipan autô oi andres tès poleôs en tè èmera tè ebdomè prin dunai ton èlion ti glukuteron melitos kai ti iscuroteron leontos kai eipen autois sampsôn ei mè katedamasate mou tèn damalin ouk an eurete to problèma mou        [18] en op die zevende dag, nog voor de zon was ondergegaan, zeiden de mannen van Timna tegen Simson: ‘Wat is zoeter dan honing en wat is sterker dan een leeuw?’ Hij antwoordde: ‘Als jullie niet met mijn vaars geploegd hadden, hadden jullie mijn raadsel nooit opgelost.’        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van

Re 14,19 - Re 14,19 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
19kai kateuthunen ep' auton pneuma kuriou kai katebè eis askalôna kai epaisen ekeithen triakonta andras kai elaben tas stolas autôn kai edôken tois apaggeilasin to problèma kai ethumôthè orgè sampsôn kai anebè eis ton oikon tou patros autou        [19] Toen kwam de geest van de heer over hem: hij ging naar Askelon, sloeg dertig mannen dood, nam hun kleren en gaf die aan degenen die hem de oplossing van het raadsel gegeven hadden. En woedend ging hij terug naar het huis van zijn vader.        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Door de kracht van de geest slaat Simson dertig mannen dood .

3. rûach (geest) . Taalgebruik in Tenach : rûach (geest) . Taalgebruik in Rechters : rûach (geest) . Getalwaarde : resj = 20 of 200 . waw = 6 . chet = 8 . Totaal : 34 (2 X 17) of 214 (2 X 107) . Structuur : 2 - 6 - 8 . LXX : pneuma (geest) . Taalgebruik in de Septuaginta : pneuma (geest) . Taalgebruik in het N.T. : pneuma (geest) . Lat. spiritus . Fr. esprit . E. spirit . Ned. geest . D. Geist . Een vorm van pneuma (geest) in het N.T. (379) , in de LXX (382) . rûach (geest) in Tenach (204) . Pentateuch (19) . Re (7) : (1) Re 3,10 . (2) Re 9,23 . (3) Re 11,29 . (4) Re 13,25 . (5) Re 14,6 . (6) Re 14,19 . (7) Re 15,14 . In 6 verzen gaat het om rûach JHWH (de geest van JHWH) behalve in Re 9,23 waar het gaat om rûach râ`âh (een slechte geest) .
- wërûach (en een geest) . Tenach (39) . Re (1) Re 6,34 .
Zo is er in Rechters 7X sprake van rûach JHWH (de geest van JHWH) en 1X van rûach râ`âh (een slechte geest) . In Rechters werden bepaalde rechters door de geest van JHWH bezield waardoor zij het volk van Israël konden bevrijden van hun vijanden : 1. Otniël (Re 3,10) . 2. Gideon (Re 6,34) . 3. Jefta (Re 11,29) . 4. Simson (Re 14,6 . Re 14,19 . Re 15,14) .

3. - 4. rûach JHWH (de geest van JHWH) . Tenach (23) (niet in de Pentateuch) : (1) Re 3,10 . (2) Re 11,29 . (3) Re 13,25 . (4) Re 14,6 . (5) Re 14,19 . (6) Re 15,14 . (7) 1 S 10,6 . (8) 1 S 16,13 . (9) 1 S 19,9 . (10) 2 S 23,2 . (11) 1 K 22,24 . (12) 2 K 2,15 . (13) 2 Kr 18,23 . (14) 2 Kr 20,14 . (15) Js 11,2 . (16) Js 40,7 . (17) Js 40,13 . (18) Js 59,19 . (19) Js 63,14 . (20) Ez 11,5 . (21) Hos 13,15 . (22) Mi 2,7 . (23) Mi 3,8 . wërûach JHWH (en de geest van JHWH) . Tenach (3) : (1) Re 6,34 . (2) 1 S 16,14 . (3) 1 K 18,12 .

