BIJBELBOEK RECHTERS 19 -- Re 19 -- verwijzingen -
Deze websitepagina is een onderdeel van de website van Arseen De Kesel : http://www.interlevensbeschouwelijk.be/index.html .

- Bibliografie - Literatuur - Liturgisch gebruik - Overzicht bijbelboeken - Overzicht van de bibliografie van de bijbelboeken - Overzicht van deze website

Overzicht van Rechters : - Re 1 - Re 2 - Re 3 - Re 4 - Re 5 - Re 6 - Re 7 - Re 8 - Re 9 - Re 10 - Re 11 - Re 12 - Re 13 - Re 14 - Re 15 - Re 16 - Re 17 - Re 18 - Re 19 - Re 20 - Re 21 -
Tekstuitleg per pericope :
Overzicht vers per vers : - Re 19,1 - Re 19,2 - Re 19,3 - Re 19,4 - Re 19,5 - Re 19,6 - Re 19,7 - Re 19,8 - Re 19,9 - Re 19,10 - Re 19,11 - Re 19,12 - Re 19,13 - Re 19,14 - Re 19,15 - Re 19,16 - Re 19,17 - Re 19,18 - Re 19,19 - Re 19,20 - Re 19,21 - Re 19,22 - Re 19,23 - Re 19,24 - Re 19,25 - Re 19,26 - Re 19,27 - Re 19,28 - Re 19,29 - Re 19,30 -

() Re 19,1 . () Re 19,2 . () Re 19,3 . () Re 19,4 . () Re 19,5 . () Re 19,6 . () Re 19,7 . () Re 19,8 . () Re 19,9 . () Re 19,10 . () Re 19,11 . () Re 19,12 . () Re 19,13 . () Re 19,14 . () Re 19,15 . () Re 19,16 . () Re 19,17 . () Re 19,18 . () Re 19,19 . () Re 19,20 . () Re 19,21 . () Re 19,22 . () Re 19,23 . () Re 19,24 . () Re 19,25 . () Re 19,26 . () Re 19,27 . () Re 19,28 . () Re 19,29 . () Re 19,30 .

Re 19,1 . Re 19,2 . Re 19,3 . Re 19,4 . Re 19,5 . Re 19,6 . Re 19,7 . Re 19,8 . Re 19,9 . Re 19,10 . Re 19,11 . Re 19,12 . Re 19,13 . Re 19,14 . Re 19,15 . Re 19,16 . Re 19,17 . Re 19,18 . Re 19,19 . Re 19,20 . Re 19,21 . Re 19,22 . Re 19,23 . Re 19,24 . Re 19,25 . Re 19,26 . Re 19,27 . Re 19,28 . Re 19,29 . Re 19,30 .



Re 19,1 - Re 19,1 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [1] In die tijd, toen er nog geen koning in Israël was, woonde er diep in het bergland van Efraïm een Leviet die een bijvrouw had uit Betlehem in Juda.      

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,1 . Re 13,1-16,31 omvat de verhalen over Simson . In Re 13,2 komen de ouders van de toekomstige Simson ter sprake . Na de verhalen over Simson begint een nieuwe reeks verhalen in Re 17,1 (nl. in verband met de Danieten) en vervolgens in Re 19,1 (in verband met de stam van Benjamin) .