1. - 4. waththitsëlach `âlâ(j)w rûach JHWH (en de geest van JHWH werd vaardig / kwam over hem) . Tenach (3) : (1) Re 14,6 . (2) Re 14,19 . (3) Re 15,14 .
- waththitsëlach rûach JHWH ´èl dâwid (en de geest van JHWH werd vaardig / kwam over David) . Tenach (1) 1 S 16,13 .
- waththitsëlach `âlâ(j)w rûach ´èlohîm (en de geest van God werd vaardig / kwam over hem) . Tenach (1) 1 S 10,10 .
- wëtsâlëchâh `âlè(j)khâ rûach JHWH (en de geest van JHWH zal vaardig worden / komen over jou) . Tenach (1) 1 S 10,6 .

Re 14,20 - Re 14,20 . Het huwelijk van Simson - bijbeloverzicht -- bijbelverwijzingen -- Re (Rechters) -- Re 14 -- Re 14,1-20 -- Re 14,1 - Re 14,2 - Re 14,3 - Re 14,4 - Re 14,5 - Re 14,6 - Re 14,7 - Re 14,8 - Re 14,9 - Re 14,10 - Re 14,11 - Re 14,12 - Re 14,13 - Re 14,14 - Re 14,15 - Re 14,16 - Re 14,17 - Re 14,18 - Re 14,19 - Re 14,20 -
Griekse tekst Vulgaat   Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de Jérusalem
20kai sunôkèsen è gunè sampsôn tô numfagôgô autou os èn etairos autou         [20] Simsons vrouw werd aan een van de metgezellen gegeven die hem begeleid hadden.       

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van


- Hebreeuwse tekst OF modern Hebreeuws NT

וַיֵּרֶד שִׁמְשֹׁון תִּמְנָתָה וַיַּרְא אִשָּׁה בְּתִמְנָתָה מִבְּנֹות פְּלִשְׁתִּים׃ .1 וַיַּעַל וַיַּגֵּד לְאָבִיו וּלְאִמֹּו וַיֹּאמֶר אִשָּׁה רָאִיתִי בְתִמְנָתָה מִבְּנֹות פְּלִשְׁתִּים וְעַתָּה קְחוּ־אֹותָהּ לִּי לְאִשָּׁה׃ .2 וַיֹּאמֶר לֹו אָבִיו וְאִמֹּו הַאֵין בִּבְנֹות אַחֶיךָ וּבְכָל־עַמִּי אִשָּׁה כִּי־אַתָּה הֹולֵךְ לָקַחַת אִשָּׁה מִפְּלִשְׁתִּים הָעֲרֵלִים וַיֹּאמֶר שִׁמְשֹׁון אֶל־אָבִיו אֹותָהּ קַח־לִי כִּי־הִיא יָשְׁרָה בְעֵינָי׃ .3 וְאָבִיו וְאִמֹּו לֹא יָדְעוּ כִּי מֵיְהוָה הִיא כִּי־תֹאֲנָה הוּא־מְבַקֵּשׁ מִפְּלִשְׁתִּים וּבָעֵת הַהִיא פְּלִשְׁתִּים מֹשְׁלִים בְּיִשְׂרָאֵל׃ פ .4 וַיֵּרֶד שִׁמְשֹׁון וְאָבִיו וְאִמֹּו תִּמְנָתָה וַיָּבֹאוּ עַד־כַּרְמֵי תִמְנָתָה וְהִנֵּה כְּפִיר אֲרָיֹות שֹׁאֵג לִקְרָאתֹו׃ .5 וַתִּצְלַח עָלָיו רוּחַ יְהוָה וַיְשַׁסְּעֵהוּ כְּשַׁסַּע הַגְּדִי וּמְאוּמָה אֵין בְּיָדֹו וְלֹא הִגִּיד לְאָבִיו וּלְאִמֹּו אֵת אֲשֶׁר עָשָׂה׃ .6 וַיֵּרֶד וַיְדַבֵּר לָאִשָּׁה וַתִּישַׁר בְּעֵינֵי שִׁמְשֹׁון׃ .7 וַיָּשָׁב מִיָּמִים לְקַחְתָּהּ וַיָּסַר לִרְאֹות אֵת מַפֶּלֶת הָאַרְיֵה וְהִנֵּה עֲדַת דְּבֹורִים בִּגְוִיַּת הָאַרְיֵה וּדְבָשׁ׃ .8 וַיִּרְדֵּהוּ אֶל־כַּפָּיו וַיֵּלֶךְ הָלֹוךְ וְאָכֹל וַיֵּלֶךְ אֶל־אָבִיו וְאֶל־אִמֹּו וַיִּתֵּן לָהֶם וַיֹּאכֵלוּ וְלֹא־הִגִּיד לָהֶם כִּי מִגְּוִיַּת הָאַרְיֵה רָדָה הַדְּבָשׁ׃ .9 וַיֵּרֶד אָבִיהוּ אֶל־הָאִשָּׁה וַיַּעַשׂ שָׁם שִׁמְשֹׁון מִשְׁתֶּה כִּי כֵּן יַעֲשׂוּ הַבַּחוּרִים׃ .10 וַיְהִי כִּרְאֹותָם אֹותֹו וַיִּקְחוּ שְׁלֹשִׁים מֵרֵעִים וַיִּהְיוּ אִתֹּו׃ .11 וַיֹּאמֶר לָהֶם שִׁמְשֹׁון אָחוּדָה־נָּא לָכֶם חִידָה אִם־הַגֵּד תַּגִּידוּ אֹותָהּ לִי שִׁבְעַת יְמֵי הַמִּשְׁתֶּה וּמְצָאתֶם וְנָתַתִּי לָכֶם שְׁלֹשִׁים סְדִינִים וּשְׁלֹשִׁים חֲלִפֹת בְּגָדִים׃ .12 וְאִם־לֹא תוּכְלוּ לְהַגִּיד לִי וּנְתַתֶּם אַתֶּם לִי שְׁלֹשִׁים סְדִינִים וּשְׁלֹשִׁים חֲלִיפֹות בְּגָדִים וַיֹּאמְרוּ לֹו חוּדָה חִידָתְךָ וְנִשְׁמָעֶנָּה׃ .13 וַיֹּאמֶר לָהֶם מֵהָאֹכֵל יָצָא מַאֲכָל וּמֵעַז יָצָא מָתֹוק וְלֹא יָכְלוּ לְהַגִּיד הַחִידָה שְׁלֹשֶׁת יָמִים׃ .14 וַיְהִי ׀ בַּיֹּום הַשְּׁבִיעִי וַיֹּאמְרוּ לְאֵשֶׁת־שִׁמְשֹׁון פַּתִּי אֶת־אִישֵׁךְ וְיַגֶּד־לָנוּ אֶת־הַחִידָה פֶּן־נִשְׂרֹף אֹותָךְ וְאֶת־בֵּית אָבִיךְ בָּאֵשׁ הַלְיָרְשֵׁנוּ קְרָאתֶם לָנוּ הֲלֹא׃ .15 וַתֵּבְךְּ אֵשֶׁת שִׁמְשֹׁון עָלָיו וַתֹּאמֶר רַק־שְׂנֵאתַנִי וְלֹא אֲהַבְתָּנִי הַחִידָה חַדְתָּ לִבְנֵי עַמִּי וְלִי לֹא הִגַּדְתָּה וַיֹּאמֶר לָהּ הִנֵּה לְאָבִי וּלְאִמִּי לֹא הִגַּדְתִּי וְלָךְ אַגִּיד׃ .16 וַתֵּבְךְּ עָלָיו שִׁבְעַת הַיָּמִים אֲשֶׁר־הָיָה לָהֶם הַמִּשְׁתֶּה וַיְהִי ׀ בַּיֹּום הַשְּׁבִיעִי וַיַּגֶּד־לָהּ כִּי הֱצִיקַתְהוּ וַתַּגֵּד הַחִידָה לִבְנֵי עַמָּהּ׃ .17 וַיֹּאמְרוּ לֹו אַנְשֵׁי הָעִיר בַּיֹּום הַשְּׁבִיעִי בְּטֶרֶם יָבֹא הַחַרְסָה מַה־מָּתֹוק מִדְּבַשׁ וּמֶה עַז מֵאֲרִי וַיֹּאמֶר לָהֶם לוּלֵא חֲרַשְׁתֶּם בְּעֶגְלָתִי לֹא מְצָאתֶם חִידָתִי׃ .18 וַתִּצְלַח עָלָיו רוּחַ יְהוָה וַיֵּרֶד אַשְׁקְלֹון וַיַּךְ מֵהֶם ׀ שְׁלֹשִׁים אִישׁ וַיִּקַּח אֶת־חֲלִיצֹותָם וַיִּתֵּן הַחֲלִיפֹות לְמַגִּידֵי הַחִידָה וַיִּחַר אַפֹּו וַיַּעַל בֵּית אָבִיהוּ׃ פ .19 וַתְּהִי אֵשֶׁת שִׁמְשֹׁון לְמֵרֵעֵהוּ אֲשֶׁר רֵעָה לֹו׃ .20