1. wajëhî (en hij was / en het was) < wë + qal imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. hâjâh (zijn) . De getalwaarde van wajëhî (en hij was) is 31 . 31 is de getalwaarde van ´el (God) ; aleph = 1 , lamed = 12 of 30 . Totaal : 13 of 31 (elkaars spiegelbeeld) . Taalgebruik in Tenakh : hâjâh (zijn) . Getalwaarde : he = 5 , jod = 10 ; totaal : 20 (2² X 5) . Structuur : 5 - 1 - 5 . Gr. eimi (zijn) . Taalgebruik in de Septuaginta : eimi (zijn) . Taalgebruik in het NT : eimi (zijn) . Lat. esse . D. sein . Fr. être . Ned. zijn . E. to be . Tenakh (784) . Pentateuch (181) . Eerdere Profeten (339) . Latere Profeten (116) . 12 Kleine Profeten (22) . Geschriften (126) . Re (47) . Re 19 (2) : (1) Re 19,1 . (2) Re 19,5 . Bij het begin van een hoofdstuk in Re (4) : (1) Re 15,1 . (2) Re 17,1 . (3) Re 19,1 .
Door wajëhî (en hij was / en het was) wordt het verhaal vervolgd . We zouden kunnen vertalen : vervolgens .
Elk boek van de Eerdere Profeten begint met wajëhî (en hij was / en het was) : (1) Joz 1,1 . (2) Re 1,1 . (3) 1 S 1,1 . (4) 2 S 1,1 . (5) 1 K 1,1 . (6) 2 K 1,1 .

2. - 3. bajjâmîm hâhem (in die dagen) . Tenakh (31) . In één vers in Gn : Gn 6,4 . In één vers in Ex : Ex 2,11 . In Ex 2,23 staat tussen bajjâmîm en hâhem het bijvoeglijk naamwoord hârabbîm (vele) . In drie verzen in Dt . In één vers in Joz . Re (6) : (1) Re 17,6 . (2) Re 18,1 . (3) Re 19,1 . (4) Re 20,27 . (5) Re 20,28 . (6) Re 21,25 . In twee verzen in 1 S . In één vers in 2 S . In drie verzen in 2 K . In één vers in 2 Kr . In twee verzen in Neh . In twee verzen in Est . In één vers in Js . In vier verzen in Jr . In één vers in Ez . In één vers in Da . In één vers in Zach .

1. - 3. wajëhî bajjâmîm hâhem (en het gebeurde in die dagen) . Tenakh (3) : (1) Ex 2,11 . (2) Re 19,1 . (3) 1 S 28,1 .
- wajëhî bajjâmim hârabbîm hâhem (en het gebeurde in die vele dagen) : Ex 2,23 .

7. wajëhî (en hij was / en het was) < wë + qal imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. hâjâh (zijn) . De getalwaarde van wajëhî (en hij was) is 31 . 31 is de getalwaarde van ´el (God) ; aleph = 1 , lamed = 12 of 30 . Totaal : 13 of 31 (elkaars spiegelbeeld) . Taalgebruik in Tenakh : hâjâh (zijn) . Getalwaarde : he = 5 , jod = 10 ; totaal : 20 (2² X 5) . Structuur : 5 - 1 - 5 . Gr. eimi (zijn) . Taalgebruik in de Septuaginta : eimi (zijn) . Taalgebruik in het NT : eimi (zijn) . Lat. esse . D. sein . Fr. être . Ned. zijn . E. to be . Tenakh (784) . Pentateuch (181) . Eerdere Profeten (339) . Latere Profeten (116) . 12 Kleine Profeten (22) . Geschriften (126) . Re (47) . Re 19 (2) : (1) Re 19,1 . (2) Re 19,5 . Bij het begin van een hoofdstuk in Re (4) : (1) Re 15,1 . (2) Re 17,1 . (3) Re 19,1 .
Door wajëhî (en hij was / en het was) wordt het verhaal vervolgd . We zouden kunnen vertalen : vervolgens .
Elk boek van de Eerdere Profeten begint met wajëhî (en hij was / en het was) : (1) Joz 1,1 . (2) Re 1,1 . (3) 1 S 1,1 . (4) 2 S 1,1 . (5) 1 K 1,1 . (6) 2 K 1,1 .

8. ´îsj (man, ieder) . Taalgebruik in Tenakh : ´îsj (man) . Getalwaarde : aleph = 1, jod = 10, sjin = 21 of 300 ; totaal : 32 (2² X 2³) of 311 (priemgetal) . Structuur : 1 - 1 - 3 . Tenakh (1023) . Pentateuch (251) . Eerdere Profeten (402) . Latere Profeten (135) . 12 Kleine Profeten (37) . Geschriften (198) . Joz (27) . Re (92) . 1 S (74) . 2 S (74) . 1 K (55) . 2 K (80) . Re 19 (4) : (1) Re 19,1 . (2) Re 19,15 . (3) Re 19,16 . (4) Re 19,18 .