- Targum Onkelos


- Griekse tekst - Septuaginta

1kai katebè sampsôn eis thamnatha kai eiden gunaika en thamnatha ek tôn thugaterôn tôn allofulôn kai èresen enôpion autou2kai anebè kai apèggeilen tô patri autou kai tè mètri autou kai eipen gunaika eôraka en thamnatha apo tôn thugaterôn tôn allofulôn kai nun labete moi autèn eis gunaika3kai eipen autô o patèr autou kai è mètèr autou mè ouk estin apo tôn thugaterôn tôn adelfôn sou kai en panti tô laô mou gunè oti su poreuè labein gunaika ek tôn allofulôn tôn aperitmètôn kai eipen sampsôn pros ton patera autou tautèn labe moi oti èresen en ofthalmois mou4kai o patèr autou kai è mètèr autou ouk egnôsan oti para kuriou estin oti antapodoma autos ekzètei ek tôn allofulôn kai en tô kairô ekeinô allofuloi ekurieuon tôn uiôn israèl5kai katebè sampsôn kai o patèr autou kai è mètèr autou eis thamnatha kai exeklinen eis ampelôna thamnatha kai idou skumnos leontôn ôruomenos eis apantèsin autou6kai katèuthunen ep' auton pneuma kuriou kai diespasen auton ôsei diaspasai erifon aigôn kai ouden èn en tè ceiri autou kai ouk apèggeilen tô patri autou oude tè mètri a epoièsen7kai katebèsan kai elalèsan tè gunaiki kai èresen enôpion sampsôn8kai epestrepsen meth' èmeras labein autèn kai exeklinen idein to ptôma tou leontos kai idou sustrofè melissôn en tô stomati tou leontos kai meli èn9kai exeilen auto eis to stoma autou kai eporeuthè poreuomenos kai esthôn kai eporeuthè pros ton patera autou kai pros tèn mètera autou kai edôken autois kai efagon kai ouk apèggeilen autois oti ek tès exeôs tou leontos exeilen to meli10kai katebè o patèr autou pros tèn gunaika kai epoièsen ekei sampsôn poton èmeras epta oti outôs epoioun oi neaniskoi11kai egeneto en tô fobeisthai autous auton proskatestèsan autô etairous triakonta kai èsan met' autou12kai eipen autois sampsôn probalô umin problèma kai ean apaggeilète moi to problèma en tais epta èmerais tou potou dôsô umin triakonta sindonas kai triakonta stolas13kai ean mè dunasthète apaggeilai moi kai dôsete umeis emoi triakonta sindonas kai triakonta stolas imatiôn kai eipan autô probalou to problèma sou kai akousometha autou14kai eipen autois ek tou esthontos exèlthen brôsis kai ex iscurou exèlthen gluku kai ouk èdunasthèsan apaggeilai to problèma epi treis èmeras15kai egeneto en tè èmera tè tetartè kai eipan tè gunaiki sampsôn apatèson dè ton andra sou kai apaggeilatô soi to problèma mèpote empurisômen se kai ton oikon tou patros sou en puri è ptôceusai ekalesate èmas16kai eklausen è gunè sampsôn ep' auton kai eipen autô memisèkas me kai ouk ègapèkas me oti to problèma o proebalou tois uiois tou laou mou kamoi ouk apèggeilas auto kai eipen autè sampsôn idou tô patri mou kai tè mètri mou ouk apèggeila auto kai soi apaggelô17kai eklausen ep' auton epi tas epta èmeras en ais èn en autais o potos kai egeneto en tè èmera tè ebdomè kai apèggeilen autè oti parènôclèsen auton kai autè apèggeilen tois uiois tou laou autès18kai eipan autô oi andres tès poleôs en tè èmera tè ebdomè prin dunai ton èlion ti glukuteron melitos kai ti iscuroteron leontos kai eipen autois sampsôn ei mè katedamasate mou tèn damalin ouk an eurete to problèma mou19kai kateuthunen ep' auton pneuma kuriou kai katebè eis askalôna kai epaisen ekeithen triakonta andras kai elaben tas stolas autôn kai edôken tois apaggeilasin to problèma kai ethumôthè orgè sampsôn kai anebè eis ton oikon tou patros autou20kai sunôkèsen è gunè sampsôn tô numfagôgô autou os èn etairos autou