8. - 9. wajëhî ´îsj (man) (er was een man) . Tenach (8) : (1) Gn 39,2 . (2) Re 13,2 . (3) Re 17,1 . (4) Re 19,1 . (5) 1 S 1,1 . (6) 1 S 9,1 . (7) 2 S 21,20 . (8) 1 Kr 20,6 .wajëhî ´îsj (er was een man) . Re 13,1-16,31 omvat de verhalen over Simson . In Re 13,2 komen de ouders van de toekomstige Simson ter sprake . Na de verhalen over Simson begint een nieuwe reeks verhalen in Re 17,1 (nl. in verband met de Danieten) en vervolgens in Re 19,1 (in verband met de stam van Benjamin) .

12. - 13. har ´èphëraîm (Efraïmbergte) . In zes verzen in de bijbel : (1) Re 7,24 . (2) Re 17,8 . (3) Re 18,2 . (4) Re 19,1 . (5) Re 19,18 . (6) 2 Kr 19,4 .
- mehar ´èphëraîm (uit het Efraïmbergte) . Tenach : (1) Re 17,1 . (2) 1 S 1,1 . (3) 2 Kr 15,8 . (4) Jr 4,15 .

Re 19,2 - Re 19,2 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [2] Die bijvrouw was hem ontrouw en ging terug naar haar ouderlijk huis in Betlehem in Juda. Zij was daar vier maanden       

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,2 .


Re 19,3 - Re 19,3 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [3] toen haar man met een knecht en een span ezels naar haar toe ging om haar hart te vermurwen en haar weer mee te nemen. Zij liet hem binnen in het huis van haar vader en toen de vader van de jonge vrouw hem zag, was hij blij hem te ontmoeten.      

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,3 .


Re 19,4 - Re 19,4 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [4] Op aandringen van zijn schoonvader, de vader van de jonge vrouw, bleef hij drie dagen bij hem. Zij aten en dronken en overnachtten er.        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,4 .


Re 19,5 - Re 19,5 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [5] Op de ochtend van de vierde dag maakte de Leviet aanstalten om te vertrekken, maar de vader zei tegen zijn schoonzoon: ‘Versterk je eerst met een stuk brood voor je weggaat.’       

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,5 .

1. wajëhî (en hij was / en het was) < wë + qal imperf. 3de pers. mann. enk. van het werkw. hâjâh (zijn) . De getalwaarde van wajëhî (en hij was) is 31 . 31 is de getalwaarde van ´el (God) ; aleph = 1 , lamed = 12 of 30 . Totaal : 13 of 31 (elkaars spiegelbeeld) . Taalgebruik in Tenakh : hâjâh (zijn) . Getalwaarde : he = 5 , jod = 10 ; totaal : 20 (2² X 5) . Structuur : 5 - 1 - 5 . Gr. eimi (zijn) . Taalgebruik in de Septuaginta : eimi (zijn) . Taalgebruik in het NT : eimi (zijn) . Lat. esse . D. sein . Fr. être . Ned. zijn . E. to be . Tenakh (784) . Pentateuch (181) . Eerdere Profeten (339) . Latere Profeten (116) . 12 Kleine Profeten (22) . Geschriften (126) . Re (47) . Re 19 (2) : (1) Re 19,1 . (2) Re 19,5 . Bij het begin van een hoofdstuk in Re (4) : (1) Re 15,1 . (2) Re 17,1 . (3) Re 19,1 .
Door wajëhî (en hij was / en het was) wordt het verhaal vervolgd . We zouden kunnen vertalen : vervolgens .
Elk boek van de Eerdere Profeten begint met wajëhî (en hij was / en het was) : (1) Joz 1,1 . (2) Re 1,1 . (3) 1 S 1,1 . (4) 2 S 1,1 . (5) 1 K 1,1 . (6) 2 K 1,1 .


Re 19,6 - Re 19,6 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [6] Zij gingen weer zitten, en aten en dronken samen. Vervolgens zei de vader van de jonge vrouw tegen de man: ‘Blijf nog een nacht hier; gun je dat genoegen toch.’       

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,6 .


Re 19,7 - Re 19,7 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [7] En ofschoon de Leviet al klaar stond om te vertrekken, drong zijn schoonvader zo aan dat hij toch weer bleef overnachten.      

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,7 .


Re 19,8 - Re 19,8 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [8] De vijfde dag wilde hij weer in alle vroegte vertrekken, maar opnieuw zei de vader van de jonge vrouw: ‘Versterk je eerst en wacht tot de namiddag.’        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,8 .


Re 19,9 - Re 19,9 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [9] Nadat zij samen hadden gegeten en de man aanstalten maakte om met zijn bijvrouw en zijn knecht te vertrekken, zei zijn schoonvader, de vader van de jonge vrouw: ‘De dag is nu bijna om, blijf nog een nacht. De dag is bijna voorbij, blijf toch hier. Gun je dat genoegen, dan kun je morgen vroeg op weg naar huis.’       

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,9 .

Re 19,9.1. w-j-q-m . qûm (opstaan) . Taalgebruik in Tenakh : qûm (opstaan) . Getalwaarde : qoph = 19 of 100 , waw = 6 , mem = 13 of 40 ; totaal : 38 (2 X 19) OF 146 (2 X 73) . Structuur : 100 - 6 - 40 OF 1 - 6 - 4 . (1) wajjâqâm (en hij stond op) < wë + act. qal imperf. 3de pers. mann. enk. (2) wajjaqèm (en hij deed opstaan) < wë + act. hiufil 3de pers. mann. enk. . Tenakh (125) . Pentateuch (26) . Eerdere Profeten (76) . Latere Profeten (1) . 12 Kleine Profeten (3) . Geschriften (19) . Re (21) : (1) Re 2,10 . (2) Re 2,16 . (3) Re 3,9 . (4) Re 3,15 Re 3,15 . (5) Re 3,20 . (6) Re 8,21 . (7) Re 9,34 . (8) Re 9,35 . (9) Re 9,43 . (10) Re 10,1 . (11) Re 10,3 . (12) Re 13,11 . (13) Re 16,3 . (14) Re 19,3 . (15) Re 19,5 . (16) Re 19,7 . (17) Re 19,9 . (18) Re 19,10 . (19) Re 19,27 . (20) Re 19,28 . (21) Re 20,8 .
- act. ind. imperf. 3de pers. enk. ηγειρεν = ègeiren (hij wekte op) van het werkw. εγειρω = egeirô (opwekken) . Taalgebruik in het NT : egeirô (wekken) . Taalgebruik in de LXX : egeirô (wekken) . Taalgebruik in Mc : egeirô (wekken) . Taalgebruik in Lc : egeirô (wekken) . Bijbel (27) . OT (7) : (1) Re 2,16 . (2) Re 2,18 . (3) Re 3,9 . (4) Re 3,15 . (5) Re 7,19 . (6) 1 K 11,14 . (7) Jr 51,11 . NT (20) . Mc (2) : (1) Mc 1,31 . (2) Mc 9,27 . Lc (1) : Lc 1,69 . Joh (3) : (1) Joh 12,1 . (2) Joh 12,9 . (3) Joh 12,17 . Hnd (10) : (1) Hnd 3,7 . (2) Hnd 3,15 . (3) Hnd 4,10 . (4) Hnd 5,30 . (5) Hnd 10,26 . (6) Hnd 10,40 . (7) Hnd 12,7 . (8) Hnd 13,22 . (9) Hnd 13,30 . (10) Hnd 13,37 .  Brieven (4) : (1) Rom 10,9 . (2) 1 Kor 6,14 . (3) 1 Kor 15,15 . (4) 1 Tes 1,10 . Een vorm van εγειρω = egeirô (opwekken) in de LXX (57) , in het NT (143) , in Lc in 18 verzen : (1) Lc 1,69 . (2) Lc 3,8 . (3) Lc 5,23 . (4) Lc 5,24 . (5) Lc 6,8 . (6) Lc 7,14 . (7) Lc 7,16 . (8) Lc 7,22 . (9) Lc 8,54 . (10) Lc 9,7 . (11) Lc 9,22 . (12) Lc 11,8 . (13) Lc 11,31 . (14) Lc 13,25 . (15) Lc 20,37 . (16) Lc 21,10 . (17) Lc 24,6 . (18) Lc 24,34 . In de LXX is een vorm van εγειρω = egeirô de vertaling van 17 verschillende Hebreeuwse woorden .