- Vulgata


- Statenvertaling


- Willibrordvertaling


- De Nieuwe Bijbelvertaling


- De Naardense bijbel


- Bible de Jérusalem

1. Samson descendit à Timna et remarqua, à Timna, une femme parmi les filles des Philistins. 2. Il remonta et l'apprit à son père et à sa mère : « J'ai remarqué à Timna, dit-il, parmi les filles des Philistins, une femme. Prends-la moi donc pour épouse. » 3. Son père lui dit, ainsi que sa mère : « N'y a-t-il pas de femme parmi les filles de tes frères et dans tout mon peuple, pour que tu ailles prendre femme parmi ces Philistins incirconcis ? » Mais Samson répondit à son père : « Prends-la moi, celle-là, car c'est celle-là qui me plaît. » 4. Son père et sa mère ne savaient pas que cela venait de Yahvé qui cherchait un sujet de querelle avec les Philistins, car, en ce temps-là, les Philistins dominaient sur Israël. 5. Samson descendit à Timna et, comme il arrivait aux vignes de Timna, il vit un jeune lion qui venait à sa rencontre en rugissant. 6. L'esprit de Yahvé fondit sur lui et, sans rien avoir en main, Samson déchira le lion comme on déchire un chevreau; mais il ne raconta pas à son père ni à sa mère ce qu'il avait fait. 7. Il descendit, s'entretint avec la femme et elle lui plut. 8. A quelque temps de là, Samson revint pour l'épouser. Il fit un détour pour voir le cadavre du lion, et voici qu'il y avait dans la carcasse du lion un essaim d'abeilles et du miel. 9. Il en recueillit dans sa main et, chemin faisant, il en mangea. Lorsqu'il fut revenu près de son père et de sa mère, il leur en donna, ils en mangèrent, mais il ne leur dit pas qu'il l'avait recueilli dans la carcasse du lion. 10. Son père descendit ensuite chez la femme et Samson fit là un festin, car c'est ainsi qu'agissent les jeunes gens. 11. Quand on le vit, on choisit trente compagnons pour rester auprès de lui. 12. Alors Samson leur dit : « Laissez-moi vous proposer une énigme. Si vous m'en donnez la solution au cours des sept jours de festin, je vous donnerai trente pièces de toile fine et trente vêtements d'honneur. 13. Mais si vous ne pouvez pas me donner la solution, c'est vous qui me donnerez trente pièces de toile fine et trente vêtements d'honneur. » - « Propose ton énigme, lui répondirent-ils, nous écoutons. » 14. Il leur dit donc : « De celui qui mange est sorti ce qui se mange, et du fort est sorti le doux. » Mais de trois jours il ne réussirent pas à résoudre l'énigme. 15. Au quatrième jour ils dirent à la femme de Samson : « Enjôle ton mari pour qu'il nous explique l'énigme, autrement nous te brûlerons, toi et la maison de ton père. Est-ce pour nous dépouiller que vous nous avez invités ici ? » 16. Alors la femme de Samson pleura à son cou : « Tu n'as pour moi que de la haine, disait-elle, tu ne m'aimes pas. Tu as proposé une énigme aux fils de mon peuple, et à moi, tu ne l'as pas expliquée. » Il lui répondit : « Je ne l'ai même pas expliquée à mon père et à ma mère, et à toi je l'expliquerais! » 17. Elle pleura à son cou pendant les sept jours que dura leur festin. Le septième jour, il lui donna la solution, car elle l'avait obsédé, mais elle, elle donna le mot de l'énigme aux fils de son peuple. 18. Le septième jour, avant qu'il n'entrât dans la chambre à coucher, les gens de la ville dirent donc à Samson : « Qu'y a-t-il de plus doux que le miel, et quoi de plus fort que le lion ? » Il leur répliqua : « Si vous n'aviez pas labouré avec ma génisse, vous n'auriez pas deviné mon énigme. » 19. Alors l'esprit de Yahvé fondit sur lui, il descendit à Ashqelôn, y tua trente hommes, prit leurs dépouilles et remit les vêtements d'honneur à ceux qui avaient expliqué l'énigme, puis, enflammé de colère, il remonta à la maison de son père. 20. La femme de Samson fut alors donnée au compagnon qui lui avait servi de garçon d'honneur.