egeirô (opwekken) bijbel O.T. NT Mt Mc Lc Joh Hnd Br Apk syn. ev.
ind imperf. 3de pers. enk. ègeiren 27  20    10   

Re 19,9.12. hen / hinneh (zie) . Taalgebruik in Tenakh : hen / hinneh (zie) . Taalgebruik in Jesaja : hen / hinneh (zie) . Getalwaarde : he = 5 , nun = 14 of 50 ; totaal : 19 OF 55 (5 X 11) . Structuur : 5 - 5 . Gr. idou (zie) . Taalgebruik in het NT : idou (zie) . Taalgebruik in LXX : idou (zie) . Lat. ecce . E. behold. D. Siehe . Fr. voici < vois ici . idou (zie) in de LXX (1145) , in het NT (200) . Tenakh (495) . Pentateuch (96) . Eerdere Profeten (153) . Latere Profeten (140) . 12 Kleine Profeten (29) . Geschriften (77) . Re (21) : (1) Re 1,2 . (2) Re 6,15 . (3) Re 6,37 . (4) Re 7,13 . (5) Re 8,15 . (6) Re 9,31 . (7) Re 9,36 . (8) Re 9,37 . (9) Re 13,3 . (10) Re 13,10 . (11) Re 14,16 . (12) Re 16,2 . (13) Re 16,10 . (14) Re 16,13 . (15) Re 17,2 . (16) Re 18,12 . (17) Re 19,9 . (18) Re 19,12 . (19) Re 19,24 . (20) Re 20,7 . (21) Re 21,19 .

Re 19,9.14. act. qal perf. 3de pers. mann. enk. רָפָה = râphâh (zich neigen , slap zijn , moedeloos zijn) . Taalgebruik in Tenakh : râphâh (zich neigen , slap zijn , moedeloos zijn) . Getalswaarde : resj = 20 of 200 : pe = 17 of 80 ; he = 5 ; totaal : 42 ( 2² X 7) OF 285 (3 X 5 X 19) . Structuur : 2 - 8 - 5 . De som van de elementen is telkens 6 . Tenakh (1) : Re 19,9 .
- Grieks : act. ind. perf. 3de pers. enk. κεκλικεν = kekliken (hij is geneigd) van het werkw. κλινω = klinô (doen leunen, neerleggen, neigen) . Taalgebruik in het NT : klinô (doen leunen, neerleggen, neigen) . Taalgebruik in de LXX : klinô (doen leunen, neerleggen, neigen) . Bijbel (3) : (1) Re 19,9 . (2) Jr 6,4 . (3) Lc 24,29 . Een vorm van het werkw. κλινω = klinô in de LXX (63) , in het NT (7) : (1) Mt 8,20 . (2) Lc 9,12 . (3) Lc 9,58 . (4) Lc 24,5 . (5) Lc 24,29 . (6) Joh 19,30 . (7) Heb 11,34 .

Re 19,9.15. hajjôm (de dag) < ha + hajjôm (de dag) < ha + Tenakh (425) . Pentateuch (128) . Eerdere Profeten (160) . Latere Profeten (44) . 12 Kleine Profeten (9) . Geschriften (84) . Re (19) : (1) Re 1,21 . (2) Re 1,26 . (3) Re 4,14 . (4) Re 6,24 . (5) Re 9,18 . (6) Re 9,19 . (7) Re 9,45 . (8) Re 10,4 . (9) Re 10,15 . (10) Re 11,27 . (11) Re 12,3 . (12) Re 15,19 . (13) Re 18,1 . (14) Re 18,12 . (15) Re 19,8 . (16) Re 19,9 . (17) Re 19,30 . (18) Re 21,3 . (19) Re 21,6 . Tenakh (425) . Pentateuch (128) . Eerdere Profeten (160) . Latere Profeten (44) . 12 Kleine Profeten (9) . Geschriften (84) . Re (19) : (1) Re 1,21 . (2) Re 1,26 . (3) Re 4,14 . (4) Re 6,24 . (5) Re 9,18 . (6) Re 9,19 . (7) Re 9,45 . (8) Re 10,4 . (9) Re 10,15 . (10) Re 11,27 . (11) Re 12,3 . (12) Re 15,19 . (13) Re 18,1 . (14) Re 18,12 . (15) Re 19,8 . (16) Re 19,9 . (17) Re 19,30 . (18) Re 21,3 . (19) Re 21,6 .



Re 19,10 - Re 19,10 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [10] Maar de man wilde niet langer blijven. Hij ging op weg en kwam met zijn span gezadelde ezels en zijn bijvrouw in de buurt van Jebus, dat wil zeggen Jeruzalem.       

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,10 .


Re 19,11 - Re 19,11 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [11] Toen zij dichtbij Jebus waren, was de dag al ver gevorderd, en de knecht zei tegen zijn heer: ‘ Laten we naar die stad van de Jebusieten gaan, en daar overnachten.’      

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,11 .


Re 19,12 - Re 19,12 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [12] Maar zijn heer antwoordde: ‘Nee, we slaan niet af naar een vreemde stad waar geen Israëlieten wonen; we gaan door naar Gibea.’        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,12 .


Re 19,13 - Re 19,13 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [13] Hij zei tegen zijn knecht: ‘We moeten tot Gibea of Rama zien te komen en in een van die plaatsen overnachten.’        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,13 .


Re 19,14 - Re 19,14 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [14] Ze trokken dus verder en zetten hun reis voort. Toen zij in de buurt van Gibea kwamen, ging de zon onder.        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,14 .


Re 19,15 - Re 19,15 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [15] Zij gingen van de weg af om in Gibea te overnachten. In de stad gingen zij op het plein zitten. Niemand* nam hen voor de nacht in zijn huis.       

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,15 .

11. ´îsj (man, ieder) . Taalgebruik in Tenakh : ´îsj (man) . Getalwaarde : aleph = 1, jod = 10, sjin = 21 of 300 ; totaal : 32 (2² X 2³) of 311 (priemgetal) . Structuur : 1 - 1 - 3 . Tenakh (1023) . Pentateuch (251) . Eerdere Profeten (402) . Latere Profeten (135) . 12 Kleine Profeten (37) . Geschriften (198) . Joz (27) . Re (92) . 1 S (74) . 2 S (74) . 1 K (55) . 2 K (80) . Re 19 (4) : (1) Re 19,1 . (2) Re 19,15 . (3) Re 19,16 . (4) Re 19,18 .

Re 19,16 - Re 19,16 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [16] Maar toen kwam er een oude man in de avond terug van zijn werk op het land. Hij was afkomstig uit het bergland van Efraïm en woonde als vreemdeling in Gibea; de inwoners zelf waren Benjaminieten.      

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,16 .

2. ´îsj (man, ieder) . Taalgebruik in Tenakh : ´îsj (man) . Getalwaarde : aleph = 1, jod = 10, sjin = 21 of 300 ; totaal : 32 (2² X 2³) of 311 (priemgetal) . Structuur : 1 - 1 - 3 . Tenakh (1023) . Pentateuch (251) . Eerdere Profeten (402) . Latere Profeten (135) . 12 Kleine Profeten (37) . Geschriften (198) . Joz (27) . Re (92) . 1 S (74) . 2 S (74) . 1 K (55) . 2 K (80) . Re 19 (4) : (1) Re 19,1 . (2) Re 19,15 . (3) Re 19,16 . (4) Re 19,18 .