- King James Bible


- Luther Bibel


- Arabisch

ونزل شمشون الى تمنة ورأى امرأة في تمنة من بنات الفلسطينيين. .1 فصعد واخبر اباه وامه وقال قد رأيت امرأة في تمنة من بنات الفلسطينيين فالآن خذاها لي امرأة. .2 فقال له ابوه وامه أليس في بنات اخوتك وفي كل شعبي امرأة حتى انك ذاهب لتأخذ امرأة من الفلسطينيين الغلف. فقال شمشون لابيه اياها خذ لي لانها حسنت في عينيّ. .3 ولم يعلم ابوه وامه ان ذلك من الرب لانه كان يطلب علّة على الفلسطينيين. وفي ذلك الوقت كان الفلسطينيون متسلطين على اسرائيل .4 فنزل شمشون وابوه وامه الى تمنة وأتوا الى كروم تمنة. واذا بشبل اسد يزمجر للقائه. .5 فحلّ عليه روح الرب فشقه كشق الجدي وليس في يده شيء. ولم يخبر اباه وامه بما فعل. .6 فنزل وكلم المرأة فحسنت في عيني شمشون. .7 ولما رجع بعد ايام لكي ياخذها مال لكي يرى رمّة الاسد واذا دبر من النحل في جوف الاسد مع عسل. .8 فاشتار منه على كفيه وكان يمشي وياكل وذهب الى ابيه وامه واعطاهما فأكلا ولم يخبرهما انه من جوف الاسد اشتار العسل .9 ونزل ابوه الى المرأة فعمل هناك شمشون وليمة لانه هكذا كان يفعل الفتيان. .10 فلما رأوه احضروا ثلاثين من الاصحاب فكانوا معه. .11 فقال لهم شمشون لأحاجينكم أحجية. فاذا حللتموها لي في سبعة ايام الوليمة واصبتموها اعطيكم ثلاثين قميصا وثلاثين حلّة ثياب. .12 وان لم تقدروا ان تحلّوها لي تعطوني انتم ثلاثين قميصا وثلاثين حلّة ثياب. فقالوا له حاج أحجيتك فنسمعها. .13 فقال لهم من الآكل خرج أكل ومن الجافي خرجت حلاوة. فلم يستطيعوا ان يحلّوا الاحجية في ثلاثة ايام. .14 وكان في اليوم السابع انهم قالوا لامرأة شمشون تملقي رجلك لكي يظهر لنا الاحجية لئلا نحرقك وبيت ابيك بنار. ألتسلبونا دعوتمونا ام لا. .15 فبكت امرأة شمشون لديه وقالت انما كرهتني ولا تحبني. قد حاجيت بني شعبي احجية واياي لم تخبر. فقال لها هوذا ابي وامي لم اخبرهما فهل اياك اخبر. .16 فبكت لديه السبعة الايام التي فيها كانت لهم الوليمة وكان في اليوم السابع انه اخبرها لانها ضايقته فاظهرت الاحجية لبني شعبها. .17 فقال له رجال المدينة في اليوم السابع قبل غروب الشمس اي شيء احلى من العسل وما اجفى من الاسد. فقال لهم لو لم تحرثوا على عجلتي لما وجدتم أحجيتي. .18 وحلّ عليه روح الرب فنزل الى اشقلون وقتل منهم ثلاثين رجلا واخذ سلبهم واعطى الحلل لمظهري الاحجية. وحمي غضبه وصعد الى بيت ابيه. .19 فصارت امرأة شمشون لصاحبه الذي كان يصاحبه .20


- Structuur


- Taalgebruik

- A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z -


- Commentaar