Re 19,17 - Re 19,17 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [17] Toen de oude man de reiziger op het plein opmerkte, vroeg hij: ‘Waar gaat u heen en waar komt u vandaan?’        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,17 .


Re 19,18 - Re 19,18 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [18] De Leviet antwoordde: ‘We zijn op doorreis van Betlehem in Juda naar een plaats diep in het bergland van Efraïm; daar kom ik vandaan. Ik ben naar Betlehem in Juda geweest en ben op weg naar huis. Ook al is er niemand die mij onderdak geeft,        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,18 .

10. - 11. har ´èphëraîm (Efraïmbergte) . In zes verzen in de bijbel : (1) Re 7,24 . (2) Re 17,8 . (3) Re 18,2 . (4) Re 19,1 . (5) Re 19,18 . (6) 2 Kr 19,4 .
- mehar ´èphëraîm (uit het Efraïmbergte) . Tenach : (1) Re 17,1 . (2) 1 S 1,1 . (3) 2 Kr 15,8 . (4) Jr 4,15 .

25. ´îsj (man, ieder) . Taalgebruik in Tenakh : ´îsj (man) . Getalwaarde : aleph = 1, jod = 10, sjin = 21 of 300 ; totaal : 32 (2² X 2³) of 311 (priemgetal) . Structuur : 1 - 1 - 3 . Tenakh (1023) . Pentateuch (251) . Eerdere Profeten (402) . Latere Profeten (135) . 12 Kleine Profeten (37) . Geschriften (198) . Joz (27) . Re (92) . 1 S (74) . 2 S (74) . 1 K (55) . 2 K (80) . Re 19 (4) : (1) Re 19,1 . (2) Re 19,15 . (3) Re 19,16 . (4) Re 19,18 .

Re 19,19 - Re 19,19 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [19] wij hebben wel stro en voer voor onze ezels; ook heb ik brood en wijn voor mijzelf, voor uw dienares en voor de knecht die uw dienaar bij zich heeft. Wij komen dus niets tekort.’        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,19 .


Re 19,20 - Re 19,20 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [20] Toen zei de oude man: ‘Wees welkom! Wat u ook nodig hebt, ik zorg ervoor; in geen geval mag u vannacht op het plein blijven.’        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,20 .


Re 19,21 - Re 19,21 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [21] Hij nam hem mee naar zijn huis; hij gaf voer aan de ezels; zij wasten hun voeten en aten en dronken.       

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,21 .


Re 19,22 - Re 19,22 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [22] Terwijl zij zich te goed deden, werd het huis omsingeld door een troep onverlaten uit de stad; zij bonsden op de deur en riepen naar de oude man, de eigenaar van het huis: ‘Breng die gast van je naar buiten; wij willen omgang met hem hebben.’       

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,22 .


Re 19,23 - Re 19,23 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [23] Maar de eigenaar van het huis ging naar buiten en zei: ‘Nee, broeders! Nu die man in mijn huis te gast is mogen jullie hem geen kwaad doen, en zo’n* schanddaad mag je zeker niet begaan.      

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,23 .


Re 19,24 - Re 19,24 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [24] Ik zal mijn dochter, die nog maagd is, en de bijvrouw van de man naar buiten brengen; verkracht die maar en doe met hen wat je wilt. Maar met deze man kunnen jullie zoiets schandelijks niet doen.’        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,24 .

10. wë`âshû (en zij doen) < wë + act. qal perf. 3de pers. mann. mv. OF (2) wë`äshû (en doet) < act. qal imperat. 2de pers. mann. mv. OF (3) wë`esâw (en Esau) . `âshâh (maken, doen) . Taalgebruik in Tenakh : `âshâh (maken) . Getalwaarde : ajin = 16 of 70 , shin = 21 of 300 , he = 5 ; totaal : 42 (2 X 3 X 7) OF 375 (3 X 5³) . Structuur : 7 - 3 - 5 . Tenakh (38) . Pentateuch (15) . Eerdere Profeten (3) . Latere Profeten (12) . 12 Kleine Profeten (2) . Geschriften (6) . Gn (3) : (1) Gn 19,8 . (2) Gn 27,30 . (3) Gn 28,5 . Re (1) Re 19,24 .

Re 19,25 - Re 19,25 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [25] De mannen wilden daar niet van horen. Maar toen de Leviet zijn bijvrouw vastgreep en naar buiten bracht, hadden zij gemeenschap met haar en misbruikten haar de hele nacht door; pas tegen de ochtend lieten zij haar met rust.        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,25 .


Re 19,26 - Re 19,26 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [26] Bij het aanbreken van de dag bereikte de vrouw het huis waar haar meester te gast was, maar voor de deur bezweek zij en lag daar tot het dag was.       

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,26 .


Re 19,27 - Re 19,27 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [27] Toen haar meester ’s ochtends de deur van het huis opendeed om naar buiten te gaan en zijn reis voort te zetten, zag hij daar voor de deur zijn bijvrouw liggen, met haar handen op de drempel.        

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,27 .

 

Re 19,28 - Re 19,28 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [28] Hij zei tegen haar: ‘Sta op, wij gaan verder.’ Maar er kwam geen antwoord. De man legde haar op zijn ezel en ging naar zijn woonplaats.       

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,28 .

4. wënelëkhâh / wënelekhâh (en laten we gaan) : wë + werkwoordvorm qal actief cohortativus eerste persoon meervoud van het werkw. hâlakh (gaan) . Taalgebruik in Tenach : hâlakh (gaan) . Getalwaarde : he = 5 , lamed = 12 of 30 , kaph = 11 of 20 ; totaal : 28 (2 X 2 X 7) of 55 (5 X 11) . Tenach (9) : (1) Gn 33,12 . (2) Gn 43,8 . (3) Re 19,28 . (4) lekhû (ga) + . 1 S 9,9 . (5) lekhû (ga) + . 1 S 11,14 . (6) 1 S 26,11 . (7) Js 2,3 . (8) lekhû (ga) + . Js 2,5 . (9) Mi 4,2 .

Re 19,29 - Re 19,29 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [29] Zodra hij thuis was, nam hij een mes, sneed het lijk van zijn bijvrouw in twaalf stukken en stuurde die naar alle gebieden van Israël.       

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,29 .


Re 19,30 - Re 19,30 -
Griekse tekst Vulgaat MT Statenvertaling Willibrordvertaling Nieuwe vertaling (2005) Naardense bijbel Bible de JÚrusalem
        [30] Iedereen die het zag zei: ‘Zoiets is nog nooit gebeurd; zoiets hebben wij in Israël nog niet meegemaakt, vanaf de dag dat de Israëlieten uit Egypte trokken tot op de dag van vandaag. Denk erover na, beraad u en neem een beslissing.’       

King James Bible .
Luther-Bibel .

Tekstuitleg van Re 19,30 .


- A - B - C - D - E - F - G - H - I

- ´îsj (man, ieder) . Taalgebruik in Tenakh : ´îsj (man) . Getalwaarde : aleph = 1, jod = 10, sjin = 21 of 300 ; totaal : 32 (2² X 2³) of 311 (priemgetal) . Structuur : 1 - 1 - 3 . Tenakh (1023) . Pentateuch (251) . Eerdere Profeten (402) . Latere Profeten (135) . 12 Kleine Profeten (37) . Geschriften (198) . Joz (27) . Re (92) . 1 S (74) . 2 S (74) . 1 K (55) . 2 K (80) . Re 19 (4) : (1) Re 19,1 . (2) Re 19,15 . (3) Re 19,16 . (4) Re 19,18 .

- J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X -Y - Z -